Cultuurwerk kent hoge werkdruk

Uit een enquête van het sociaal fonds voor podiumkunsten blijkt dat cultuurwerkers in de podiumkunsten en de muziek met plezier en engagement werken. Maar 47% geeft aan nood te hebben aan herstel. 26% zegt constant moe te zijn en rust nodig te hebben. Zonder maatregelen kan deze groep binnen een half jaar uitvallen door ziekte.

dinsdag 28 maart 2017 22:31

Het lijkt wel een Nederlands scenario: na de cultuurbesparingen staken kunstenaars en artistieke organisaties er een tandje bij om te bewijzen dat ze – tegen de negatieve perceptie vanuit rechtse hoek in – wel degelijk maatschappelijke meerwaarde bieden. Het was slechts een kwestie van tijd voor de getuigenissen over burn-outs als popcorn uit een oververhitte pan opsprongen.

Valkuil

De enquête, afgenomen bij 1.123 cultuurwerkers, toont twee verschillen met andere sectoren: de motivatie ligt veel hoger maar de herstelnood ook. Die combinatie is een valkuil: blijf je doorgaan tot je het deksel op de neus krijgt?

Wachten tot een volgend onderzoek dat niet de herstelnood meet maar het aantal burn-outs zou cynisch zijn. Want dan is het voor velen al te laat. Herstelnood is een risico-indicator en betekent dat men zich vermoeid voelt door het werk en nood heeft aan rust. Dat alarmsignaal kan je maar beter ernstig nemen.

Hoewel de herstelnood het hoogst is bij flexwerkers, geven ook de werknemers aan dat ze het moeilijk hebben. Dat is niet moeilijk te begrijpen: de onzekerheid omtrent de structurele subsidies waar de sector al sinds het aantreden van cultuurminister Gatz onder gebukt liep, de bergen energie die deze beoordeling opslokte en de beperkte middelen die het voor velen opleverde, doet de druk ook hoog oplopen bij medewerkers van organisaties. Precariteit is evenzeer een zorg voor de organisaties en de ‘flexwerkgevers’ die van project naar project hoppen.

Less is more

Werkritme en verloning, dat zijn twee belangrijke factoren die volgens de enquête aanleiding geven tot herstelnood. Bij flexwerkers komt daar de emotionele belasting en de jobonzekerheid nog bij. Herstelnood mag geen taboe zijn en daarom is sensibilisering nodig. Maar de vraag of het misschien allemaal wat minder kan, mag ook wat meer luidop gesteld.

Door de toename aan zomerfestivals hebben de podiumkunsten en muziek amper nog een rustperiode. Ligt de prestatiedruk niet simpelweg te hoog? Als deze regering bespaart, waarom dan de programmatie niet aanpassen? Waarom niet nadenken over de-growth: slechts doen wat je aankan en dat kwalitatief extra zorg geven.

Linkse hobby?

Belangrijk aan deze enquête is ook dat ze de beeldvorming rond cultuurwerkers flink bijstelt. Het is niet omdat je in een sector werkt die inzet op artistieke ontspanning dat er niet keihard wordt gewerkt.

Het gaat dikwijls om volcontinue jobs – avondwerk en weekends – wat verklaart waarom podiumkunsten en muziek te kampen hebben met een uitstroom van mensen ouder dan 35. De work-live balans is te zwaar.

Oplossingen?

De sociale partners (werkgeversorganisaties en vakbonden) grijpen deze studie aan om samen een aantal maatregelen uit te werken. Te beginnen met een beter statuut voor precaire cultuurwerkers dat de rechtstreekse aanstelling van flexwerkers vereenvoudigt en verbetert.

Dat tempert de lokroep van schijnwerkgevers als tussenpersoon die zonder arbeidscontracten werken en zo de cao’s ondergraven. Door nieuwe modelcontracten kunnen cultuurwerkers genieten van alle sociale voordelen die in de sector worden afgesproken tussen de sociale partners.

Een tweede uitdaging: er voor zorgen dat er ook een garantie is voor de kwaliteit van de tewerkstelling bij projectmatige initiatieven: bij de toekenning van werkbeurzen en projectsubsidies moet er rekening gehouden worden met een realistische personeelskost gekoppeld aan een correct werktempo in het opgestelde budget.

VIA akkoord

Daarnaast zullen de sociale partners (oKo, ACOD Cultuur, LBC-NVK, ACLVB) werk maken van een nieuw VIA akkoord zodat nieuwe sectorcao’s opgemaakt kunnen worden inzake tijdskrediet, loopbaanbegeleiding en -ondersteuning, landingsbanen, preventie, enzovoort.

 Het vorige VIA akkoord dateert van de periode 2012-2015 en was een goede start om de loon- en arbeidsvoorwaarden en de kwalitatieve omkadering van de sector te verbeteren. Een vervolg is noodzakelijk, zo blijkt uit de enquête. De sociale partners nodigen de Vlaamse Regering uit om de onderhandelingen over een nieuw VIA op te starten.

Cultuurminister Gatz kondigde vorige week aan 3 miljoen euro extra te willen vrijmaken voor de Vlaamse fictie. Een groot deel daarvan is voor commerciële zenders zoals VTM. We kunnen er dus vanuit gaan dat er ook wel middelen te vinden zijn om een domino aan burn-outs te vermijden in de publieke sector?

Meer informatie over de enquête vind je hier.

 

Robrecht Vanderbeeken is filosoof, auteur van Buy Buy Art. De vermarkting van kunst en cultuur (EPO, 2015) en vakbondsverantwoordelijke voor ACOD Cultuur.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!