De community ruimte is een vrije online ruimte (blog) waar vrijwilligers en organisaties hun opinies kunnen publiceren. De standpunten vermeld in deze community reflecteren niet noodzakelijk de redactionele lijn van DeWereldMorgen.be. De verantwoordelijkheid over de inhoud ligt bij de auteur.

Singapore door de bril van een ideoloog: een antwoord aan Seppe De Meulder

Teaser fallback community afbeelding
Seppe De Meulder schreef in DWM een opiniestuk over Singapore als voorbeeld voor Bart De Wever's boek Over welvaart. Zijn analyse bevat echter fundamentele feitelijke fouten en getuigt van een ideologische blindheid die een weerwoord verdient, ook van iemand die de Belgische premier op weinig fronten bijvalt.

Premier Bart De Wever publiceerde onlangs Over welvaart, waarin hij Singapore aanhaalt als inspirerend voorbeeld. Of je het eens bent met de Belgische premier of niet, is een andere discussie. Maar wanneer journalist Seppe De Meulder in De Wereld Morgen een opiniestuk schrijft om dat Singapore-voorbeeld eens snel te weerleggen, en daarbij zo flagrant de plank misslaat, verdient dat een antwoord.

De Meulder's stuk is een schoolvoorbeeld van hoe ideologische blindheid het vrije onderzoek verslaat. Wat zich voordoet als kritische analyse blijkt een oefening in selectieve waarneming, waarbij inconvenient truths worden weggemasseerd om een vooraf vastgesteld narratief overeind te houden. Voor iemand die filosofie studeerde, is het schrijnend hoe weinig nuance er in zijn Singapore-analyse zit.

Ik heb tot begin jaren 2000 vijftien zomers in Singapore doorgebracht. Niet als toerist, maar als iemand die de samenleving van binnenuit leerde kennen. Eerst en vooral: Singapore is geen utopie, die bestaat niet. Maar het is ook niet de autoritaire dystopie zonder sociale bescherming die De Meulder in zijn stuk schetst.

De sociale mythe

De Meulder's meest flagrante misser: zijn bewering dat Singapore "nauwelijks sociale bescherming" kent. Dit is niet zomaar onjuist, het getuigt van fundamenteel onbegrip van het Singaporese model. Het Central Provident Fund verplicht werkgevers en werknemers om tot 37 procent van het salaris te sparen voor pensioen, gezondheidszorg, huisvesting en onderwijs. Medisave dekt medische kosten, aangevuld door Medishield Life, een universele basisverzekering, en Medifund voor wie echt in de problemen zit. Ongeveer 90 procent van de Singaporezen bezit zijn eigen woning, grotendeels via het Housing & Development Board systeem. Dit eigendomspercentage is wereldtop.

De gezondheidszorg vertelt hetzelfde verhaal. Singapore geeft slechts 4 tot 5 procent van zijn GDP uit aan gezondheidszorg, tegenover 10 à 11 procent in België, en boekt toch betere resultaten: een hogere levensverwachting, lagere kindersterfte, kortere wachttijden. Het systeem combineert persoonlijke verantwoordelijkheid met solidariteit en een vangnet voor de zwaksten. Efficiënter én effectiever. Het verschilt van het Belgische model, maar "nauwelijks sociale bescherming" is pure desinformatie.

Kauwgom en het geheven vingertje

Dan de autoritaire trekken. De Meulder haalt Singapore's verbod op kauwgom en regels rond zwerfvuil aan als bewijs van autoritarisme. Wat hij daarmee eigenlijk zegt: als een maatschappij beslist dat openbare ruimte gemeenschappelijk en dus onaantastbaar is, is dat per definitie onderdrukkend. Merkwaardig standpunt, tenzij De Meulder de vieze, onveilige metro's en de tonnen zwerfvuil op de Brusselse straten als een premisse voor een vrije samenleving ziet. Als het enige wat ons scheidt van de inderdaad indrukwekkende en efficiënte Singaporese netheid boetes op het niet doorspoelen van toiletten en een verbod op kauwgom is, dan koop ik dat ticket graag.

De persvrijheid is beperkt, dat klopt. Het is vooral de lokale politieke berichtgeving en oppositiejournalistiek die strak gereguleerd zijn. Maar De Meulder suggereert hiermee dat Singapore een informatiegesloten samenleving is, en dat is ronduit onjuist. Alle grote internationale publicaties zijn er vrij verkrijgbaar. Singapore is de regionale thuisbasis van hoofdkwartieren van internationale mediabedrijven. En wie ooit een voet heeft gezet in Kinokuniya, de gigantische boekhandel op Orchard Road met meer dan 500.000 titels in meerdere talen, een van de grootste boekhandels van Zuidoost-Azië, begrijpt dat dit geen gesloten samenleving is. Het is een samenleving die leest, denkt en debatteert, zij het op haar eigen termen.

