Canadese bosbouwer Suzanne Simard. Foto: Jdoswim/CC BY-SA 4:0
Interview - Karl van den Broeck, Apache/magazine

“We mogen niet langer toekijken hoe het schip zinkt”: Apache.be sprak met Suzanne Simard

Het vierde nummer van het tijdschrift Apache van de gelijknamige site Apache.be staat opnieuw vol boeiende en relevante artikels. Daarom publiceert DeWereldMorgen.be een interview uit Apache 4 met Canadese bosbouwer Suzanne Simard. Het tijdschrift is verkrijgbaar in de boekhandel en bij apache.be.

dinsdag 2 november 2021 13:58
Spread the love

 

Als kind van een houthakker leerde Suzanne Simard dat bomen in het bos elkaar helpen. Ze ging boswetenschappen studeren en stuitte op het onomstotelijke bewijs dat haar vader gelijk had. Tweehonderd wetenschappelijke artikels later kan ze niet langer aanzien dat in haar geboorteland Canada en elders in de wereld (oer)bossen op industriële schaal worden gekapt. Haar memoires zijn een bestseller en zijzelf werd activist, tegen wil en dank.

Suzanne Simard (60) werd in 2018 een bescheiden cultheldin toen ze als Patricia Westerford opdook in The Overstory van Richard Powers, een van de meest bejubelde romans van het decennium. Net als haar alter ego is ze een ervaren boswetenschapper die ontdekt dat bomen met elkaar kunnen communiceren maar door haar collega’s nooit ernstig wordt genomen.

De filmrechten van het boek van Powers (die nu écht rijp is voor de Nobelprijs Literatuur) zijn gekocht door David Nebioff en D.B. Weiss, de makers van Game of Thrones. Simard schreef ondertussen zelf een boek over haar leven en werk: Finding The Mother Tree en ook daarvan zijn de filmrechten verkocht, aan producers Jake Gyllenhaal en Amy Adams, die ook de rol van Simard voor haar rekening zal nemen.

Daarmee zette Simard een stap in de mainstream die onvermijdelijk was, zo legt ze uit in een interview met Apache. Ze was in 2016 al een eerste keer uit haar academische bubbel gekomen in een TED Talk. Regisseur James Cameron had haar inzichten op dat moment al gebruikt voor zijn blockbuster Avatar uit 2009. Met Finding The Mother Tree bereikt ze zelf een wereldwijd publiek.

“Waarom het zo lang geduurd heeft voor ik mezelf in de schijnwerpers wilde zetten? Ik denk dat ik er niet klaar voor was. Ik ben een wetenschapper en ik was gefocust op mijn onderzoek en het publiceren van mijn werk in vaktijdschriften. Ik wilde vooral geloofwaardig zijn voor mijn collega’s.

Sommigen van hen vinden het vandaag maar niks dat ik een boek schrijf voor een breed publiek. Ik vond echter dat het tijd werd, want anderen gebruikten mijn bevindingen al om er zelf boeken over te schrijven” (de Duitse boswachter Peter Wohlleben schreef de bestseller Het verborgen leven van bomen in 2015, KvdB).

“Het was voor mij belangrijk dat mijn bevindingen ervoor zouden zorgen dat we op een heel andere manier met onze bossen omgaan. Dat was mijn doel. Maar nadat ik gewerkt had in de houtvesterij en bij de overheid en ik meer dan tweehonderd wetenschappelijke artikels gepubliceerd had in vaktijdschriften, zag ik nog geen verbetering. We kappen nog steeds zoveel bomen als we kunnen, zo snel als we kunnen. En nu zitten we in een crisis: een crisis van het klimaat en de biodiversiteit. Ik had dus geen keuze: ik moest mijn boodschap aan de wereld vertellen.”

