Vreemdeling in het vizier

Vreemdeling in het vizier

zondag 20 januari 2019 20:42

Harde grenzen

Ketels gevuld met water worden voorzichtig op kleine vuurtjes geplaatst. De vlammen dansen onrustig rond het vochtige hout dat knettert en sist onder dikke rookpluimen die traag naar de hemel opklimmen. De rook doet pijn aan de ogen van het gezelschap dat rond de warmte van het vuur heeft plaatsgenomen. Ze wachten geduldig tot ze hun verkleumde handen rond een beker hete thee kunnen sluiten. De zwartgeblakerde ketels op primitieve vuurtjes overleefden heel wat seizoenen doorheen verschillende jungles. Ze waren getuige van aanhoudend geweld, ontluikende vriendschappen en verhalen uit verre culturen die mensen met zich meedragen. De vluchtigheid waarin het kamp vandaag is vervallen maakt iets eenvoudig zoals water koken voor thee ontzettend moeilijk. Het zijn barre tijden.




Ik kan niet genoeg onderstrepen hoe uitzonderlijk de situatie in de transitkampen is, of wat er nog van rest. Niets valt te vergelijken met het comfort aan zekerheden uit onze eigen levens. Ontbering en schending van mensenrechten zijn er schering en inslag. We zijn ons bewust van deze ongelijkheid. We zien met lede ogen toe dat de waarde van mensenlevens kelderen op deze plek. Dit is de harde realiteit.

In transitkampen vind je naast de bewoners een spectrum aan hulpverleners en organisaties. Allemaal met eigen richtlijnen en afspraken. Sommigen professioneel waar je in loondienst werkt, anderen zijn organisch gegroeid en hebben doorheen de jaren heel wat expertise opgebouwd. Zo zijn er verenigingen die verbieden om persoonlijke gegevens uit te wisselen, of vriendschap te sluiten met mensen die je helpt. Anderen begrenzen dan weer hun taken en bewaken deze grenzen stellig. Er is heel wat variatie in het hulpverleningslandschap in de kampen. Gezien de exceptionaliteit die er heerst in de jungles, de aanhoudende stress door onzekerheid en geweld is het voor iedereen een parcours van vallen en opstaan.

Dat burger-hulpverleners een ras apart zijn staat buiten kijf. Het is geen professioneel geoliede machine, met een vooropleiding, nazorg, strikte afspraken, laat staan dat er een visuele herkenning is zoals fluo hesjes. Al is dit soort verzet hesjes waardig! We zijn te nauw betrokken met vluchtelingen en migranten, nemen te veel tijd om praatjes te maken en brengen soms chaos met ons mee. Het wordt ons niet altijd in dank afgenomen.

Wat duidelijk is, is dat grassroot burgerhulpverlening de traditionele humanitaire organisaties uitdaagt. Er worden lijnen uitgezet van een nieuw soort helpen waarin solidariteit, een horizontaal hulpverleningsmodel en een humane benadering een cruciale en centrale rol spelen.

Met getrokken messen tegenover elkaar staan omwille van deze verschillen is absurd. Zeker onder de moeilijke omstandigheden waarin elke helpende hand van groot belang is. Elkaar aanvullen en versterken lijkt me een beter voornemen dan met afgunst te kijken naar elkaars verschillen.

Vreemdeling in het vizier

Hoe komt het dat voor de ene het memoriseren van de juiste naam bij het juiste gezicht zo belangrijk is, of contact houden tot mensen de overkant van het kanaal hebben bereikt en voor de ander een dag meedraaien zonder meer volstaat. Het is uiteraard een persoonlijk verhaal.

Maar om de gezamenlijke motivatie van deze burgerinitiatieven te begrijpen moeten we terug naar de zomer van 2015. Daar waar het voor mij begon vond ik de fundamenten van deze ideologie. In dat jaar werden we geconfronteerd met een enorme groep mensen die in grote getalen en na een lange gevaarlijke voettocht in onze contreien toekwamen. Het ging voornamelijk om oorlogsvluchtelingen. Zowel aan de Dienst Vreemdelingenzaken in Brussel als op vele plaatsen in Europa belandden velen noodgedwongen op straat door logge systemen die te traag reageerden op deze acute humanitaire crisissituatie. Ook Nord-Pas-de-Calais registreerde een enorme toename wat betreft populatie in de transitkampen.

Heel wat burgers mobiliseerden zich toen om zowel in Brussel de handen uit de mouwen te steken als naar de jungles te trekken. Er waren ten slotte mensen in nood die zich binnen onze samenleving bevonden in een perimeter die bereikbaar was. Mensen werden overmant door emoties bij het zien van zoveel onrecht. Ze vonden hun motivatie dus vóór een persoonlijke ontmoeting plaats had gevonden. De motivatie was met andere woorden intrinsiek en vond zijn oorsprong voornamelijk in de eigen morele waarden.

