Opinie

De wapenwedloop verhit de aarde en koelt het klimaatbeleid af

Afbeelding
Foto: guvendemir via canva.com
Foto: guvendemir via canva.com
De klimaatcrisis is rechtstreeks verbonden met de wereldwijde wapenwedloop, schrijven Bert Engelaar en Sacha Dierckx van vakbond ABVV. Dat een vakbond pleit voor vrede en een rechtvaardig klimaatbeleid is voor hen meer dan logisch: "Klimaatinvesteringen komen in tegenstelling tot de oorlogsuitgaven wél de toekomstige generaties ten goede".

Onder de noemer “Voor welzijn, tegen oorlog” vindt zondag een grote vredesbetoging plaats in Brussel. Een pleidooi voor vrede is in tijden van een wapenwedloop, stoere machotaal en toenemend nationalisme geen evidente. Maar wel nog altijd levensnoodzakelijk. Niet alleen om een einde te maken aan de vele slachtoffers langs alle kanten, en nog meer trauma’s en verwoeste levens bij de achterblijvenden te vermijden. Vrede is ook cruciaal om andere crisissen aan te pakken die onze wereld teisteren. Eén daarvan: de wereldwijde klimaatcrisis.

Oorlog verhit de planeet

Het wordt niet zo vaak benadrukt, maar de militaire industrie heeft een directe rol in de klimaatcrisis. De productie van militair materiaal is zeer CO2-intensief. En een F-35 op groene waterstof of een oorlogsfregat als zeilboot zijn uiteraard fictie: de motoren van tanks, schepen en gevechtsvliegtuigen draaien allemaal op fossiele brandstoffen. 

Cijfers over de klimaatimpact lopen uiteen, onder meer vanwege het gebrek aan transparantie vanuit de krijgsmachten. Maar sommige schattingen stellen dat de wapenindustrie verantwoordelijk is voor zo’n 5 procent van de wereldwijde uitgestoten broeikasgassen. Het Amerikaanse leger alleen al zou als het een land was de 38ste grootste uitstoter ter wereld zijn, met een uitstoot groter dan Ethiopië, een land met 135 miljoen inwoners. Het is niet voor niets dat tijdens de onderhandelingen voor het Kyoto-protocol in 1997 de VS – met succes – hun goedkeuring verbonden aan de eis dat het leger uit de rapportageverplichtingen zou worden gehouden. 

Op vier jaar tijd leidde de Russische oorlog in Oekraïne tot een uitstoot die ongeveer even groot is als de jaarlijkse uitstoot van Frankrijk

Oorlogen vergroten die impact natuurlijk alleen al. Er wordt geschat dat alleen al het in brand zetten van olievelden in Irak tijdens de Tweede Golfoorlog in 1991 2 procent van de CO2-uitstoot van dat jaar veroorzaakte. Eén volle tank voor een F-35 zou meer dan 3 keer zoveel CO2-uitstoot veroorzaken als wat een Belg gemiddeld uitstoot op een heel jaar. Die oorlogen zijn dan ook vaak bedoeld om de fossiele economie in stand te houden.

Daarnaast zal de noodzakelijke wederopbouw na conflicten uiteraard een belangrijke CO2-uitstoot veroorzaken. Bij de productie van staal, cement en alle kunststoffen die nodig zijn om verwoeste steden, wijken en dorpen weer op te bouwen, komen broeikasgassen vrij. Zelfs als er ingezet wordt op degelijke huisvesting en basisvoorzieningen voor de bewoners in plaats van op een megalomane luxe-Riviera voor Trump en zijn rijke vriendjes, zal de wederopbouw in bijvoorbeeld Gaza zeer CO2-intensief zijn.

Neem dat allemaal samen, en de klimaatimpact van de militaire wapenwedloop en conflicten is gigantisch. Op vier jaar tijd leidde de Russische oorlog in Oekraïne tot een uitstoot die ongeveer even groot is als de jaarlijkse uitstoot van Frankrijk. Voor de Israëlische genocide in Gaza gaat het om een uitstoot die de eerste 15 maanden al groter was dan de jaarlijkse individuele uitstoot van zo’n 100 landen. De Amerikaanse inval in Iran veroorzaakte op veertien dagen tijd zelfs al een uitstoot die even groot is als die van de 84 landen samen. 

