Bron: Max Pixel
Nieuws, Wereld, Economie -

Peru gastland voor tiende Wereldaardappelcongres

In mei komen duizend aardappelexperten samen in Peru voor het tiende Wereldaardappelcongres. Voor het eerst vindt dit congres plaats in Peru, de bakermat van de aardappel. “Peru is het centrum van de aardappelbiodiversiteit. Moderne oplossingen voor problemen met dit gewas zijn enkel hier te vinden.”

vrijdag 26 januari 2018 21:22

458 jaar geleden werd de eerste aardappel uitgevoerd uit Peru en kon de rest van de wereld kennismaken met een gewas dat zou uitgroeien tot een van de belangrijkste voedingsproducten. 

Vandaag staat de aardappel voor een enorme uitdaging om zijn positie als belangrijke bron van voedselzekerheid te behouden. Ook de rechten van aardappelboeren staan onder druk.

Erkenning voor de hoofdleverancier 

Het wel en wee van de aardappel is onderwerp van discussie op het Wereldaardappelcongres dat dit jaar plaatsvindt van 27 tot 31 mei in Cuzco, het centrum van het voormalige rijk van de Inca’s in het zuiden van de Peruviaanse Andes. 

De keuze voor Cuzco voor de tiende editie van het congres wordt gezien als een erkenning van Peru als hoofdleverancier van de aardappel. 

“Peru heeft 3.500 aardappelvariëteiten op een totaal van 5.000 soorten wereldwijd. Aardappelen zijn een levenswijze. Vanuit commercieel oogpunt is het congres voor ons een manier om de wereld nieuwe producten te laten zien waaronder meel, vlokken, likeuren en nieuwe aardappelsoorten”, zegt ingenieur Jesus Caldas van het Nationaal Instituut voor Landbouwinnovatie (INIA), een van de hoofdorganisatoren van het congres.  

Het driejaarlijkse congres werd voor het eerst gehouden in 1993. Dit jaar is het voor de eerste keer dat het in een Zuid-Amerikaans land plaatsvindt. Het thema luidt ‘Terug naar de oorsprong voor een betere toekomst’ en er zal bijzondere aandacht zijn voor de biodiversiteit van de aardappel, voedselzekerheid en het commerciële belang van het gewas

“De keuze voor Peru als gastland is belangrijk”, zegt Gonzalo Tejada, landelijk coördinator voor de Voedsel- en Landbouworganisatie (FAO), medeorganisator van het event. “De wetenschappelijke gemeenschap die zich bezighoudt met de innovatie van de aardappelproductie, keert hiermee terug naar de bron.”

1 miljard aardappeleters

De aardappel werd achtduizend jaar geleden gedomesticeerd in Peru, in de regio El Puno op de grens met Bolivia. Het waren de Spanjaarden die het gewas eind 16e eeuw meenamen naar hun thuisland waarna de aardappel de weg vond naar de rest van Europa en er basisvoedsel werd.

Volgens het Internationaal Aardappelcentrum (CIP) is deze knol het derde belangrijkste gewas op aarde, na rijst en tarwe. Meer dan een miljard mensen eten aardappelen op regelmatige basis en genieten zo van de bijzondere nutritionele eigenschappen van de plant. De jaarlijkse consumptie wordt geschat op 374 miljoen ton.

Volgens CIP wordt wereldwijd minstens 19 miljoen hectare landbouwgrond benut voor aardappelen in totaal 156 landen. “De grootste consumptie van aardappelen gebeurt door industrieën die aardappelen verwerken tot gefrituurde producten, tot zetmeel of likeuren waaronder wodka. Vaak zijn dat grote transnationale bedrijven”, zegt Tejada.

Ambachtelijk versus commercieel

In veel landen is de aardappelproductie geconcentreerd in grote landbouwbedrijven. Dit is niet het geval in Peru en buurlanden Bolivia en Ecuador waar ambachtelijke boeren nog werken met de oorspronkelijke variëteiten die de basis vormen van de biodiversiteit van het gewas. 

De uitdagingen van de huidige tijd zijn voor Peru de impact van de klimaatverandering, een gebrek aan technologie en de lage winstmarges.