Hetzelfde geldt voor het academische leven. NTU heeft een volwaardig College of Humanities, Arts and Social Sciences met aparte schools voor kunsten, letteren, sociale wetenschappen en communicatie. NUS heeft een Faculty of Arts & Social Sciences met tientallen majors. Yale-NUS College combineert de liberal arts traditie met Aziatisch intellectueel erfgoed. Dit zijn bloeiende academische omgevingen die de afgelopen twee decennia stelselmatig zijn uitgebouwd, geen autoritaire informatiewoestijn.

De man die De Meulder niet kent

De Meulder's volledige negatie van Lee Kuan Yew's prestatie is het meest verradelijke van zijn stuk. Lee, in mijn opinie één van de grootste twintigste-eeuwse politici, was allereerst een anti-koloniale strijder. Tijdens zijn studiejaren in Engeland groeide zijn politiek bewustzijn door zijn betrokkenheid bij de Malayan Forum, een discussiegroep van Maleisische studenten in Londen die streefden naar een onafhankelijk Malaya. De Tweede Wereldoorlog en de Japanse bezetting hadden zijn politiek denken gevormd. Hij keerde terug naar een stad die hongerde naar onafhankelijkheid en desillusioneerd was door het koloniale bewind. In 1954 richtte hij de People's Action Party op met als primaire doelstelling de onafhankelijkheid van Singapore van de Britse heerschappij.

Wat hem onderscheidt van de meeste anti-koloniale leiders van zijn generatie (Nkrumah in Ghana, Sukarno in Indonesië, Nasser in Egypte) is dat hij na de onafhankelijkheid niet verviel in ideologische retoriek of historische rancune. Hij regeerde niet door ideologie of idealisme, maar door discipline, realisme en resultaten. En anders dan vele leiders van post-koloniale staten appelleerde hij niet aan emotie of historisch onrecht. Dat onderscheid is cruciaal, en het is precies wat De Meulder mist.

Lee erfde in 1965, toen Singapore uit de Maleisische federatie werd gezet, een eiland zonder natuurlijke hulpbronnen, met etnische spanningen, omringd door vijandige buren. Geen zoet water, geen noemenswaardige industrie en weinig perspectieven. Binnen twee generaties bouwde hij dit om tot een van de meest welvarende samenlevingen ter wereld, met een GDP per capita dat België inmiddels ruimschoots overtreft.

Was Lee autoritair? Ja. Maar hij deed dit met een meedogenloze focus op meritocratie, anti-corruptie en, cruciaal, etnische harmonie. Want hier raakt De Meulder aan iets dat hij volledig mist: Singapore is niet alleen een economisch succesverhaal. Het is een van de meest opmerkelijke experimenten in georganiseerde multiculturaliteit ter wereld.

Het echte sociale experiment

Singapore bestaat uit Chinezen (74 procent), Maleisiërs (13 procent), Indiërs (9 procent) en vele anderen, waaronder een grote en diverse expat-gemeenschap. In een regio met een lange geschiedenis van etnisch geweld, Singapore heeft zelf de rellen van de jaren zestig meegemaakt, koos Lee Kuan Yew bewust voor gedwongen integratie. De Ethnic Integration Policy van 1989 verplicht dat elk woonblok van publieke huisvesting, goed voor 80 procent van de bevolking, een etnische mix weerspiegelt die overeenkomt met de nationale bevolkingssamenstelling. Chinezen, Maleisiërs, Indiërs, Arabieren en anderen leven letterlijk naast elkaar, generatie na generatie. Meer dan 60 procent van de Singaporezen steunt dit beleid.

De sociale mobiliteit die dit systeem genereert is eveneens opmerkelijk: een kind uit een arbeidersgezin kan in Singapore binnen één generatie tot de middenklasse doorstoten, vaker dan in de meeste Europese landen. Dat is geen retoriek, het zijn de cijfers.

Is het systeem perfect? Nee. Singapore heeft een tweesporenbeleid voor migranten: hooggeschoolden krijgen uitstekende voorwaarden, laaggeschoolde arbeidsmigranten werken in moeilijkere omstandigheden. Dat is legitieme kritiek. Maar wie in België woont en de situatie in onze asielopvangcentra of de uitbuiting van Oost-Europese arbeiders in de bouw kent, gooit beter niet de eerste steen.

De autoritaire spiegel

Het meest ironische van De Meulder's stuk is zijn eigen autoritaire grondtoon. Hij dicteert wat een legitiem maatschappelijk model is, diskwalificeert alternatieven zonder hun prestaties te erkennen, en negeert de reële voorkeuren van de Singaporese bevolking zelf. Er is blijkbaar maar één correct antwoord: het radicale sociaaldemocratische model, en elke afwijking daarop is per definitie inferieur. Pardon my french, maar dit is intellectueel autoritarisme in zijn puurste vorm, des te ironischer vanuit iemand die anderen autoritarisme verwijt.

