Interview - Delphine Dehairs

Jason (17): ‘Ik ben opgegroeid in een kraakpand’

Opgroeien in een kraakpand, ouders die drugsverslaafd zijn, bedreigd worden met wapens en elke dag zoeken naar voedsel. Zo zag de jeugd eruit van de nu zeventienjarige Jason. ‘Ik heb veel vrienden verloren omdat ze zagen dat ik er onverzorgd uitzag of weinig kleren had.’ Ondertussen heeft zijn leven een positieve wending genomen. ‘Alles is beter beginnen gaan, toen ik op twaalfjarige leeftijd hulp ben gaan zoeken. Ik werk veel en zie nu wél een toekomst.’

vrijdag 17 april 2020 23:57
Spread the love

 

De zeventienjarige Jason heeft als kind enorm afgezien en moet terugkijken op een slechte jeugd. ‘Ik ben opgegroeid in een kraakpand met mijn moeder. Ik heb daar enorm veel gezien. Er leefden verschillende mensen samen in armoede. Zo waren er drugsgebruikers, alcoholverslaafden, mensen met wapens … Daar is het allemaal begonnen’, vertelt Jason. 

Zelf herinnert hij zich niet meer alles van vroeger. ‘Als vijfjarige besef je niet wat er allemaal gebeurt. Ondertussen heb ik wel enkele verhalen gehoord van vroeger. Zo liet mijn moeder mij altijd eerst eten en at zij pas wanneer er restjes waren’, getuigt Jason. ‘Vanaf de leeftijd van zes jaar, begon ik in te zien dat onze situatie niet normaal was.’ Dingen die hij niet kon doen, zag hij zijn vrienden wel doen. ‘Mijn vrienden hadden een warm thuis en konden met hun ouders op vakantie gaan. Ik, daarentegen, leefde in een kraakpand.’ 

Armoede is voor hem leven in één grote chaos. ‘Je bent 24/7 aan het nadenken hoe je iets gaat verwezenlijken. Kan je eten betalen of kan je het niet? Ga je eten vragen of ga je het stelen?’, aldus Jason. Als jongere besef je natuurlijk niet hoeveel eten en andere zaken kosten. ‘Zo vroeg ik regelmatig een Bueno aan mijn moeder, zonder te beseffen dat het voor ons te duur was.’

Jasons moeder wou hun moeilijke situatie zoveel mogelijk verbergen. Haar zoon mocht geen ondersteuning gaan zoeken, want daar geloofde ze niet in. ‘Ik wou hulp gaan zoeken, maar mijn moeder kende te veel schaamte. Zelfs de familie wist er niks van. Als ik iets wou zeggen, sloot ze me op’, vertelt Jason. Zijn grootmoeder heeft hem uiteindelijk proberen te helpen, maar ook daar was zijn moeder tegen. ‘Mijn oma wou dat ik bij haar ging wonen, maar dat mocht ik niet van mijn mama. Ze vond dat oma zich niet te moeien had en het haar problemen niet waren.’

Tattoo

Toch vond hij mentale steun bij zijn grootmoeder, ook al was zijn moeder daar tegen. Zo heeft Jason enkele tattoos die hij niet zomaar heeft laten zetten. ‘Deze tattoo gaat over mijn oma. Ze is op 6 maart overleden. Zij was de enige die me begreep en steunde me in elke stap die ik zette. Ik ben ooit begonnen met wiet en was een tijdje verslaafd aan alcohol. Ze keurde het absoluut niet goed, maar ze begreep me wel en gaf me tips om het niet te doen. Elke weg die ik ook ga, ze zal me altijd blijven volgen. Vandaar ook een kompas’, legt Jason uit. Daarnaast heeft hij ook nog een tattoo van muzieknoten omdat hij gitaar speelt en zingt.

‘Deze tattoo gaat over mijn oma’ — Jason

Drugsverslaving 

De ouders van Jason zijn beiden drugsverslaafd. Met zijn vader heeft hij nooit veel contact gehad en ook met zijn moeder is het contact nu erg verwaterd. ‘Af en toe heb ik nog contact met mijn ouders, maar ik ben enorm tegen het drugsgebruik. Hoe meer drugs ze zullen gebruiken, hoe minder ik ook naar hen zal gaan’, vertelt Jason. Hij heeft zelf ooit één keer drugs geprobeerd, maar dat was een negatieve ervaring. ‘Vroeger moest ik soms babysitten en het geld dat ik verdiende aan mijn ouders geven. Mijn moeder had ruzie met een vriendin waar ik ging babysitten. Zo zijn er op een dag twee mannen binnengevallen met een geweer en zwaarden. Ik moest een lijntje coke snuiven van hen’, vertelt Jason. ‘Dat heb ik toen op elfjarige leeftijd gedaan en sindsdien doe ik het nooit meer. Ik ben wakker geworden in het ziekenhuis en verder weet ik er niets meer van.’

