Opinie - Charles Ducal

Hoe luid moet iemand om hulp roepen?

Onlangs probeerde een man uit Togo zelfmoord te plegen in het Transitcentrum Caricole. Op deze Internationale Dag tegen Racisme en Discriminatie vraagt de vzw Recht op Migratie (www.rechtopmigratie.be) aandacht voor de onmenselijke situaties die door het huidige uitzettingsbeleid worden gecreëerd. Met de bijbel opengeslagen bij een bekende parabel.

dinsdag 21 maart 2017 11:47

LUCAS 10 EN DE MAN UIT TOGO

Hoe luid moet iemand om hulp roepen om een barmhartige Samaritaan te doen stoppen? U kent het verhaal natuurlijk. U weet, zij die eerder passeerden waren op weg naar dringender zaken. Een belangrijke vergadering in een of ander politiek of financieel cenakel, wie weet? Of waren te zeer verdiept in hun smartphone, waarop ze het slapende volk alvast een tweet voor een prettig ontwaken toezonden. “Yeppiyee! Gewonnen!” Of iets van vergelijkbare kleinhartigheid. Zij liepen in Lucas 10 de man in nood voorbij. Mogelijk riep hij niet luid genoeg.

Hetzelfde kan gezegd worden van B. uit Togo, al schreeuwde hij zijn keel schor en lieten zijn kreten aan duidelijkheid niets te wensen over. Niet luid genoeg om buiten de muren van het Transitcentrum Caricole in Steenokkerzeel het krantengeritsel of cameralicht zijn richting uit te sturen. Wat riep hij? “Mij repatriëren naar Togo is hetzelfde als een dier naar het slachthuis brengen.”

Ik moet plots denken aan de slachtkoeien uit een bekend Gaiafilmpje, meer bepaald die ene koe die ik – die eerder zuinig tv kijk – toch al minstens vijf keer heb gezien, onlangs nog toen de dierenrechtenorganisatie The Muscles of Brussels naar België wist te halen. Wat nieuwswaarde betreft ligt de koe een eind voor. Er bestaat nu eenmaal geen Gaia voor de uitgeprocedeerde, gevangen en met gedwongen uitwijzing bedreigde evenmens. Of beter: zo’n Gaia bestaat wel, op tientallen plaatsen zelfs waar de menselijke solidariteit het haalt van onbegrip en onverschilligheid, maar zelden of nooit op het oplichtend zevenuurscherm of de voorpagina van uw krant. Een van die kleine doodgezwegen stemmen is Getting The Voice Out en zij meldde onlangs dit:

“Lichamelijk en geestelijk uitgeput door een opsluiting van meer dan drie maanden in een gesloten centrum, diende B. het hoofd te bieden aan het Commissariaat Generaal en de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen, die doof bleven voor zijn hulpkreten. Die kreten waren nochtans overduidelijk. “Ik sterf liever in een Belgische gevangenis dan te moeten terugkeren naar Togo.” “Me repatriëren naar Togo is hetzelfde als een dier naar het slachthuis brengen.” De administratie had als enig antwoord: “De elementen betreffende uw homoseksualiteit zijn niet overtuigend en onvoldoende coherent”. Hij werd geïntimideerd met pogingen tot manipulatie en dreigementen. Men toonde hem videos van gedwongen uitzetting met als commentaar “dat hij best een ‘vrijwillige’ terugkeer aanvaardde, nu het nog kon”.Het is in deze context dat hij, geen enkele uitweg meer ziende, gepoogd heeft een einde te maken aan zijn lijdensweg. Op deze datum (15 maart) is hij nog altijd in de ziekenafdeling van het centrum Caricole.”

Is dit niet één versie van het verhaal? Uiteraard. Is die versie betrouwbaar? Gezien het om stemmen van binnen het centrum gaat: niet te controleren. Verliep de procedure die leidde tot de beslissing te repatriëren correct? Waarschijnlijk. Allemaal terechte vragen, maar: B. heeft zelfmoord willen plegen. Dat is een feit en het volstaat voor de barmhartige Samaritaan om van zijn ezel te stappen en te proberen zich voor te stellen wat het gesloten centrum al die maanden voor de man uit Togo betekende. Aan wanhoop, aan angst, aan stress. Getting The Voice Out postte op 1 maart een bericht dat aangeeft hoe B. de context ervoer waarin hij de dood boven zijn huidige toestand verkoos.

“Aan de buitenkant: enorme barrières, hekken zo ver als je ogen kunnen zien, luidsprekers om de drie meter, afgesloten ramen met schroeven. Aan de binnenkant: onschuldige mensen, geboren met de verkeerde documenten of in het verkeerde land. De opsluiting in het gesloten centrum ontmoedigt velen. (…) “We zitten hier in een kamer opgesloten van elf uur ‘s avonds tot zeven uur ‘s ochtends. We mogen de ramen niet aanraken anders gaat het alarm af. (…) Hoewel ze dezelfde tralies delen, heeft elke gedetineerde een uniek verhaal van politieke vervolging, gedwongen huwelijk of homoseksualiteit. B. werd gearresteerd in Zaventem. (…) Zijn misdaad? Zijn seksuele geaardheid. B. is gay. In Togo kon hij worden veroordeeld tot drie jaar gevangenisstraf. “Voor de autoriteiten van mijn land, is het een boze geest die een persoon drijft, en om hem hiervan te ontdoen moet hij worden geslagen of opgesloten.” B. werd in Togo niet naar de gevangenis, maar naar een militair kamp gestuurd, waar hij 3 maanden gevangen bleef en gemarteld werd. Daarom zocht hij in België bescherming. Als antwoord kreeg hij een uitzettingsticket. Het CGVS gelooft niet in zijn homoseksualiteit. “Het CGVS wijst erop dat je niet in staat was om hen te overtuigen,” werd tijdens de beroepsprocedure gezegd.”

Een hard en repressief vreemdelingenbeleid heeft de wind in de zeilen. Het racisme neemt onrustwekkend toe. Politici zoeken hun succes steeds meer in het naar de mond praten van vooroordelen en zure oprispingen en schuwen van langsom minder uitspraken die het racisme voeden. Wetten en wetsvoorstellen creëren een onderscheid tussen eerste- en tweederangsburgers. In dat klimaat maakt iedereen een keuze. Iedere politicus, iedere rechter, iedere redacteur of journalist, iedere ambtenaar, iedere burger. Helpen we mee, in naam van de vrije meningsuiting, de tolerantiegrens voor racisme almaar verder op te schuiven? Leggen we er ons bij neer dat onze overheden met hun beslissingen onmenselijke toestanden creëren? Lopen we de man in nood uit Lucas 10 voorbij of blijven we staan?

B. uit Togo is geen avonturier en geen masochist. Hij kwam niet om te profiteren, laat staan om zich in nesten te werken. Wat hij deed verdient begrip en respect. Hij zocht een menswaardig leven. Niemand heeft het recht in zijn plaats te beslissen welke stappen hij daarvoor zetten moet. Of zijn verhaal klopt of niet is in dat licht van ondergeschikt belang. Recht op migratie is een mensenrecht: artikel 13 en 14 van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens. In een geglobaliseerde wereld, waarin de macht van het kapitaal alle grenzen heeft opengebroken, met desastreuze gevolgen voor miljoenen mensen in termen van ontwrichte samenlevingen, armoede en oorlog, is het bovendien de evidentie zelf. Of mag de deur maar in één richting open?

Charles Ducal

(in naam van Recht op Migratie vzw)

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!