Anastasia Moloney

Ook in Latijns-Amerika gaat klimaatactie steeds vaker via de rechtbank

Rechtszaken waarbij overheden en energiebedrijven gedwongen worden om fossiele brandstoffen achterwege te laten nemen toe in Zuid-Amerika. Ze worden niet alleen talrijker, maar ook doeltreffender.

vrijdag 4 juni 2021 09:32
Spread the love

Een veelbesproken rechtszaak tegen de Guyaanse overheid, met het argument dat olieproductie de klimaatverandering aanzwengelt, kan volgens juristen en milieuactivisten tot meer van dergelijke juridische stappen leiden in de regio.

De zaak voor het Grondwettelijk Hof is het eerste in zijn soort op het Caribische eiland. De aanklacht stelt dat de olie-exploratie en -productie onder leiding van de Amerikaanse oliegigant ExxonMobil voor de Guyaanse kust ongrondwettelijk is.

Recht op gezond milieu

Twee Guyanese burgers dienden de aanklacht eind mei in bij het Grondwettelijk Hof. De grond van de vaak draait om de plicht van de staat om het milieu te beschermen voor de huidige en toekomstige generaties, zegt Melinda Janki, advocaat van de eisers.

“We willen nagaan of die olieproductie verenigbaar is met het recht op een gezond milieu”, zegt ze.

Het draait onder meer om de geschatte uitstoot van broeikasgassen van de offshore-olievelden. Volgens Janki baseren de eisers zich op cijfers “zoals berekend door Exxon” in het milieueffectrapport van het bedrijf.

De CO2 uitstoot van fossiele brandstoffen drijft niet alleen de klimaatverandering aan, ze verzuurt ook de oceanen waardoor de koraalriffen en mangroven van Guyana beschadigd geraken, zegt Janki.

“Het gaat hier om burgers die hun overheid aansprakelijk houden in het algemeen belang… We komen op voor onszelf, voor ons land en onze planeet.”

Guyana’s ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen en het kabinet van de minister van Justitie hebben niet gereageerd op verzoeken om commentaar.

“Duurzame olie-exploitatie”

Het consortium van ExxonMobil, Hess Corp en het Chinese National Offshore Oil Corp (CNOOC-Nexen), heeft al achttien nieuwe olievondsten gedaan in het blok Stabroek, voor de Guyaanse kust. Dat is een van de grootste oliereserves ter wereld.

Een woordvoerder van ExxonMobil laat weten dat het bedrijf in Guyana “voldoet aan alle toepasselijke wetten bij elke stap van de exploratie-, ontwikkelings- en productiefasen. Bij de beoordeling van elk nieuw project in het land worden “potentiële milieueffecten en mitigaties geschetst.”

De minister van Natuurlijke Hulpbronnen van het land zei in april dat de overheid inzet op de “duurzame exploitatie” van haar olie- en gasvoorraden om “de levens van Guyanezen te verbeteren.”

Naar verwachting zal de olieproductie de komende jaren tientallen miljarden dollars opleveren, middelen die het land broodnodig heeft.

Carroll Muffett, hoofd de Amerikaanse ngo Center for International Environmental Law, zegt dat de rechtszaak “anderen zal helpen die in de regio tegen soortgelijke exploitatie van fossiele brandstoffen vechten. We zien een snelle evolutie in de rechtspraak en de fundamenten van elke zaak worden steeds sterker.”

Doeltreffend instrument

De druk op olie- en gasbedrijven wordt groter nu activisten steeds vaker  naar de rechter stappen om ondernemingen en overheden aansprakelijk te stellen voor de klimaatimpact van hun activiteiten.

De rechtszaken moeten overheden dwingen om steenkool, olie- en gas uit te faseren en investeringen in hernieuwbare energiebronnen op te drijven. Ook scherpere uitstootdoelstellingen in het kader van het klimaatakkoord van Parijs, behoren vaak tot de eisen van de aanklagers.

