De clash van de 21e eeuw
De militaire opbouw en oorlogsdreiging tegen Venezuela, de omverwerping van de Syrische regering, de bombardementen op Iran en Jemen, de VS-sanctiedreiging richting BRICS-landen[1] en de proxy-oorlog[2] tegen Rusland zijn geen losstaande feiten, maar aspecten van één grote strategie.
We leven in een tijd waarin de historische dominantie van één grootmacht, de VS, zichtbaar afbrokkelt. Tegelijk proberen Washington en de westerse bondgenoten die trend krampachtig terug te draaien, om een status quo te redden die hun hegemonie, controle en winsten op elders gecreëerde rijkdom veiligstelt.
Dit is de clash van de 21ste eeuw, waarvan we nog maar het begin hebben gezien.
Kantelende wereld
In de wereldeconomie verschuift de machtsbalans snel. De G7, de club van de zeven rijkste westerse landen, zakte van 45 procent van het wereld-bbp in 2000 naar circa 30 procent vandaag, terwijl BRICS+ in koopkrachttermen[3] al rond 37 procent zit.
Het Globale Zuiden bouwt intussen eigen industrie en technologie uit, met China als koploper in e-wagens, zonne- en windenergie en digitale infrastructuur, waardoor landen minder louter grondstoffenleverancier zijn en meer van hun eigen rijkdom bijhouden.
BRICS+ profileert zich als het eerste echte multilaterale alternatief
Dat knaagt aan de buitenlandse winsten van westerse multinationals en ondermijnt twee pijlers van het klassieke imperialisme: winsttransfers van Zuid naar Noord én de dollardominantie. De dollar verliest terrein in centrale-bankreserves en steeds meer landen handelen in elkaars munt. De BRICS-bank wil tegen 2030 minstens 30 procent van haar leningen in lokale valuta doen.
BRICS+ profileert zich zo als het eerste echte multilaterale alternatief sinds de neergang van de Wereldhandelsorganisatie (WTO). Een ‘post-dollarwereld’ tekent zich af, en dat zorgt voor stress in Washington en Brussel.
De economische verschuiving vertaalt zich ook op het politiek-ideologisch vlak.
Wereldwijd zijn we ongeveer gelijktijdig getuige van twee ‘opstanden’. De afgelopen twee jaar was er een brede, aanhoudende volksbeweging tegen de genocide in Palestina en tegen de medeplichtigheid van de westerse staten aan de in wezen fascistische methoden die de zionistische staat gebruikt.
Daarnaast weigerden de staten van het Globale Zuiden mee te doen met westerse sancties, economische druk en oorlogsretoriek tegen Rusland. Landen als China, Iran, India en Noord-Korea zochten zelfs nauwere samenwerking met Rusland, mede aangewakkerd door Trumps tarieven en zijn agressieve handelspolitiek.
De landen uit het Zuiden zijn de dubbele moraal van het Westen beu, dat zijn eigen oorlogen goedpraat, maar die van anderen veroordeelt. Ook zijn ze de uitbuiting door het 'Globale Noorden' beu, dat tot op de dag van vandaag rijkdom uit het Zuiden blijft wegsluizen.
Het Zuiden wil niet langer speelbal zijn van het Westen, maar zijn eigen koers varen in de wereldpolitiek en economie
Beide opstanden versnellen het besef dat de neoliberale, door het Westen gedomineerde orde, onhoudbaar is. Het Zuiden eist zijn soevereiniteit op. Het wil niet langer speelbal zijn van het Westen, maar zijn eigen koers varen in de wereldpolitiek en economie.
Existentiële bedreiging
Tussen 1990 en 2008 verzesvoudigden multinationals uit Europa en de VS hun winsten uit investeringen in het buitenland. Zoals de grafiek laat zien zijn die inkomsten vanaf 2011 gestagneerd. Volgens het groeipad gebaseerd op de periode 1990-2011, lopen ze daardoor anno 2024 jaarlijks meer dan 20.000 miljard dollar mis.
