Risicopatiënt zijn in coronatijden

Als mankemens met een auto-immuunziekte moet ik extra waakzaam zijn voor de indringer die ons allemaal tot huid- en huisarrest dwingt. Maandagnacht (16/03) overviel me plots een vervelende druk op de borst, een vreemd soort pijn aan mijn borstbeen. Alsof iemand er de hele tijd op duwt. Mijn longen leken zich niet meer helemaal te kunnen vullen. Tegen de ochtend was ik nog uitgeputter dan anders, mijn gewrichten en spieren pijnlijker dan wat voor mij 'normaal' is. Alarmerend? Ik was er in ieder geval niet gerust in, dus besloot ik de huisarts te bellen.

donderdag 19 maart 2020 16:33
Spread the love

Ze gaf me het advies mijn temperatuur regelmatig te meten en op mijn hoede te zijn voor een hoest. Bij koorts kon ik maar beter even bellen naar spoed. 37,6°. Ik twijfelde, want niemand wil nu tijdverlies veroorzaken bij zorgverleners. De bezorgde blik van mijn wederhelft en de vragende ogen van mijn twee kleine spruiten deden me uiteindelijk toch naar mijn telefoon grijpen. Misschien niet de beste tijd om nonchalant te zijn? De stem aan de telefoon klonk vermoeid, waarvoor driedubbel begrip. Ik deed kort en krachtig mijn verhaal en stelde een aantal vragen. Waar ligt de koortsdrempel in tijden van corona? Hoe hoog moet je pieken voor je langs moet komen? Is een hoest hebben een must?

Niet-weten

Ik kreeg de raad om terug naar mijn huisarts te bellen, vanuit de gedachte dat die beter in staat is in te schatten hoe mijn lichaam in elkaar zit, en wanneer ik mij dus maar beter naar de corona-unit rep. Zo gezegd, zo gedaan. Opnieuw de huisarts aan de lijn. ‘Als je koorts boven de 38° piekt, bel je terug en dan verwijs ik je door.’ Het wachtspelletje kon beginnen. Pijnstilling durfde ik eerlijk gezegd niet te nemen, kwestie van de natuurlijke evolutie van mijn temperatuur niet te veel te beïnvloeden. Geen verdachte pieken, geen acute hoest, maar de algemene malaise herleidde me toch tot een hoopje miserie.

Niet evident met twee kindjes voltijds thuis en een berg werk dat ligt te wachten. De nacht viel, maar de slaap kwam niet meteen. Pijnprikkels overal, rillingen, en nog steeds een zwaar, vervelend gevoel op de borst. Tegen woensdagochtend kwam daar ook nog een bonkend hoofd bij en doorheen de dag leek ook mijn keel steeds meer aandacht te vragen. 37,3°, de drempel van de 38° nog steeds niet in zicht. Rustig blijven en een poging doen om te rusten. De duidingsprogramma’s op de voet volgend.

Deze ochtend kon ik de tranen niet meer bedwingen. Niet-weten, een overdosis pijn en nog steeds dat bevreemdende gevoel in mijn borst. Ik besloot de reumaverpleegkundige te bellen, aangezien ik normaal komende vrijdag een nieuwe inspuiting moet doen van mijn (immuunonderdrukkende) reumaremmer. ‘Niet inspuiten als je je ziek voelt!’, klonk het kordaat.

Allemaal goed en wel, maar ondertussen zijn ook mijn broodnodige behandelingen bij de kinesist geschrapt tot nader order. Om dan ineens ook mijn enige medicijn te stoppen? Dat vond ik toch beangstigend. Geen zin om meneer Bechterew weer helemaal vrij spel te geven in mijn lijf. Ik vroeg of er al iets geweten is over eventuele afwijkende symptomen bij mensen met een verstoord immuunsysteem? Maar daarvoor blijkt corona nog te vers. Wat nu? Toch nog maar eens naar de huisarts bellen? Dit kaliber pijn en twijfel kan ik niet op mijn eentje blijven verbijten.

Corona-unit

Geen koortspieken, geen hoestbuien, maar voor mijn huisarts wel al te lang en te veel signalen om dit zomaar te negeren. Zeker als risicopatiënt. Ze nam contact op met het ziekenhuis en belde me terug. Better safe than sorry. Alleen vertrok ik richting spoed. Zwarte pijlen ‘Covid-19 Corona’ gidsten me naar een zij-ingang, waar een tent met stoelen en warmteblazer dienst deed als wachtkamer.

Ik moest aanbellen en wachten. Niet heel veel later werd ik begroet door een veilig verpakte verpleger. Ik kreeg een mondmasker en werd gevraagd mijn identiteitskaart op een doekje achter te laten. Een al even veilig verpakte verpleegster begeleidde me naar een kamer. Ze stelde me enkele routinevragen, nam mijn koorts en koppelde me aan een toestel dat mijn bloeddruk en hartslag moest meten. Ik kreeg een naambandje om de pols en een ziekenhuisschort om het lijf. ‘Doe ineens ook maar je beha uit want we gaan sowieso een foto moeten maken van je longen en een EKG.’