“Het is voor mij belangrijk dat mijn bevindingen ervoor zorgen dat we op een heel andere manier met onze bossen omgaan”

Het valt Simard duidelijk zwaar dat ze door collega’s wordt aangevallen. Het feit dat ze spreekt over ‘moederbomen’ die met hun nakomelingen en hun buren kunnen ‘communiceren’, levert haar schampere opmerkingen op in de academische wereld. “Een universiteit is een prachtige plek om te werken. Je moet niet naar de pijpen dansen van de industrie of van de regering. Je kunt fundamenteel onderzoek doen en daar geld voor krijgen, ook al is het niet duidelijk waar je uiteindelijk zult uitkomen. Maar het is ook een hiërarchische wereld die gebaseerd is op peer review.”

“Dat is een geweldig systeem, maar het is niet perfect. Bovendien wordt aan de universiteit niet altijd aanvaard dat je als wetenschapper je bevindingen vertaalt naar een publiek van leken. Ik weet niet waar al die kritiek vandaan komt, maar ik heb het er, eerlijk gezegd, moeilijk mee.”

Schimmeldraden

Gelukkig heeft Simard toch doorgezet en haar boek, ondanks de twijfel, tot een goed einde gebracht. Finding The Mother Tree is meer dan gevulgariseerde wetenschap, het zijn de memoires van een wonderlijke, sterke vrouw die geboren werd in de oerbossen van British Columbia als dochter van een horse logger, een houthakker die één boom tegelijk kapt en die door zijn paard naar de rivier laat slepen om hem dan met de stroom mee naar de stad te laten drijven om hem daar te verkopen.

Zelf had ze van haar vader geleerd dat je bij het kappen van een bos de ‘moederbomen’ moest laten staan. Daardoor zou de aangroei van nieuwe bomen nadien veel sneller gaan. Het was een les die vader Simard van de Native Americans had geleerd. De Salish geloven dat bossen bestonden uit verschillende naties en dat die elkaar ondersteunen.

Toen ze, als eerste vrouw, ging werken in een bosbouwbedrijf, zag ze met afschuw dat de tijden veranderd waren. Bossen werden voortaan op industriële wijze gestript, hele voetbalvelden tegelijk, om er plantages van te maken. Clearcutting, heet de techniek. Met een monocultuur van altijd dezelfde bomen tot gevolg.

Douglassparren (Pseudotsuga Menziesii). Foto: Rasbak/CC BY-SA 3:0

Ze stelde echter vast dat een tiende van de aangeplante douglassparren (foto) ziek werd wanneer in de buurt geen espen, berken of populieren staan. Op een dag bezoekt ze haar broer op een rodeo en wanneer ze samen onder een boom iets eten en drinken, merkt ze dat het wortelstelsel van de boom overgroeid is met schimmeldraden.

Ze graaft een beetje verder en realiseert zich plots dat dat stelsel onder het hele bos doorloopt. Het is haar eureka-moment. Ze begrijpt dat bomen via die schimmeldraden voedingsstoffen met elkaar uitwisselen. Haar baas wil van haar ideeën echter niet weten en wanneer ze later voor de overheid gaat werken, stoot ze ook op onbegrip.

Simard besluit om te gaan studeren en schopt het tot professor aan de universiteit van British Columbia. In het boek volgen we haar onderzoek op de voet. Hoe ze met behulp van radioactieve isotopen kan traceren hoe bomen hun CO2 afstaan aan schimmels en zelf voedsel van de schimmels krijgen. Hoe bomen elkaar verwittigen wanneer een bosbrand uitbreekt. Hoe bossen zich, op termijn, kunnen verplaatsen wanneer aan de ene kant te veel bebouwing is.

Al in haar eerste publicaties lanceert ze de term Wood Wide Web en verdedigt ze de stelling dat er een parallel is tussen de manier waarop bomen in het bos met elkaar communiceren en het menselijke brein. Gekker moet het voor veel van haar collega’s dan al niet worden.

Midden in deze kaalkap ligt de negende grootste douglasspar  ter wereld in Nahmint Valley, Canadese provincie British Columbia. Foto: tjwatt.com

Tegelijk volgen we in het boek het levensverhaal van Simard. De dood van haar broer, haar liefdes en vriendschappen, haar kinderen, haar eigen strijd tegen kanker. En dat allemaal tegen de achtergrond van de majestueuze bossen van British Columbia. Door haar persoonlijk leven en haar wetenschappelijk werk door elkaar te weven wordt het boek nooit zwaar op de hand en komt de boodschap vlot binnen.

