"Kosovo Refugees" by United Nations Photo is licensed under CC BY-NC-ND 2.0
Interview -

Naima Charkaoui: ‘Open grenzen gaan over gelijkheid en rechtvaardigheid’

‘Opengrenzenactivist!’ Het is een verwijt dat de rechterzijde van het politieke spectrum maar al te graag in een discussie werpt wanneer er vraagtekens worden geplaatst bij het huidige migratiebeleid. Voor Naima Charkaoui is dat verwijt echter een geuzennaam. In haar recentelijk gepubliceerd en lezenswaardige Opengrenzenmanifest (EPO) pleit ze onverhoeds voor open grenzen en toont ze aan dit idee lang niet zo gek is als tegenstanders beweren.

maandag 1 maart 2021 17:03
Spread the love

 

“Maar”, zo benadrukt Charkaoui bij aanvang van dit virtuele interview, “mijn boek heeft niet de ambitie om de grenzen plots open te stellen. Wat ik in de eerste plaats wil doen is een taboe doorbreken, een gesprek mogelijk maken. De notie van open grenzen wordt steeds gebruikt als een verwijt. Hierdoor worden mensen die vraagtekens plaatsen bij het huidige migratiebeleid vaak afgeremd in hun kritiek, of houden ze zich in. Open grenzen worden geassocieerd met beelden van een totale, chaotische overrompeling door migranten. Maar dat is het cliché dat tegenstanders ervan maken. In se gaat het over gelijkheid en rechtvaardigheid. Er is denk ik nog een andere reden waarom spreken over open grenzen een taboe is, uiteindelijk staan we aan de goede kant van de muur om het zo te zeggen. Wij Europeanen zijn diegenen die profiteren van gesloten grenzen. Het levert ons heel wat op. Daardoor is er weinig druk om dat in vraag te trekken. Het zou ons zelf kunnen schaden.”

Als we gaan naar open grenzen dan betekent dat het opgeven van privileges?

“Ja, dat zal op een bepaalde manier wel moeten. Grenzen zijn in wezen een verdelingsvraagstuk. De huidige grenzenpolitiek aanpassen betekent dus ook een herverdeling van de rijkdom en dat zal natuurlijk een effect hebben op diegene die nu het meest profiteren van de huidige grenzenpolitiek. Ik zeg daar meteen bij dat dat geen eenvoudige oefening is. En ik reken mezelf trouwens ook tot de gepriviligieerden, ik bevind me evengoed aan de juiste kant van de muur. Ik sta er niet boven of buiten. Dat betekent dat ik dus ook voor mezelf de vraag dien te stellen wat betekent herverdeling voor mij en hoever kan ik daarin meegaan?”

Ik zal even advocaat van de duivel spelen: grenzen hebben altijd bestaan. Van de Griekse polis tot de Middeleeuwse stad: steeds waren er muren. Geen politieke gemeenschap zonder grens.

“Dat klopt. Maar de manier waarop die grenzen vandaag functioneren is wel nieuw. De enorme administratieve restricties zijn van vrij recente datum. Grenzen zoals we die vandaag kennen, zijn ontstaan in de 19de en 20ste eeuw. Het huidige grenzenbeleid heeft als doel om sociale groepen waartussen een grote mate van ongelijkheid bestaat, apart te houden. Het verdeelt de wereld in plaatsen waar het goed vertoeven is en plaatsen waar dat niet het geval is. Vergelijk het met een gated community. Rijke gedeelten van de wereld sluiten zichzelf af van de rest van de wereld en zorgen ervoor dat zeker arme mensen van buiten de gated community geen toegang krijgen. Het gaat dus om het betonneren van ongelijkheid op een ruimtelijke wijze.”

Je hebt het in het manifest in dat verband ook over een ‘locatiebonus’.

