Haley Squires in I, Daniel Blake: Woede is een terechte emotie

Actrice Haley Squires over I, Daniel Blake: “Een interne motor houdt Ken Loach strijdbaar”

Voor het ontdekken van jong acteertalent moet je bij de Britse levende legende Ken Loach zijn. In diens sociale drama 'I, Daniel Blake' grijpt de 28-jarige Hayley Squires de kans om al haar woeste energie en pure razernij te ballen in een authentiek personage, een alleenstaande moeder die vernederd wordt door een kafkaiaanse bureaucratie. “Loach zegt de dingen zoals ze zijn,” stelt Squires, “dat raakt je en daar word je ook heel kwaad van. Ontdekken hoe hij dat doet was een geweldige leerschool.” Een gesprek over acteren en sterke cinema.

donderdag 27 oktober 2016 10:24

Op de vraag of ze graag opnieuw voor Ken Loach wil werken antwoordt Hayley Squires kort en krachtig: “I want to work again for Ken in any way, shape or form.I, Daniel Blake was duidelijk een positieve ervaring voor de in Londen geboren actrice.

“Ik wil de dankzij Paul Laverty en Ken Loach verworven kennis gebruiken om mijn eerste scenario af te werken” klinkt het bij haar bezoek aan Film Fest Gent. Dat is voor Squires, die reeds een toneelstuk schreef, een eerste stap in de richting van haar ultieme droom: regisseren. Wanneer Loach (dan toch) met pensioen gaat is de opvolging verzekerd. Want strijdvaardig is Hayley Squires ook. Bovendien wordt ze ook gedreven door verontwaardiging en woede.

Uitdaging voor een nieuwkomer

I, Daniel Blake is niet je acteerdebuut maar je bent wel een relatieve nieuwkomer.

Hayley Squires: “Ik beëindigde mijn acteerstudies in 2010 maar het duurde even voor ik als filmactrice aan de slag kon. In afwachting speelde ik in televisiereeksen zoals Call the Midwife, Murder en het door Martha Marcy May Marlene maker Sean Durkin geregisseerde Southcliffe. Dat leverde me kleine rollen op in onafhankelijke films zoals Blood Cells en A Royal Night Out maar I, Daniel Blake is inderdaad mijn eerste grote rol.”

Hoe kreeg je de rol van Katie, de alleenstaande moeder van twee?

“Mijn agent belde me om te zeggen dat Ken Loach een casting organiseerde. Uiteraard ging ik er meteen naar toe. Ik zag er naast de regisseur ook de casting directeur. Je moet weten dat er op dat moment al een scenario van Paul Laverty bestond maar dat wij als acteurs het niet te zien kregen. Ken draait chronologisch en geeft je tijdens de opnamen maar fragmenten uit het script.

Tijdens de casting wist ik zelfs niet waar de film over ging. We praatten eerst over mij en mijn leven, daarna deden we twee auditieronden met improvisaties. Gevolgd door nog een derde ronde met (stand up comedian en acteur) Dave Johns die Daniel Blake speelt. Achteraf kreeg ik te horen dat ik de rol kreeg.”

Weet je waarom Loach precies jou koos?

“Ik weet het niet zeker maar ik denk dat hij zag dat ik een interne kracht heb, dat ik niet makkelijk breek; kwaliteiten die Katie ook bezit. Paul Laverty zette haar neer als iemand die blijft gaan ondanks alle problemen en tegenkantingen.”

 

Balanceren tussen kracht en fragiliteit

Zag je achteraf waarom men je tijdens de audities bepaalde dingen had voorgelegd?

“In de scenario’s waarop we moesten improviseren zaten lichte en zware momenten maar een daarvan was achteraf veelzeggend: ik moest iemand spelen die haar job absoluut moest houden en door een werkgever geschoffeerd werd. De man was zo onbeleefd dat ik hem op zijn plaats zette in een reactie die bij Katie paste.”

Katie balanceert op een dunne lijn tussen fragiliteit en kracht, hoe zette Loach je op weg?

“Toen ik de rol kreeg vertelde Loach me het onderwerp van de film. Met de research die ik deed en de biografie van Katie die Laverty me bezorgde kon ik op weg. Ik wist waar Katie vandaan kwam en in welke situatie ze zich bevindt wanneer de film start.

Ik ontmoette ook verschillende vrouwen die met hun kinderen in soortgelijke situaties leven. Door tijd bij hen door te brengen zag ik hoe ze omspringen met hun kinderen, welke energie ze ontwikkelen om de dagelijkse overlevingsstrijd aan te pakken, hoe ze omgaan met situaties. Ook al omdat ik zelf geen kinderen heb was dat erg leerzaam.”

Wat wou je duidelijk maken over Katie?

“Dat ze een intelligente en energieke vrouw is die haar best wil doen om haar leven en dat van haar kinderen te verbeteren. Ken zei me dat honger een belangrijke factor voor haar was in het eerste deel van de film en ik concentreerde me op hoe ik dat gevoel van honger kon weergeven.

Toen ik eraan begon wist ik dat het meteen slechter voor haar zou gaan en dat we een lange weg af te leggen hadden maar dat het niet noodzakelijk beter zou worden. Katie moest iemand zijn met een positieve instelling. Ze zegt tegen Daniel “ik kan het niet opgeven”.

Doordat ze helemaal alleen, zonder familie en vrienden, in een vreemde stad zit vormt deze onbekende man die het voor haar opneemt zowat haar levenslijn. Alhoewel ze gesanctioneerd werd door de sociale inspectie en de honger dreigt heeft ze een vriend die haar bijstaat.”

 

Honger vreet aan een mens

Hoe ging je om met het fysieke aspect van stress en honger?