“Ik heb een overweldigende respons gekregen op mijn boek”, zegt Simard niet zonder trots. “En dat heeft me ook op de been gehouden. Als dit boek een flop was geweest, dan was ik er waarschijnlijk mee opgehouden. Mijn grote ontgoocheling is wel dat de overheid die het beleid bepaalt, geen vin verroert. Ze verschuilt zich achter de kritiek uit academische hoek, waar sommigen proberen om mij in diskrediet te brengen.”

“Mijn ouders waren geen hippies uit San Francisco. Ze kwamen, net als hun ouders en grootouders, zelf uit de sector van de houtkap. Dat draagt ook bij tot de geloofwaardigheid van mijn verhaal. Ik krijg niet alleen reacties van activisten uit de groene hoek, maar vooral van landbouwers en houthakkers die met lede ogen aanzien hoe hun stiel, hun ambacht veranderd is.”

“Ik krijg honderden mails van mensen die me hun verhaal vertellen. Hoe hun grootvader hun leerde dat ze bepaalde bomen naast elkaar moesten planten omdat die elkaar beschermen. Hoe bepaalde groenten beter groeien als je ze naast andere groenten zaait. Al die mensen voelen de pijn van al dat verloren erfgoed. Hun hart bloedt wanneer ze de kaalkap op industriële schaal zien.”

Meer dan concurrentie

De inzichten van Simard lijken soms wel haaks te staan op het survival of the fittest-idee van Charles Darwin. Met diezelfde instelling dulden industriële houthakkers geen begroeiing aan de voet van de bomen die ze planten: die zou alleen maar het voedsel van de bomen wegnemen. Dat blijkt dus niet te kloppen.

Dezelfde douglasspar vanuit een menselijk perspectief. Foto: tjwatt.com

Bomen die sneller aan de winter beginnen en hun sappen in hun stam terugtrekken, geven overtollige voedingsstoffen aan bomen die nog langer actief blijven. Zelfs bomen die niet tot dezelfde soort behoren helpen elkaar, al zullen bomen die sterven hun reserves vooral naar hun eigen ‘nakomelingen’ sturen. Simard is niet de eerste die aantoont dat samenwerking en solidariteit een belangrijk principe is in de evolutietheorie.

“Bomen en alle organismen hebben verschillende manieren van interactie”, zegt Simard. “Ze concurreren met elkaar, maar ze werken tegelijkertijd op verschillende manieren samen. Een boom die hoger is dan een andere, zal dominant zijn en licht wegnemen van kleinere bomen. Maar anderzijds zal hij ook informatie krijgen van zijn buren en hun daarom ook voedingsstoffen toespelen.

“Momenteel worden in Canada meer bomen gekapt dan in Brazilië. Maar wees gerust, als er geen bomen meer overblijven, zal de industrie beginnen kappen in het Amazonewoud”

Een boom die schade oploopt door een blikseminslag, zendt meteen signalen uit naar zijn omgeving. Bossen kunnen in de periode van een paar decennia ‘migreren’, ze schuiven op wanneer een kant van het bos te dicht bij een stad komt. Het is erg complex en de wetenschap heeft het vaak veel te eng bekeken.”

Slechts 3% van de oerbossen in Canada en de VS is nog intact

Het boek van Simard is het zoveelste hoofdstuk in het grote boek van de plundering van Amerika. Het was Karl Marx die zei dat de opgang van het kapitalisme begint bij de ontdekking én de plundering van Amerika.

De natuurlijke rijkdommen van het continent werden de voorbije vijfhonderd jaar systematisch en op industriële schaal geëxploiteerd. Bevers door trappers, bizons door de spoorwegbouwers en zalm door de conservenindustrie. Goud, hout, petroleum, steenkool, uranium en schaliegas. Het bosbestand is bedreigd. Slechts 3% van de oerbossen in Canada en de VS is nog intact.

