Bron: Pixabay
Opinie - Birthe Luyten

Zorg is geen bodemloze put

donderdag 23 april 2020 10:25
Spread the love

 

Alsmaar meer ouderen hebben op latere leeftijd zorg nodig, en ook de zorgnood per oudere stijgt. Het is niet langer vanzelfsprekend dat kinderen de zorg voor hun ouders opnemen zoals vroeger gebeurde. Sowieso kost zorg geld. Dat is zo wanneer ouderen thuis blijven wonen en geholpen worden door een thuisverpleegkundige of wanneer dat geen optie is en ze, vaak uit noodzaak, verhuizen naar een woonzorgcentrum.

Voor ouderen is dat een ingrijpende gebeurtenis. Ze laten alles achter wat ze hebben opgebouwd: hun huis, hun buurt, sociale relaties … Ze hebben daar zonder uitzondering veel vragen over, maar de voornaamste vraag blijft: hoe ga ik dit betalen? Een woonzorgcentrum kost gemiddeld 1.800 euro per maand. Het gemiddelde pensioen ligt op 1.300 euro en volstaat dus niet om een verblijf te betalen. Ouderen moeten hun spaargeld aanspreken, en niet zelden gebeurt het dat ze hun huis moeten verkopen om de factuur van het woonzorgcentrum te betalen.

Maar krijgen ze waar voor hun geld? Veel woonzorgcentra kampen met personeelstekort, waardoor de zorg ondermaats is. We kunnen dat ontkennen, maar de realiteit liegt niet. De werkdruk ligt enorm hoog. Vaak kunnen zieke collega’s niet vervangen worden. Valt iemand uit, dan moeten de anderen een tandje bijsteken. Waardoor zij op hun beurt eronderdoor gaan.

Het aantal burn-outs ligt hoog. Een reden daarvoor is dat veel verzorgers vinden dat ze niet op een goede manier zorg kunnen bieden. Tijd voor een gewone, menselijke babbel is er niet. Daar is nochtans nood aan, zowel bij de oudere als bij het personeel zelf. Nu het coronavirus woedt, voelen we aan dat tijd hebben extra belangrijk is. Onze bewoners hebben momenteel enkel virtueel contact met hun familie en vrienden. Voor hun sociale behoeftes vallen ze volledig terug op het personeel van het woonzorgcentrum.

Dat we geen tijd hebben, is terug te voeren op een gebrek aan personeel en dat ligt aan een gebrek aan geld. Hoe kunnen we ervoor zorgen dat een opname in een woonzorgcentrum aangenamer verloopt? De factuur naar beneden halen is een belangrijke eerste stap. Het pensioen zou moeten volstaan, dat zou erg veel stress wegnemen bij de oudere bevolking, zowel bij de mensen die al in een woonzorgcentrum moeten wonen, als zij die vermoeden (vrezen?) er te belanden.

Uiteraard is dit op papier makkelijker dan in de praktijk. De overheid kan meer geld vrijmaken voor de zorg, maar het kan niet zijn dat andere sectoren daar dan de tol voor moeten betalen. En op hogere belastingen zit ook niemand te wachten. Waar vinden we ruimte in het budget? We kunnen inzetten op vrijwilligerswerk door jongeren, eventueel zelfs verwerkt in het lessenpakket van de middelbare school. Laat ze logistieke taken doen, de verpleging ondersteunen of gewoon een babbel maken met bewoners van het woonzorgcentrum. Het zou de jeugd een ander, juister beeld geven over ouderen en ouderenzorg. De aandeelhouders van de woonzorgcentra kunnen hun winstdeel inperken. Het vrijgekomen budget kan dan in extra personeel, bewoners en het woonzorgcentrum geïnvesteerd worden. Laat ons de buurt rondom het woonzorgcentrum betrekken, door buurtbewoners in te zetten in de dagelijkse werking. Vrijwilligers kunnen nuttig werk verrichten en zichzelf zo ook verder ontwikkelen. 

Wat ook een mooi symbool zou zijn, al maakt het budgettair wellicht weinig verschil, is dat politici zelf een inspanning doen. Ministers in Nieuw-Zeeland leveren 20 procent van hun loon in om de zorgsector te steunen. Dat is een krachtig statement. Ook de Belgische PVDA kondigde aan dat men een deel van de politieke lonen zal afstaan aan de zorgsector. Van politici die zelf inspanningen leveren, mag je hopen dat ze beleid zullen uittekenen waar de zorg de aandacht krijgt die ze verdient.

Zorg is geen bodemloze put, investeringen leveren rendement op. Investeren in personeel verlaagt de werkdruk. Het aantal burn-outs zal verminderen, wat de werkingskosten van de woonzorgcentra doet dalen. Maar vooral: de levenskwaliteit van de bewoner zal spectaculair verbeteren. Wanneer het personeel er de tijd voor krijgt, zullen bewoners zich minder eenzaam voelen. En wie wil er nu eenzaam zijn op zijn oude dag?

 

Birthe Luyten is verpleegkundige in het wzc Orelia Keiheuvel, te Balen en studente ouderencoaching aan de Thomas More in Geel. Ze schrijft uit eigen naam.

Creative Commons

take down
the paywall
steun ons nu!