Misbruik mijn rechten niet om die van iemand anders in vraag te stellen
Rody Verhage

Misbruik mijn rechten niet om die van iemand anders in vraag te stellen

dinsdag 22 januari 2019 23:16

Michael Freilich, hoofdredacteur van Joods Actueel, krijgt een plaatsje op de Kamerlijst van N-VA bij de komende verkiezingen. Tijdens de persconferentie vertelt hij over zijn motivatie voor zijn politieke carrière:

“Iedereen kan vandaag vrij en vrolijk rondlopen met een hoofddoek, en zo mag dat ook. Maar als ik met mijn Keppel rondloop, of een dame in korte rok, of twee mannen hand in hand, dan is dat niet altijd evident. Ik heb ook heel veel moslimvrienden die het daar 100 procent mee eens zijn.”

Vrij vertaald: zij dragen een hoofddoek, en daarmee beknotten ze mijn vrijheid. Oh ja, Michael?

 

Ik werk als psycholoog met een zeer gemengd doelpubliek, waarvan een groot deel moslim is. Vorige week vroeg een patiënte – met hoofddoek – me tijdens de consultatie of ik homo ben. Blijft toch altijd een beetje spannend, die vraag. Want daarover heeft Michael gelijk: het is niet altijd evident om ervoor uit te komen dat je op hetzelfde geslacht valt. In een fractie van een seconde flitste er allerlei scenario’s door mijn hoofd. Zou mijn antwoord de therapeutische relatie in gevaar kunnen brengen?

Met echtheid als belangrijke therapeutische basishouding in het achterhoofd bevestigde ik haar vermoeden. Dit antwoord riep nog meer vragen bij haar op. Ik was immers de eerste homo die ze kent, met uitzondering van een aantal karikaturale tv-figuren. Wat volgde was een interessante dialoog over de moeilijkheden die gepaard gaan met ‘anders zijn’: vooroordelen, nageroepen worden op straat, discriminatie, representatie in de media,… Onderwerpen waarin ze zich door haar eigen ervaringen goed kon inleven. Meermaals werd ze op straat nageroepen omwille van haar hoofddoek, veronderstelden mensen dat ze onmogelijk perfect Nederlandstalig kan zijn en hoort ze in de media steeds vaker mensen – voornamelijk witte mannen – met straffe taal spreken over hoe onderdrukkend de hoofddoek is en bijgevolg ironisch genoeg overal geweerd moet worden.

Tot haar eigen verbazing concludeerde ze dat onze verhalen veel gemeenschappelijke factoren bevatten. We voeren dezelfde strijd voor onze rechten, hoewel die eigenlijk vanzelfsprekend zouden moeten zijn. Beiden willen we vrij zijn om ons hart te volgen. Beiden willen we ons leven leiden zoals wij dat willen. Hoewel ze zich niet kon voorstellen hoe het is om verliefd te worden op iemand van hetzelfde geslacht, begreep ze mijn strijd. En ik de hare.

 

Dus: nee, Michael. Dat mensen het recht hebben om een hoofddoek te dragen, zorgt er niet voor dat ik niet hand in hand kan lopen met mijn lief. Het zorgt er niet voor dat jij geen Keppeltje mag dragen en het zorgt er zelfs niet voor dat vrouwen geen korte rok kunnen aandoen. Noch een hoofddoek, noch de islam is het probleem. Wat wel problematisch is, is dat minderheidsgroepen steeds weer tegen elkaar opgezet en uit elkaar gedreven worden. Vooroordelen en discriminatie bestaan en zijn een groot probleem, daarover zijn we het eens. Maar om dat tegen te gaan, moeten we mensen dichter bij elkaar brengen en in dialoog laten treden. Wat jouw partij doet, is net het tegenovergestelde: verdeel en heers. Maar zoals mijn patiënte zo mooi concludeerde, zitten we allemaal in het zelfde schuitje, we voeren dezelfde strijd voor dezelfde rechten. En de rechten van de ene groep, sluiten de rechten van de andere niet uit.

Misbruik mijn rechten niet om die van iemand anders in vraag te stellen, Michael. Ik kies voor solidariteit in mijn strijd.  

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!