En dan kunnen we nog maar hopen dat het obscene idee, geuit door de conservatieve publicist Joshua Livestro, dat “groene doelstellingen voorlopig zullen moeten worden opgeschort” om de  “oorlogsinspanning” niet te duur te maken, niet nog meer gangbaar zullen worden in een context waarin rechtse partijen en bedrijfslobby’s er al sterk in slagen om klimaatregels af te zwakken.

Geld dat naar oorlog gaat, gaat niet naar klimaatinvesteringen

Naast de directe CO2-uitstoot van de militaire industrie en de oorlogen zijn er ook de indirecte effecten. Eén van de belangrijkste is dat het bevechten van andere landen ertoe leidt dat de klimaatcrisis niet wordt bevochten. Al het kapitaal, alle werkgelegenheid, en al het gebruik van kritische grondstoffen in de militaire industrie, zijn middelen die niet gebruikt kunnen worden om de klimaatcrisis te lijf te gaan.

De oorlogsindustrie kreeg op zeer korte tijd wat de milieubeweging al jaren vroeg

Met andere woorden: in de huidige context is elke euro die geïnvesteerd wordt in tanks en F-16’s een euro die niet geïnvesteerd wordt in windmolens, elektrische bussen of de renovatie van energieverslindende woningen. Elke gram kobalt die naar het leger gaat, gaat niet naar een elektrische bus. Meer arbeidskracht voor militaire drones, is minder arbeidskracht voor treinen en elektrische wagens. 

Afbeelding
Bert Engelaar (links) en Sacha Dierckx (rechts)
Bert Engelaar (links) en Sacha Dierckx (rechts), Foto: ABVV

Nochtans tonen de grote inspanningen voor defensie dat klimaatinvesteringen perfect mogelijk en betaalbaar zijn. Een snelle verhoging van de overheidsuitgaven voor “defensie” had ook een snelle verhoging van de overheidsuitgaven voor hernieuwbare energie, openbaar vervoer of een renovatiegolf kunnen zijn. 

De oorlogsindustrie kreeg op zeer korte tijd wat de milieubeweging al jaren vroeg. We hadden ook kunnen beslissen om klimaatinvesteringen buiten de begroting te houden, in plaats van defensie-uitgaven. Dat zou een veel rechtvaardigere optie geweest zijn, want die investeringen komen in tegenstelling tot de oorlogsuitgaven wél de toekomstige generaties ten goede. 

Zonder sociale rechtvaardigheid geen vrede en geen ambitieus klimaatbeleid

De linken tussen de klimaatcrisis en het militair-industrieel complex zijn dus duidelijk én meervoudig. Maar er is nog een duidelijke link: zowel vrede als een ambitieus klimaatbeleid kunnen niet zonder sociale rechtvaardigheid. De afgelopen twee weken vond in Genève de 114de Internationale Arbeidsconferentie plaats. Deze tripartiete Internationale Arbeidsorganisatie, met vakbonden, werkgevers en overheden, werd niet toevallig na de Eerste Wereldoorlog opgericht onder de idee dat er geen duurzame vrede kan zijn zonder sociale rechtvaardigheid. Anno 2026 geldt dat nog steeds.

Maar voor de klimaatcrisis geldt hetzelfde. Onderzoek na onderzoek toont dat een overgrote meerderheid van de mensen een ambitieus klimaatbeleid wil, maar ook dat dit op rechtvaardigheid gestoeld moet zijn en dat de sterkste schouders de zwaarste lasten moeten dragen. Een klimaatbeleid dat ongelijkheid vergroot in plaats van terugdringt, dreigt het draagvlak te ondermijnen. Zonder sociale rechtvaardigheid kan er dus geen duurzaam klimaatbeleid zijn, om de basisidee van de Internationale Arbeidsorganisatie te parafraseren.

Laat ons dus inzetten op vrede, op een wereldwijde mobilisatie tegen de klimaatcrisis in plaats van een wereldwijde wapenwedloop, en op wereldwijde sociale rechtvaardigheid en het bestrijden van de ongelijkheid in plaats van op het versterken van de precariteit, de polarisatie, het nationalisme en het extreemrechtse gedachtegoed. 

You may say I’m a dreamer, but I’m not the only oneDat zullen we zondag opnieuw laten zien.

 

Bert Engelaar is voorzitter van ABVV en Sacha Dierckx is adviseur van studiedienst ABVV.

Steun ons hier!

Vandaag op de hoogte van de wereld van morgen?