Bron: Lumumba wordt door Mobutu's soldaten vastgebonden. Foto: Screenshot YouTube
Opinie -

Wanneer Etienne Davignon de geschiedenis van Congo herschrijft

Etienne Davignon heeft zijn memoires gepubliceerd en stond daarover een interview toe aan de krant Le Soir. Hij maakt van die gelegenheid gebruik om de geschiedenis van Congo te herschrijven. Ludo De Witte kon het daar uiteraard niet bij laten. De auteur van 'De moord op Lumumba' komt terug op de rol van België en Davignon in de uitschakeling van de eerste Congolese Eerste Minister.

maandag 20 april 2020 15:59
Spread the love

 

Bij het verschijnen van zijn memoires heeft Etienne Davignon de kans niet gemist om voor de zoveelste maal de rol van België weg te moffelen in de vernietiging van de eerste democratisch verkozen Congolese regering en in de eliminatie van Patrice Lumumba, de allereerste eerste minister.

In een interview met Le Soir op 5 maart 2020 beweert Davignon dat de Congolese crisis begonnen is met een revolte van de Congolese soldaten “niet tegen de Belgen, maar tegen Lumumba”. Dat is fout.

Die revolte was al begonnen enkele dagen voor de onafhankelijkheid in juli 1960, nadat de opperbevelhebber van het Congolese leger, Belgisch generaal Janssens, had verklaard tot de soldaten dat de onafhankelijkheid voor hen niets ging veranderen. Dat betekende dat er op korte termijn geen sprake zou zijn van promoties van zwarte mensen naar officiersfuncties. Dat was essentieel voor België.

De Belgische regering had het koloniale leger overgedragen. Dat leger werd geleid door Belgische officieren, allen overtuigde kolonialisten opgeleid in de traditie van eer aan koning Leopold II, ‘oprichter’ van Congo. In degelijke apartheidstraditie waren alle soldaten zwart, alle officieren wit. De Belgische regering wilde het Congolese leger onder leiding van officieren, loyaal aan België en de monarchie, inzetten als een instrument om de Congolese regering ‘in de hand’ te houden.

Eerste minister Lumumba had ter voorbereiding van de onafhankelijkheid reeds maanden een afrikanisering van het leger gevraagd. Hij zag de revolte van de soldaten als een sociale beweging, met redelijke eisen. Hij besliste daarom om het leger zelf te afrikaniseren en ontsloeg generaal Janssens.

Hij nodigde de soldaten uit een selectie te maken van de Belgische officieren: zij die te reactionair werden bevonden, werden teruggestuurd naar België. Zo brak Lumumba de ruggengraat van het ten gronde nog steeds koloniale leger, wat de reactie van België heeft uitgelokt: zonder controle-instrument over Lumumba besliste Brussel deze weerbarstige nationalist te elimineren.

Een Belgische militaire interventie en de afscheiding van Katanga (dat 70 procent van alle inkomsten van de Congolese staat vertegenwoordigde) werd georganiseerd door Belgische militairen en ambtenaren. Dit moest de val van de Congolese regering veroorzaken, die te nationalistisch werd bevonden en veel te gefocust op echte dekolonisatie.

Volgens Davignon hebben de Belgen niets gedaan om president Kasavubu er toe te brengen eerste minister Lumumba af te zetten. Echt? In zijn mémoires schrijft Belgisch eerste minister Gaston Eyskens: “Op 18 augustus heb ik Jef Van Bilsen, juridisch adviseur bij Kasavubu, een vertrouwelijke opdracht toevertrouwd. Ik liet hem verstaan dat hij Lumumba aan de deur moest zetten.”

Enige tijd later namen medewerkers van minister van Buitenlandse Zaken Pierre Wigny contact met Georges Denis, een adviseur van Kasavubu. Het onderwerp van hun gesprekken was volgens een telex verzonden naar Brussel: “de omverwerping van de regering volgens onze wensen.” Deze telex werd verzonden naar Brussel door … Etienne Davignon, vertegenwoordiger ter plaatse van minister Wigny (telex ‘davwe’ Belsulat Brazza à Belext Bruxelles, 3/9/60, Archives Affaires Etrangères).

