A Quiet Passion: Emily Dickinson biopic van Terence Davies

Britse filmlegende Terence Davies: “Ik kan niets doen waar ik niet in geloof”

Regisseur Terence Davies mag dan voor kenners de grootste levende Britse filmmaker zijn, een commercieel cineast is hij niet. Daardoor krijgt hij zijn films moeilijk geproduceerd, ook al levert hij meesterwerken zoals Distant Voices, Still Lives en The Long Day Closes af. Omdat er vaak verschillende jaren tussen zijn films zit is het haast een mirakel dat Davies tijdens Film Fest Gent twee films voorstelde, het lyrische drama Sunset Song en de uitgepuurde biopic en prijswinnaar A Quiet Passion. Nu te zien respectievelijk op dvd en in de zalen.

zondag 30 oktober 2016 20:25

“Alles was een strijd” liet Terence Davies zich ontvallen wanneer we de 71-jarige in Liverpool geboren cineast onlangs in Gent spraken. Waarmee hij verwees naar zijn carrière en alle moeilijkheden die hij ondervond tijdens het maken van zijn films. Maar ook naar zijn turbulent privéleven met een moeilijke jeugd (een gewelddadige vader en een moeder die een gezin met 10 kinderen overeind trachtte te houden), een lange worsteling met geloof (van extreem devoot katholiek evolueerde Davies naar fervent atheïst) en zijn eigen seksuele geaardheid (zijn homoseksualiteit ervaart hij nog altijd als een beproeving).

Die op sommige vlakken zelfs permanente strijd vertaalde zich in vaste thema’s zoals verscheurende passies, familie, geheugen en verleden. Rode draad (en boodschap) is dat het pijnlijke emoties en een rijk innerlijk leven zijn die ons menselijk maken. De toon van de films van Terence Davies is steevast melancholisch, het ritme langzaam en de stijl lyrisch. Met muziek, literatuur en schilderkunst als overduidelijke invloeden leidt dat tot intense en picturaal mooie cinema.

Vrouwenverhalen in de verleden tijd

Met zijn Terence Davies Trilogy, The House of Mirth, Distant Voices, Still Lives, The Long Day Closes en The Deep Blue Sea dook Terence Davies reeds in het verleden en dat is in zijn jongste twee films (zijn jongste twee vrouwenverhalen) niet anders.

Grote Prijs van Film Fest Ghent winnaar A Quiet Passion is een (overigens gedeeltelijk in België gedraaide) biopic over de 19de eeuwse Amerikaanse dichteres Emily Dickinson. Voor Davies “een van Amerika’s grootste dichters”, een vrouw wiens werk “een immense waardigheid bevat en opvalt door diepzinnige meditaties over sterfelijkheid, de vergankelijkheid van het leven” en een getormenteerde kunstenares die focust op “de terreur en de schoonheid van de wereld”.

Al wordt de Amerikaanse maatschappij even grondig gefileerd als de Britse in Distant Voices, Still LIves, The Long Day Closes en The Deep Blue Sea. Een beetje zoals dat ander vrouwenverhaal The House of Mirth. Emily Dickinson provoceert de patriarchale samenleving door klassieke rolpatronen te verwerpen en dat stuurt A Quiet Passion in de richting van een feministisch melodrama.

Terence Davies is echter “een socialist maar geen politiek filmmaker” en zijn aandacht gaat vooral uit naar de moedige strijd van een tragische ziel en de link tussen kunst en een sterk innerlijk leven. Anderzijds gaat zijn voorkeur toch vooral uit naar een solidaire samenleving gecementeerd door gemeenschapsgevoel en heeft hij een bloedhekel aan het narcisme van het hedendaagse selfie-neoliberalisme.

Niet enkel A Quiet Passion maar ook dat andere vrouwenverhaal, de Lewis Grassic Gibbon adaptatie Sunset Song, is een intens drama over een sterke maar beproefde vrouw. Het Schotse boerenmeisje Chris Guthrie is in deze adaptatie van Lewis Grassic Gibbons roman een Schots boerenmeisje dat net voor Wereldoorlog I worstelt met een hard boerenleven, een beschadigde familie en een door de oorlog getekende liefdesrelatie.

 

Een rijk innerlijk leven

“Wanneer iemand mijn biografie schrijft zal het eerder een leaflet dan een boek zijn,” zegt Terence Davies, “ik leid een saai leven.” Wat niet weg neemt dat hij tijdens een interview boeiende dingen te vertellen heeft.

 

A Quiet Passion is een ode aan de kalme subversiviteit van de Amerikaanse 19de eeuwse dichteres Emily Dickinson.

