De community ruimte is een vrije online ruimte (blog) waar vrijwilligers en organisaties hun opinies kunnen publiceren. De standpunten vermeld in deze community reflecteren niet noodzakelijk de redactionele lijn van DeWereldMorgen.be. De verantwoordelijkheid over de inhoud ligt bij de auteur.
Ontwikkelingsagentschap VN krijgt nieuwe baas: Alexander De Croo
Doorgaans is de benoeming van een nieuwe directeur voor het VN-ontwikkelingsagentschap geen wereldnieuws. In België daarentegen werd de keuze van António Guterres, secretaris-generaal van de VN, voor Alexander De Croo wel druk besproken in de pers, voor eventjes toch. Dat het een grote eer was voor ons land, werd er benadrukt terwijl kritische kanttekeningen ontbraken.
De Croo was niet de officiële kandidaat van de Belgische regering voor een topfunctie bij de VN, maar wel Nicole De Moor. De Moor was staatssecretaris voor asiel en migratie tijdens de regering De Croo (2020-2025). Zij had haar zinnen gezet op de VN-Vluchtelingenorganisatie UNHCR. Minister Prévot had zelfs beloofd niet te beknibbelen op de 20 miljoen euro steun aan UNHCR in de hoop haar kandidatuur hiermee een duwtje in de rug te geven.
Maar De Croo heeft haar eigenhandig in snelheid gepakt. Zij ziet haar kansen nu smelten als sneeuw voor de zon. 'Gelukkig maar', zullen velen wellicht denken, al voelt het anderzijds ook wrang. Het is niet de eerste keer is dat De Croo, die ooit een boek heeft uitgebracht over De eeuw van de vrouw (2018), vrouwen in hun carrière een hak heeft gezet.
Vrouwen als vehikel
Als minister van Ontwikkelingssamenwerking maakte De Croo van vrouwenrechten zijn rode draad. In 2017 lanceerde hij She Decides als een reactie op een maatregel van Donald Trump die alle Amerikaanse hulp voor programma’s die anticonceptie en abortus promootten, drooglegde.
Naar eigen zeggen was De Croo als minister van ontwikkelingssamenwerking tot het besef gekomen dat gelijkheid tussen mannen en vrouwen broodnodig was. Dit 'nieuwe' inzicht werd wereldnieuws. Hij ging met zijn campagne voor vrouwenrechten op tournee. In Zuid-Afrika sprong hij mee op het podium naast Beyoncé en Chris Martin en liet hij de 70.000 toehoorders luidkeels 'She Is Equal' scanderen. Hij kreeg zelfs twee pagina’s in The Washington Post.
She Decides en #sheisequal bekken goed en gaan erin als zoete koek. Het zelfbeschikkingsrecht van vrouwen over hun eigen lichaam werd zijn campagnethema bij uitstek. In zijn voorwoord voor het Jaarverslag 2018 van de Belgische ontwikkelingssamenwerking citeert De Croo Warren Buffet, filantroop en investeerder: Empower women and the rest will follow. Vrouwen als hefboom voor ontwikkeling. De last op hun schouders kon niet zwaar genoeg zijn.
Wie beslist? Zij? Of hij?
She Decides gaat om seksuele en reproductieve gezondheid en rechten, of simpel gezegd, om de gezondheid van moeders, kinderen en adolescenten. Het thema had De Croo weggekaapt van een vrouwelijke collega, de Nederlandse minister van ontwikkelingssamenwerking, Lilianne Ploumen.
De campagne werd opgestart met een groots opgevatte, internationale conferentie in het Egmontpaleis. De sfeer was uitgelaten. Het publiek applaudisseerde, maar velen bleven achter met een dubbel gevoel. Zo ook de Belgische NGO’s. Het slechte nieuws van enkele weken voordien dat De Croo zwaar zou besparen, zinderde nog na. “Deze conferentie is een mooi staaltje pr, maar wij moeten programma’s specifiek voor vrouwen schrappen”, citeerde MO*.
Op de conferentie brak niemand een lans voor het versterken van de gezondheidszorg in de landen waar de noden het hoogst zijn. Nochtans is een goed functionerend gezondheidssysteem ook voor de doelstellingen van She Decides cruciaal. Wetenschappelijk onderzoek toont dit ten overvloede aan.
