Trump buit natuurramp uit om greep op Venezuela te verstevigen
In 1998 had president Chávez net de verkiezingen gewonnen, gedragen door een golf van volksenthousiasme. Dagenlange stortregens op de Cordillera de la Costa, de bergketen die de vallei van Caracas scheidt van de Caraïbische Zee, veroorzaakten een catastrofale aardverschuiving.
Dat was geen gewone natuurramp. De corrupte en pro-Amerikaanse regeringen van de Vierde Republiek hadden de massale bouw van woningen toegestaan in de droge rivierbeddingen aan de voet van het kustgebergte. Dat was een criminele nalatigheid, want bij hevige regen werden deze geulen onmiddellijk overspoeld door enorme en onbeheersbare hoeveelheden water.
Honderden huizen werden in één klap verwoest. De menselijke tol werd nooit met zekerheid vastgesteld, maar destijds circuleerden cijfers tot wel 80.000 doden.
De VS probeerde toen druk uit te oefenen op de nieuwe president Chávez door hem ‘genereus’ humanitaire hulp aan te bieden. Chávez weigerde die, omdat hij zijn mandaat niet wilde beginnen door schatplichtig te zijn aan deze hulp, die volgens hem niet humanitair was. Via deze schijngenerositeit wilde de VS de neokoloniale ondergeschiktheid versterken die Washington sinds december 1908 in Venezuela had gevestigd.
De Amerikaanse autoriteiten hebben dit land economisch vernietigd, waardoor de impact van de natuurramp veel groter is
Twee zware aardbevingen
Enkele dagen geleden werd Venezuela opnieuw getroffen door een zware ramp. Op 24 juni 2026 troffen twee zware aardbevingen dichtbevolkte gebieden in de vallei van Caracas, met name de gemeenten Libertador en Chacao en de staat La Guaira. De eerste aardbeving had een kracht van 7,2, de tweede van 7,5.
Op dit moment zijn er al meer dan 1.700 doden geteld, een aantal dat tragisch genoeg zou kunnen stijgen nu de reddingsoperaties in de ingestorte gebouwen zijn begonnen. Volgens het United States Geological Survey (USGS) kan het dodental oplopen tot boven de 10.000. Het instituut wijst erop dat het gaat om de zwaarste aardbeving in Venezuela in meer dan 125 jaar.
President Trump kondigde onmiddellijk met veel tromgeroffel de "genereuze" hulp aan van zijn regering aan het Venezolaanse volk. "De Verenigde Staten zijn klaar, bereid en in staat om hulp te bieden", verklaarde hij, eraan toevoegend dat hij alle federale agentschappen had opgedragen "zich klaar te houden om snel in te grijpen". "We zullen aan de zijde staan van onze nieuwe en grote vrienden", vervolgde hij.
Ook minister van Buitenlandse Zaken, Marco Rubio schreef op X: "Onze gedachten gaan uit naar alle mensen die een dierbare hebben verloren, naar de gewonden en naar de moedige reddingswerkers die onvermoeibaar werken in de nasleep van deze ramp. De Verenigde Staten staan aan de zijde van het Venezolaanse volk in deze moeilijke periode en, op instructie van president Trump, zet het ministerie van Buitenlandse Zaken onmiddellijk zoek- en reddingsteams in, medische middelen en humanitaire hulp in Venezuela."
Schijngenerositeit
Zijn deze aanbiedingen van humanitaire hulp van de regering-Trump werkelijk zo genereus en altruïstisch? Het bewijs suggereert het tegendeel.
Ten eerste hebben de Verenigde Staten sinds de eerste regering-Trump in 2018 een reeks zware economische sancties aan Venezuela opgelegd. Daarbij gaat het onder meer om een verbod op de olie-export, het blokkeren van Venezolaanse financiële middelen, en sancties tegen Venezolaanse autoriteiten en tegen afnemers van Venezolaanse olie over de hele wereld.
En niet te vergeten: de inbeslagname van Venezolaanse bedrijven, schepen en eigendommen, evenals andere illegale maatregelen die de economie van dit land letterlijk hebben doen zinken. Een land dat in het verleden nochtans over aanzienlijke olie-inkomsten beschikte.
Tussen januari 2017 en 2024 bedroegen de verliezen van Venezuela door deze agressie 213 procent van het bbp, oftewel 77 miljoen dollar per dag. De Venezolaanse staat is door deze agressie ernstig verzwakt op het moment dat hij zelf zijn bevolking doeltreffend te hulp moet schieten en de tragedie het hoofd moet bieden.
De Amerikaanse autoriteiten hebben de aardbeving weliswaar niet veroorzaakt, maar zij hebben dit land wel economisch vernietigd, waardoor de impact van de natuurramp veel groter is. En zij hebben dat gedaan in de volle wetenschap dat het de burgerbevolking zou zijn die er het meest onder zou lijden.
Ten tweede gaat er geen dag voorbij zonder dat de regering-Trump tornt aan de Venezolaanse soevereiniteit. Daardoor wordt het land geleidelijk niet alleen omgevormd tot een afhankelijk gebied, maar tot een gekoloniseerde natie, beroofd van elke nationale vrijheid. Zo kondigde de minister van Financiën van de VS op 26 juni nog aan dat Venezuela gedwongen zou worden de dollar in te voeren als de enige munteenheid voor binnenlandse transacties en buitenlandse handel.
Het is belangrijk dat de internationale gemeenschap steun betuigt aan de Venezolaanse bevolking
De autoriteiten in de VS proberen deze tragedie ook uit te buiten om op strategische locaties op Venezolaanse bodem militaire eenheden te ontplooien, controle te krijgen over belangrijke plaatsen en meer informatie te verzamelen over de Venezolaanse samenleving. Tegelijk proberen ze een volk dat uitgeput is door jaren van crisis, veroorzaakt door de Amerikaanse agressie, ervan te overtuigen dat zijn vijanden zijn beste bondgenoten zijn geworden.
De onmiddellijke prioriteit van het Venezolaanse volk is vandaag om hulp te bieden aan de gewonden en aan iedereen die naasten of zijn thuis heeft verloren. Maar Trump en Rubio vergissen zich als zij denken dat het Venezolaanse volk zich zomaar in de armen van zijn werkelijke vijanden zal werpen.
Noodhulp
Los hiervan is het belangrijk dat de internationale gemeenschap steun betuigt aan de Venezolaanse bevolking. Naast materiële hulp is er ook nood aan solidariteit en betrokkenheid om deze ramp te boven te komen en de samenwerking tussen volkeren in de regio, het Mondiale Zuiden en progressieve bewegingen wereldwijd, te versterken.
Dit artikel verscheen eerder op Investig’Action.