De boerenmars naar Delhi begon in november 2020 en gaat nog steeds door. Foto: Randeep Maddoke/PublicDomain
Fleur Leysen

Liberalisering landbouw fnuikt de Indiase ‘democratie’

Ruim vier maanden al wordt India opgeschud door vreedzame boerenprotesten doorheen het land. Die groeiden snel uit tot ’s werelds grootste opstanden ooit in de geschiedenis. Eind januari 2021 escaleerde de situatie, waarbij boeren en politie recht tegenover mekaar kwamen te staan in de hoofdstad New Delhi. Deze protesten leggen het democratisch deficit van India bloot.

dinsdag 9 februari 2021 14:45
Spread the love

 

Amper een week na de recente escalatie van de politierepressie legde de Indiase regering een internetban op in verschillende regio’s van het land. Journalisten werden gearresteerd, de hoofdstad werd afgesloten als een oorlogsfront en politiegeweld overheerste de protesten. Deze boerenprotesten gaan daarom niet langer enkel over de liberalisering van de landbouw, maar stellen daarmee de hele democratie van India in vraag.

Boeren zijn hart en ziel van India, toch voelen zij zich vaak vergeten door hun regering. De helft van de bevolking leeft van de landbouw, een sector die de voorbije decennia amper het hoofd boven water kon houden. De landbouwsector is inherent instabiel. Oogsten hangen immers af van weersomstandigheden en het Indiase klimaat is er een van buitensporige overstromingen. Bovendien krijgen de boeren het steeds maar lastiger om nog competitieve prijzen voor hun oogsten te verzekeren.

Landbouw mag dan wel het hart van India zijn, de mensen die er deel van uitmaken worden tot wanhoop gedreven. Het aantal boeren dat zelfmoord pleegt in het land is zorgwekkend. Het huidige systeem moet aangepast worden en meer gericht op de noden van de landbouwers. Het neoliberale pad dat de rechtse hindoe-nationalistische regering van eerste minister Narendra Modi voor ogen heeft, is geenszins de oplossing.

‘Liberalisering’ van de landbouw

In september kondigde de regering-Modi drie nieuwe landbouwwetten af. Die houden een privatisering en deregulering van de landbouwsector in, waarmee Modi meent de sector moderner en efficiënter te maken. De wetgeving werd doorgedrukt in het parlement zonder overleg met de landbouwers zelf. Een grote fout, zo bleek. De wetten vielen bij de Indiase boeren immers niet in de smaak, aangezien ze door deze liberalisering van de landbouw belangrijke beschermingsmaatregelen zullen verliezen.

Mars naar Delhi, 26 november 2020. Foto: Randeep Mandokke/Public Domain/CC0

In het huidige systeem valt de landbouwmarkt onder controle van de deelstaten1. De opties voor landbouwers zijn hierbij schaars en maken hen afhankelijk van tussenpersonen die door de overheid aangeworven werden. Toch biedt dit systeem een levensnoodzakelijke garantie: een vastgelegd minimum aan subsidies (MSP), waarbij de boeren een gegarandeerde minimumprijs krijgen voor hun productie. Met de nieuwe wetgeving gebaseerd op de vrijemarkteconomie valt deze garantie weg.

De Indiase landbouwers vrezen dan ook dat deze nieuwe wetgeving hen geen bescherming zal bieden. Hun belangen zullen niet vertegenwoordigd worden in een competitief neoliberaal systeem, waarbij ze in handen vallen van grote privé-bedrijven. De nieuwe wetten komen vooral ten goede aan de agrobedrijven. De kleine boer maakt in een dergelijk systeem geen schijn van kans en ziet zich onderworpen aan de genade van deze bedrijven. Daarom trekken de boeren sinds september massaal de straat op en vechten ze vier maanden later nog steeds voor hun rechten.

Bestorming van het Rode Fort

Enkele gesprekken tussen regering en boerenvakbonden brachten beide partijen tot een patstelling. In december riepen de boeren daarom op tot ‘Dilli Chalo’, de belegering van New Delhi. Hierbij vormden ze als het ware een menselijke blokkade rond de hoofdstad. Op 26 januari, Dag van de Republiek, escaleerden de tot dan grotendeels vreedzame protesten.