Dat is een gigantisch bedrag en meer dan een serieuze streep door de rekening van die machtige kapitaalgroepen. Op het Wereld Economisch Forum in Davos verwoordde Ursula von der Leyen dit krachtig als volgt:
"We zijn een nieuw tijdperk van scherpe geopolitieke concurrentie ingegaan. De grootste economieën ter wereld strijden om toegang tot grondstoffen, nieuwe technologieën en mondiale handelsroutes. Van kunstmatige intelligentie tot schone technologie, van kwantumcomputers tot de ruimte, van de Noordpool tot de Zuid-Chinese Zee – de race is begonnen.”
Om haar dominantie te blijven garanderen kiest de westerse elite voor een offensieve strategie
De drijvende kracht achter deze race is de maximale winst en de handhaving of uitbreiding van de westerse multinationals, techbedrijven en financiële instellingen. Dat is in het geding en daar draait het uiteindelijk om.
Voor de westerse elite is de verschuiving van de machtsbalans ten gunste van het Zuiden een existentiële bedreiging. Ze dreigt niet enkel de economische voorsprong aan te tasten, maar ook de politieke en ideologische greep op de wereldorde.
De oorlogstrom
De westerse elite is niet bereid om die lucratieve en dominante positie op te geven. Om die dominantie te blijven garanderen kiest ze voor een offensieve strategie - van oorlog tot chaos en politieke onderwerping - die ze verkoopt als een strijd voor 'democratie', maar die in feite de bestaande machtsorde moet beschermen.
Het voorbije decennium hebben Europese NAVO-landen hun defensiebudgetten met een derde opgevoerd en sinds februari 2022 nog eens fors verhoogd. Samen spendeert de NAVO intussen meer dan de helft van alle werelduitgaven met plannen om in Europa de defensie-uitgaven meer dan te verdubbelen.[4]
In de VS lanceert Trump een nieuw raketafweersysteem met het doel de nucleaire capaciteiten aanzienlijk te vergroten. Ook kondigde hij de herstart van kernproeven aan.
Vandaag zijn er nooit geziene wapenleveringen aan Oekraïne en wordt ook Taiwan met zware wapens voorzien. In Europa zijn dienstplicht en een nucleaire paraplu opnieuw bespreekbaar. De voormalige Duitse minister van Defensie heeft verklaard dat zijn land tegen 2029 “klaar zal zijn voor de oorlog” en in Frankrijk zei de stafchef van het leger dat het land “klaar moet zijn om zijn kinderen te verliezen”.
De VS richt zijn geopolitieke strijd primair op China. Maar op korte termijn is een grote oorlog met dat land te riskant omdat het er economisch te afhankelijk van is. Om economisch te kunnen loskoppelen van zijn Aziatische rivaal wil Washington toeleveringsketens verplaatsen naar de ‘eigen’ hemisfeer.
Daartoe is de controle over Latijns-Amerika essentieel en daarom werd in de nieuwe National Security Strategy (NSS) de Monroe-doctrine van onder het stof gehaald. Dat verklaart ook waarom Venezuela zo hard wordt aangepakt.
Voor zijn oorlogsgestook tegen China trekt Washington de Taiwan-kaart en probeert het Aziatische bondgenoten te mobiliseren.
Om Rusland te verzwakken werd Oekraïne ingezet als voorpost. Die strategie is grotendeels mislukt, maar heeft vooral Europa verzwakt, doordat het niet langer goedkope energie kan invoeren uit Rusland.
Wat we zien, is de creatie van een ‘mondiale NAVO’
De NAVO is allang geen defensieve alliantie meer die zich beperkt tot Europa. Er is een toenemende aanwezigheid van de NAVO in Afrika en de Golflanden. De bondgenoten patrouilleren in de Zuid-Chinese Zee en zetten druk op bondgenoten in Azië om China te isoleren.
