Analyse

De wapenindustrie en overheid zijn te nauw verweven en dat is een gevaar voor de democratie

Afbeelding
BEDEX-wapenbeurs in Brussel in maart 2026. Beeld: Screenshot VRT NWS
BEDEX-wapenbeurs in Brussel in maart 2026. Beeld: Screenshot VRT NWS
"De banden tussen de wapenindustrie en de overheid zijn te nauw en dat brengt de democratie in gevaar." Dat verdedigde Peter Mertens in een radio-interview in 'De Ochtend' op Radio 1 naar aanleiding van zijn nieuwe boek 'De laatste dagen van het oude normaal'. VRT Nieuws vroeg twee professoren internationale politiek te reageren op vijf stellingen uit dat gesprek. Een mooie gelegenheid om dit belangrijke debat verder te zetten.

Wanneer een academicus in een interview voor de openbare omroep toegeeft dat de verwevenheid tussen grote militaire bedrijven en de staat een gevaar vormt voor de democratie, en er meteen aan toevoegt dat dit academisch bewezen is, dan weet je dat er scheuren zitten in het officiële verhaal dat dit debat al te lang probeert af te schermen. Professor Fabienne Bossuyt deed dat in een interview op VRT Nieuws, nadat de redactie haar vroeg te reageren op stellingen die ik verdedig in mijn nieuwe boek De laatste dagen van het oude normaal.

Onder druk?

Niet iedereen is bereid die conclusie te trekken. Collega-professor Tim Haesebrouck reageerde dat "onze politici niet onder druk staan van de wapenindustrie". Niet onder druk? Dat is toch wel moeilijk vol te houden. 

Onderzoeksjournalist Andrew Feinstein - auteur van The Shadow World, een diepgravend onderzoek naar de internationale wapenhandel - herinnerde er onlangs aan dat die wapenhandel verantwoordelijk is voor veertig procent van alle corruptie wereldwijd. Volgens het Amerikaanse ministerie van Financiën is dat zelfs een onderschatting: zij linken meer dan de helft van de wereldwijde corruptie aan de defensie-industrie.

Die verwevenheid is geen abstract concept. Ze krijgt een gezicht in tastbare netwerken, vriendschappen en politieke keuzes. Kijk naar de defensiebeurs Bedex in Brussel, in maart 2026. 

Het democratische probleem is dat de privébelangen van wapenreuzen systematisch gaan primeren op de belangen van de bevolking

Dat evenement werd georganiseerd door een strategisch adviseur van de MR. En het ministerie van Defensie leverde niet alleen logistieke steun, maar nam er ook een stand van 550 vierkante meter in. Premier Bart De Wever knipte het lintje door, terwijl NAVO-secretaris-generaal Mark Rutte lachend naast hem poseerde met een wapen in de hand. Zoals de organisator zelf aan L'Echo vertelde: zonder de actieve steun van de regering was die beurs er nooit gekomen.

Het democratische probleem is dat de privébelangen van wapenreuzen systematisch gaan primeren op de belangen van de bevolking. Zoals ik in mijn boek schrijf: de militarisering van de economie gaat altijd gepaard met een afbouw van democratische rechten en democratische controle. Er moet altijd "snel" gehandeld worden, en beslissingen worden doorgedrukt zonder ernstig parlementair debat.

De draaideur tussen legertop, politiek en defensie-industrie werkt daarbij als smeermiddel. Wat we in de VS al decennia zien, is ook bij ons regel geworden. In het boek geef ik het voorbeeld van SPD-politicus Hans Peter Bartels, die na zijn mandaat als parlementair commissaris voor de strijdkrachten overstapt naar de raad van toezicht van wapengigant Thyssen-Krupp, om daarna zonder blikken of blozen weer op te duiken als adviseur van de Duitse regering. In een sterk gemonopoliseerde markt draaien belangen zo in elkaar over dat de vraag wie voor wie werkt geen antwoord meer heeft. 

We zien het concreet bij de toewijzing van contracten voor anti-dronewapens door minister van Defensie Theo Francken buiten elke openbare aanbestedingsprocedure om, en tegen de adviezen van de Inspectie van Financiën in. De orders gingen naar bedrijven waarvan de directeurs ex-militairen of wandelvrienden van de minister zijn, en die samen met hem op handelsmissie naar Californië trokken.

We zien het bij de vermoedens van onregelmatigheden rond het Nederlandse consortium dat de nieuwe fregatten aan het Belgische leger mag leveren. Of in Nederland, waar de tweelingbroer van de staatssecretaris van Defensie overstapt naar een drone-bedrijf, net op het moment dat de krijgsmacht miljoenen in die sector investeert. 

