Opinie -

‘Grote verbinder’ kiest voor oorlogsretoriek en balkanisering

Bart De Wever wil de Nederlandstalige Belgen bang maken voor het programma van Di Rupo. Maar bij nader inzien getuigt dat programma vooral van gezond verstand.

dinsdag 15 januari 2019 15:25

Het hoge woord is eruit. Hij die beweert “de grote verbinder te zijn” – le ridicule ne tue pas – wil nu al zijn troepen “naar het front te sturen” om zijn politieke agenda waar te maken. Lees: de N-VA wil zoveel mogelijk alle politieke hefbomen in handen krijgen, en natuurlijk zijn “confederaal model” door de mensen hun strot duwen. Dat de meerderheid overal in dit land dat confederaal model niet wil, is een bijkomstigheidje. Voor zover kiezers al begrijpen waarover die N-VA het heeft. Het is hoog tijd dat iedereen met een andere mening dat ook zegt en duidelijk maakt. En dat de ruggen worden gerecht tegenover de oorlogsretoriek van een partij die tot véél bereid is om haar maatschappijvisie – in mijn ogen een zeer trieste – op te leggen aan iedereen.

De voorzitter van de N-VA schreeuwde zeer onlangs nog zijn grote, allesverterende liefde voor Antwerpen uit. Die innige liefde is ongetwijfeld niet bekoeld maar wordt nu feestelijk en strategisch opzij geschoven in het teken van een hoger belang. ‘Vlaanderen’ naar hun hand zetten, daar de lakens nog meer uitdelen en de confrontatie met de rest van België – lees vooral onze Franstalige landgenoten – nog meer op de spits drijven. A la limite wordt één van de generaals wel uitgestuurd om even ‘Belgische premier’ te spelen, premier van een land dat de zeer rechtse en neoliberale club eigenlijk het liefst meteen naar de geschiedenisboeken zou willen verwijzen. Een bijna gepensioneerde generaal mag zich nog wat gaan amuseren in het Europees Parlement, maar dat fenomeen zien we wel vaker bij diverse politieke partijen. Hopelijk is een groot deel van onze politiek niet zo gek om mee te spelen in dit Grieks theater.

Bart De Wever tracht nu de Nederlandstalige Belgen – ik noem ze bewust zo en niet anders – op te jutten door ze bang te maken voor Elio Di Rupo van de PS. Ach, hij vindt Di Rupo naar verluidt best een charmante mens maar verder is het een te verafschuwen socialist met een horroragenda die alle Belgen in het noorden des lands in een kramp zou moeten doen schieten. “Dat gaan we onszelf toch niet aandoen”, die teneur dus. Nu kan je veel zeggen over Di Rupo maar bij mijn weten was de man een prima premier van dit land en waren de communautaire verhoudingen onder zijn bewind zeker niet slechter dan nu. Op sociaal vlak maakte zijn regering niet altijd de beste keuzes maar globaal was zijn coalitie zeker minder asociaal dan wat erop volgde.

Hoezo, horroragenda?

 

Nu ben ik toch wel benieuwd geworden naar wat Elio Di Rupo precies wil als hij weer mee aan de macht zou komen. Wat is precies die horror waar de N-VA de mensen zo bang wil voor maken? Di Rupo zegt dat de zeer rechtse en liberale regering van Charles Michel veel geld heeft afgepakt van de mensen om een kleine groep in dit land te verrijken en bevoordelen. In mijn ogen is die kritiek juist. Hij wil de wettelijke pensioenleeftijd reduceren naar 65 jaar (veel gewone mensen zijn vragende partij), de btw op elektriciteit weer verlagen naar 6%, onze sociale bescherming verbeteren, bezoeken aan huisarts of tandarts gratis maken, sociale woningen bijbouwen, de Belgische energieconsumptie terugdringen. En Di Rupo heeft het over een ‘reconquista’ in 2019, hij wil zijn PS weer meer op de kaart zetten.

Blijkbaar is dit alles genoeg om De Wever en zijn discipelen de zwartgele gordijnen in te jagen. Volgens hen zal Di Rupo “meer schulden maken” en “de belastingen verhogen”. Rare en betwistbare commentaar voor een partij die zelf veel geld uitdeelde aan de verkeerden en die deelnam aan een federale regering die nooit kon afsluiten met sluitende begrotingen. Nooit dus.