Maar apotheken, laboratoria of ambulances – om maar enkele aspecten te noemen - lenen zich lang niet zo goed voor campagnefoto’s als een tienermama met een baby'tje op de schoot of breed lachende jongeren die 'She Decides' roepen. De Croo zette het mes in de budgetten voor gezondheid en liet die in een razendsnel tempo zakken van 140 miljoen euro (2014) naar 85 miljoen euro (2018). Geen enkele andere sector werd zo hard getroffen. De schade werd maar minimaal gecompenseerd door de budgetten die voor She Decides werden vrijgemaakt.
De hakbijlmethode
Bij het opnemen van zijn mandaat in 2014 wond De Croo er geen doekjes om dat ontwikkelingssamenwerking hem eigenlijk niet interesseerde. Dat de functie gekoppeld werd aan die van vicepremier maakte wellicht veel goed.
Het verhaal gaat dat tijdens één van de eerste vergaderingen van zijn kabinet met de NGO’s de aanwezigen werden gebruskeerd met de retorische vraag waarom de overheid organisaties zou moeten steunen die toch alleen maar kritiek hebben op het beleid. Het middenveld was alvast gewaarschuwd.
Ook wetenschappelijke instellingen zoals het Instituut voor Tropische Geneeskunde en de universitaire samenwerking via VLIR/UOS werden niet gespaard. Het beleid van De Croo blonk uit in het hanteren van de hakbijl. Lopende en nieuwe programma’s werden geslachtofferd op het altaar van de zogenaamde efficiëntiewinst. Concreet betekende dit dat programma’s halverwege werden stopgezet, toegezegde nieuwe programma’s niet werden opgestart en samenwerkingsakkoorden met partnerlanden eenzijdig werden opgeschort. Schending van de mensenrechten, beperkte impact, onderbesteding en efficiëntie waren hierbij een handig excuus.
Eigen creativiteit eerst
Het mes werd voortdurend gewet. Partnerlanden, multilaterale organisaties, NGO’s, educatieprogramma’s, universiteiten, onderzoekscentra, iedereen zou bloeden, al was het vooral de gouvernementele samenwerking die de klappen kreeg. Besparingen in de toelagen voor VN-agentschappen en NGO’s werden enigszins gecompenseerd met de belofte dat in de nieuwe programma’s van de gouvernementele samenwerking specifieke budgetlijnen voor hen zouden worden voorzien.
Volgens MO* was De Croo het beu om engagementen uit te voeren die zijn voorganger had aangegaan. De minister weigerde om nog langer door te gaan met “pappen en nathouden”. Hij wilde creatief zijn en innoveren en in tijden van besparing ruimte vrijmaken voor eigen initiatieven. Ook filantropen als Bill Gates en anderen werden mee aan boord gehesen. Zij zouden voortaan meebepalen wie, wat, waar en hoe.
Brussel beslist
De geest van de hervormingen had een enorme impact op de relatie met de partnerlanden. Voortaan zouden het niet meer de nationale overheden zijn die zelf hun ontwikkelingsprioriteiten bepaalden en met welke actoren zij die wilden uitvoeren. ‘Brussel betaalt, dus Brussel beslist’ werd de nieuwe filosofie. In het beste geval kon er misschien nog worden overlegd met de lokale besturen.
Deze negatieve evolutie trok ook de aandacht van de OECD/DAC. De OECD/DAC monitort de inspanningen van de donorlanden inzake ontwikkelingssamenwerking. In februari 2020 was een commissie van de OECD/DAC in België voor de 5-jaarlijkse peer-review. Zij kwam tot de conclusie dat onder De Croo het eigenaarschap van de partnerlanden steil bergaf was gegaan.
Het rapport van de mid-term review enkele jaren later (2023) stelde een lichte vooruitgang vast, maar in het beste geval hield dat niet veel meer in dan dat partners geïnformeerd werden over de Belgische plannen. Het eigenaarschap van de ontvangende landen waarvoor zoveel experten en wetenschappers jarenlang hadden gestreden, lijkt dood en begraven.
Wat met “de 0,7”?
Volgens de wet op ontwikkelingssamenwerking moet België 0,7% van haar bruto nationaal inkomen aan ontwikkelingssamenwerking besteden. Dit percentage is een internationale norm die in 1970 door de Algemene Vergadering van de VN werd goedgekeurd en door de donorlanden in de OECD/DAC werd afgesproken.