Overal waar grote contracten worden gesloten, wijkt de democratische controle voor een sfeer van ons-kent-ons. Het resultaat? Buitensporige prijzen die met belastinggeld worden betaald, terwijl een kleine kring van consultants en aandeelhouders de winst opstrijkt. 

Verdediging van het grondgebied

De defensielobby schermt altijd met het argument van de verdediging van het grondgebeid. Men sust ons dan met de belofte dat we louter defensief materiaal aankopen. Professor Haesebrouck stelt in die zin dat de F-35 in de eerste plaats dient om ons eigen luchtruim te verdedigen, en dat wie dat betwist een gebrek aan kennis over defensie toont. Maar laat het nu net de feiten zijn die dat beeld weerleggen, net als de hoofdrolspelers zelf.

Minister Francken gaf zelf openlijk toe dat de unieke stealth-capaciteiten – de technologie waarmee de F-35 zo goed als onzichtbaar blijft voor de radar – de piloten in staat stellen om te opereren in vijandelijk luchtruim dat zwaar beveiligd is door vijandelijke luchtafweer. Oud-kolonel Roger Housen liet er in Humo geen twijfel over bestaan: om ons eigen luchtruim te verdedigen, volstaat een veertiental eenvoudige vliegtuigen. Een F-35 dient in de eerste plaats om vijandelijk luchtruim binnen te vliegen en de vijandelijke luchtverdediging uit te schakelen.

Om die offensieve slagkracht te bezegelen, bestelde de regering voor zevenhonderd miljoen euro aan JSM-aanvalsraketten. Dat zijn kruisraketten met een middellang bereik van 350 kilometer, specifiek ontworpen om doelen diep op de grond of op zee te vernietigen. 

Toen Harold Van Pee, kabinetslid van Francken, hierover werd ondervraagd, gaf hij toe dat het om een uiterst offensief wapen gaat, en voegde er aan toe dat aanval nu eenmaal de beste verdediging is. De praktijk laat allang zien waar deze gevechtsvliegtuigen echt voor dienen. 

Om ons luchtruim te verdedigen, volstaat een veertiental eenvoudige vliegtuigen

Het is geen toeval dat Israël de F-35 als eerste land inzette voor bombardementen in Syrië, Libanon, Jemen en Iran, en voor de verwoestende aanvallen op Gaza. Of dat de Verenigde Staten ze gebruikten in Irak, Afghanistan en bij de illegale bombardementen op Venezuela. Zelfs CD&V-voorzitter Sammy Mahdi erkende in De Standaard dat dit militaire opbod problematisch is, en dat we geen extra blik F-35's moeten opentrekken om over enkele jaren weer naar Libië te kunnen vliegen.

Hetzelfde geldt voor de rest van het militaire arsenaal. De nieuwe gepantserde wielvoertuigen van het CaMo-programma zijn volgens defensiejournalisten en militairen op de grond totaal ongeschikt voor een klassieke defensieve oorlog op het Europese continent. Ze zijn te licht bewapend en te mager gepantserd. 

Generaal-majoor Jean-Pol Baugnée gaf tijdens een hoorzitting toe waarom ze destijds zijn aangekocht: omdat er vroeg of laat een politieke beslissing valt om weer militair aanwezig te zijn in Afrika, voor expedities in de Sahelregio[1]. Ondertussen getuigen militairen dat deze wielvoertuigen zich in modderige ondergrond hopeloos vastrijden. Of we hiermee vooraan aan het front in Oekraïne kunnen staan? Militairen betwijfelen het ten zeerste.

En onze nieuwe, peperdure fregatten? Die dienen niet om de eigen kust te bewaken. Die kust is nauwelijks 67 kilometer lang: vooraleer een fregat op kruissnelheid is, heeft het onze territoriale wateren al verlaten. 

Volgens de officiële plannen moeten ze opereren in de strategische corridors tussen Groenland, IJsland en het Verenigd Koninkrijk. In de praktijk varen ze van de ene internationale operatie naar de andere: van de Perzische Golf en de Straat van Hormuz tot de Rode Zee, de Hoorn van Afrika en de Libische kust.

Kwetsbaar Europa?

Om toch te proberen de bevolking mee te krijgen in deze miljardendans, wordt constant het beeld geschetst van een kwetsbaar Europa dat militair hopeloos achterloopt op Rusland. Terwijl zelfs in de officiële Amerikaanse veiligheidsstrategieën zwart op wit staat te lezen dat de Europese bondgenoten op vrijwel elk vlak van hard power – de tastbare militaire middelen – een significant voordeel hebben ten opzichte van Rusland, kernwapens uitgezonderd.

