De speelfilm 3000 NIGHTS uit 2015 is sinds kort ook beschikbaar voor vertoning aan een Nederlandstalig publiek. Onlangs is hij in Hoeilaart en Mechelen gedraaid met Nederlandse ondertitels. De film vertelt het verhaal van de Palestijnse onderwijzeres Layal. Zij wordt door Israël gevangen gehouden - ten onrechte beschuldigd van 'terreur'. Tijdens haar detentie bevalt ze van een zoontje. Komen zij en haar medegedetineerden in opstand tegen het brute regime?
Filmmaakster Mai Masri (1959) ontving tal van internationale prijzen voor haar werk. Ze woont in de Libanese hoofdstad Beiroet, een stad waar burgers momenteel via een opstand de democratie proberen te herwinnen. Een interview.
- Je schreef ooit dat cinema een manier is om Palestina opnieuw te creëren en om ontwortelde levens en verstoorde verhalen te kunnen begrijpen: “Ik geloof dat alle Palestijnen een 'denkbeeldig' Palestina in hun hoofd hebben geconstrueerd - als was het een film. Dat beeld zorgt er voor dat hun identiteit bewaakt wordt en ze de kracht en hoop geeft om onrecht en wanhoop te weerstaan.” Zijn Palestijnen zelf de belangrijkste reden om 3000 NIGHTS te maken? Of behoren ook wij als kijkers in Europa ook tot het publiek dat u in gedachte had?
Ik heb 3000 NIGHTS gemaakt met zowel het Palestijnse als het internationale publiek in het hoofd. Mijn belangrijkste doel was om een waargebeurd verhaal te verfilmen van een jonge Palestijnse moeder die ten onrechte gevangen zit en gedwongen wordt haar kind op te voeden in een Israëlische gevangenis. Mijn eerste screening was voor Palestijnse kijkers, van wie velen zelf voormalige politieke gevangenen waren. Het was belangrijk dat ze het gevoel hadden dat deze film hun verhaal weerspiegelt.
Ik wilde ook een internationaal publiek bereiken en de menselijkheid, het doorzettingsvermogen en de veerkracht van de Palestijnen laten zien, net als het onrecht dat ze lijden. De gevangenis is een metafoor voor de toestand van het Palestijnse volk dat onder Israëlische bezetting leeft. Sinds 1948 zijn meer dan een miljoen Palestijnen gevangengezet, onder wie veel vrouwen en kinderen. De film probeert deze ervaring een menselijk gezicht te geven en relevant te maken voor iedereen in de hele wereld.
- Er zit relatief weinig dialoog in je film. Veel scenes spreken voor zich. De stiltes laten je als kijker dromen over vrijheid, het belang van grip hebben op je eigen leven, het stopzetten van de systematische vernedering, het verlangen naar een thuis…. Je hebt zelf nooit in Palestina kunnen wonen. Als ik me goed inleef, zal voor jou naar Palestina reizen toch aanvoelen als ‘terugkomen’. Kun je daar wat meer over zeggen?
In een ander shot zien we de transformatie van een houten vogel in de handen van haar kind in een echte vogel. We zien de tekeningen die ze op de muren maakt voor haar kind dat nog nooit de buitenwereld heeft gezien. Deze afbeeldingen voegen een poëtische dimensie toe en zijn meestal zonder dialoog. Ik gebruikte heel weinig muziek, de soundtrack bestaat uit lagen van gevangenisgeluiden zoals sloten, kettingen, voetstappen, metalen deuren die openen en sluiten. De momenten van stilte zijn belangrijk omdat ze ons in staat stellen ons voor te stellen en verder te kijken dan de onmiddellijke realiteit. Verbeelding is voor gevangenen een krachtig hulpmiddel voor vrijheid.
"Ik wil kijkers de menselijkheid en veerkracht van het Palestijnse volk tonen, en met name van Palestijnse vrouwen die een belangrijke rol hebben gespeeld in de strijd voor bevrijding van de Israëlische bezetting." |
Ik maakte mijn eerste film met mijn overleden echtgenoot Jean Chamoun tijdens de Israëlische invasie van Libanon en het beleg van Beiroet in 1982. Deze ervaring had een diepe impact op mij als persoon en als filmmaker. Dit werd nog versterkt door de films die ik maakte in de vluchtelingenkampen.
De tweede grote impact op mijn leven was dat ik in 1988 voor het eerst terugging naar Palestina tijdens de intifada (opstand). Tot dan was "Palestina" geïdealiseerd in mijn verbeelding, plotseling veranderde dat in een thuisland en een volk.
Toen ik voor het eerst in mijn woonplaats Nablus aankwam, voelde dat als thuiskomen. Het was op het hoogtepunt van de opstand en Nablus werd belegerd en er gold een avondklok. Het Israëlische leger had verschillende jonge mensen vermoord, onder wie de buurman van mijn oom. De soldaten hadden de ingangen van de stad afgesloten, zodat niemand naar binnen of naar buiten kon, maar het lukte me om heimelijk binnen te sluipen met een kleine crew, het grootste deel van de opnames zijn in het geheim gedaan. De camera gaf me de kracht en verankerde mijn gevoel erbij te horen. Door de beelden die ik heb opgenomen, voelde ik dat ik de plaatsen kon terug claimen die van mij zijn gestolen. Deze film "Children of Fire" was voor mij een keerpunt.
- Hoe onderhouden Palestijnen als u in de diaspora het contact? En hoe beleven u en uw landgenoten in een vreemde omgeving hun gezamenlijke cultuur?
Een van de belangrijkste manieren waarop ze contact houden met elkaar en met hun familieleden in Palestina is via internet. Toen Zuid-Libanon in 2000 werd bevrijd, stroomden de Palestijnse vluchtelingen naar de grens om een glimp van hun thuisland op te vangen en om hun familieleden over het prikkeldraad heen te begroeten. Ik documenteerde deze ontroerende en historische scènes in een film die ik in 2000 maakte met de titel "Frontiers of Dreams and Fears".
- Wat is het belangrijkste dat je de kijker wil meegeven?
- 3000 NIGHTS is opgedragen aan Jean, Nour en Hana. Wil je zeggen waarom?
- Wat kunnen wij als Belg en Europaan doen om te helpen dat de bevolking van Palestina zijn zelfbeschikkingsrecht weer terugkrijgt?