VS en Israël bombarderen Iran
Aanval ligt al maanden vast
Op 28 februari lanceerden de Verenigde Staten en Israël een gezamenlijke reeks bombardementen op steden en militaire doelen in Iran. Daarbij kwam de hoogste geestelijke leider ayatollah Ali Khamenei, om het leven.
Het was uitgerekend Khamenei die in het verleden een fatwa (verbod) had uitgesproken over het ontwikkelen en het gebruiken van kernwapens. Iran reageerde met raketaanvallen op Israël en op Amerikaanse doelen in de regio.
De aanval begon enkele uren nadat Trump had gezegd dat hij "niet blij" was met de laatste onderhandelingen met Iran over het nucleaire programma. De aanval wordt voorgesteld als een “preventieve actie tegen Iraanse dreiging”.
President Donald Trump kondigde “grote gevechtsoperaties” aan en riep Iraniërs op om hun “regering over te nemen”. Israël sprak over noodzakelijke zelfverdediging tegen een naderend gevaar.
Een Israëlische defensiefunctionaris gaf toe dat de operatie al maanden gepland was
Een Israëlische defensiefunctionaris gaf toe dat de operatie al maanden gepland was en dat de lanceerdatum weken geleden werd vastgelegd. Dat terwijl in Genève nog onderhandeld werd over het nucleaire dossier. De militaire operatie gebeurt in volle coördinatie tussen de VS en Israël. In de voorbije dertien maanden ontmoetten Trump en Netanyahu elkaar zeven keer.
De deal die Washington zelf opblies
In 2015 werd het Joint Comprehensive Plan of Action gesloten tussen Iran, de VS en andere grootmachten. Iran beperkte zijn nucleaire activiteiten en aanvaardde strenge controles in ruil voor het opheffen van internationale sancties.
Het Internationaal Atoomenergieagentschap bevestigde herhaaldelijk dat Iran zich aan de afspraken hield. Toch trok Trump in 2018 eenzijdig de VS terug uit het akkoord. Hij noemde het “de slechtste deal ooit” en herstelde zware sancties tegen Teheran.
Sindsdien voert Washington een beleid van maximale druk. Vandaag eist de VS volledige nucleaire overgave, inclusief het stopzetten van lage uraniumverrijking voor civiel gebruik. Voor Iran is dat onaanvaardbaar, zeker tegenover een nucleair bewapend Israël dat geen internationale controle duldt.
Economische wurging en straatprotesten
De bombardementen vormen het militaire hoogtepunt van een jarenlange economische oorlog. De Amerikaanse minister van Financiën, Scott Bessent, gaf openlijk toe dat Washington bewust een dollarschaarste in Iran creëerde om de economie te destabiliseren. Dit leidde tot de ineenstorting van een van de grootste banken van het land, een hyperinflatie en een vrije val van de Iraanse munt.
Bessent prees deze aanpak eerder al op het World Economic Forum in Davos als "economische staatsmanschap" en "maximale druk", waarbij geen schot is gelost maar de economie instort. Sinds Trump wordt deze strategie aangehouden om de bevolking zo hard te raken dat ze haar eigen machthebbers ten val brengt.
De economische puinhoop leidde inderdaad tot protesten. Maar wat begon als economische onvrede en een terechte roep voor democratie, tegen corruptie en tegen religieuze betutteling, werd al snel een gewelddadige confrontatie tussen veiligheidstroepen en gewapende groepen.
Nu de piste van kleurenrevolutie is vastgelopen, lijken de VS en Israël de grote militaire middelen in te zetten.
Via sociale media riep de Israëlische geheime dienst Mossad Iraniërs op om “samen de straat op te gaan” en verklaarde “aan jullie kant op het terrein” te staan. Een mediazender in Israël, die wordt gezien als dicht bij premier Benjamin Netanyahu, meldde dat “buitenlandse actoren” anti-regeringsdemonstranten in Iran hadden bewapend.
Jongeren werden betaald om chaos te creëren en er werden wapens in beslag genomen. Het aantal slachtoffers liep snel op, volgens verschillende bronnen in de duizenden. Wat begon als legitieme en vreedzame protesten, werd zo een speelbal in een bredere strategie om interne spanningen om te vormen tot regime change.
De VS en Israël hoopten dat doel via een kleurenrevolutie[1] te bereiken, maar het mislukte. Nu die piste is vastgelopen, lijken ze de grote militaire middelen in te zetten.
Olie-industrie ziet “grootste kans”
Achter de ideologische retoriek over "democratie" en Iran als “bedreiging voor de nationale veiligheid” schuilen keiharde belangen van de fossiele industrie. Op een top van het American Petroleum Institute werd een mogelijke val van de Iraanse regering omschreven als “de grootste kans” voor de olie-industrie.