“Ik heb dat begrip niet bedacht, voor alle duidelijkheid. Het idee van locatiebonus wordt wel vaker gebruikt onder economisten om aan te duiden dat de plaats waar je verblijft of ingeschreven bent een voordeel oplevert in de vorm van een sociale en economische voorsprong. Je hebt bijvoorbeeld toegang tot jobs met hogere lonen en je geniet meer sociale rechten dan elders. Aan die locatiebonus heb je op zich geen verdienste. Het hangt in de eerste plaats gewoon af van waar je geboren wordt, en dat is natuurlijk toeval. Je kan trouwens ook evengoed spreken over een locatiemalus. Voor veel mensen is de nationaliteit die ze hebben iets dat hen het hele leven lang structureel achterstelt.”

In hoeverre hangt die locatiebonus niet gewoonweg samen met een klassenpositie?

“Er zit natuurlijk een belangrijke klassendimensie aan. Want ook binnen natiestaten heb je grote ongelijkheden die impact hebben op mobiliteit. Iemand die heel rijk is zal sneller een visum krijgen dan iemand die dat niet is. Maar tegelijk is het ook belangrijk om in te zien dat die notie van een locatiebonus het klassieke begrip klasse overstijgt. Het is iets dat er bovenop gelegd wordt. Daarnaast moet je natuurlijk ook in rekening brengen dat de rijkdom van Westerse landen niet berust op toeval. Het heeft een belangrijke historische dimensie. De Europese rijkdom is het gevolg van imperialisme, van een koloniale geschiedenis, van slavernij. De effecten daarvan werken vandaag nog door. Europa heeft vele eeuwen lang zich kunnen bedienen van goedkope grondstoffen en arbeid en zo een enorme voorsprong weten op te bouwen. ‘Onze’ rijkdom is dus eigenlijk zelfs niet onze rijkdom, het is gestolen rijkdom.”

“Onze gesloten grenzen die rijkdom afschermen zijn deel van onze koloniale erfenis, van een wereld waarin sommigen vrij mochten bewegen om die rijkdom te vergaren, of zeg maar bijeen te plunderen, terwijl het de bedoeling was dat de bevolking van de leeggeplunderde gebieden vooral ter plekke bleef. Die ongelijke mobiliteit was al deel van het koloniale bestel. Als je dat koloniale bestel in vraag wil trekken, moet je ook gaan herbekijken hoe je wil omgaan met grenzen. Dekoloniseren houdt natuurlijk ook in dat je nagaat hoe omgegaan wordt met de levens van mensen van kleur, en hier valt natuurlijk een belangrijk verband te tekken met het grenzenbeleid waarin sommige levens heel duidelijk als veel minder waard worden bestempeld dan andere.”

Racisme dus.

“Absoluut. De onverschilligheid tegenover de slachttoffers, tegenover het lot van mensen van kleur, heeft te maken met racisme. Het idee dat de levens van mensen van kleur minder waard zijn, zindert voortdurend op de achtergrond. Men gaat bijzonder licht over het lijden en het aantal doden dat veroorzaakt wordt door het huidige grenzenbeleid. Dat heeft te maken met een conditionering, met een gewoonte die al eeuwenlang standhoudt om mensen van kleur als minderwaardig te beschouwen. Dat gebeurt zowel op een bewuste als een onbewuste manier.”

Toch zien we op momenten ook golven van solidariteit en morele verontwaardiging ontstaan wanneer Europese mensen geconfronteerd worden met de gruwel aan de buitengrenzen. Maar het probleem lijkt te zijn dat die verontwaardiging heel snel weer vergeten wordt.

“Het heeft voor een stuk te maken met een gevoel van machteloosheid denk ik. We aanschouwen de gruwel, voelen ons er slecht bij maar worden tegelijk gewezen op het feit dat we het niet op onmiddellijke wijze kunnen verhelpen. Dat zorgt er ook voor dat mensen hun hoofd wegdraaien, er niet willen mee geconfronteerd worden. En dat dus ook de solidariteit weer afneemt. Tegelijk treedt er ook gewenning op bij een deel van het publiek vrees ik. Mensen worden bepaalde beelden gewoon, tragedies worden niet langer nieuws. Maar dat neemt niet weg dat volgende generaties zullen zeggen: ‘jullie wisten het’. We zullen geen excuus hebben. Persoonlijk heb ik het daar moeilijk mee, want ik voel me ook medeplichtig aan wat de overheid in mijn naam doet.”