Na die opname in het ziekenhuis is hij er verschillende keren op onderzoek geweest. ‘Ze hebben allerlei diagnoses gesteld bij mij. Eerst stelden ze autisme vast, daarna onveilige hechtenis en uiteindelijk beweerden ze toch dat het autisme was. De dokters wisten het zelf gewoon niet’, zegt Jason.  

Zijn ouders waren zich van geen kwaad bewust. Normaal zijn je mama en papa een schouder om op te steunen, maar dat is bij Jason niet het geval. ‘Ik wou dat ik een normale moeder en vader had, waar ik op kon terugvallen. Zij zouden dat wel willen, maar ik hou de boot af. Ik ben zelf goed bezig op dit moment en wil dat niet laten verpesten door hun. Ik weet toch dat ze hervallen’, aldus Jason. ‘Elke keer als ik mijn moeder zie, zeg ik: ‘Je zal nooit een moeder zijn voor mij, maar wel een kennis’.’

Toekomst

Jason is op twaalfjarige leeftijd bij een consulente terecht gekomen. ‘Ik volgde mijn moeders slechte voorbeeld. Zo had ik iets gestolen waardoor ik in aanraking gekomen ben met de politie. Hierna moest ik naar de jeugdrechter en daar heb ik voor het eerst ook toegegeven dat onze situatie niet meer leefbaar was. Uiteindelijk heb ik een consulente toegewezen gekregen’, legt Jason uit. 

Sindsdien is zijn situatie erg verbeterd. ‘Mijn consulente heeft me eerst op internaat gezet bij De Zandberg in Hasselt. Dat is het internaat van de hotelschool. Hierna ben ik bij Elkeen Hasselt terechtgekomen’, zegt Jason. Elkeen is een vzw die jongeren en gezinnen intensief begeleidt. Ze worden doorverwezen naar die organisatie via hulpverleners/diensten of de sociale dienst van de Jeugdrechtbank.

‘Nu woon ik nog steeds in De Wiekslag in Alken’, aldus Jason. De Wiekslag vzw in Alken is een organisatie voor bijzondere jeugdzorg. Zij bieden begeleiding aan gezinnen en hebben verschillende leefgroepen waar jongeren terecht kunnen. 

‘Wij doen traject- en leefgroep begeleiding. Hier zitten nu momenteel een tiental jongens. We kijken specifiek naar welk traject het beste is voor elke jongen. Sommigen hebben meer psychologische ondersteuning nodig dan anderen’, vertelt Yenthe, begeleider bij De Wiekslag in Alken. ‘Daarnaast doen wij ook nog contextbegeleiding. Dat houdt in dat we gaan werken naar de jongere zijn netwerk. Bijvoorbeeld de ouders, grootouders, tantes, nonkels etc. We komen echt in contact met de familie.’

‘We doen de was en de plas, koken voor hen, eten samen etc. We zorgen ervoor dat het echt een thuis is voor de jongens. We proberen een familiegevoel te creëren en hen de liefde te geven die ze thuis niet krijgen’, vertelt Jill Vlaeyen, begeleidster in De Wiekslag.

Dankzij de goede begeleiding van de Wiekslag gaat het op dit moment veel beter met Jason. ‘Ik werk bij Wiric, de gehandicaptenzorg en ben ook jongerenbegeleider bij Arktos vzw en vzw Habbekrats. Daarnaast volg ik een opleiding bij de politieschool’, vertelt Jason. ‘Ik heb veel stappen kunnen zetten dankzij mijn begeleiders. Ik heb positieve vooruitzichten en zie nu wél een toekomst.’