Terence Davies: “Als 18-jarige ontdekte ik Dickinson dankzij een televisiedocumentaire. Claire Bloom las er haar gedichten voor. Pure lyriek: ‘Because I could not stop for death, He kindly stopped for me…’. Maar pas toen ik zeven jaar geleden haar radicale gedichten herlas kreeg ik interesse in haar leven.

Zes biografieën later besefte ik hoe weinig er over haar geweten is. Nee, ze was niet lesbisch en leed niet aan epilepsie. Omdat ze weinig reisde dacht men dat ze geen rijk leven had gekend. Maar Emily Dickinson had wel een rijk innerlijk leven en provoceerde graag de patriarchale en door religie gedomineerde samenleving.

Op je 17de zeggen ‘ik wil altijd bij mijn familie zijn’ is heel bijzonder. Binnenhuis leven werkte voor haar niet beperkend, het maakte haar emoties krachtiger. Ik herken me in het feit dat ze heel spiritueel maar niet religieus was, zelf bleef ik een goede katholiek tot ik besefte dat geloof een leugen is.

Haar spirituele tocht is interessant: wat doen we wanneer we een ziel hebben en er geen God bestaat? A Quiet Passion (2016) toont ook haar dapperheid. Pijnstillers bestonden toen niet en ze leed aan een pijnlijke nierziekte. Ze stierf na een hartfalen door die extreme pijn.”

Wat vond je bijzonder aan Emily Dickinson?

“Haar moed. Die rustige moed van haar vind ik heel ontroerend. Mensen vinden het niet spectaculair maar ik ben onder de indruk van haar dapperheid. Ze heeft ook heel wat mensen thuis zien sterven: haar moeder, haar vader. Mensen stierven toen thuis, dood werd niet verwezen naar een hospitaal.

Je zag mensen lijden en sterven, het lichaam bleef dan in het huis tot de begrafenis; mensen leefden met de dood en met doden. In A Quiet Passion wou ik tonen hoe pijn en dood deel uitmaken van het dagelijkse leven, van de realiteit van iemand die zoals Emily in haar huis leeft.”

Naast muziek is ook schilderkunst een inspiratiebron.

“Bij Sunset Song liet production designer Andy Harris me kennismaken met de Deense kunstschilder Vilhelm Hammershoi (1864-1916). Ik ben geobsedeerd door lege kamers, traphallen en mensen die aan ramen staan en dat zijn nu net de dingen die hij schildert.

Wanneer hij mensen in beeld brengt zijn dat vrouwen die met de rug naar de kijker staan. Alles baadt in een Noorderlicht dat tristheid en melancholie creëert.” In de donkere maar warme interieurs van Sunset Song en A Quiet Passion versmelten, doordat de gestorvenen aanwezig blijven, heden en verleden.”

Vrouwen die vast zitten

Je bent geboeid door protagonisten die vast zitten in een moeilijke situatie

Ik zie hen niet als mensen die in een val zitten of berusten, zij zijn juist heel moedig. Het is wat mijn moeder, die de liefde van mijn leven was, deed. Ze worstelde met een aantal zaken maar ze zette door en keek naar wat ze wel had. De vraag die ze zich stelde was: hoe kan ik het best omgaan met de kaarten die het leven me geeft?

Het is wat mensen doen. De Amerikaanse auteur Henry Thoreau schreef “The mass of men lead lives of quiet desperation, and go to the grave with the song still in them.” Dat is correct, ik heb lang in een kantoor gewerkt waar ik het zag in mensen die zich naar hun pensioen slepen.

Wat sommigen zien als berusting, is eerder wanhoop. Met aanvaarding heeft het niets te maken, aanvaarding gaat samen met berusting en leidt tot passiviteit. Wanneer je kijkt naar wat het leven je geeft en je beter tracht te worden dan is dat vechten.

Mijn moeder kon niets doen aan haar verschrikkelijk leven met mijn psychotische, gewelddadige vader. Er waren tien kinderen en ze kon toen nergens terecht voor bescherming. ‘Leer er mee leven’ was de opvatting. Ze zorgde voor de kinderen en wou niet verbitterd geraken want verbittering is het ergste wat je kan overkomen.”

In Sunset Song gooit de moeder van de protagoniste wel de handdoek.

“Ze zegt ‘ik kan het niet meer aan’ maar ze wordt niet bitter. Bitterheid is verbonden met het gevoel dat er je iets ontzegd is. Liefde, een comfortabel leven of de publicatie van je gedichten.