De boeren trokken te voet, op hun tractoren of paarden de stad in en bestormden daar het historische Rode Fort. Dit was een zeer weloverwogen actie, een symbolische daad om de reikwijdte van hun protesten aan te tonen. Hiermee wilden ze Modi duidelijk maken dat de protesten – zijn grootste uitdaging tot nu toe – niet zomaar zullen wijken.

Tijdens deze protestactie raakten honderden mensen gewond, zowel agenten als demonstranten. Eén demonstrant liet het leven. De bestorming van het Fort was een keerpunt in de protesten. De regering van Modi ging over tot radicale actie. Haar buitenproportionele reactie toont niet enkel een diepgaande angst voor deze protesten, maar legt ook de fragiele aard van Modi’s democratie bloot. Men kan immers enkele zorgwekkende patronen waarnemen in de manier waarop Modi deze situatie probeert aan te pakken.

Oorlogsfront en politiegeweld

Om verdere protesten in de hoofdstad te vermijden werden de stadsgrenzen rond New Delhi afgezet. Een volledige barricade werd opgebouwd, inclusief prikkeldraad, gigantische ijzeren nagels, geïmproviseerde muren en agressieve milities. Hiermee tracht de regering de protesterende boeren buiten de stad te houden.

Sociale media gonzen van verontwaardiging. Betogers stellen dat deze barricades doen denken aan oorlogstijd, waarbij grenzen op gelijkaardige manier afgegrendeld worden tegen vijandige troepen. “Hoe bang kun je zijn voor je eigen volk dat je dergelijke stappen onderneemt?”, klinkt het verder bij de Indiase bevolking2.

Rakesh Tikait, een van de leiders van de boerenvakbond Bharatiya Kisan Union. Foto: umarkairanvi/CC BY-SA 4:0

Ook de agressieve tussenkomst van de politiekorpsen wekt vragen op. Traangas en waterkanonnen worden massaal ingezet om de boeren terug te dringen. In India worden zowel agenten als boeren reeds decennialang gezien als de steunpillaren voor de opbouw van de natiestaat. Beide partijen zijn nodig om India groots te maken.

Toch worden ze in deze protesten gedwongen tegenover elkaar gezet. De aloude Indiase slogan “Jai Jawan, Jai Kisan” (heil aan de agent, heil aan de boer) gaat niet langer op. Eerste minister Modi heeft ondertussen een historische lijst buitensporig politiegeweld of misbruik op zijn palmares staan.

Zijn gewelddadige aanpak van de Indiase moslimgemeenschappen ligt waarschijnlijk het meest voor de hand. Als rechtse hindoe-nationalistische leider droomt Modi van een zuivere hindoestaat. De secularisering waar de oppositie over predikt, is niet aan hem besteed. Dat moslims volgens hem inferieur zijn aan zijn geliefde hindoes, steekt hij dan ook niet onder stoelen en banken.

Narendra Modi, eerste minister van India. © Fleur Leysen

Geweld tegen deze bevolkingsgroep werd dan niet enkel weggelachen, maar zelfs noodzakelijk geacht door de regering van Modi. Hoogtepunt was de moord op meer dan 1.000 moslims tijdens de Gujarat-rellen in 2002. Modi – toen nog eerste minister van de deelstaat Gujarat – keek gretig weg bij deze brutale slachtpartij.

Zijn rol in de toenmalige rellen blijft controversieel, aangezien hij de politiekorpsen blijkbaar zou hebben opgedragen niet tussenbeide te komen in het sectair geweld door de hindoe-meerderheid. Twaalf jaar later schopte hij het alsnog tot leider van heel India, een fraai begin van een democratische carrière.

Internetban, Modi’s favoriete weerwoord

Bovenop de gemilitariseerde blokkade en de inzet van politiekorpsen werden ook water en elektriciteit tijdelijk afgesloten. Begin februari riep de regering een internetban uit in verschillende delen van de hoofdstad, zogezegd om de publieke veiligheid te waarborgen. In werkelijkheid werden hiermee communicatiekanalen volledig lamgelegd om de stem van het verzet de kop in te drukken, een directe inbreuk op het democratische recht op vreedzaam protest.