Regels

Bij de leefgroep in De Wiekslag zijn strenge regels waar de jongeren zich aan moeten houden. ‘Dat was in het begin heel moeilijk voor mij, omdat ik nooit regels heb gekend. Ik kon weggaan wanneer ik wou en doen wat ik wou. De Wiekslag heeft me hierin echt geholpen. Ze hebben me ook geleerd hoe ik afspraken moet maken met de dokter bijvoorbeeld. Ik ben daardoor heel zelfstandig geworden’, aldus Jason. ‘We moeten zelf naar de winkel gaan, onze eigen was doen … De begeleiders werken heel toekomstgericht.’

Ook hanteert De Wiekslag een streng drugsbeleid, want het drugsgebruik blijft nog steeds een groot probleem binnen de leefgroepen. ‘Er wordt vooral cannabis gebruikt onder de jongeren. We accepteren drugs absoluut niet. We houden daarom regelmatig drugstesten. Als een jongere positief is, krijgt die geen vrije tijd, mag die enkel weg onder begeleiding, krijgt die geen cash geld mee etc.’, vertelt begeleider Yenthe. ‘Zo is er vrij recent iemand buiten gegooid omdat zijn drugsgebruik niet verminderde. Dat kan natuurlijk niet zomaar, hij was dan ook al achttien. We blijven hem wel verder opvolgen en zetten hem niet zomaar op straat.’ 

Cannabis is de meest gebruikte illegale substantie in ons land, gevolgd door cocaïne, heroïne en amfetamines. In België heeft 34% van de personen die momenteel tussen 15 en 64 jaar zijn, in de loop van zijn leven al cannabis gebruikt. De gemiddelde leeftijd van het eerste drugsgebruik is 18 jaar en 5 maanden. Dat blijkt uit het Belgische drugsrapport van The European Monitoring Centre for Drugs and Drug addiction.

Mark werkt op een gesloten afdeling met alcohol- en drugsverslaafden in een psychiatrisch ziekenhuis in Limburg. ‘We zien dat de leeftijd van mensen die worden opgenomen is gedaald. Waar men vroeger 30 jaar was, is men nu een prille twintiger.’ Er geldt een streng drugsbeleid binnen de gesloten afdeling. ‘Iemand die drugs binnenbrengt, brengt de veiligheid van andere patiënten in gevaar. Meestal wordt die persoon dan ook buitengezet.’

Binnen de leefgroepen zitten jongeren met verschillende problematieken zoals autisme, ADHD, psychoses, agressie etc. ‘Het is niet altijd makkelijk om goede zorg te bieden op maat. De ene jongere heeft bijvoorbeeld een IQ van 67 en de andere is dan weer extreem slim. De ene persoon kan elke dag naar school en de andere kan dat mentaal niet aan. We moeten elke tiener apart begeleiden en dat zorgt af en toe voor discussies’, vertelt begeleidster Jill. Elke begeleider zorgt voor ongeveer drie jongeren. Zo kunnen ze echt één-op-één met een jongere werken. Daarnaast doet ook elke begeleider minstens één contextbegeleiding. 

Bij De Wiekslag werken ze heel toekomstgericht. Ze helpen je met het opmaken van een cv en zoeken samen met jou naar een job. ‘Tijdens sollicitatiegesprekken zagen ze dat ik een toffe kerel ben. Bij elke job ben ik begonnen met een proefweek zonder loon. Zo kon ik bewijzen dat ik kan werken. Ik heb mijn middelbare school nooit afgemaakt, maar dat heeft me nooit parten gespeeld. Wanneer ze zagen wie ik was en wat ik in me had, hebben ze me meestal wel een kans gegeven’, vertelt Jason fier.

Binnen enkele maanden is Jason achttien en wil hij alleen gaan wonen. ‘Ik heb een kamp meegedaan met Youth at Risk en zij gaan nu een project starten, namelijk YAR-wonen. Ze zullen me helpen om een woonst te vinden en daarnaast ook verder begeleiden met mijn doelstellingen, mijn financiën etc.’, zegt Jason. In principe kunnen de jongeren tot hun 25ste verblijven in De Wiekslag. Er moet echter wel een goede reden zijn. Is die er niet, dan moeten ze plaats maken voor andere jongeren die de hulp meer nodig hebben.

Jongerenbegeleiding

Jason wil zijn moeilijke jeugd omdraaien in iets positiefs. ‘Ik heb veel meegemaakt, maar dat is nu voorbij. Het is zoals het is en ik kan er toch niets meer aan veranderen. Ik wil mijn situatie van vroeger gebruiken om anderen te helpen. Ik kan nu andere jongeren begeleiden omdat ik me kan plaatsen in hun verhaal. Ik weet wat ze allemaal doorstaan’, vertelt Jason. 