Hij besluit zijn stuk met de suggestie dat wie Singapore als voorbeeld neemt "de sociale zekerheid wil afbreken." Maar je kunt bewondering hebben voor elementen van het Singaporese model, efficiënt bestuur, anti-corruptie, volkshuisvesting, etnische integratie, onderwijs, zonder het geheel klakkeloos over te nemen. Je kunt leren van een systeem zonder er slaaf van te worden. Dat vereist intellectuele eerlijkheid en de bereidheid om werkelijkheid boven ideologie te stellen.

Ik ben het De Wever op weinig fronten eens, en ik ben het allerverst verwijderd van wie zich een Vlaams Nationalist noemt. Maar als hij Singapore bestudeert en daar lessen uit trekt voor goed bestuur, sociale cohesie en efficiënte publieke dienstverlening, dan heeft hij wel een punt. En dat punt verdient een serieus debat, geen ideologische karikatuur van iemand die duidelijk nooit de moeite heeft genomen om Singapore werkelijk te begrijpen.

De Meulder schrijft dat De Wever's boodschap "werken en gehoorzamen" is. Misschien moet hij eerst zelf beginnen met "onderzoeken en begrijpen," vooraleer met een geheven vingertje naar anderen te wijzen.

Reactie sjabloon

Reactie Seppe De Meulder

Als redactie verwelkomen we kritiek, maar ik ben wel enigszins geschrokken van de toon. In één stuk 'ideologische blindheid', 'een geheven vingertje' en 'autoritaire trekken' verweten worden is wel wat. Daarom zou ik graag een aantal zaken willen verduidelijken. 

Ten eerste. Het artikel in kwestie gaat over het boek van Bart De Wever en hoe die in dat boek markt en staat tegenover elkaar zet. Het voorbeeld van Singapore dient ter illustratie. De bedoeling was dus niet om alles te zeggen wat er over dat land te zeggen valt, maar wel die informatie die illustreert hoe een sterke staat en kapitaalvriendelijk beleid er hand in hand gaan. Ik heb voor het schrijven van het artikel Singapore uiteraard geen jaren bestudeerd, maar heb - zoals dat hoort - wel een aantal mensen en bronnen geraadpleegd die dat wel gedaan hebben. Dat ik het in het artikel niet heb over Lee Kuan Yew of het multiculturalisme van het land betekent niet dat ik er geen weet van heb, maar eenvoudigweg dat het artikel daarover niet gaat. 

Ten tweede, over sociale bescherming. Het artikel in kwestie is relatief kort en misschien wat snel geschreven. Dat een aantal zaken zorgvuldiger geformuleerd kunnen worden, is een kritiek waarin ik me kan vinden. Zo werk ik de stelling dat er nauwelijks sociale bescherming is niet echt uit. Ik ben uiteraard op de hoogte van het bestaande sociaal systeem, al was het maar omdat het ook in het boek van De Wever aan bod komt. Het systeem is, dat is natuurlijk het punt, veel nadeliger voor sociaal kwetsbaren dan dat bij ons.

Aangezien dat zeer expliciet gevierd word in het boek van De Wever waar ik op reageer, zag ik de noodzaak niet in om dit uit te werken, maar misschien was dat wel nodig. Hoe dan ook zijn alle experten het er over eens en geven alle indicatoren aan dat er minder sociale bescherming is dan in een welvaartstaat als België, in het bijzonder voor de meest kwetsbaren. Spreken over 'nauwelijks sociale bescherming' zoals ik in mijn stuk deed, is misschien kort door de bocht, maar zeker niet 'fundamenteel feitelijk fout' en ook geen 'flagrante misser'. 

Ten derde, over autoritarisme. Dat ik het land autoritair noem lijkt me geen ideologische dwaling. Op alle indexen met diverse ideologische achtergronden scoort Singapore gewoon laag wat betreft vrijheid. Het wordt ook in academische context besproken als een voorbeeld van een illiberale democratie. Dat ik in deze context ook over het verbieden van kauwgom spreek, is uiteraard niet omdat ik wil dat de publieke ruimte vervuilt wordt, maar wel omdat zo'n verbod naar mijn mening niet proportioneel is en de logica die er achter schuilt niet past in een vrije samenleving. Verder vind ik dat het bestaan van boekenwinkels op geen enkele manier de beperking van de persvrijheid kan goedmaken. 

Hoewel ik me dus niet erken in wat er over mijn artikel geschreven is, verwelkom ik graag elke onderbouwde kritiek die me steeds tot nadenken zet. 

Vandaag op de hoogte van de wereld van morgen?