“Het is altijd hetzelfde riedeltje: volg het geld en je weet waarom de dingen gebeuren”

“Het probleem is dat we dat allemaal weten en dat we het toch laten gebeuren”, zegt Simard. “Hebzucht is een krachtige drijfveer. In het verleden zijn beschavingen ten onder gegaan aan hebzucht en uitbuiting. En telkens ging dat gepaard met klimaatverandering. De decimering van de oorspronkelijke bewoners van Amerika leidde tot een kleine ijstijd. De ongebreidelde uitstoot van CO2 zorgt vandaag voor ongecontroleerde temperatuurstijgingen.”

‘Bossen zijn niet CO2-neutraal’

Suzanne Simard blijft niet bij de pakken neerzitten. Ze lanceerde in 2015 het Mother Tree Project. Daarmee wil ze haar theorie in de praktijk brengen. Ze wil de ondergrondse connecties tussen een douglasspar-‘moeder’ en de scheuten ervan in kaart brengen en aantonen dat het oordeelkundig kappen van de bomen leidt tot een goede opbrengst en de biodiversiteit van dieren, planten, zwammen en bacteriën bevordert.

Ze stelde daarvoor een team samen van experten van de overheid, de houtindustrie, universiteiten en First Nations (Canadese Native Americans). Er zijn hoopvolle tekenen dat de industrie en de overheid stilaan oren hebben naar haar argumenten. Maar het gaat traag.

“De manier waarop vandaag bossen worden beheerd is gebaseerd op een exploitatiemodel in plaats van een regeneratief model. We beheren geen bossen, we maken er plantages van. Dat heeft enorme gevolgen voor de bodem, voor de biodiversiteit en het klimaat. Ik maak me geen illusies. Ze zullen hun aanpak niet zomaar veranderen.”

“De overheid en de industrie hebben elkaar nodig. De overheid heeft 85% van Canada in handen. Zij geeft licenties aan de houtkappers en bepaalt hoeveel bomen mogen worden gekapt en welke boomsoorten mogen worden aangeplant. Het wraakroepende is dat de overheid die concessies veel te goedkoop maakt. We geven onze bossen weg en subsidiëren de houtindustrie om een handvol jobs in stand te houden.”

“In de laatste tien jaar zijn 40% van de jobs in de sector verloren gegaan door automatisering. Wist je dat er meer bomen worden gekapt in Canada dan in Brazilië? En wees gerust, als er hier geen bomen meer overblijven waarmee geld te verdienen valt, dan zullen ze bomen gaan kappen in het Amazonewoud.”

‘Momenteel worden in Canada meer bomen gekapt dan in Brazilië. Maar wees gerust, als er hier geen bomen meer overblijven, zal de industrie beginnen kappen in het Amazonewoud’

Simard wijst ook op een heikel punt in de klimaatdiscussie. Hout wordt beschouwd als een hernieuwbare energiebron, omdat je voor de bomen die je kapt nieuwe kunt planten. “Dat is een grote vergissing. Een bos is meer dan de bomen die er groeien. Bossen slaan ook CO2 op in de bodem. Wanneer je de bomen kapt en de bodem omploegt, komt die CO2 allemaal in één keer vrij in de atmosfeer.”

“We hebben het nog niet voldoende bestudeerd, maar de huidige metingen wijzen erop dat dit rampzalig is. We maken dezelfde fout als met ethanol. Dat ging de benzine voor onze auto’s vervangen. Maar uiteindelijk gingen we om biobrandstoffen te kweken landbouwgronden gebruiken die ze in het Zuiden nodig hadden voor om voedselgewassen te telen.”

“Al die beslissingen worden gedreven door een economische logica, die externe effecten zoals CO2-uitstoot negeert. Ook de nieuwe Green Deal, zowel die in de VS als die in de Europese Unie, houdt alleen rekening met fossiele energiebronnen als steenkool of aardgas. Er wordt gedaan alsof bossen CO2-neutraal zijn. Dat is niet zo. In Canada zijn ze veranderd van koolstofputten in koolstofbronnen.”

