(foto: Open VLD)
Touria Aziz

Hoe de ‘ravissante Vlaamse krullebol’ terug Marokkaan werd

dinsdag 9 februari 2021 18:16
Spread the love

 

De huidige wereldwijde crisis zet niet alleen onze volksgezondheid en economie onder druk, maar brengt het hele heersende systeem aan het wankelen. De actuele noodsituatie veroorzaakt ook veel civiele onrust, mensen protesteren tegen de onrechtvaardige realiteit die wil dat hun situatie wordt bepaald door zaken als sociale klasse, ras en sekse.

Evenzeer vielen er de afgelopen periode heel wat iconen van hun sokkel, zoals ook onderneemster en politica Sihame El Kaouakibi. Ze kwam in opspraak nadat bestuursleden gehoor gaven aan alarmsignalen van administratieve medewerkers van Let’s Go Urban en haar beschuldigden van wanbeheer.

“België is een fantastisch land. Magisch, realistisch. De hele wereld is jaloers op onze modeontwerpers, wetenschappers, bierbrouwers, voetballers en filmmakers. Alles ligt in ons bereik. Maar we hebben iedereen nodig. ‘t Is tijd voor een All-in economy. Waarbij niemand wordt opzij gezet”. Deze flatterende woorden en warme oproep werden uitgesproken door LGU-directeur Sihame El Kaouakibi en raakten blijkbaar een gevoelige snaar in Vlaanderen.

Kar

Witte politici en media kwamen jarenlang superlatieven tekort om haar kwijlend de hemel in te prijzen. Iedereen wilde de welbespraakte, succesvolle, mooie jonge vrouw koste wat kost voor zijn of haar kar spannen. Ze kwam dan ook met een positieve boodschap, voorbij raciale verdeeldheid, met een focus op wat we voor elkaar kunnen betekenen.

El Kaouakibi is fundamenteel en ondubbelzinnig vriendelijk voor de witte racistische structuren. Zelden heeft ze haar witte toehoorders een slecht gevoel gegeven over zichzelf. Nooit stelde ze hen moeilijke vragen over hun aandeel in het systeem dat hen bevoorrecht. Haar witte fans mochten te allen tijde hun valse droom blijven koesteren. Die illusie wil dat de zonden van het westen in het verleden liggen en dat raciale en sociale gelijkheid mogelijk is, zolang iedereen maar met beide handen de kansen grijpt die worden geboden.

El Kaouakibi zei het al in 2012 tijdens één van haar eerste grote interviews: “Jongeren moeten hun verantwoordelijkheid opnemen en hun falen niet aan iemand anders of aan het systeem verwijten, maar aan zichzelf. Stigmatisering heeft altijd meerdere voedingsbodems. Wie de handen niet uit de mouwen steekt, moet niet verbaasd opkijken als ze hem een profiteur noemen. En wie wel de handen uit de mouwen steekt, en toch een profiteur genoemd wordt, moet voor zichzelf opkomen, tonen wat hij waard is.” Het is een kopie van het discours van N-VA. Ze kon ook niets anders zeggen – mocht ze dat al willen – een ander discours zou haar branding in gevaar brengen en haar onbruikbaar maken voor de elite die in haar buurt vertoeft.

Buzzwoorden

Toen ze haar diploma behaalde voelde de onderwijzeres zich naar eigen zeggen niet klaar om voor de klas te gaan staan, maar met haar discours over de eigen verantwoordelijkheid van onderdrukten en haar ondernemersmentaliteit met bijpassende buzzwoorden uit de bedrijfstaal, slaagde ze er wel snel in om een kwistige geldstroom aan subsidies, maar ook aan sponsoring vanuit het zakenleven, naar haar toentertijd kleine naschoolse project Let’s Go Urban toe te zuigen en dat in een periode waar het klassieke jeugdwerk juist massaal gekortwiekt werd. Blijkbaar hoefde ze niet eens veel verantwoording over al dat geld af te leggen, wat wel uitzonderlijk is als je werkt met sociaal-culturele subsidies, maar toch ook niet voor het eerst gebeurt.