In mijn boek citeer ik professor Sven Biscop van het Egmont Instituut, die bevestigt dat Europa over de nodige schaal en economische fundamenten beschikt om een conventioneel conflict met Rusland te winnen.

Cijfers van het gerenommeerde International Institute for Strategic Studies, geanalyseerd door Greenpeace[2], tonen de nuchtere realiteit. De Europese NAVO-landen, samen met Canada, beschikken over ruim 7.100 tanks tegenover 3.630 tanks aan Russische kant. We hebben 30.000 gepantserde voertuigen tegenover nog geen 10.000 aan de Russische kant. 

Elke hoop op vrede is een rechtstreekse bedreiging voor de dividenden van de aandeelhouders

De artillerie? Bijna 16.000 stuks tegenover minder dan 6.000. Europa heeft twee keer zoveel gevechtsvliegtuigen en een troepenmacht van bijna twee miljoen actieve militairen, tegenover 1,2 miljoen in Rusland. Rusland is een nucleaire grootmacht, maar op conventioneel vlak is het verschil groot.

Waarom dan die panische drang naar méér? Welke krachten spelen een rol, die ook een snelle vrede in Oekraïne in de weg staan? Kijk naar de beursborden. Oorlog is een businessmodel. 

Toen er vorig jaar voorzichtige signalen waren dat er in Oekraïne een staakt-het-vuren in de lucht hing, drukten beleggers op de beurs massaal op de verkoopknop. De aandelen van wapengiganten zoals Rheinmetall, Leonardo en BAE Systems doken meteen naar beneden. Elke hoop op vrede is een rechtstreekse bedreiging voor de dividenden van de aandeelhouders.

De Duitse wapenproducent Rheinmetall introduceerde er op de achtergrond zelfs een nieuw begrip voor: Friedensangst, de angst voor de vrede[3]. Als de winsten dreigen te dalen omdat het bloedvergieten stopt, moet er snel weer nieuwe angst worden aangepraat om de orderboekjes vol te krijgen.

Politieke keuze

Hier ligt de diepste angel van het huidige beleid. Die miljarden voor de oorlogsindustrie vallen niet zomaar uit de lucht. Ze worden rechtstreeks weggehaald bij de werkende klasse. Professor Bossuyt beweert dat we geen keuze hebben, omdat we nu eenmaal lid zijn van de NAVO. Maar begrotingskeuzes zijn altijd politieke keuzes. 

Zowel het Planbureau als de Europese Commissie bevestigen dat het begrotingstekort in ons land mede oploopt door de exploderende defensie-uitgaven. En de heren Francken en Rutte geven zelf grif toe waar ze de miljarden vandaan zullen halen. 

Hij stelde dat het ontwaken keihard is en dat we moeten kiezen voor harde veiligheid in plaats van voor pensioenen en betaalbare geneesmiddelen

Francken stoorde zich openlijk aan onze sociale zekerheid, die volgens hem te vet staat, en vergeleek onze betaalbare gezondheidszorg smalend met het Cubaanse systeem. Hij stelde onomwonden dat het ontwaken keihard is en dat we, net als de Amerikanen, moeten kiezen voor harde veiligheid in plaats van voor pensioenen en betaalbare geneesmiddelen. NAVO-baas Mark Rutte deed exact hetzelfde in een toespraak waarin hij stelde dat Europese landen een kwart van hun inkomen uitgeven aan pensioenen en zorg, en dat we daar een deel van moeten aanspreken om defensie te versterken.

De begrotingstabellen van de federale regering laten er weinig twijfel over bestaan: bovenaan de besparingsoefening van november 2025 staat de "structurele financiering van defensie-uitgaven" geschreven[4]. Men bespaart op onze pensioenen, op onze zorg en op onze openbare diensten om de zakken van de wapenbaronnen te vullen. Dat is de grote hold-up van deze tijd.

 

Peter Mertens is auteur van ‘De laatste dagen van het oude normaal', Epo Uitgeverij, te bestellen via www.petermertens.be

Bronnen:

[1] Belgische Kamer van Volksvertegenwoordigers, Audit Rekenhof, hoorzitting Defensiestaf, 14 augustus 2025

[2] Christopher Steinmetz, Herbert Wulf en Alexander Lurz, 'Wann ist genug genug?', Greenpeace, bijgewerkte versie 26 mei 2026, gebaseerd op IISS-data

[3] Berliner Zeitung, 24 november 2025  

[4] Rekenhof, Commentaar en opmerkingen bij de ontwerpen van staatsbegroting voor het begrotingsjaar 2026, 18 februari 2026

Steun ons!

Vandaag op de hoogte van de wereld van morgen?