Een dokter kwam de kamer binnen. Ook zij stelde me een reeks vragen en legde me uit wat er allemaal ging gebeuren. ‘Een coronatest doen we enkel bij mensen die opgenomen worden, dat is dus voorlopig nog niet aan de orde.’ Ze luisterde naar mijn longen, zei bemoedigend dat er geen alarmerende geluiden te horen waren en ging weer naar buiten. Tijd voor de routineonderzoeken.

Stap één was een bloedafname, kwestie van de infectiewaarden te controleren. De eerste prik in mijn hand ging mis. De verpleegkundige schaamde en verontschuldigde zich en probeerde me gerust te stellen dat ze normaal echt een hele goede prikker is. Ik stelde haar op mijn beurt gerust dat ze zich in deze gekke tijden zeker niet moet verontschuldigen. Ik kan wel tegen een prik meer of minder. Alleen een gewoon mondmasker voelde voor mij al ontzettend onwennig, laat staan dat je zo een eendebekmasker en een scherm – zoals dat van lassers leek het wel – voor je gezicht hebt bengelen. ‘Ja, ik heb bijna een dubbel zicht’, klonk het eerlijk.

Tweede keer, goeie keer. Ondertussen had de andere verpleger van dienst de EKG-machine binnengerold. Ik mocht gaan liggen en kreeg een hele resem nappen op mijn borstkas geplakt om beelden van mijn hart te maken. Niet veel later kwam iemand van radiologie binnen met haar mobiele machine. Er werd een plaat achter mijn rug gestopt waar ik mezelf goed tegenaan moest duwen. Hup, een foto van mijn longen en weg was ze weer. En dan nu: afwachten.

De wachttijd nuttig besteden met wat boekonderzoek.

Terwijl ik me verdiepte in lectuur over onze gezondheidszorg, hoorde ik de verpleegkundigen tegen elkaar praten op de gang over hoe benauwd die maskers hen doen voelen. Over de hygiënerichtlijnen leeft er duidelijk ook wat onrust: ‘Het idee is de schorten altijd weg te gooien, maar daar is de mogelijkheid niet toe’, hoorde ik iemand zeggen. Chapeau voor iedere zorgverlener die nu roeit met de riemen die er zijn. Echt, hoedje af. Ook een applausje voor al die naaiwonders die nu massaal mondmaskers in elkaar stikken om het dreigende tekort te helpen opvangen.

Dit soort initiatieven voeden mijn hoop middenin alle onzekerheid. De noodzaak om de ruimtes telkens grondig te reinigen en nieuwe aanmeldingen zorgden ervoor dat ik moest verhuizen naar een andere ruimte. Ik werd uitdrukkelijk gevraagd om enkel in de stoel te gaan zitten. Op het EKG-toestel naast mij stond een laptop open waarop een slideshow passeerde over Covid-19. Nieuwsgierig bekeek ik de richtlijnen. De onderzoeksjournalist in mij kon het bovendien niet laten om toch een paar dingen te documenteren. #Sorrynotsorry, we hebben nood aan en recht op transparantie. De bel van de unit ging ondertussen nog een paar keer. De wachttent buiten kreeg gestaag meer bezoekers. Voornamelijk mensen die doorverwezen werden door hun huisarts.

Corona-richtlijnen.

Aha, daar was de dokter met de resultaten. Gezonde longen, een prima hart en geen alarmerende bloedwaarden. Oef. De opluchting was groot. Wellicht dan toch ‘gewoon’ iets reumagerelateerd, die pijn aan mijn borstbeen. Ik vroeg nog of ik mijn reumaremmer vrijdag mag prikken en kreeg te horen dat er voorlopig geen contra-indicatie voor is. De standaard richtlijnen volgen, dus. Ik kreeg nog een verband rond mijn hand en mocht vertrekken. Ik wenste de verplegers veel courage en gaf hen nog een stevige dosis dankbaarheid. In tussentijd moet ik het stellen met een voorschrift voor Tramadol. Mijn volgende date met de reumatoloog staat eind april op de agenda. Het valt af te wachten of die ook geschrapt wordt. Tandenbijten dan maar, tussen de muren van mijn kot en hopen dat hét virus zich spoedig weer uit de voeten maakt.

Het leven zoals het is als risicopatiënt.

 

Zin in meer averechts leesvoer?

Hier moet je zijn!

Hou je gezond en draag zorg voor elkaar.

Tot schrijfs

Lynn

 

Creative Commons

take down
the paywall
steun ons nu!