De grootste ondernemers van het land stonden met cheques te zwaaien en zelfs N-VA-bestuurders keken op geen euro overheidsgeld. Om hun voorrechten te behouden hebben onze racistische machthebbers nu eenmaal ‘tokens’ zoals El Kaouakibi nodig, mensen van kleur waarmee ze de schijn kunnen kopen dat ze niet-racistisch zijn en ook nog eens iets willen doen aan maatschappelijke ongelijkheid. Bovendien maken witte machthebbers graag gebruik van bruine en zwarte mensen als mondstuk of schild tegen andere mensen van kleur. Dat het allemaal ‘hun’ eigen schuld is omdat ze de handen niet uit de mouwen steken, is een boodschap die dubbel zo krachtig is als ‘één van hen’ het nu zelf ook al zegt.

Kritiek

Van in het begin klonk er nochtans kritiek op LGU vanwege gebruikers, partners en andere structuren uit het maatschappelijke middenveld, in het bijzonder van organisaties die gespecialiseerd zijn in het werken met kansarme jongeren en van bruine en zwarte mensen. En al heel snel kwamen er ook berichten over wanbeheer naar boven, maar dit belette politici en bedrijven niet om haar onvoorwaardelijk te blijven steunen.

Op het kabinet-Jambon klinkt het nu dat ze hen geen sjoemelaar leek. “Ze wou de jongeren niet pamperen, niet in hun zieligheid laten, maar echt empoweren.” Wat daarbij enorm opvalt, is dat het hierbij nooit gaat over de inhoud. Met één oogopslag is nochtans te zien dat de organisatie amper de doelgroep van kansarme jongeren bereikt waarvoor de middelen in de eerste plaats bedoeld zijn.

Dat El Kaouakibi zich zo makkelijk kon profileren op het thema kansarmoede heeft met een hardnekkig én racistisch misverstand te maken. Hoewel mensen van kleur en hun sociale en politieke organisaties een integraal onderdeel van een steeds pluriformere westerse samenleving zijn, betreft het geen monolithisch blok. Onze hele samenleving bestaat ​​uit een reeks posities en lagen die hiërarchisch zijn gerangschikt volgens een ongelijke verdeling van macht, rijkdom, privileges en prestige.

Deze lagen bestaan ​​uit groepen mensen met een vergelijkbare status en dezelfde omstandigheden en perspectieven op het bestaan. Die verschillen worden vaak over het hoofd gezien als het gaat over mensen van kleur, maar ze zijn een empirische realiteit die niet zal verdwijnen door ze te ontkennen. Die uiteenlopende realiteiten zijn ook bepalend voor de belangen van groepen mensen, die ondanks het delen van eenzelfde kleur, zelfs ronduit tegengesteld kunnen zijn. Een niet te onderschatten groep binnen de Belgen met buitenlandse roots, maakt deel uit van een middenklasse die net zoals El Kaouakibi, een diep geloof heeft in de vermeende weldaden van het westerse kapitalisme.

Voor hen weegt het opbouwen van rijkdom veel zwaarder dan sociale verantwoordelijkheid. Hun toewijding aan de definitie van succes van hun onderdrukker, zorgt ervoor dat zij op hun beurt mede-onderdrukkers worden van de arbeidersklassen en arme mensen van kleur. Net als veel witte mensen zijn ook zij blind voor de sociale stratificatie waarvan ze profiteren.

Het formuleren van kritiek is voor bruine en zwarte mensen omwille van een vaak zwakkere maatschappelijke positie, nooit makkelijk. Meestal komt het als een boemerang terug en soms betekent het zelfs een ‘sociale zelfmoord’. En kritiek op het werk van mensen die ook het slachtoffer zijn van racisme en tokenisme is zelfs nog moeilijker. Al te vaak wordt het uit de weg gegaan en dat is jammer, want zonder kritiek en zonder verduidelijking van onze waarden, visie en strategieën, … is een sterke en gemeenschappelijke strijd niet mogelijk.

Creative Commons

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!