Boerin Josefina Baca plant aardappelplanten in Huaro, een dorp op 3.100 meter boven de zeespiegel. Volgens haar is de hitte tegenwoordig intenser en het regenseizoen minder voorspelbaar. “Ik heb altijd met veel passie gewerkt op mijn boerderij, maar de klimaatverandering verpest mijn oogst. Zeker als de vorst vroeg intreedt, is alles verwoest. Ook als er geen regen valt, is dat schadelijk. Ik werk organisch, zonder het gebruik van chemicaliën. Als we geen ondersteuning krijgen om onze zaden te beschermen, zal de biodiversiteit afnemen”, zegt ze.

Moisés Quispe is uitvoerend directeur van de Nationale Associatie van Agro-ecologische Producenten (ANPE) en vertegenwoordigt 12.000 ambachtelijke aardappeltelers in het centrum en het zuiden van de Andes. Volgens hem is de klimaatverandering een enorme uitdaging voor de plaatselijke landbouwers. Hij legt ook uit dat deze boeren in het nadeel zijn in een neoliberale markt omdat er, bij gebrek aan politieke wil, weinig promotie wordt gemaakt voor de kleinschalige landbouw en de inheemse aardappelsoorten die deze boeren telen.

“Eén hectare grond kan 60 ton conventionele aardappelen voortbrengen maar slechts 15 ton inheemse aardappelsoorten omdat die laatsten minder bewerkt worden, de grond geen machines verdraagt en er dus meer manuele arbeid aan te pas komt”, zegt hij.

“Daardoor stijgt de kostprijs ook, maar een eerlijke prijs hiervoor krijgen we niet.”

Voortbestaan van de variëteiten

Inheemse aardappelsoorten zijn vaak drie keer duurder dan commerciële aardappelen maar het zijn soorten met meer diverse texturen, vormen, kleuren en smaak. Ze worden nog volgens de oude landbouwtechnieken gekweekt, zonder gebruik van chemicaliën.

Quispe van ANPE legt uit dat Peru op die manier de brede waaier aan verschillende genetische soorten in stand houdt. Hij betreurt het gebrek aan erkenning hiervoor en het gebrek aan respect voor de rechten van kleine boeren die het met hun werk mogelijk maken dat al deze variëteiten blijven bestaan.

“De wet stelt dat alle zaden moeten worden gecertificeerd, maar daar zijn wij het niet mee eens. Zaden kan je niet monopoliseren, ze zijn een algemeen goed”, zegt hij.  

Peru heeft de grootste productie van aardappelen in Latijns-Amerika met 4,6 miljoen ton per jaar. De consumptie per hoofd van de bevolking is er 85 kg per jaar. Meer volume is echter een noodzaak om de commerciële uitdagingen aan te gaan.

Caldas van INIA zegt dat er nood is aan beter overheidsbeleid om de aardappelproductiviteit te verhogen. Hij pleit voor meer middelen voor onderzoek, promotie van landbouw en zaadcertificering.

Het feit dat van de 320.000 hectare aardappelen die in het land worden verbouwd slechts 0,4 procent van de gebruikte zaden is gecertificeerd, is volgens hem net een nadeel en draagt bij aan de lage gewasopbrengsten.

Ambacht en techniek verzoenen

Volgens hem is er ook veel verbetering mogelijk op vlak van infrastructuur en technische kennis. “We hebben de rijke kennis van onze voorvaderen, maar er is een absoluut gebrek aan technische ondersteuning.”

Tijdens het tiende aardappelcongres zal de wetenschappelijke vooruitgang die al is gemaakt ook aangetoond worden op het werkterrein. Zo krijgen de deelnemers de mogelijkheid om het Potato Park  te bezoeken, het enige onderzoekscentrum ter wereld waar Inca en pre-Inca-technieken worden onderzocht.

Volgens Ordinola heeft Peru, en de andere aardappelproducenten in de Andes, nog een enorm commercieel potentieel dat momenteel onbenut is. Hij is ervan overtuigd dat dit congres dat positief zal beïnvloeden.

“Peru moest gastheer zijn omdat het land het centrum van biodiversiteit is voor de hele wereld”, zegt hij. “Veel van de huidige problemen waarmee aardappelgewassen worden geconfronteerd zullen opgelost kunnen worden door meer onderzoek te doen naar de Peruviaanse en de regionale context”. 

Het congres zal 1.000 experten uit de wetenschappelijke, academische, zakelijke en landbouwgemeenschappen bijeenbrengen. Van de deelnemers komt 60 procent uit Latijns-Amerikaanse landen.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!