Australië bouwt aan een gigantische marine en krijgt Amerikaanse kernonderzeeërs. Japan verdubbelt bijna zijn militaire budget. In Zuid-Korea meren binnenkort opnieuw nucleaire onderzeeërs van de VS aan. In 2024 plaatste de VS een Typhon-raketsysteem in het noorden van de Filipijnen, waarmee het grote Chinese steden binnen bereik heeft.
Zoals de kaart laat zien is China omsingeld door militaire bases van de VS. Tegen de beloftes in is de NAVO sinds de val van de Sovjet-Unie ook steeds verder opgerukt richting Rusland.
Wat we zien, is de creatie van een ‘mondiale NAVO’, een militaire gordel die reikt van Noorwegen tot Nieuw-Zeeland, van Canada tot Zuid-Korea.
In dit bredere plan kaderen de oorlog in Syrië sinds 2011, de oorlog in Libië in 2011, de bombardementen op Jemen de afgelopen jaren en op Iran enkele maanden geleden, en de huidige oorlogsopbouw voor de kusten van Venezuela.
Economische oorlog
Naast de militaire kaart maakt Trump ook gebruik van de sterke economische positie van zijn land. Hij hanteert daarbij een dubbel spoor. Enerzijds straft hij ‘onwillige’ landen met economische druk, denk maar aan hogere tarieven, export- en technologierestricties, bevriezing van tegoeden, bankuitsluiting en secundaire sancties.
Zo wil hij landen dwingen hun koers te verleggen, bijvoorbeeld door geen olie meer uit Rusland te kopen en in het internationale betalingsverkeer aan de dollar vast te houden.
Het vasthouden aan de unipolaire wereldorde blijft het kenmerkende gezicht van het westers imperialisme
Anderzijds zet hij geld en krediet in om landen los te weken uit de Chinese invloedssfeer. Voorbeelden zijn de financiering van telecom in Zuidoost-Azië, tonijnvisserij in de Zuidelijke Pacific en leningen aan Latijns-Amerika om Chinese toegang tot kritieke mineralen te blokkeren.
Het uiteindelijke doel blijft het indammen van de twee belangrijkste polen in verzet tegen de hegemonie van de VS. Het vasthouden aan de unipolaire wereldorde - gesteund door oorlog, druk en sancties - blijft het kenmerkende gezicht van het westerse imperialisme.
Afbrokkelende steun
Een rechtstreekse oorlog met Rusland of China is door de nucleaire afschrikking weinig waarschijnlijk. Ook tegen minder sterke landen zijn invasies na eerdere debacles in Irak en Afghanistan niet direct te verwachten, maar ook niet uit te sluiten. Washington zet vooral in op luchtbombardementen en hybride oorlogsvoering.
Dat laatste gaat van destabiliseren via desinformatie en propaganda, economische sancties, ‘kleurenrevoluties’[5], juridische oorlogsvoering (lawfare), speciale operaties, tot het inzetten van proxy’s.
Bij het uitbesteden aan proxy’s beschikken westerse landen over een belangrijke troef: ze steunen op relaislanden die een deel van het werk voor hen doen. De lokale elites zijn geïntegreerd in het westerse systeem en maken van de staten die zij besturen vaak verlengstukken van het Westen. Denk onder andere maar aan Turkije, Saoedi-Arabië, Israël, Rwanda, El Salvador, en in het verleden Pakistan en Colombia.
Rusland en China van hun kant hebben geen betekenisvolle relaislanden.
De westerse troef om te steunen op proxy’s brokkelt gaandeweg af
Maar die westerse troef brokkelt gaandeweg af. Turkije loopt lang niet meer in de pas zoals in het verleden. Saoedi-Arabië heeft zopas een militair akkoord gesloten met Pakistan en is toegetreden tot de BRICS-landen. En Colombia, dat jarenlang voor de VS de uitvalsbasis was voor militaire operaties in Latijns-Amerika, stelt zich sinds de verkiezing van de linkse president Petro hard op tegen de VS.
