Bron: Wikipedia
Europa, Milieu, Politiek -

Windenergie levert 14 procent van Europese stroom

Windenergie was vorig jaar goed voor 14 procent van de Europese stroomproductie, blijkt uit cijfers van de Europese windsector. Dat is een flinke stijging tegenover de 12 procent van 2017, maar toch doen de Europese regeringen onvoldoende om de groei aan te zwengelen.

woensdag 27 februari 2019 00:57

De capaciteit van windenergie in Europa steeg vorig jaar met 11,3 gigawatt, tot 189 gigawatt. Windmolens op zee zijn goed voor het grootste deel daarvan (171 gigawatt, een stijging met 8,6 gigawatt). Windmolens op land zijn goed voor een totale capaciteit van 18 gigawatt (een stijging met 2,65 gigawatt).

Denemarken blijft koploper qua marktaandeel: 41 procent van de Deense energie komt nu uit windmolens. Ierland (28 procent) en Portugal (24 procent) staan op de tweede en derde plaats. 

Geen topjaar

Als gekeken wordt naar het aandeel aan nieuwe capaciteit, is windenergie goed voor bijna de helft (49 procent) van alle stroomcapaciteit die Europa erbij kreeg in 2018. Toch was 2018 geen topjaar: de capaciteit aan nieuwe parken lag een derde lager dan in 2017. En ook de capaciteit aan goedgekeurde projecten in 2018 was lager dan het jaar ervoor.

“Windenergie is nu goed voor 14 procent van de Europese stroom, en meer en meer mensen genieten van de schone en goedkope elektriciteit die windenergie biedt”, zegt Giles Dickson van koepelorganisatie WindEurope. “Maar onder het oppervlak zitten er zaken scheef: vorig jaar was het slechtste jaar qua aanbouw sinds 2011. In Duitsland daalde de bouw op land met de helft, en in Groot-Brittannië viel die helemaal stil. Twaalf EU-landen bouwden vorig jaar geen enkele windmolen.”

Financiering

Qua financiering was 2018 dan weer een recordjaar: de sector verzekerde zich van financiering voor 17 gigawatt aan toekomstige projecten; dat is bijna de helft (45 procent) meer dan in 2017. Opvallend: in euro’s gerekend is de stijging maar 20 procent – een duidelijke indicatie dat de kostprijs van windenergie in vrije val is en er meer capaciteit bijgebouwd kan worden voor minder geld.

Maar om de sector echt verder te laten groeien moeten vooral de regeringen een tandje bijsteken, zegt Dickson. De vertraging in 2018 heeft immers veel te maken met structurele problemen in de vergunningsprocedures, met name in Duitsland en Frankrijk. In Centraal- en Oost-Europa is het dan weer vooral een gebrek aan ambitie, met “Litouwen als nobele uitzondering.”

De sector blijft hameren op een duidelijk wettelijk kader en klimaatambitie. “De Nationale Energie- en Klimaatplannen tegen 2030 bieden een kans om de zaken recht te zetten”, zegt Dickson. “Maar de eerste ontwerpen bevatten veel te weinig details: over de beleidsmaatregelen, de volumes aan aanbestedingen, hoe de vergunningen makkelijker te maken en andere barrières weg te werken, en hoe het net kan aangepast worden. Dat zijn allemaal zaken die regeringen nog moeten oplossen voor ze de plannen dit jaar finaliseren.”

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!