De community ruimte is een vrije online ruimte (blog) waar vrijwilligers en organisaties hun opinies kunnen publiceren. De standpunten vermeld in deze community reflecteren niet noodzakelijk de redactionele lijn van DeWereldMorgen.be. De verantwoordelijkheid over de inhoud ligt bij de auteur.
Yes, we CAN!
De CAN is niet enkel een voetbaltoernooi of een sportevenement, maar een instituut met een politieke, economische, culturele en maatschappelijke impact. Het zorgt voor verbetering van de infrastructuur, voor meer gelijke rechten, maar als allerbelangrijkste voor de vereniging van het Afrikaanse continent en diaspora. Het is die solidariteit en verbondenheid die het toernooi zo mooi en waardevol maakt.
Net daarom bloedt mijn pan-Afrikaans hart heel hard met de beslissing die de CAF maakt. De CAF (de Afrikaanse voetbalfederatie) kondigde namelijk in het begin van het toernooi aan dat de CAN niet meer om de twee jaar, maar om de vier jaar zal plaatsvinden en het gedrocht CAF Nations League in de plek komt. Vooral de UEFA en machtige Europese clubs willen dit, omdat hun financiële belangen meer doorwegen dan de maatschappelijke meerwaarde dat het Afrikaans kampioenschap voetbal biedt. De invloed van de clubs en de UEFA is zo enorm groot en de CAF is hier helaas voor geplooid.
Dit was niet de enige doorn in mijn oog, ook de sponsors van de CAN, de Europese Unie en Total Energies, zijn dat. Total Energies is een groot Frans oliebedrijf dat rijk geworden is door het plunderen van grondstoffen in de gekoloniseerde landen en nog steeds een grote invloed heeft in de klimaatontwrichting en de verwoesting van de natuur, waar ze in het hele continent Afrika de gevolgen hard van voelen. De plundering van grondstoffen is geen feit van het verleden, maar is nog steeds aan de gang.
Het doet pijn als panafrikanist om te zien hoe het geld het maatschappelijk verhaal achter deze magnifieke competitie zo vergeet
De Europese Unie dweept met de slogan: “Africa and Europe together we rise.” Terwijl door het streng migratiebeleid van de EU te veel Afrikanen al verdronken in de Middellandse Zee enkele tientallen kilometers van de stadions. Terwijl de diploma’s van Afrikanen in Europa niet worden erkend, maar de EU wel de curricula in Afrika dicteert. Terwijl duizenden migranten op straat slapen en als crimineel worden gestigmatiseerd door heersende conservatieve krachten. Terwijl Afrikanen overal visums moeten aanvragen om familie te kunnen bezoeken en Europeanen vrij over het continent kunnen reizen.
Je ziet het, de slogan weerspiegelt de werkelijkheid niet. Het weerspiegelt niet de wil van jonge Afrikaanse revolutionaire bewegingen die momenteel groeien in zowel Senegal, Mali als Burkina Faso. De eis en oproep van deze bewegingen is duidelijk om een eind te maken aan de Europese inmenging en het neokolonialisme op het Afrikaans continent én voor meer soevereiniteit waar Afrikaanse waarden centraal staan. Thomas Sankara zei ooit: “He who feeds you, controls you”. Dat is de kern van dit verhaal. Het doet pijn als panafrikanist om te zien hoe het geld het maatschappelijk verhaal achter deze magnifieke competitie zo vergeet en banaliseert.
Zalven en slaan
Het doet me als Belg met migratieroots nog meer pijn (alhoewel ik dit had verwacht) hoe de Belgische media dit toernooi belicht, of beter verduistert. Er zijn veel mensen met een Afrikaanse migratieachtergrond, maar de matchen moeten volgen op Nederlandse, Franse of Britse betaalzenders. Meer nog, in de berichtgeving van de VRT vind je quasi niks over de Afrika Cup terwijl het een continentale beker is. Dit staat in sterk contrast met de berichtgeving over het EK of Copa America, die wordt wel meer en breed uitgesmeerd. Zijn Afrikaanse voetballers niet belangrijk genoeg? Vinden ze de competitie niet belangrijk genoeg? Willen ze niet berichtgeven aan de vele Belgen met migratieroots die hier ook belastingen voor betalen? Waar zou het aan kunnen liggen?
Als supporter van een Belgische club, weet en zie ik dat het probleem van hooliganisme geen etnisch cultureel probleem is
De enige keer dat er veel berichtgeving kwam, was naar aanleiding van en na de finale. We moesten als Belgen toch eerst eens op ons borst kloppen om te tonen wat voor fantastische kansen dit land aan die spelers gegeven heeft om te groeien en groots te worden. Het paternalisme droop ervan af. Dit zalven werd snel gevolgd door slaan.
Zo is er altijd een grote focus op de rellen na de matchen van de CAN. Hiervoor wordt de hele diaspora ter verantwoording geroepen en door het slijk gehaald. Als supporter van een Belgische club, weet en zie ik dat het probleem van hooliganisme geen etnisch cultureel probleem is. Dit is van alle tijden en iets waar de hele voetbalcultuur overal ter wereld mee kampt. Toch kiest de media om dit voor slechts één groep uit te vergroten.
The movement goes on!
Ik sluit af. Als Belg met migratieroots en panafrikanist doet het pijn te zien hoe de ziel van een toernooi verkocht wordt. Het doet pijn om steeds gestigmatiseerd en als tweederangsburgers behandeld te worden. Het negeren en niet aanbieden van een programmering door Belgische media is een gemiste kans voor positieve beeldvorming van en voor de leefwereld en identiteit van de diaspora. Erger, we krijgen ongewild en ongevraagd wederom stereotypering en stigmatisering op ons bord.
Deze neokoloniale blik van de Belgische media op het Afrikaanse continent is paternalistisch en getuigt van weinig respect. Vergeet echter niet: jonge Afrikaanse bewegingen verzetten zich om zichzelf los te weken van deze neokoloniale invloeden.
Dit is mijn strijd, dit is onze strijd. Africa will rise. Yes, we CAN!