Trouwens, de afzetting van Lumumba door president Kasavubu was ongrondwettelijk. De Congolese Grondwet was een kopie van de Belgische Grondwet, met een ‘onverantwoordelijk’ staatshoofd. De koning in België, de president in Congo. De Congolese Grondwet gaf niet aan de president maar aan het parlement het recht om een minister of een regering af te zetten. In het Congolese parlement steunde een grote meerderheid de regering van Lumumba. Dit heeft de staatsgreep door Mobutu uitgelokt. Hij is de president ter hulp gekomen door het parlement te sluiten. Lumumba werd onder huisarrest geplaatst.

Lumumba kon ontsnappen uit zijn bewaakte woning. Toen hij zijn volgelingen in het oosten van Congo poogde te vervoegen werd hij gevat door de soldaten van Mobutu en opgesloten in een gevangenis onder controle van elitetroepen. Lumumba werd echter nog meer populair en de soldaten eisten zijn vrijlating. Daarop sloeg de paniek toe in Brussel, Londen en Washington.

Op 17 januari 1961 werd Lumumba overgevlogen naar Katanga, op dat ogenblik nog altijd afgescheiden. Tijdens de vlucht werden hij en zijn kompanen Mpolo en Okiti zwaar mishandeld door Congolese soldaten. Eenmaal op Katangese bodem ondergingen de drie nog een gruwelijke nachtmerrie van 4 uur folteringen voor ze gefusilleerd werden.

Volgens Davignon zijn het de “Congolezen” die hen naar Katanga hebben gestuurd. Pardon? Deze overbrenging werd georganiseerd nadat minister van Afrikaanse Zaken Harold d’Aspremont Lynden een boodschap had verzonden naar de Katangezen, waarin hij uitlegde dat hij de transfer van Lumumba naar Katanga wenste (boodschap van 16 januari).

De Katangezen wilden het vergiftigde cadeau Lumumba aanvaarden. De ‘wens’ van de minister was voor hen echter een bevel … De transfer werd uitgevoerd met een Belgisch vliegtuig en een Belgische bemanning en ter plaatse waren het Belgische officieren die de drie nationalistische leiders “ontvingen” om 17 uur.

Vervolgens hebben ze de folteringen en uiteindelijk de eliminatie van de drie gevangenen gesuperviseerd, rond 22 uur ‘s avonds. Diezelfde dag nog van 17 januari heeft een zekere Etienne Davignon, werkzaam in het kabinet van minister van Buitenlandse Zaken Wigny, een telex verzonden naar de Katangezen, waarin de transfer van Lumumba werd goedgekeurd – een bijkomende geruststelling voor zij die “een pakket” gingen ontvangen uit Leopoldstad (Kinshasa).

Toen de dood van Lumumba werd aangekondigd enkele weken later, gaf L’Echo de la Bourse, op dat ogenblik de grootste krant van de Belgische hoofdstad, de heersende sfeer in Brussel het best weer, toen het de eliminatie van Lumumba vergeleek met een noodzakelijke chirurgische ingreep: “Het bestaan zelf van Lumumba was een abces dat Congo reeds had geïnfecteerd en dat dreigde het land nog verder te besmetten”. De krant voegde er met een openlijke aanval nog aan toe: “Het valt ons zwaar droevig te zijn … zonder schijnheilig te zijn” (14 februari 1961).

Etienne Davignon, grijze eminentie van de Belgische bourgeoisie, was of is op 87-jarige leeftijd nog steeds voorzitter of lid van de raad van bestuur van de volgende bedrijven: Anglo American Mining, Gilead Sciences, ICI, Pechiney, Foamex, Kissinger Associates, Fiat, Suez, BASF, Solvay, Sofina, Recticel, CMB, Cumerio, Brussels Airlines, BIAC, Petrofina, Bozar …

De titel burggraaf erfde hij van zijn vader en in 2017 benoemde de koning hem tot graaf. Het hoeft dus niet te verbazen dat deze man de belangen verdedigt van zijn sociale klasse en van zijn eigen persoon, door zijn verpletterende verantwoordelijkheid te ontkennen voor een misdaad die uiteindelijk heeft geleid tot de dictatuur van Mobutu en een dertig jaar lang verwoestend regime voor Congo.

 

Note:

Dit is de vertaling van Quand Étienne Davignon refait l’histoire du Congo dat oorspronkelijk op 10 april verscheen op Investig’action.

Creative Commons

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!