Het is niet de eerste keer dat Modi een internetban oplegt. De Indiase regering is momenteel wereldwijd koploper in het stilleggen van het internet. Deze tactiek werd onder meer toegepast tijdens de protesten tegen de Citizenship’s Act in 20193 en in Jammu en Kashmir, nadat Modi daar de soevereiniteit van het gebied opschortte. Het anno 2021 onmisbare internet afsluiten staat haaks op de fundamentele rechten die een democratie toebehoren. Dit soort politiek lijkt dan ook eerder rechtstreeks uit het handboek van autoritaire regimes te komen.

Een van de wegblokkades door de politie rond New Delhi. Foto: Randeep Mandokke/Public Domain/CC0

Om de vrijheid van meningsuiting en persvrijheid nog verder in te perken werden tal van journalisten gearresteerd tijdens de protesten, omdat ze de feiten zogezegd verkeerd zouden weergeven. Journalist Mandeep Punia werd voor langere tijd gearresteerd. Punia deed onderzoek naar een aanval op de protesterende boeren, maar moest dat bekopen met een enkele rit richting gevangenis. Het verdict luidde dat hij de politie in de weg stond en hen zelfs zou hebben aangevallen. Getuigen spraken dit echter oorverdovend tegen.

Ook vooraanstaande leiders van de boerenprotesten en activisten werden belaagd. Human Rights Watch stelt dat we dit kritisch moeten bekijken. Het arresteren van journalisten of activisten draait niet louter om het waarborgen van de openbare veiligheid. Deze arrestaties moeten met een politiek korreltje zout genomen worden. Onder Modi’s regering zijn deze journalisten en activisten niet zomaar kleine relschoppers, dit zijn politieke gevangenen die de status quo van Modi’s India uitdagen.

Journalist Mandeep Punia. Foto: telegraphindia.com

In de deelstaat Bihar gaat de plaatselijke regering nog verder in het inperken van de democratie. Mensen die deelnemen aan de protesten kunnen daar niet langer solliciteren voor een job bij de overheid of een job uitoefenen die van overheidsinstemming afhankelijk is – denk bijvoorbeeld aan het uitbaten van een drankwinkel, waar je een vergunning voor nodig hebt.

De plaatselijke eerste minister, Nitish Kumar, misbruikt hiermee de toekomstperspectieven van zijn bevolking, die vaak al pover zijn, als chantage om de protesten in de kiem te smoren. Dit gaat niet om een documentje van goede zeden dat wordt afgenomen zodra je misstappen begaat. Dit gaat om een protest dat meer dan de helft van de bevolking persoonlijk treft, een protest dat broodnodig is om hun rechten op te eisen.

#StandingWithFarmers tegenover #IndiaAgainstPropaganda

Enkele weken geleden kregen de protesten internationale aandacht toen ook Rihanna en Greta Thunberg zich over de situatie uitspraken. Na de internetban werd hashtag #StandingWithFarmers vlijtig getweet. Het werd snel duidelijk dat de Indiase regering hier niet mee gediend was.

De Indiase overheid drong bij Twitter aan deze tweets te verwijderen en accounts te blokkeren die opriepen tot protesten. Zelf gingen ze, met behulp van enkele Bollywood-sterren en belangrijke sporters, aan de slag met een eigen hashtag #IndiaAgainstPropaganda. Meer dan ‘propaganda tegen India’ is deze internationale steun voor de boerenprotesten volgens hen niet.

Dit bagatelliseren van de protesten, het wegzetten alsof het slechts propaganda is tegen een verenigd democratisch India, is uiterst problematisch. Zeker omdat de regering nog verder gaat in dit discours. Ze beschildert de internationale solidariteit met de protesten niet enkel als propaganda, maar criminaliseert het ook.

Sommige kopstukken in Modi’s partij beschuldigen de betogers ervan zinloos gewelddadig te zijn en enkel en alleen een verdeeld India hopen te creëren. De protesten zouden volgens die versie niet door de boeren zijn gestart, maar door separatistische Khalistani4. Zo probeert de regering de geloofwaardigheid van de boerenprotesten te ondermijnen.