Professionele jaloersheid vloeit voort uit afgunst maar dat gevoel kent ook Emily Dickinson in A Quiet Passion niet. Daarom is ze zoals ook Chris en haar moeder in Sunset Song niet bitter. Dat is natuurlijk mijn autobiografische getinte versie van personages die trachten er het beste van te maken.”

 

Talent en toeval

Mocht je na 12 jaar niet radicaal met je kantoorwerk gebroken hebben maar getracht hebben ‘er het beste van te maken’ dan hadden we The Long Day Closes en Distant Voices, Still Lives nooit gezien.

“Zo dramatisch was het allemaal niet. Uit geldnood ging ik werken in een transportbedrijf waar elke dag een beetje meer sterven was. Ondanks acteerlessen geraakte ik maar niet binnen in een Londense dramaschool. Uiteindelijk mocht ik met een kleine beurs naar de Coventry Drama School, waar ik het eerste deel van mijn trilogie schreef.

Met een beperkt bedrag mocht ik het van BFI producent Peter Shannon regisseren. De draaiperiode van Children (1976) was een hel omdat alle cast en crewleden me haatten. Ik was er daardoor van overtuigd dat ik geen talent had en wou stoppen. Maar je moest dan je beurs terugbetalen en dat kon ik niet, dus ging ik terug naar de dramaschool.

Ondertussen was Peter Sainsbury BFI productiehoofd geworden en hij vroeg het verhaal van mijn alter ego Robert Tucker verder te zetten. Wat gebeurde met Madonna and Child (1980) en Death and Transfiguration (1983).”

Na The House of Mirth (2000) was het elf jaar wachten op The Deep Blue Sea (2011) maar nu wordt Sunset Song (2015) meteen gevolgd door A Quiet Passion (2016).

“Opnieuw, puur toeval. Meteen na mijn Edith Wharton adaptatie The House of Mirth wou ik Lewis Grassic Gibbons Sunset Song reeds verfilmen maar de UK Film Council lag dwars. Dat leidde tot een stevig conflict. Jaren later kon ik beginnen maar was er onvoldoende geld, liep veel fout tijdens de opnamen en bleef de post-productie aanslepen.

Ondertussen had ik A Quiet Passion geschreven, vonden we snel geld en verliepen de opnamen vlot. Dat beide films elkaar naadloos opvolgen biedt geen garanties voor de toekomst. Maar ik heb al een tweede kans gekregen terwijl velen geen eerste kans krijgen. We zien wel of mijn Richard McCann-adaptatie Mother of Sorrows er komt.”

De troost van gedichten

Schrijf je zelf gedichten?

“Ja, al is er niets van gepubliceerd. Ik schrijf gedichten omdat dat het enige is dat geen geld kost. Films kosten veel geld maar wanneer het enkel om jou, het papier en de pen gaat kan je doen en zeggen wat je wil. Je kan je tijd nemen en er is niemand die zegt dat je iets niet kan doen.

Bovendien kan je niet alle ervaringen in proza vertalen. It gives me a lot of solace, het geeft me veel troost. Ik worstel vaak met wanhoop omdat ik het glas vaak als half-leeg ervaar en poëzie is perfect om dergelijke gevoelens te uiten en om na te denken over de human condition.”

Kan je gedichten goed reciteren?

“Ja, omdat ik een goed geheugen heb. Wanneer ik een film eenmaal gezien heb kan ik zo stukken dialoog herhalen. Lang dacht ik dat iedereen dat kon omdat niemand me zei dat ze het niet konden. Het is niet enkel een kwestie van een goed geheugen, sommige dingen maken ook een diepe indruk op me.

Toen ik opgroeide dacht ik dat wat ik in een film zag echt was. Ik had geen idee dat Hollywoodfilms in een studio gedraaid werden; voor mij was alles echt en gaven films een perfect beeld van Amerika. Een land waar iedereen rijk was, mooie tanden en hele grote keukens bezat.

Door mijn religieuze opvoeding kon ik makkelijk geloven in dingen. Film was niet enkel een taal maar ook een religie voor mij. Bovendien blijven dingen indruk maakten me bij. Ik weet nog perfect welke film ik zag in welke bioscoop, hoe de stoelen eruit zagen, waar ik zat.

Zo zag ik in een oude Londense bioscoop met loges, de Hippodrome, in 1956 The Battle of the River Plate. Een vervelende, mindere Michael Powell film maar met de begeleidende korte film La Ballon Rouge (Albert Lamorisse) huilde ik tranen met tuiten. Heel de zaal trouwens. Ik herinner me ook perfect waar ik toen zat.”

Geheugen en herinneringen

Helpen die herinneringen je wanneer je een film maakt?