Vorige week beval een Nederlandse rechtbank oliebedrijf Shell om zijn CO2-uitstoot tegen 2030 met 45 procent terug te dringen ten opzichte van het niveau van 2019. De Nederlands-Britse energiegigant zei tegen de beslissing in beroep te gaan.

Dennis van Berkel, juridisch adviseur bij eiser Urgenda, noemde het vonnis “baanbrekend”. Het toont volgens hem aan dat gerechtelijke stappen een van de “meest doeltreffende instrumenten” blijken om klimaatactie forceren.

“Mensenrechten en grondwettelijke verplichtingen hangen in de eerste plaats nog steeds van de staat af”, zei hij. “Fossiele bedrijven zullen echter merken dat ze er niet mee weg kunnen komen door alleen maar te zeggen: ‘Nou, we doen wat de wet van ons eist’.”

Klimaatzaken wereldwijd focussen steeds meer op de impact op mensenrechten “terwijl investeringen in fossiele brandstoffen steeds meer in vraag worden gesteld”, zegt Sam Hunter Jones, jurist bij milieuorganisatie ClientEarth. “We verwachten dat rechtszaken die over de hele wereld worden aangespannen gebruik zullen maken van deze principes.”

Regelgeving intrekken

Die principes zijn al goed ingeburgerd in Latijns-Amerika. Een groot aantal landen hebben het recht van burgers op een gezonde omgeving en natuur ingeschreven in de grondwet of het wetboek.

Caio Borges leidt het programma klimaatrecht aan het Instituut voor Klimaat en Maatschappij. Hij stelt dat veel Zuid-Amerikaanse landen over “zeer goede wetten en milieubescherming” beschikken. “Maar er gaapt natuurlijk een grote kloof tussen de formele regelgeving en de handhaving van die regels op het terrein.”

Klimaatzaken in Latijns-Amerika worden vaak ingespannen door inheemse volkeren. Ze klagen de staat aan omdat die er niet in slaagt om onder meer het Amazonewoud te beschermen, dat zich uitstrekt over acht landen.

Borges ziet een grote bereidheid bij burgers om druk te zetten op hun overheden om de ontbossing terug te dringen en om klimaatactie op te krikken.

“In Brazilië en andere landen van de Amazone zullen deze rechtszaken vooral draaien om landgebruik”, voorspelt hij. “Ze zullen nagaan in welke mate het behoud van het regenwoud cruciaal is om de klimaatbeloftes te vervullen.”

Eerder al voorspelde Borges dat er meer klimaatzaken zouden komen tegen overheden en bedrijven in grondstofrijke landen zoals Colombia, Peru, Ecuador en Brazilië. Hij voorziet ook dat jeugdige activisten een belangrijke rol zouden spelen.

Regelgeving verzwakken

Tot nog toe waren klimaatzaken in Latijns-Amerika vooral gericht op overheden. Maar er is ook al een rechtszaak van de Peruaan Saul Luciano Lliuya tegen het Duitse nutsbedrijf RWE.

Hij klaagde RWE in 2015 aan vanwege de rol van het bedrijf in de klimaatcrisis. De boer is afkomstig uit de stad Huaraz, onder de smeltende Palcaraju-gletsjer die het water van het meer van Palcacocha doet stijgen.

Lliuya heeft aangevoerd dat de uitstoot van broeikasgassen door de kolengestookte elektriciteitscentrales van RWE gedeeltelijk verantwoordelijk zijn voor het smelten van de gletsjer, waardoor zijn huis dreigt te overstromen.

In sommige Latijns-Amerikaanse landen, met name Brazilië, worden pogingen ondernomen om de milieuregelgeving te verzwakken, zegt Borges.

“Er is nu een regionale campagne aan de gang waarbij zowel staats- als bedrijfsactoren betrokken zijn. Ze lobbyen bij regeringen om de milieubescherming af te bouwen. Daarom zijn veel van die rechtszaken louter gericht op de handhaving van bestaande regels.”

Creative Commons

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!