De eerste fases naar concrete hulpverlening was de expliciete drang om actie te ondernemen. Daaropvolgend ging een zoektocht van start om deze intenties om te zetten naar iets concreet. Het vinden van gelijkgezinden onder medeburgers maakte dat groepen met eenzelfde doel zich instant vormden en als groep stevig in de schoenen stond. De kracht van dit type burgerinitiatieven is de snelheid waarmee iets op touw wordt gezet, de concreetheid en eenvoud. Je kan als individu gemakkelijk aan- en afhaken, het commitment is vrijblijvend.

 

Solidariteit resoneert met onze eigen morele idealen van hoe wij vinden dat de samenleving waarin we leven eruit zou moeten zien, hoe we met de andere omgaan.

Burgers voelen een maatschappelijke verantwoordelijkheid. Het traag op gang komen of uitblijven van steun van de overheid en grote humanitaire organisaties slagen enorme gaten in basis provisionering en humanitaire hulp. Het gevoel van verantwoordelijkheid groeit bij de burger. Dan volgt een eerste ontmoeting, het moment van oogcontact tussen twee mensen. Je kijkt in de ogen van iemand die voor jou de volle 100% mens is en een menselijke waarde heeft die gelijk is aan de jouwe. Je gaat als mens naar de kampen en je baseert je noodgedwongen op ervaringen uit je eigen verleden, je persoonlijke blauwdruk van hulp. De keer je als kind op de speelplaats viel en de combinatie troost en een pleister soelaas bracht. Die middag je jouw lunch thuis was vergeten en een collega de zijne met je deelde, of bij verdriet je kon rekenen op steun van de andere. Je vertrekt met een set aan morele waarden die ook in je eigen leven van belang zijn: vriendschap, respect, waardigheid en gelijkheid. De wens om het lijden van de andere te verlichten is oprecht. Het lijkt me vanzelfsprekend dat bij deze benadering vriendschap in het verlengde ligt.

Deze proximiteit schept vertrouwensbanden. Hulpverlening is niet alleen uitdelen van materiaal maar ook luisteren en meeleven, compassie. Je zal op termijn bijvoorbeeld in staat zijn om subtiele veranderingen op te merken die wijzen op misbruik, je zal makkelijker in vertrouwen worden genomen. Anderzijds zal deze nabijheid loslaten vermoeilijken. Het kruipt onder je vel en de kans op secondaire traumatisering is reëel. We zien vrijwilligers die kampen met depressieve gevoelens, uitputting en burn-out.

We komen oog in oog te staan met situaties waarvoor we niet zijn opgeleid. Dan rest je maar een handvol opties. Zelf ingrijpen of gespecialiseerde organisaties trachten in te schakelen. Maar wat als niemand reageert op een voor jou acute noodsituatie? Je moet het maar meemaken dat je een moeder met een ziek kind vindt. Ze kunnen nergens heen en de moeder is duidelijk overstuur. Het verantwoordelijkheidsgevoel weegt als een loodzware last op je schouders. Het is helpen of de situatie de rug toekeren met een blijvend schuldgevoel. We botsen op persoonlijke grenzen maar ook op institutionele grenzen. Hulp aan mensen zonder papieren wordt gemarginaliseerd en toch blijft de drang om te helpen groter dan ooit.

Of deze manier van helpen beter is dan professionele afgebakende hulpverlening laat ik in het midden. Het is dikwijls roeien met de riemen die je hebt. Wat opmerkelijk is, is dat hulpverlening door burgerplatforms radicaal anders is.

Een cumulatie van geweld

Na al die jaren transitkampen, in alle mogelijke soorten en vormen is er geen greintje normaliteit binnen geslopen. Met een gevoel van frustratie en onmacht aanschouwen we de situatie. Verdriet blijft ons besluipen terwijl we wakker blijven liggen van deze mensen. Een wereld waarin ontmenselijking de rode draad is, blijft bij elk bezoek even choquerend. We worden blootgesteld aan geweld tegenover mensen in erbarmelijke omstandigheden en we kunnen dit niet accepteren. We zien gewelddadige taferelen en vernedering tegenover ontheemden voor geen specifieke reden, buiten het feit dat ze zich illegitiem op een grondgebied bevinden. We zijn getuige van schending van mensenrechten. Als wij onze ogen sluiten, wie zal dit onrecht dan zien? Wie zal het optekenen en aankaarten?

We zien de overheid reageren. Beperkt, onvoldoende, en verre van duurzaam, maar er beweegt iets in Grande-Synthe en dat is hoopvol. Zo is er de winteropvang in de sporthal en opvang voor gezinnen achter het recreatiegebied Puythouck. Het is bed en bad, tout court. Zoals ook geweld van ordediensten op ontheemden met een zucht is overgewaaid naar België hoop ik dat opvang in Duinkerke een voorbode mag zijn richting fundamentele humane oplossingen bij ons.

Een wereld blijft vreemd als je de tijd niet neemt om haar te exploreren. Wees nieuwsgierig, trek erop uit. Maak nieuwe vrienden door verhalen uit te wisselen en verklein jouw vreemde wereld. Want in een andere wereld ben jij de vreemdeling.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!