Ondanks de wet en de aanhoudende druk van het middenveld is België deze verbintenis nog altijd niet nagekomen. In 2010 was het bijna gelukt. De teller drukte af op 0,64%. Maar de financiële crisis stak stokken in de wielen. Tijdens de regering Di Rupo werd de daling ingezet om in 2013 te stranden op 0,45%.
Het lukte De Croo om dit percentage enigszins te stabiliseren om en bij de 0,42%. Daarvoor had hij wel een paar goocheltrucs nodig zoals het meetellen van de zwaar gestegen budgetten voor administratiekosten en de opvang van vluchtelingen en land asielzoekers. Samen met het optrekken van de steun aan Europese instellingen en het toekennen van middelen voor het aantrekken van de privé-sector voorkwam hij dat de Belgische bijdrage helemaal naar beneden tuimelde.
Als excuus haalde hij aan dat de lidstaten van de EU hadden afgesproken om de 0,7%-norm tegen 2030 te behalen. Maar toen kwam de covid-pandemie en werd ook dit engagement onder het premierschap van De Croo eens te meer vooruitgeschoven.
Er bestaat geen plan om de achterstand in te halen. Dat de VN nu zijn voorkeur heeft uitgesproken voor De Croo als nieuw hoofd van UNDP creëert op zijn minst de indruk dat ook de VN het allemaal niet meer zo nauw neemt met de “0,7” en vooral rekent op, jawel, bedrijven en filantropen.
Eigen lof stinkt
De Croo liet de ontwikkelingssector zwaar gehavend achter maar zijn quick cuts werden geframed als innovatie en coherentie. De overheden van de partnerlanden werden herleid tot passieve ontvangers en het middenveld vecht nog altijd om te overleven. De braindrain en het verlies aan expertise waren enorm en bij de privésector is het vooralsnog wachten op wezenlijke en duurzame resultaten.
Blijkbaar kunnen politici zich dit soort missers veroorloven. Falend beleid kan al eens aanleiding geven tot pittige discussies in parlementaire commissies maar niet meer dan dat. Spindokters verpakken hun fouten als successen. Gezien de korte duur van hun mandaat ontsnappen zij aan de gevolgen van negatieve resultaten bij een diepgaande evaluatie.
In hetzelfde bedje ziek
Het VN-systeem is er zo mogelijk nog erger aan toe. Max-Otto Baumann, politicoloog en wetenschappelijk onderzoeker verbonden aan het German Institute for Development and Sustainability (IDOS), volgt het doen en laten van de VN, en inzonderheid van UNDP, op de voet. Zijn analyses zijn scherp. In de communicatie over interne evaluaties hangt UNDP het liefst een beloftevol en weinig kritisch verhaal op. Leren uit eigen fouten is niet aan de orde.
Volgens Baumann lijdt UNDP aan een ernstige vorm van wat hij “projectitis” noemt. De werking van het agentschap bestaat uit ontelbaar veel kleine projecten die er niet in slagen om duurzame resultaten te boeken. Gezien het chronisch gebrek aan middelen laat UNDP zich eerder leiden door de prioriteiten van mogelijke financiers dan te zoeken naar partners die mee hun schouders willen zetten onder de echte ontwikkelingsprioriteiten van de betrokken landen. De vergelijking met wat er in België is gebeurd, is treffend.
Duimpje naar boven of duimpje naar beneden?
Dat hervormingen in de VN en in de ontwikkelingssamenwerking in het bijzonder broodnodig zijn, zal niemand ontkennen. Dat De Croo er geen probleem mee heeft zijn eigen agenda door te duwen en diep te snijden is onderhand geweten. In 2030 zal de finale stand van zaken worden opgemaakt inzake de Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen (SDG). Het is uitkijken naar het rapport dat hij aan het einde van de rit zal voorleggen.
Niet dat de Belgische bevolking daarvan wakker zal liggen. Tegen die tijd is men hem hier wellicht al lang vergeten. Ondertussen kan hij wel zijn hartje ophalen in New York en zijn wereldtour verderzetten aan de zijde van deze en gene megaster. Want wie wil er nu niet met De Croo op de foto?