(flickr/Waxx)

Amnesty: grote merken gebruiken kinderarbeid voor palmolie

Palmolie heeft niet alleen een donkere milieukant, blijkt uit onderzoek van Amnesty International. Kinderen van acht jaar produceren in gevaarlijke omstandigheden palmolie die grootste merken ter wereld als Colgate-Palmolive, Kellogg’s, Nestlé, Procter & Gamble en Unilever gebruiken in hun voeding, cosmetica en producten.

woensdag 30 november 2016 14:13
Spread the love

De mensenrechtenorganisatie Amnesty International onderzocht de arbeidsomstandigheden op plantages in Indonesië die palmolie bezorgen aan het Singaporese bedrijf Wilmar, ’s werelds belangrijkste verwerker en verkoper van palmolie. Geen van de ondernemingen waar Amnesty contact mee opnam, ontkende de vastgestelde misbruiken.

Amnesty legt het spoor naar kinderarbeid en andere vormen van sociale uitbuiting bloot tot bij negen multinationals, waaronder Colgate-Palmolive, Kellogg’s, Nestlé, Procter & Gamble en Unilever.

Amnesty sprak voor zijn onderzoek met 120 arbeiders die werken op plantages die eigendom zijn van twee dochtermaatschappijen van Wilmar en van drie leveranciers van Wilmar in Indonesië. Die gesprekken brachten een brede waaier van misbruiken aan het licht.

Zo moeten kinderen, soms niet ouder dan acht, gevaarlijk en fysiek zwaar werk verrichten en thuisblijven van school om hun ouders te helpen op de plantage. Arbeiders lopen ernstige verwondingen op door paraquat, een zeer giftig chemisch product. Hoewel de EU en ook Wilmar zelf dit product verbieden, wordt het nog altijd gebruikt op deze plantages. Arbeiders moeten bovendien lange uren kloppen en belachelijk hoge productiedoelstellingen halen.

Paraquat is een chloridezout dat alle onkruid aanpakt. Het product werd ontwikkeld door het Britse ICI, nu Syngenta en is bijzonder toxisch. Sinds 2007 heeft de EU na een jarenlange campagne van milieu- en vakbondsorganisaties het product verboden. Paraquat wordt echter nog steeds gebruikt, onder meer in de palmoliesector. Daar wordt paraquat gespoten terwijl de arbeiders onbeschermd verder moeten werken.(nvdr).

Opvallend is dat drie van de vijf palmkwekers die Amnesty onderzocht, erkend zijn als producent van “duurzame” palmolie, volgens de normen van de Roundtable on Sustainable Oil, een orgaan dat in 2004 werd opgericht om het imago van de palmoliesector op te schonen na een aantal milieuschandalen.

“Het rapport toont duidelijk aan dat bedrijven de Roundtable hebben gebruikt als een schild om grondig en kritisch onderzoek te weren”, zegt Seema Joshi van Amnesty. “Deze bedrijven hebben op papier misschien sterke controlemechanismen, maar in de praktijk detecteerde geen enkel van hen de zware misbruiken in de bevoorradingsketen van Wilmar.”

Blind voor uitbuiting

“Bedrijven zijn blind voor de uitbuiting van arbeiders in hun bevoorradingsketen”, zegt Meghna Abraham, onderzoeker van Amnesty International. “Ze beloven hun klanten enerzijds dat er van uitbuiting geen sprake is, maar anderzijds blijven ze voordeel slaan uit onthutsende misbruiken.”

“Grote namen als Colgate, Nestlé en Unilever verzekeren klanten dat ze in hun producten ‘duurzame palmolie’ gebruiken, maar onze bevindingen tonen aan dat die palmolie allesbehalve duurzaam is”.

“Er is niets duurzaams aan palmolie die wordt geproduceerd met kinderarbeid en dwangarbeid. Er is iets grondig mis als negen bedrijven met een gezamenlijke omzet van 325 miljard dollar in 2015 niet in staat zijn iets te doen aan de verschrikkelijke behandeling van arbeiders op de palmolieplantages die nauwelijks meer krijgen dan een aalmoes.”

Bron: Amnesty International Report Palm Oil – Global brands profiting from child and forced labour

Amnesty International video Fruits of their Labour (12’09”)

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!