‘Ik heb veel vrienden verloren omdat ze zagen dat ik er onverzorgd uitzag of weinig kleren had. Dat deed echt pijn’, legt Jason uit. Nu hij zelf jongerenbegeleider is, probeert hij hen daar op een verstandige manier mee te laten omgaan. ‘Armoede is iets heel complex. Ik hoor jongeren vaak zeggen dat ze vroeger arm waren, omdat ze een duur T-shirt niet kregen. Dat is geen armoede. Je hebt kinderen die geen dak boven hun hoofd hebben. Dat is pas armoede. Niet omdat je geen T-shirt van Tommy Hilfiger kreeg. Je moet het in perspectief zien.’

Hij wil zijn jongeren leren om zoveel mogelijk hun hart te luchten. ‘Je moet praten en hulp zoeken, ook al zeggen je ouders dat het niet helpt. Jongeren durven vaak niet om hulp te vragen omdat ze beschaamd zijn. Toen ik om hulp vroeg, heb ik dat onmiddellijk gekregen en dat was de beste zet in mijn leven. Je hebt andere mensen nodig om uit je problemen te geraken en dan is praten de beste oplossing.’ 

Reizen

De Wiekslag doet verschillende activiteiten met de jongeren. Ze gaan naar de cinema, ze gaan skiën in Landgraaf etc. ‘Dat is goed voor de groepsdynamiek en je ziet de jongens echt genieten tijdens die momenten. Vorige zomer zijn we naar Spanje geweest om met de jongens in een hondenasiel te gaan werken. Het geeft enorm veel voldoening als je ziet dat ook zij geluksmomenten hebben. Sommigen van hen waren nog nooit op vakantie geweest’, vertelt begeleidster Jill Vlaeyen.

Jason heeft de reiskriebels te pakken. ‘Vorige zomer ben ik vrijwilligerswerk gaan doen in Roemenië. Dit jaar wil ik graag naar Marokko. Ik wil daar opnieuw met kinderen werken’, zegt Jason. 

De Wiekslag biedt de jongeren verschillende kansen die ze anders waarschijnlijk nooit zouden krijgen. De meeste jongens grijpen die kansen volledig, maar er zijn er ook die dat niet doen. ‘Soms is het echt frustrerend. Je kan enorm veel moeite steken in iemand en toch slaagt die jongere erin om zijn eigen ruiten weer extra in te gooien’, zegt begeleider Yenthe. ‘Het is natuurlijk ook niet gemakkelijk voor hen en ze weten vaak geen blijf met zichzelf. We moeten dus vooral zoeken naar de kleine successen.’

Te veel armoede

Bij Arktos vzw en vzw Habbekrats in Hasselt zitten zo’n 70-tal arme mensen, maar dat zijn ze lang niet allemaal. Er is nog steeds te veel armoede in ons land en het aantal jongeren in armoede is verdubbeld, dat blijkt uit cijfers van het Steunpunt Armoedebestrijding. ‘Ik denk dat de armoedeorganisaties meer naar buiten moeten komen. Ook straathoekwerkers moeten meer naar de jongeren gaan kijken in plaats van alleen op straat te komen. Ze zouden meer kunnen helpen als ze echt naar de jongeren toestappen’, vindt Jason. 

Ook moet er beter gecommuniceerd worden volgens Jason. ‘We leven tegenwoordig op onze iPhone. Niemand heeft nog sociaal contact. Via sms kan je niet weten of iemand problemen heeft, we moeten meer praten.’

Ook Uit De Marge in Landen is een organisatie die jongeren begeleidt. Katrien Geysens vindt dat de overheid meer moet inzetten op de kwetsbare doelgroepen.

 

Niet alleen Katrien Geysens, maar ook Fatih Calasir van De Unie van Actieve Verenigingen in Beringen, vindt dat de overheid meer moet doen voor de kwetsbare mensen binnen onze samenleving. Vooral ook jongeren met een migratie-achtergrond lopen een groot risico om in de (kans)armoede te belanden. Lees hier om er meer over te weten.

 

Mark is een pseudoniem. De werkelijke naam is bij de auteur bekend.

Delphine Dehairs is student journalistiek aan de PXL Hogeschool.

Creative Commons

take down
the paywall
steun ons nu!