Neen, Singapore is niet het vrijemarktsparadijs dat Bart De Wever ervan maakt
“Welvaart, niet de staat, vormt het fundament”, zo schrijft Bart De Wever in zijn nieuwe boek ‘Over welvaart’. Het hele boek draait, net als zijn lezing aan de UGent, om een tegenstelling tussen aan de ene kant welvaart die door de vrije markt geproduceerd zou worden en de staat die ze vervolgens gaat herverdelen om het welzijn te bevorderen.
Markt versus staat
Er zijn heel wat kritieken te maken op deze simplistische tegenstelling. Zo doet de staat heel wat meer dan enkel welvaart die bedrijven produceren afromen. Door zaken zoals onderwijs, openbaar vervoer en een stabiel rechtssysteem te voorzien, schept ze ook de omstandigheden waarin het bedrijfsleven winst kan gaan maken.
Markt en staat kunnen in een kapitalistische samenleving nooit los van elkaar gezien worden. Net Singapore, het land dat De Wever als groot voorbeeld aanhaalt, maakt dat heel erg duidelijk. Wie alleen De Wevers boek leest, kan denken dat Singapore het paradijs van de vrije markt is, maar de staat is er een erg actieve actor in de economie.
De regering van Singapore doet aan uitgebreide economische planning
Alle grote binnenlandse sectoren in Singapore, van het bankwezen tot de telecommunicatie, worden gedomineerd door bedrijven waarin de staat de controlerende aandeelhouder is. In 2017 waren die bedrijven goed voor 37 procent van de marktkapitalisatie van de aandelenmarkt.
De regering van Singapore doet aan uitgebreide economische planning. Ze wijst sectoren zoals elektronica, biotechnologie, farmaceutica en financiële dienstverlening aan als strategische groeisectoren en biedt buitenlandse bedrijven royale steun om ze vanaf nul op te bouwen.
Werken en gehoorzamen
Dat de staat er sterk is, betekent dus niet dat Singapore een socialistisch land is. Integendeel, het is een land met weinig sociale bescherming waarin slecht betaalde en onveilige banen veelal worden ingevuld door migranten. Voor wie zonder werk valt, is er nauwelijks een vangnet. Met andere woorden: je kan niet zeggen dat je de welvaartsstaat wil redden en tegelijkertijd Singapore als voorbeeld nemen. Wie Singapore als voorbeeld neemt, wil de sociale zekerheid afbreken.
Wie Singapore als voorbeeld neemt, wil de sociale zekerheid afbreken
De Wever maakt gebruik van de valse, starre tegenstelling tussen markt en staat om een andere tegenstelling uit beeld te houden: die tussen arbeid en kapitaal. Terwijl er in Singapore weinig regels zijn voor buitenlandse investeerders, treedt de staat heel erg disciplinerend op naar de bevolking.
In zijn boek schrijft De Wever over "een cultuur van orde en respect" in Singapore. Daarmee verbloemt hij dat het land een erg autoritair bestuur kent. Wetten die streng worden gehandhaafd, verbieden kauwgom kauwen, zwerfvuil achterlaten, oversteken buiten het zebrapad en zelfs toiletten ondoorgespoeld laten. De persvrijheid is beperkt en de lange arm van de staat moeit zich met gezinsplanning door de bevolking op te dragen om dan weer meer en dan weer minder kinderen te krijgen.
Labore et Constantia, zo luidt de titel van het laatste hoofdstuk van 'Over welvaart'. Dat is Latijn voor 'door middel van werk en standvastigheid'. Wie het boek van De Wever leest, kan de boodschap echter best vrij vertalen als: werken en gehoorzamen. Dat is in ieder geval hoe het er in Singapore aan toe gaat.