Naima Charkaoui

“Tegelijk wil ik benadrukken dat veel mensen echt wakker liggen van wat er aan onze buitengrenzen gebeurt en van hoe er op onze bodem met migranten wordt omgegaan. Maar die bezorgdheid vindt maar zelden een weg naar het publieke forum. De morele verontwaardiging over het grenzenbeleid blijft te onzichtbaar. Dat heeft te maken met nabijheid. Veel mensen kunnen grenzen nog steeds wegzetten als iets dat ver van hun bed is. Het verklaart volgens mij het gebrek aan een meer massale mobilisatie zoals die je bijvoorbeeld wel zag rond het klimaat.

Is het ook niet omdat het moeilijk is om echt sociale strijd te voeren rond een thema als grenzen? Wie gaat die strijd in naam van wie voeren? En op welke plaats? Met welke middelen?

“Dat is inderdaad een moeilijkheid. Veel van de mensen waarover het gaat, bevinden zich in wat ik noem ‘een schaduwland’. Het schaduwland is de naam die ik geef voor het land of de situatie waarin mensen zonder papieren zich bevinden. Ze hebben nauwelijks toegang tot het publieke debat, kunnen hun stem niet uiten. Maar zelfs als die stem even gehoord wordt, wordt er geen rekening mee gehouden. Naast dat schaduwland van mensen die hier zonder papieren verblijven, heb je de situatie van mensen die nog ‘buiten’ staan, nog niet voorbij de poorten zijn geraakt. Die hebben helemaal geen toegang tot ons publieke forum. Vanuit dat opzicht is mobilisatie een heel groot probleem.

“Ik ben zeker niet diegene die anderen lessen moet gaan leren omtrent hoe ze moeten actie voeren. Vanuit mijn perspectief wil ik vooral benadrukken dat we het belang van een discours niet mogen onderschatten. Je moet de publieke opinie proberen te beïnvloeden. We moeten onze vlag ver genoeg durven planten om het zo te zeggen. Dat is ook een beetje mijn boodschap aan het middenveld vandaag. Door ons steeds te verontschuldigen en te doen alsof we het vooral niet over open grenzen willen hebben, geven we eigenlijk steeds opnieuw terrein prijs. Het is de tegenpartij die aantoont dat het anders kan, dat je de publieke opinie wél in bepaalde richting kan meekrijgen. Kijk maar naar hoe bijvoorbeeld het 70 punten plan en de retoriek van het Vlaams Belang is genormaliseerd.”

Ook langs een uitgesproken liberale zijde van het politieke spectrum horen we vaak een pleidooi voor open grenzen weerklinken. Open grenzen zouden bijvoorbeeld leiden tot ‘economische groei’. In hoeverre sluit jouw oproep om de grenzen te openen aan bij die meer liberale invalshoek?

“Wat ik in de eerste plaats wil aanklagen is de feitelijke inconsequentie. We zijn ervoor dat goederen en kapitaal zonder al te veel beperkingen de wereld mogen rondgaan, maar mensen houden we tegen aan grenzen. Nu goed, wil dat dan zeggen dat we mensen totaal vrij moeten laten, dat er geen enkele vorm van regulatie moet zijn? Zal dat leiden tot wenselijke uitkomsten? Er zijn berekeningen die uitwijzen dat het openen van grenzen zal leiden tot meer economische groei. Maar in dat geval moet je je de vraag stellen of die berekeningen wel accuraat zijn – want het betreft natuurlijk prognoses. Je kan je ook de vraag stellen of economische groei per hetgene is dat je wil nastreven. Ik geloof niet in een onzichtbare hand die ervoor zal zorgen dat alles wel goedkomt.”