De grootste democratie ter wereld?

India’s democratie stond altijd al op losse schroeven. Toen Modi aan de macht kwam in 2014 werd een proces van de-democratisering begonnen5. Het politiek stelsel mag dan wel nog steeds gegrond zijn op democratische beginselen, in de praktijk heeft Modi hier weinig te bieden.

Internationale solidariteit in New York op 13 november 2020. Foto: Felton Davis/CC BY 2:0

Voor een groot deel van de Indiase bevolking is democratie niet meer dan een illusie. Dit hebben de boerenprotesten nogmaals bewezen. Zolang je binnen de lijntjes van Modi’s radicale, neoliberale regering blijft kleuren, kun je meedingen naar een plek binnen deze ‘democratie’.

Als je echter niet binnen zijn totaalplaatje past of zijn beleid bekritiseert, zal Narendra Modi niet aarzelen autoritaire maatregelen te nemen. Iets met ‘het doel heiligt de middelen’. Als de democratie moet wijken voor Modi’s ideaalbeeld, zo zij het.

Democratie houdt een streven naar politieke gelijkheid en vrijheid voor elke burger in. In India kan men niet spreken over politieke gelijkheid en al zeker niet over vrijheid voor iedereen. Laat daarover eens de Indiase moslims aan het woord of de Dalits6 – die nog steeds gebukt gaan onder hun smadelijke bijnaam ‘de Onaanraakbaren’, de Adivasi7, de bevolking van Kashmir8 en tal van andere minderheidsgroepen. Of luister naar het protest van de boeren, die zich al jaren verwaarloosd voelen in de grootste democratie ter wereld.

Voor deze bevolkingsgroepen is het Indiase beleid niet zo rooskleurig als de regering de wereld voorhoudt. Modi fungeert in een onstabiele democratie als een Indiase doos van Pandora. Hij laat beetje bij beetje zijn autoritaire onheil over de bevolking neerdalen.

 

Notes:

1 Het Indiase landbouwsysteem was tot voor kort gebaseerd op het APMC-systeem, waarbij overheidsregulatie de markt controleerde door middel van mandi’s of kleinschalige markten in de deelstaten.

2 Opmerking in een Facebook-groep die over de protesten bericht.

3 De Citizenship Act houdt in dat vluchtelingen van Afghanistan, Bangladesh en Pakistan die voor het einde van december 2014 naar India kwamen Indiaas burgerschap krijgen. Helaas geldt deze wet enkel voor hindoes, boeddhisten, christenen, Parsi’s, aanhangers van het jaïnisme of sikhs. Moslims uit die landen – die grotendeels uit moslims bestaan – kunnen dit burgerschap niet bekomen.

4 De Khalistani-beweging is een separatistische beweging van Sikhs die een onafhankelijke staat – Khalistan – wilden creëren in Punjab.

5 De-democratisering is het gradueel verminderen van de democratische kwaliteit, meer richting een autocratie.

6 Dalits bevinden zich buiten het kastenstelsel. Hun bijnaam Onaanraakbaren kregen ze doordat het niet is toegestaan hen aan te raken, samen met hen te eten etc. Zij staan volledig buiten de maatschappij, ondanks de meesten onder hen wel degelijk hindoe zijn.

7 Adivasi is een verzamelnaam voor een heterogene groep van etnische minderheden. Adivasi betekent ‘oudste bewoners’, aangezien ze gezien worden als oudste bewoners van het Indisch continent. Ze moeten veel discriminatie en aanvallen van andere groepen ondergaan.

8 Jammu en Kashmir is een betwist stuk land dat zowel onder Pakistaanse, Indiase en Chinese heerschappij valt. De bevolking is grotendeels moslim. Het gebied is de inzet van een jarenlange oorlog tussen India en Pakistan. Voor India is Kashmir voornamelijk een soort paradepaardje om aan te tonen hoe seculier en democratisch India is. De noden en belangen van de plaatselijke bevolking worden door beide partijen genegeerd.

Creative Commons

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!