“In ons Mother Tree Project hebben we vastgesteld dat de helft van de CO2 in een bos in de bomen zit en de andere helft onder de grond. Als je bomen kapt, wordt 64% van het hout omgezet in producten die op korte termijn worden gebruikt, zoals papier en pulp. 36% wordt gebruikt op langere termijn zoals in huizen en meubels. Maar zelfs die gaan niet zo lang mee als een bos.”

Holistische kijk

Ondertussen blijft Simard onderzoek doen naar het ondergrondse netwerk van schimmels dat zo cruciaal is voor de overleving van bossen. “We weten dat er ondergronds een voedselnet is, maar we kennen nog maar een tiende van de organismen die daarbij betrokken zijn. Wij hebben maar een handvol mycorrhizale netwerken onderzocht (samenlevingsvorm tussen schimmels en planten via de wortels, KvdB). Je hebt nog veel meer cycli die door fotosynthese lichtenergie omzetten in chemische stoffen.”

‘Zichtbare paddestoelen zijn slechts het tipje van de ijsberg ecosystemen in de bodem’. Foto: mothertreeproject.org

“Er is een koolstofcyclus, een watercyclus, een stikstofcyclus, een fosforcyclus. De levende organismen in het bos voeden zich hiermee en scheiden de overtollige voedingsstoffen voor andere planten om op te nemen. Maar ach, we weten daar momenteel nog zo weinig over. Er is sprake van een biologisch neuraal netwerk dat bestaat uit knooppunten.”

“Als je een paar van deze knooppunten verliest, kun je nog steeds een gezond functionerend systeem hebben. Onze hersenen zijn op dezelfde manier gebouwd. Ik ontdekte bovendien dat bepaalde koolstof- en stikstofhoudende stoffen die door de plantennetwerken bewegen, zoals glutamaat en serotonine, dezelfde zijn als de neurotransmitters in onze hersenen. Al die ontdekkingen suggereren dat planten intelligente systemen zijn die sterk geëvolueerd zijn. En natuurlijk krijg ik een hoop kritiek voor het gebruik van woorden als ‘intelligentie’.”

“Talrijke ontdekkingen suggereren dat planten intelligente systemen zijn die sterk geëvolueerd zijn. Toch krijg ik een hoop kritiek voor het gebruik van woorden als ‘intelligentie’.’’

Er zit nog zoveel meer leven in de bodem dan wat je aan de oppervlakte ziet. Foto: mothertreeproject.com

“Je moet de samenhang tussen lichaam, hart en geest erkennen, anders zie je niet hoe de biosfeer functioneert. Wij in het Westen moeten dat leren’’

Simard doet niet lacherig over de spirituele dimensie van haar opvattingen. Ze verwijst graag naar de holistische kijk van de Native Americans op de wereld. “We hebben in het Westen geprobeerd om natuurverschijnselen te isoleren en die allemaal apart te bestuderen. Als je dingen probeert samen te brengen en naar het grote plaatje kijkt, verlies je je geloofwaardigheid. Terwijl je de samenhang tussen lichaam, hart en geest moet kunnen zien, anders mis je het mysterie en zie je niet hoe de biosfeer functioneert. Wij in het Westen moeten dat leren.’’

“Talrijke ontdekkingen suggereren dat planten intelligente systemen zijn die sterk geëvolueerd zijn. Toch krijg ik een hoop kritiek voor het gebruik van worden als ‘intelligentie’’

Toen Richard Powers research deed voor zijn meesterwerk The Overstory werd hij bozer en bozer, zo zei hij nadien in interviews. Hij stapte af van het idee dat individuen de klimaatverandering kunnen bestrijden door met z’n allen gezellig zonnepanelen te installeren en de SUV te vervangen door een fiets. Hij beseft dat de natuur nooit zou kunnen herstellen als we niets doen aan het dominante destructieve economische systeem.