“Wat voor mij heel belangrijk is, is de koppeling tussen grenzen en een herverdelingsvraagstuk. Als je niet op dat vlak ingrijpt zullen de winsten van open migratie immers niet gelijk verdeeld worden. Die zullen dan vooral terechtkomen bij diegenen die al rijk zijn. De koppeling aan herverdeling is belangrijk om de groepen die misschien wel op één of andere manier nadelige effecten zullen ondervinden van een ander grenzenbeleid, evenzeer aan boord te houden. Kortom, een sociaal verantwoorde versie van open grenzen, moet aan een heleboel randvoorwaarden voldoen. Open grenzen is niet iets wat je van vandaag op morgen invoert, je moet dat stapsgewijs doen. Enkel zo kan je een zekere sociale rechtvaardigheid garanderen.”

Ik zal nog eens van de advocaat van de duivel spelen. Als we grenzen openen, dan komt de hele wereld naar hier!

Het hele idee dat iedereen per se naar hier wil komen, houdt weinig steek. Het stemt niet overeen met de realiteit. Dat bewijzen de precedenten. In Europa zitten we feitelijk met een soort open grenzen systeem. Ondanks ongelijkheden is het daarbij niet gekomen tot een soort massale, onbeheersbare verhuizing binnen Europa. De meeste mensen willen gewoon blijven waar ze zijn, tenzij er heel dringende redenen zijn om te moeten vertrekken. Veel migratie is sowieso circulair van aard, mensen gaan op en af om te werken, wonen tijdelijk ergens anders en keren dan terug. Het is pas wanneer je grenzen sluit dat mensen niet meer terugkeren naar hun land van herkomst. De verwachting is dus dat open grenzen meer zou leiden tot circulaire migratie. Al voeg ik daar meteen aan toe dat het moeilijk te voorspellen is.”

Zeker omdat we in deze eeuw meer en meer te maken zullen krijgen met een nieuwe factor: klimaatverandering.

“Op dit moment stellen we vast dat klimaatmigratie zich vooral afspeelt binnen landen zelf of binnen regio’s. Het idee dat klimaatvluchtelingen massaal richting Europa trekken, klopt niet. Mensen proberen eerst in een zo nabij mogelijke omgeving hun heil te zoeken. Maar we kunnen wel verwachten dat er inderdaad meer klimaatmigratie zal ontstaan. En ook, het is niet omdat die migratie zich in eerste instantie binnen regio’s afspeelt dat ze daarom geen zorgen moet baren natuurlijk. Voor de mensen in kwestie blijft het een sociale en humanitaire ramp. Klimaatverandering is in de eerste plaats ons probleem, want de uitstoot ligt grotendeels bij de rijke landen. Wij, Europeanen, creëren het en we zijn niet bereid om onze verantwoordelijkheid daarvoor op te nemen, of zelfs de gevolgen onder ogen te zien. We moeten er in de eerste plaats voor zorgen dat mensen niet hoeven te migreren, genoeg investeren in het tegengaan van klimaatverandering. Want, nogmaals, het is niet voor hun plezier dat mensen migreren. Het is vrijwel altijd een negatieve keuze, iets waarvan men weg wil vluchten.”

Interessant vond ik dat je in het manifest ook aangeeft dat open grenzen kunnen bijdragen tot het beter opnemen van een globale verantwoordelijkheid.

“Stel dat je een wereld hebt met open grenzen, en er ontstaat een crisis op een bepaalde plek, dan zullen andere landen geneigd zijn om sneller ter hulp te schieten. Net om plotse migratiegolven te vermijden. Men zal veel meer moeite moeten doen om ervoor te zorgen dat mensen kunnen blijven in het land van herkomst. Open grenzen zouden dus een incentive kunnen zijn voor landen om bijvoorbeeld hun verantwoordelijkheid op te nemen inzake klimaatbeleid.”

Ik sluit af met een obligate coronagerelateerde vraag: welke impact denk je dat corona zal hebben op het grenzenbeleid?

“Heel moeilijk te zeggen. Maar één van de interessante gevolgen van de coronamaatregelen is dat je hier en daar nu verzuchtingen hoort over een gebrek aan migratie. Bepaalde arbeidsplaatsen raken bijvoorbeeld niet meer ingevuld. Gaat die trend zich verderzetten? En zal dat leiden tot een herziening van hoe we naar migratie kijken, naar nieuwe, gereguleerde vormen van arbeidsmigratie? Dat zou interessant zijn.”

Creative Commons

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!