Ik zie eerlijk gezegd niet in wat er zo vreselijk is aan de voorstellen van Di Rupo. Het zijn stuk voor stuk ideeën die gewone mensen dienen of die me maatschappelijk doordacht lijken. Akkoord, het moet zoals altijd blijken wat er van de verkiezingsretoriek wordt uitgevoerd in de praktijk; we kennen onze partijpolitiek. Maar horror? Neen, totààl niet. De ideeën van de PS zijn perfect acceptabel en zelfs toe te juichen voor mensen van het sociale gedachtegoed – of van de brede linkerzijde, als u die term liever hoort.

De waarheid is gewoon dat ze bij de N-VA tranen plengen van ontroering bij de gedachte dat ze hun ‘Vlaanderen’ zouden kunnen uitbouwen tot een eigen staatje waarin zij natuurlijk de toon zetten. Wees ervan verzekerd dat de Voka’s en Unizo’s van deze wereld in zo’n CSU-achtig Beieren-aan-de-Noordzee een permanente blauwe lijn zullen krijgen naar de machtscenakels, iets wat we nu al jaren ondervinden trouwens. Wel, dat zou dus alleen maar erger worden.

Herfederalisering graag

Ik word niet warm van het georeer en geklets over ‘Vlaamse identiteit’. Het idee laat me ijzig koud, het lijkt me maar niks en op menig moment doet het me denken aan de Orbans en de Salvini’s van deze wereld, geen politici die ik de mensheid toewens. Ik voel me prima in België, met zijn kwaliteiten en zijn gebreken. Dit land is zeker niet slechter dan vele andere, integendeel.

Ik zeg dat ongegeneerd en ik wil dat ook ongegeneerd kunnen blijven zeggen. Ook wanneer een politieke minderheid denkt haar confederalisme te moeten opleggen aan iedereen. Ik kan alleen herhalen dat de voorstanders van confederaal gedoe niet de moed hebben om eerlijk te zeggen wat ze nastreven: separatisme, de totale balkanisering, het verdelen van een land dat klein genoeg is om het vooral niet (nog meer) te verdelen.

Van een land dat dringend werk zou moeten maken van een herfederalisering, van cohesievergrotende beslissingen, van een sterk georganiseerde, gepromote én beleefde meertaligheid. Zo’n project, daar kan ik me wel enthousiast over maken. Niet over de totaal heilloze en zielloze balkaniseringsdrang van politici die zich laten drijven door nodeloze rancunes en door clichés over ‘de Franstaligen’ waarvan de houdbaarheidsdatum al lang is overschreden. Politici die met hun identitair project in wezen een kader willen scheppen waarin neoliberaal gedachtegoed nog meer kan gedijen en waarin etnisch-culturele diversiteit alleen te dulden is op hun voorwaarden.

Men zal mijn kijk ‘Belgisch nationalisme’ noemen. Dat is het niet, maar soit, alles is goed om de boodschapper te framen uiteraard. Ik geloof zeer oprecht en niet sinds gisteren dat er meer is te halen uit dit land, en ik ben gehecht aan mijn identiteit die Belgisch is én ook zal blijven. Los van het feit dat iemands identiteit uiteraard ook mee wordt bepaald en gekleurd door andere factoren, ervaringen, kenmerken.

Berekening en opportunisme

Een deel van onze partijpolitiek zwijgt al te vaak over deze kwestie, uit lafheid, desinteresse, berekening, opportunisme. Iets te veel politici vinden nog meer staatshervorming (in de verkeerde zin) best oké, zo valt te vrezen. Blijven zwijgen is een zware vorm van medeplichtigheid of van schuldig verzuim. Wie België veel interessanter, waardevoller of uitdagender vindt dan het ‘model’ dat anderen prediken, mag niet zwijgen maar moet spreken, denken, debatteren en voorstellen doen. Ook samenwerken met gelijkgezinden, en die zijn er genoeg uiteraard.

Zij die het graag hebben over ‘parvenu’s’ die je soms vindt bij een bepaalde linkerzijde (en dat klopt spijtig genoeg), zullen mij nooit overtuigen dat ik die moet inruilen voor Nieuw-Vlaamse parvenu’s, die al te graag zoete broodjes bakken met het Grote Geld en een douteuze verhouding hebben met alles wat naar diversiteit ruikt. Ook hier geldt: TINA – there is no alternative – klopt niet. Totaal niet.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!