“Mijn favoriete gedicht is er een van T.S. Eliot over geheugen en tijd. Maar ik ben ook een technofoob die zelfs niet overweg kan met mobiele telefoons. Ik begrijp de moderne wereld niet en walg van het heersende narcisme. Waarom zou je een foto van jezelf trekken wanneer je eet? Dergelijk narcisme is beangstigend.

Ook populaire cultuur is vreemd voor mij. Ik kijk niet naar televisie, het brengt je niets bij en voert enkel mensen op die totaal geen intelligentie hebben. Ik heb actrice Cynthia Nixon gezegd dat ik Sex and the City maar niets vond; al wat ze doen is eten, seks hebben en dingen kopen; gruwelijk. Maar Cynthia lijkt fysiek op Dickinson en acteert sterk.”

Hoe reageerde je op de brexit?

“Met afschuw, Groot-Brittannië is een dom klein eilandje dat nog altijd denkt dat het belangrijk is. En dat zijn we niet. We hebben Europa nodig. De tunnel heeft veel veranderd, we kunnen het land verlaten zonder te moeten vliegen. En we kunnen zien hoe beschaafd het continent is en hoe onbeschaafd wij zijn.

We hebben geen stijl maar decor en dat is een groot verschil. Ik denk dat het een ramp is, een doodvonnis, ik ben daar echt van overtuigd. Ik overweeg trouwens ernstig om een Iers paspoort aan te vragen, wat kan omdat mijn ene grootvader Iers was. Ik wil echt dat we deel uitmaken van Europa.

We hebben iets verloren dat we hadden moeten koesteren maar de Conservatieve regering was altijd euro-sceptisch omdat ze als domme, kleine eilandbewoners er nog van overtuigd zijn dat we belangrijk zijn maar we zijn het niet. We zijn geobsedeerd met WO II want dat was de laatste keer dat we belangrijk waren. We denken dat we meetellen, maar de belangrijke zaken spelen zich af in het Midden-Oosten terwijl wij enkel bezig zijn met onze relatie met Amerika.”

Europa versus Hollywood

Is dat de reden dat je je nauwer verwant voelt met Europese cinema dan met Hollywood?

“We zullen als Europeanen nooit kunnen wedijveren met Hollywood en we moeten dat ook niet proberen. De Rank Organisation heeft veel geld verloren toen ze trachten in competitie te gaan. Terwijl we beter naar de waarden en talenten van ons land kijken want telkens we dat deden waren we succesvol.

Denk maar aan Kind Hearts and Coronets (1949) en It Always Rains on Sunday (1947), twee films van Robert Hamer die enkel in Engeland gemaakt konden worden maar wel universeel zijn. Je kan bovendien geen ander land imiteren. Amerikaanse acteurs die rondlopen met pistolen is al redelijk dwaas maar wanneer Britse acteurs dat doen wil je enkel zeggen ‘leg alles neer, ga naar huis en blijf daar’.

We kunnen het niet doen en het oogt zo idioot, zeker wanneer we tough guys willen zijn. Echte gangsters zoals de Krays zagen er heel gewoon uit, het leken wel zakenmannen, en daarom waren ze succesvol. Ze waren niet zo agressief maar wanneer wij er een film over willen maken proberen we de Amerikanen na te doen en doen we het slecht.”

Heel wat regisseurs willen vooral regisseur zijn en niet zozeer een bepaalde film maken. Jouw films geven je als kijker het gevoel dat je ze moest maken.

“Ik kan niets doen waar ik niet passioneel in geloof. Meedraaien in een industrie die draait om geld zint me niet; ik wil emotioneel en intellectueel geraakt worden door films. Wanneer ze ons zelf dingen laten interpreteren zijn het goede films. Wanneer je de instructies ‘lach’, ‘huil’ en ‘wees opgewonden’ krijgt zijn ze slecht.”

Gent, 13/10/2016

A QUIET PASSION: Terence Davies, UK-B 2016, 125′; met Cynthia Nixon, Jennifer Ehle, Keith Carradine, Duncan Duff; scenario Terence Davies; fotografie Florian Hoffmeister; montage Pia Di Ciaula; muz. Ian Nell; distributie Potemkino, release 2 november 2016

SUNSET SONG: Terence Davies, UK 2015, 135′; met Agyness Deyn, Mark Bonnar, Peter Mullan, Kevin Guthrie; scenario Terence Davies naar Lewis Grassic Gibbon; fotografie Michael McDonough; montage David Charap; muz. Gast Waltzing; dvd distributie Metrodome

 

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!