Voorlopig zwak en versnipperd
Op dit moment zitten de landen uit het Globale Zuiden in het defensief en reageren ze versnipperd. In vergelijking met de NAVO en de G7 is BRICS+ een zwakke organisatie.
Het is vooral een politiek en economisch forum van erg uiteenlopende opkomende economieën. Die heterogeniteit maakt het kwetsbaar: de groep deelt geen gemeenschappelijke waarden, heeft nauwelijks bindende afspraken en mist de diepe institutionele verankering die nodig is om snel en eensgezind te handelen.
Er zijn interne spanningen en rivaliteiten, zoals India-China en Iran-Saoedi-Arabië, en er zijn uiteenlopende externe oriëntaties. Leden zoals India, Brazilië en Saoedi-Arabië hebben hechte banden met het Westen, terwijl China, Rusland in een strategische competitie verwikkeld zijn met het Westen. Dat maakt gezamenlijke actie veel moeilijker.
Die zwakke organisatiestructuur geldt ook voor de Shanghai-samenwerkingsorganisatie (SCO), een Euraziatische organisatie van 10 landen rond China, Rusland, India en Pakistan.[6]
“Een land telt maar echt op het internationaal plan als het ook bereid is om oorlog te voeren”
Maar dat kan allemaal snel schuiven. De economische samenwerking van de BRICS-landen staat nog maar in haar kinderschoenen en zal de komende jaren ongetwijfeld sterk toenemen. Die samenwerking krijgt ook een belangrijke impuls door de Chinese investeringen in de landen van het Zuiden ter waarde van 1.000 miljard dollar in het kader van het Belt and Road Initiative.
Ook op militair vlak zien we groeiende samenwerking. Dat is het geval tussen Rusland, China en Iran, maar ook tussen Pakistan en Saoedi-Arabië. Als antwoord op de oorlogsopbouw van de VS in de Caribische Zee heeft Moskou de laatste weken oorlogsmateriaal gestuurd naar Venezuela.
Historische keuze
De hysterie rond de drones en de brief aan de zeventienjarigen voor vrijwillige legerdienst valt niet uit de lucht. Ze moeten dienen om de oorlogskoorts aan te wakkeren en een forse verhoging van het defensiebudget erdoor te krijgen.
Die oorlogsopbouw is uiteindelijk geworteld in de drang van het westerse monopoliekapitaal naar maximale winst en expansie. Om die winsten veilig te stellen moeten investeringen en afzetmarkten in het buitenland, én de aanvoer van goedkope grondstoffen, gegarandeerd blijven.
In die logica is een sterk militair apparaat de sleutel: als economische belangen wereldwijd moeten worden afgedekt, hoort daar volgens de machtscentra ook militaire slagkracht bij. Of zoals voormalig Duits kanselier Gerhard Schröder het ooit zei: “Een land telt maar echt op het internationaal plan als het ook bereid is om oorlog te voeren.”[7]
Kiezen we voor veiligheid en welvaart van de Europese burgers of voor de belangen van economische elites en de wapenindustrie?
Voor financiële en economische elites wordt het steeds minder ondenkbaar dat een wereldoorlog “op de koop toe” wordt genomen. In die logica is ook de verrechtsing en de machtsdeelname van extreemrechts mooi meegenomen: (extreem)rechts trekt van oudsher de militaire kaart en wakkert oorlogskoorts als geen ander aan.
Hoe dan ook staat Europa voor een historische keuze. In het verleden heeft het oude continent altijd slaafs de VS gevolgd. Washington lijkt nu Europa meer en meer als voetveeg te behandelen en niet langer als bondgenoot.
Dit lijkt misschien vervelend maar het is tezelfdertijd een uitgelezen opportuniteit om eindelijk een eigen autonome koers te varen. Niemand verplicht Europa om mee te stappen in de overheersingsdrang van de VS en in de daarmee gepaard gaande militarisering.