Energieconsultant Bob McNally schetste een toekomst waarin VS-bedrijven snel zouden terugkeren naar Iran, met onmiddellijke oliewinsten als gevolg. Een “prachtige dag voor de industrie”, zo klonk het achter gesloten deuren.
Rol van Israël
De rol van Israël in deze escalatie wordt vaak onderbelicht. Premier Benjamin Netanyahu verzette zich fel tegen het nucleaire akkoord van 2015 en sprak zelfs het Amerikaanse Congres toe om het te blokkeren.
Na Trumps terugtrekking uit de deal voerde Israël een campagne van cyberaanvallen, sabotage en gerichte liquidaties tegen Iraanse doelwitten. Het uiteindelijke doel, volgens analisten en strategen, is een regimewissel in Teheran en de versterking van Israëls regionale dominantie.
Regio op rand van escalatie
De Verenigde Staten hebben een ongeziene militaire opbouw rond Iran gerealiseerd, met vliegdekschepen, torpedobootjagers, luchtverdedigingssystemen en tienduizenden troepen. Experts vergelijken de schaal met de voorbereidingen voor de Irakoorlog in 2003.
Na de geslaagde militaire operatie in Venezuela twee maand geleden, voelt Trump zich overmoedig en zegezeker. Maar Iran is geen Irak of Venezuela. Het land telt ongeveer 90 miljoen inwoners en kan de Straat van Hormuz blokkeren, cruciaal voor een aanzienlijk deel van de wereldwijde oliehandel. En het lijkt erop dat dit aan het gebeuren is.
Dit kan leiden tot een gevaarlijke escalatie, waarbij het gebruik van kernwapens niet is uitgesloten
Een langdurige oorlog zou olieprijzen doen exploderen en de wereldeconomie ontwrichten. Iran beschikt bovendien over hypersonische en andere snelle raketten die volgens westerse analyses moeilijk te onderscheppen zijn en die gevoelige doelen in Israël en VS-basissen in de regio kunnen bedreigen.
Dit kan leiden tot een gevaarlijke escalatie, waarbij het gebruik van kernwapens niet is uitgesloten. De gezamenlijke aanval van Israël en de VS is een bijzonder gevaarlijke gok die mogelijk snel zou kunnen uitbreiden tot een regionaal conflict in een gebied waar verschillende landen over kernwapens beschikken.
Als de VS of Israël uit wanhoop naar kernwapens grijpen om een nederlaag tegen Iran af te wenden zou dat rampzalig zijn. Een nucleair conflict in de olierijke Golfregio zou enorm impact hebben op de wereldeconomie.
Deze oorlog zou Iran er ook toe kunnen aanzetten om haast te maken met het verkrijgen van kernwapens. Hoewel Teheran zegt dit niet te willen, zou de Revolutionaire Garde dat bij dreigende ondergang kunnen besluiten.
Vazal-imperialisme
Iran heeft de VN-Veiligheidsraad opgeroepen tot spoedactie. Volgens Teheran schenden de aanvallen het VN-Handvest en vormen ze “criminele militaire agressie”. President Trump van zijn kant spreekt van een grootschalige operatie. Iran zegt diplomatie te hebben gezocht, maar nu klaar te zijn voor militaire verdediging.
Ook Macron riep op tot een spoedvergadering van de VN-Veiligheidsraad. Hij benadrukte dat de huidige escalatie gevaarlijk is voor de internationale vrede en veiligheid en stopgezet moet worden.
Groot-Brittannië, Frankrijk en Duitsland riepen op tot een hervatting van de onderhandelingen tussen de VS en Iran en veroordeelden de Iraanse aanvallen op landen in de regio. Ze gaven geen commentaar op de Amerikaanse en Israëlische aanvallen op Iran van zaterdag 28 februari. Andermaal vallen de maskers.
Pittig detail daarbij is dat Macron in een sms aan Trump eind januari geschreven had dat “ze grote dingen kunnen doen rond Iran”.
Lees ook:
- Naar aardverschuiving in Midden-Oosten? Achtergrond historisch akkoord VS en Iran
- Oorlogsdreiging in de Golf: VS-vliegdekschip koerst af op Iran
- Iran: tussen volksprotest en buitenlandse dreiging
Note:
[1] Volgens het handboek van de kleurenrevoluties worden ngo’s, studentenorganisaties en lokale organisaties gefinancierd, getraind en gecoacht om zo efficiënt mogelijk straatoproer te organiseren. Het straatgeweld moet het land zodanig destabiliseren dat de regering gedwongen wordt af te treden of dat het leger tussenkomt en de regering afzet.