Opinie

Publieke opinie hard voor leerkrachten: wie blijft er straks nog voor de klas staan?

Afbeelding
Foto: Harrison Keely, Wikimedia Commons / CC BY 4.0
Foto: Harrison Keely, Wikimedia Commons / CC BY 4.0
Een nieuwe peiling onthult een hard oordeel van het Vlaamse publiek over leerkrachten. Dit staat in schril contrast met de toenemende werkdruk en het nijpende personeelstekort in het onderwijs. Pijnlijk, alweer, voor het onderwijspersoneel.

Uit de meest recente peiling van De Stemming blijkt dat de publieke opinie hard is voor het onderwijspersoneel. Meer dan 3 op de 4 Vlamingen vindt dat de vaste benoeming op de schop mag. Ook op andere vlakken is het oordeel streng: leerkrachten verdienen genoeg en moeten sneller ontslagen kunnen worden.

Tegelijkertijd kreunt het onderwijs onder een ongeziene werkdruk en een steeds nijpender tekort aan personeel.

In het afgelopen jaar kwamen er bij de VDAB liefst 27.000 vacatures binnen voor het onderwijs. Alleen de schoonmaaksector zocht nog meer mensen. Vandaag kampt bijna de helft van de Belgische scholen met een tekort aan leerkrachten.

Wie lesgeeft aan twintig pubers met zorgnoden, weet dat dit een topsport is
De redenen daarvoor hoef je niet ver te zoeken. De job is zwaar, de instroom te beperkt omdat alternatieven elders aantrekkelijker zijn, en de uitval is hoog.

Zwaarte onderschat

Buitenstaanders onderschatten vaak de zwaarte van de lerarenjob en staren zich blind op de lange vakantie van het onderwijspersoneel. Dat is een foute perceptie.

Volgens een grootschalig tijdsonderzoek van de overheid uit 2018 werken leerkrachten gemiddeld 42 uur per week, vakanties meegerekend. In piekweken loopt dat op tot bijna 50 uur. KU Leuven-onderzoek bevestigt dat beeld. Bijna de helft werkt 's avonds en in het weekend.

Maar niet alleen het aantal uren weegt, ook de intensiteit telt mee. Het lesgeven zelf is een pak moeilijker en lastiger geworden omdat de klassen heterogener zijn, de leerlingen en de ouders mondiger, en het aantal leerlingen met specifieke zorgnoden sterk gestegen is. Wie lesgeeft aan twintig pubers met zorgnoden, weet dat dit een topsport is.

Het besef dringt blijkbaar niet door dat het onderwijs op zijn tandvlees zit
Naast lesgeven moeten leerkrachten toezicht houden, toetsen verbeteren, vergaderen, oudercontacten doen, bijspringen voor zieke collega’s, differentiëren voor zorgleerlingen, administratie bijhouden én voldoen aan steeds veranderende regelgeving.

Geen wonder dat velen afhaken. In het secundair onderwijs stopt liefst 44 procent van de leerkrachten binnen de vijf jaar. Vier op de tien 50-plussers kiezen voor een vorm van werkonderbreking. Eén op drie leerkrachten riskeert een burn-out en langdurige uitval is schering en inslag.

Geen prioriteit

Het structurele lerarentekort is nefast voor de onderwijskwaliteit en weinig bevorderlijk voor het welzijn van leerlingen die dagenlang studie krijgen. Zonder fundamentele hervormingen blijft het dweilen met de kraan open.

De onderwijsvakbonden eisen al jaren structurele ingrepen: meer tijd, kleinere klassen, betere verloning, herwaardering van de job, meer ondersteuning en voldoende middelen maar vinden geen oren bij de Vlaamse regering.

De N-VA, die het onderwijsdepartement de laatste vijf jaar beheerde heeft er nooit een prioriteit van gemaakt. Minister Weyts weigerde zelfs een grondige aanpak en beperkte zich tot cosmetische maatregelen. Sommigen zeiden schamper dat Weyts meer deed voor het welzijn van huisdieren dan voor dat van leerkrachten.

Voor veel Vlamingen is de leraar nog altijd een bevoorrechte ambtenaar met veel vakantie
Ook van de huidige minister Zuhal Demir hebben we op dat vlak nog niet veel gezien. Zowel bij de politieke wereld als bij de publieke opinie dringt het besef maar niet door dat het onderwijs op zijn tandvlees zit.

Pijnlijk en onrechtvaardig

De recente peiling voelt bij leerkrachten als een koude douche. Ondanks alle inzet, de administratieve rompslomp, het gebrek aan waarderingen en ondersteuning, vindt 77 procent van de Vlamingen dat de vaste benoeming mag verdwijnen. 70 procent wil geen hoger loon voor leerkrachten en 78 procent vindt dat ze sneller ontslagen moeten kunnen worden.

Voor veel Vlamingen is de leraar nog altijd een bevoorrechte ambtenaar met veel vakantie. Dat is Bijzonder pijnlijk, zeker als je weet dat leerkrachten tijdens de coronacrisis zelf instructiefilmpjes in elkaar boksten, werkten zonder laptop of extra begeleiding, lesgaven terwijl ze hun eigen kinderen moesten opvangen, en maandenlang pendelden tussen fysiek en afstandsonderwijs.

De publieke opinie lijkt dat alweer vergeten.

Als we in hen niet investeren in het onderwijs leggen we een zware hypotheek op de toekomst
De peiling is een nieuwe klap voor het onderwijspersoneel. Leerkrachten die zich uit de naad werken, krijgen niet meer waardering maar misprijzen. De publieke opinie – die grotendeels bestaat uit mensen die zelf kinderen hebben (gehad) in het onderwijs – lijkt niet te beseffen hoe moeilijk het vandaag is om les te geven. Dat is pijnlijk en onrechtvaardig.

Investeren

De Vlaming heeft zich uitgesproken maar mist het hele plaatje. Leerkrachten verdienen beter, maar kampen blijkbaar met een ernstig perceptieprobleem. Het wordt tijd dat ze de samenleving tonen hoe hun realiteit eruitziet.

Misschien moeten ze de meer dan zeventig procent strenge beoordelaars uitnodigen om eens een dag of een week hun job over te nemen. Wellicht zouden de meeste criticasters hun oordeel dan snel aanpassen.

Tegelijk staat ook minister Demir voor een grote uitdaging. Het vertrouwen herstellen, de werkdruk verlagen, voldoende personeel aantrekken én het onderwijs weer aantrekkelijk maken: het vraagt een totaalvisie, politieke moed en vooral serieuze investeringen.

Onze leerlingen zijn het menselijk kapitaal van de volgende generatie. Als we in hen niet investeren leggen we een zware hypotheek op de toekomst.

Bron: Vlaming heeft het gehad met vaste benoeming

Vandaag op de hoogte van de wereld van morgen?