Suzanne Simard herkent deze woede. “Ik ben ook alsmaar bozer geworden en ook militanter. Ook al mag ik dat woord niet gebruiken, want dan gaan nog meer mensen zeggen dat ik de grens tussen wetenschap en activisme heb overschreden. Maar je kunt onderzoek blijven doen en blijven publiceren in wetenschappelijke tijdschriften tot je dood bent; daarmee alleen verander je de dingen niet.”

“Het is voor mij belangrijk dat mijn bevindingen ervoor zorgen dat we op een heel andere manier met onze bossen omgaan’’

Dezelfde frustratie houdt ook klimaatwetenschappers in de greep. “Inderdaad. Zij weten al decennia dat we op een ramp afstevenen en er wordt niet naar hen geluisterd. Sterker nog, de oplossingen zijn ook al heel lang bekend. Zo heeft men destijds de ontwikkeling van de elektrische auto afgeblokt onder druk van de petroleumsector.”

“Het is altijd hetzelfde riedeltje: volg het geld en je weet waarom de dingen gebeuren. Je kunt daar cynisch over doen, maar ik heb kinderen en ik geef om de aarde en de toekomstige generaties. Ik geloof nog dat de meeste mensen goede mensen zijn die een betere plek willen om te leven voor henzelf en hun kinderen. Het zijn de hebzuchtigen die de feiten negeren. Alleen door samen te werken kunnen we dat counteren.”

“Ik ben een paar jaar geleden in het Standing Rock-reservaat geweest in de Dakota’s (de Lakota-Native Americans protesteerden er tegen de aanleg van een oliepijplijn, KvdB). Ik heb toen gepraat met een jonge vrouw. Ze huilde onophoudelijk bij het zien van al die verwoesting en het geweld tegen haar volk. Het is ook voor haar dat ik dit boek geschreven heb.”

“Ik hoop dat we kunnen komen tot een transformatie in ons denken en handelen. Daarvoor zijn mensen nodig die opstaan en die protesteren, zoals James Hansen (fysicus die al in 1988 voor de Amerikaanse Senaat over de klimaatopwarming sprak. Hij werd herhaaldelijk gearresteerd tijdens acties tegen de mijnbouwindustrie en de Keystone Pipeline, KvdB).”

“Mijn boek draagt argumenten aan die nodig zijn om de samenleving op een andere manier naar de dingen te laten kijken. We mogen niet langer toekijken hoe het hele schip zinkt. Dat weiger ik.”

Suzanne Simard kijkt uit naar hoe haar boek zal worden verfilmd door Amy Adams. “Ik heb ingestemd met de verfilming omdat ik als uitvoerend producent zeggenschap heb over het uiteindelijke resultaat. Ik ben wel benieuwd hoe ze van mijn boek een verhaal kunnen maken dat een groot publiek aanspreekt zodat de benarde situatie van onze bossen hoger op de politieke agenda komt te staan.”

 

Het boek Finding The Mother Tree van Suzanne Simard is in het Nederlands vertaald als Op zoek naar de moederboom – Ontdek de wijsheid van bossen. Prometheus, Amsterdam, 2021, 376 pp. ISBN 978 90 446 3955 1

Dit interview is een overname van Apache Magazine 4 – september 2021, met toestemming van uitgever De Werktitel cv. Interviewer is hoofdredacteur Karl van den Broeck. Het Apache Magazine is te koop aan €12,50 (zie https://www.apache.be/nl/basket). Je krijgt volgens verschillende formules volledige toegang tot de website apache.be door lid te worden (zie https://apache.be/wordlid en https://apache.be/abonnementen).

 

Dit interview valt niet onder de Creative Commons van DeWereldMorgen.be. Het mag alleen worden overgenomen na toestemming van de uitgever, contacteer info@apache.be.

©apache.be

Zie ook de recensie van Op zoek naar de moederboom door Paul Verhaeghe.

Geen copyrightvermelding

take down
the paywall
steun ons nu!