Ierland kondigt handelsverbod met Israëlische nederzettingen aan
“Ierland wordt vandaag het eerste land in Europa dat wetgeving introduceert om handel met de bezette Palestijnse gebieden te verbieden. We hopen dat het andere landen inspireert om hetzelfde te doen, omdat het belangrijk is dat elk land alle middelen inzet die het tot zijn beschikking heeft.” Met die uitspraak kondigde de Ierse minister van Buitenlandse Zaken Simon Harris dinsdag een nationaal handelsverbod met illegale Israëlische nederzettingen aan, dat een unicum zou zijn binnen Europa.
De oorspronkelijke versie van de Ierse wet werd al in 2018 ingediend, maar kende jarenlang tegenwind van opeenvolgende Ierse regeringen. Maar na het juridisch advies van het Internationaal Gerechtshof (ICJ) in juli 2024 kwam er politieke ruimte voor herziening.
Belgisch voorstel vergaart al bijna jaar stof
Het voorstel richt zich in eerste instantie op de handel met nederzettingengoederen, maar de Ierse regering laat de mogelijkheid open om de handel met diensten eveneens op te nemen in de nieuwe wet. Daardoor zou bijvoorbeeld het verhuren van vakantiewoningen in de nederzettingen, via platformen als Airbnb, aan banden gelegd worden.11.11.11 en Broederlijk Delen roepen de federale regering op om net als Ierland snel werk te maken van het wetsvoorstel dat handel verbiedt met bezette gebieden. In België werd het wetsvoorstel al in augustus 2024 ingediend door CD&V en Vooruit, maar ligt sindsdien stof te vergaren in het federale parlement. "En dat terwijl het geweld in de Westelijke Jordaanoever ongeziene proporties aanneemt”, stelt 11.11.11.
Dit wetsvoorstel gaat een stap verder dan die van Ierland. Het is namelijk een algemeen wetsvoorstel dat handel van goederen én diensten verbiedt met bezette gebieden wanneer er ernstige schendingen zijn van het internationaal humanitair recht.
EU heeft juridische verplichting
EU-lidstaten hebben onder internationaal recht een juridische verplichting om alle handel en investeringen met de Israëlische nederzettingen stop te zetten, zowel op nationaal als Europees niveau. Dat werd in juli 2024 bevestigd door het Internationaal Gerechtshof, dat oordeelde dat landen “handels- of investeringsrelaties moeten voorkomen die bijdragen aan de instandhouding van de illegale situatie, gecreëerd door Israël in het bezet Palestijns gebied” en zich eveneens moeten “onthouden van economische of handelsbetrekkingen met Israël met betrekking tot de bezette Palestijnse gebieden of delen daarvan die de onwettige aanwezigheid van Israël in het gebied kunnen versterken.”De Belgische minister van Buitenlandse Zaken, Maxime Prévot, vroeg vorige week samen met acht andere lidstaten aan EU Hoge Vertegenwoordiger voor Buitenlands beleid Kaja Kallas om de mogelijke gevolgen van het ICJ-advies voor het Europese handelsbeleid in kaart te brengen. Zo’n onderzoek kan uitmonden in een aanbeveling voor een Europees handelsverbod, maar de kans dat de intern verdeelde EU zo’n maatregel daadwerkelijk invoert, lijkt klein.
De Arizona-partijen namen zelf nog geen stappen om een nationaal handelsverbod in te voeren. “Zolang producten uit de illegale Israëlische nederzettingen de Belgische markt blijven bereiken, dragen we bij aan het in stand houden van het illegale nederzettingenproject. Daarmee schenden we onze eigen internationaalrechtelijke verplichtingen”, zegt Rikkert Horemans, beleidsmedewerker Israël-Palestina bij Broederlijk Delen.
“De Ierse regering heeft terecht geoordeeld dat lidstaten niet kunnen blijven wachten op de EU, maar alles moeten doen wat binnen hun mogelijkheden ligt om tenminste zelf niet aan de illegale kolonies bij te dragen.”
Trek eindelijk een rode lijn
In de Gazaresolutie waarover de Arizonapartijen op 13 mei een akkoord bereikten (en die op 19 mei bekrachtigd werd door de regeringstop) staat letterlijk dat regering en parlement “gevolg zullen geven aan de tot derde staten gerichte aanbevelingen zoals opgenomen in het advies van het Internationaal Gerechtshof van 19 juli 2024”.Op een moment dat er sprake is van een recordaantal nieuwe nederzettingen, een “Gazaficatie” van de Westelijke Jordaanoever en een nooit eerder vertoonde golf van kolonistenterreur, pleiten Broederlijk Delen en 11.11.11 bij de federale regering en parlement om éindelijk een rode lijn te trekken tegen de Israëlische oorlogsmisdaden en annexatie van bezet Palestijns gebied.
“De regeringspartijen engageerden zich op 13 mei om alle handel en investeringen met de Israëlische bezetting eindelijk een halt toe te roepen. Het is hoog tijd om door te pakken en die mooie woorden om te zetten in concrete daden. Nu Ierland toont dat een nationaal verbod mogelijk is, kan België niet achterblijven. De federale regering staat voor een duidelijke keuze: ofwel vind je nederzettingen en bezetting illegaal en doe je er geen zaken mee, ofwel begraaf je verder het internationaal recht en pleeg je schuldig verzuim”, besluit Willem Staes van 11.11.11.