De community ruimte is een vrije online ruimte (blog) waar vrijwilligers en organisaties hun opinies kunnen publiceren. De standpunten vermeld in deze community reflecteren niet noodzakelijk de redactionele lijn van DeWereldMorgen.be. De verantwoordelijkheid over de inhoud ligt bij de auteur.

Getuigenis Thomas Blommaert

Teaser fallback community afbeelding
Getuigenis van Thomas Blommaert op de begrafenis van Jo Cottenier

Of hij wist dat er in ‘De bende van Jan de Lichte’ een Zotte Cottenier voorkomt, vroeg ik hem ooit. Uiteraard wist hij dat. Zoals het hem ook niet was ontgaan dat het personage van Boon niet de snuggerste van de klas was. PVDA-monument Jo Cottenier is gestorven en merkwaardig genoeg moet ik nu denken aan die kenmerkende gulle lach van hem – eerst schuddend vanuit de buik om dan hoog te eindigen. Ik leerde Jo kennen toen ik lang geleden op de redactie van Solidair werkte.

In mijn eerste week nam hij me mee naar een van de zittingen van het proces tegen die van Clabecq – de hashtag #klassenjustitie moest nog uitgevonden worden. Een van mijn opdrachten die dag: een reactie van Roberto d’Orazio sprokkelen. Op de trappen van het Justitiepaleis haalde ik mijn beste school-Frans uit mijn rugzak. Dat volstond om mijn vooraf opgestelde vragen af te lezen maar schoot ontegensprekelijk tekort om de antwoorden van de vakbondsleider helemaal te vatten.

Jo, die naast me stond, deed alsof hij het niet merkte. Maar later, toen we terug richting Kazernestraat wandelden, duwde hij een A4’tje in mijn handen: hij had “rap” de antwoorden van d’Orazio opgeschreven. Hij grijnsde toen ik hem bedankte: “Alle begin is moeilijk.”

Alle begin is moeilijk: de gedachte moet Jo Cottenier niet vreemd geweest zijn. Hoe hij zijn leven aan de werkende klasse en zijn partij wijdde, lees je in Peter Mertens zijn in memoriam. Minder geweten is dat Jo ook de eerste hoofdredacteur van Solidair was, of althans van de voorloper ervan. Want in 1970 richtten de jongens en meisjes van Mijnwerkmacht in de nasleep van de Limburgse mijnstaking niet alleen een partij-in-progress maar ook een blad op.

Het kostte 5 frank (“100 frank voor een abonnement”), verscheen driewekelijks en om het niet te moeilijk te maken droeg het gewoon dezelfde naam als de partij-in-opbouw: ‘AMADA’. Op de cover van het eerste nummer staat een karikatuur van een bourgeois politicus die de handen vouwt, knielt en het volk oproept om voor hem te stemmen (bijschrift: “Ik beloof u alles”).

Ook dat was Jo zijn werk, want hij combineerde de stiel van hoofdredacteur met die van huiscartoonist en lay-outer. “Onze uitvalsbasis was een voormalige beenhouwerij in de Van Peltstraat in Antwerpen”, vertelde hij over die pioniersjaren in een nummer naar aanleiding van de veertigste verjaardag van Solidair. “We begonnen aan een nieuwe gazet als we genoeg materiaal hadden. Soms werkten we tot ’s ochtends door.”

In mijn eigen Solidairjaren wiedde ik wel eens in Jo zijn artikels. Op papier swingde hij net iets minder dan in zijn duizenden vormingen. Het maakte weinig uit, want wat hij te vertellen had deed er altijd toe. Economie, vakbondswerk, Palestina, klimaat, geopolitiek, China, waterstof, artificiële intelligentie: er waren weinig thema’s waar hij niet mee bezig was.

Ik herinner me zijn lange, doorwrochte stukken over de bankencrisis. Als Paul Goossens Solidair in die tijd “het zout op de patatten” noemde, dan was dat onder andere door dergelijke analyses. Jo léék de laatste jaren van zijn leven niet alleen een beetje op Marx, hij kende ook ‘zijn’ Marx en wist hoe hem toe te passen op de wereld van vandaag.

Zelden ontmoette ik iemand die zo goed zijn dossiers beheerste. Dat dwong respect af. Op een dag interviewden we samen Gilbert De Swert over zijn toen net verschenen boek ‘Het pensioenspook’. Gilbert De Swert was de Jo Cottenier van het ACV: chef van de studiedienst, een van de brains achter de schermen, veteraan van vele oorlogen.

Ik had zijn ‘Pensioenspook’ ter voorbereiding van het interview gelezen. Jo had dat ook gedaan. Net als De Swert zijn twee vorige boeken, zijn opiniestukken van de laatste jaren, zijn bijdrages voor De Gids op Maatschappelijk gebied en zonder twijfel ook de relevante stukken van zijn doctoraat.

‘De tijd staat aan onze kant’. Zo heet een van de twee boeken die hij publiceerde bij de EPO-Uitgeverij – hij schreef het samen met Kris Hertogen. Ik heb dat altijd een geniale titel gevonden en niet omdat je er een echo van de Stones in hoort. Misschien zegt het ook wel veel over hoe Jo in het leven stond: de communist was een optimist.

Je wordt niet vergeten, Jo. Courage aan familie en vrienden.

 

Afbeelding
.
                                                                                                                    Jo Cottenier

Bron: Facebook

Vandaag op de hoogte van de wereld van morgen?