Europa heeft er alle belang bij om vriendschappelijke relaties aan te gaan met de landen van het Zuiden, met in begrip van China. Het is ook in het eigenbelang om op het Europese vasteland een evenwichtige veiligheidsinfrastructuur op poten zetten, waarin ook Rusland een plek krijgt.
De huidige militarisering heeft enorme kosten: ze dreigt sociale afbraak te versnellen, de vergroening van de economie uit te stellen en het democratisch tekort te vergroten, terwijl het risico op een groter conflict steeds reëler wordt.
De kernvraag is eenvoudig: kiezen we voor een koers die de veiligheid en welvaart dient van Europese burgers, of een koers op maat van de economische elites en de wapenindustrie? De komende jaren zullen cruciaal zijn voor het antwoord op deze vraag.
Lees ook:
- Europa gedegradeerd: Washington ziet continent alleen nog als afzetmarkt
- NAVO: de gevaarlijkste organisatie ter wereld
- De angstwekkende militarisering van Europa
- Is de crisis in Oekraïne het begin van een nieuwe wereldorde? Achtergrond bij de top tussen Poetin en Xi
Notes:
[1] BRICS+ is de uitgebreide versie van BRICS - de samenwerking tussen Brazilië, Rusland, India, China en Zuid-Afrika - waarbij extra landen als volwaardig lid of partner aansluiten om economische en geopolitieke samenwerking te verdiepen, met o.a. projecten rond handel en financiering in lokale munten. De recente nieuwkomers als volwaardig lid zijn Egypte, Ethiopië, Iran, de Verenigde Arabische Emiraten (sinds 1 januari 2024) en Indonesië (2025). Saoedi-Arabië kreeg een uitnodiging in 2023 maar stelde toetreding uit.
[2] Proxy-oorlog of ‘oorlog bij volmacht’ (Engels: proxy war) is een conflict waarbij één partij (meestal een grootmacht) een andere partij, de gevolmachtigde, een oorlog laat voeren, en daarbij als achterman optreedt. Het vuile werk wordt m.a.w. door een ander gedaan. De grootmacht levert economische, ideologische, logistieke en/of militaire steun. De gevolmachtigde is meestal een kleiner land en draait meestal voor de negatieve consequenties van zo'n oorlog op.
[3]Deze berekening houdt rekening met prijsverschillen tussen landen. Dit geeft een beter beeld van het werkelijke volume aan goederen en diensten dat in een land wordt geproduceerd, omdat het uitdrukt hoeveel je lokaal werkelijk kunt kopen voor één dollar. Instituties als de Wereldbank en het IMF maken meer en meer gebruik van deze berekeningsmethode.
[4] Bron voor de militaire uitgaven per inwoner: Wikipedia 1, Wikipedia 2, Worldometers.
[5] Bij een kleurenrevolutie probeert men van buitenaf het bestaand ongenoegen bij de bevolking aan te wakkeren en te mobiliseren met de bedoeling om een regimewissel door te voeren. Het procedé werd door de VS o.a. in Joegoslavië, Georgië, Oekraïne en Kyrgyzstan met succes doorgevoerd.
[6] De Shanghai Cooperation Organisation heeft 10 leden en is gericht op veiligheid, antiterrorisme, grensoverschrijdende criminaliteit en ook economische en regionale samenwerking. Ze begon in 2001 en is uitgegroeid tot een belangrijk overlegplatform in Azië. In tegenstelling tot de NAVO is het geen collectieve defensie-alliantie met een automatische wederzijdse bijstandsverplichting.
[7] Dat is wel een uiterst cynisch uitspraak van een politiek leider van een land dat tot tweemaal toe een wereldoorlog heeft veroorzaakt. NRC Handelsblad 15 januari, geciteerd in Collon M., ‘La guerre globale a commené’, in Herrera, R. (ed.), L’empire en guerre. Berchem 2001, 211-235, p. 233.