“Voor we aan de voedselbank scène begonnen heb ik vier dagen gevast, de laatste dag at ik zelfs niets, waardoor ik verzwakt en hongerig aan de opnamen begon. We deden niets spectaculairs voor die scène maar door de honger die ik echt voelde ontstonden er ook stress- en angstgevoelens.

Bovendien worstel je met controleverlies omdat je lichaam zwak aanvoelt en wanneer je dan je waardigheid verliest, wat Katie overkomt voor de ogen van haar kinderen, verhogen ook je emoties. De adrenaline neemt over en dan doe je onwaarschijnlijke dingen zoals je op voedsel storten.”

Was dat een ‘one-take‘ scène?

“We deden meerdere takes maar ik denk dat Ken de eerste gebruikte voor de film. We draaiden een ganse dag in de voedselbank omdat Ken veel kleine momentjes met het personeel, met Daniel en met de kinderen in beeld brengt. Maar uiteindelijk ging de dramatische scène snel.

Omdat Ken alles goed voorbereidt verliep het vlot maar na de derde take was ik emotioneel zo leeg dat ik tegen hem zei dat ik geen nieuwe take meer aankon. En Ken is absoluut niet de regisseur om je dan te forceren.”

Bij zulke intense scènes beleef je de emoties echt bij de eerste take maar bij volgende takes begin je ze te acteren.

“Ik denk het, al besef je dat niet op het moment zelf. We veranderden bij elke take de dialogen en omdat je zo in de emotie van de scène zit blijf je op die golf surfen. Maar langzaam ontglipt het je en ga je meer acteren.”

Ken Loach gelooft in rustige sets en acteurs die ervaringen beleven i.p.v. ze te acteren.

“Het hele proces is bijzonder. Loach geeft acteurs geen scenario’s, lost maar mondjesmaat stukjes informatie, draait chronologisch en sluit zijn acteurs niet op in trailers zodat iedereen constant samen werkt, leeft en eet. Alles verloopt heel intiem. Ik kende de naam van elk crewlid en dat was bij andere producties nooit het geval.

Loach zorgt samen met scenarist Paul Laverty en producente Rebecca O’Brien voor een heel aangename en stimulerende werksfeer. Loach is ook een lieve en grappige man die je aan het einde van de draaidag niet vraagt om ‘in karakter’ te blijven voor de volgende dag maar je uitnodigt om mee te gaan eten en praten over voetbal of andere dingen.

Hij prikkelt je tijdens de opnamen maar stelt je daarna gerust. Vertrouwen is daarbij cruciaal. Wanneer een regisseur je zo vertrouwt dat hij je zijn script niet geeft, dan moet je hem evenveel vertrouwen teruggeven. Bij andere regisseurs zou je dit zien als manipulatie maar niet bij Ken.

Op subtiele wijze geeft hij je wel dingen waar je iets mee bent als acteur. Al wat hij doet is erop gericht je job als acteur eenvoudiger te maken, er voor te zorgen dat je je op een comfortabele wijze kan blootgeven. Want dat doe je toch als acteur.”

 

De slechtste acteur in Engeland.

Hielp het feit dat Loach begon als acteur zijn carrière begon? Al zegt hij zelf dat hij de slechtste acteur in Engeland was.

“Dat was hij niet, maar dat is typisch die zelfrelativerende humor van Ken. Ik denk het veel te maken heeft met de barrières waarmee hij in zijn carrière geconfronteerd werd. Als jonge acteur voelde hij enorm veel weerstand op creatief vlak. Hij probeerde zaken uit en ontwikkelde langzaam de stijl en de werkwijze die hij momenteel heeft.

Ik denk dat alles op zijn plaats viel toen hij kennismaakte met eerst producente Rebecca O’Brien bij Land of Freedom (1995) en later scenarist Paul Laverty bij Carla’s Song (1996). Zij drie gingen een hecht team vormen en leerden uit hun gezamenlijke ervaringen. Zo ontdekten ze wat ze wel en niet wilden doen.”

Ze creëerden ook vrijheid voor zichzelf.

“Er is niemand die Ken Loach gaat zeggen wat hij wel of niet mag doen. Terwijl hij over de jaren zoveel vernietigende kritiek heeft gekregen dat een ander al lang gestopt zou zijn. Zijn integriteit stuwt hem voort maar ik denk ook dat hij een soort interne motor heeft die hem strijdbaar houdt. Een motor die hem doet doorzetten ook wanneer hij sterke tegenwind krijgt.

Die motor is sociaal, houdt verband met menselijkheid en gevoel voor onrecht, zaken die hem strijdbaar maken. Want de druk was er. Denk maar aan de politici die Hidden Agenda (1990) als IRA-propaganda afschilderden of journalisten die “why does this man hate this country?” titelden na zijn eerste Gouden Palm The Wind That Shakes The Barley (2006).

 

Kritiek en zelfkritiek

Ken Loach wil niet zomaar filmregisseur zijn, hij maakt films die hij moet maken en schrikt er niet voor terug om daarin op subjectieve wijze stelling te nemen.

“Inderdaad, hij weigert zich te verontschuldigen voor zijn standpunten die gemotiveerd zijn door woede en door afkeer van onrecht. Hij is links, progressief, en maakt inderdaad de films die hem het gevoel geven dat hij ze moet maken.

Dat is bijzonder verfrissend, te veel hedendaagse filmregisseurs denken dat zij de ster zijn, dat alles rond hen draait. Bijzonder narcistisch allemaal. In de Britse pers wordt vaak geschreven dat Ken een groot ego heeft omdat hij zo kritisch is en stevige politieke standpunten inneemt. Ik zie het anders, voor mij heeft Ken helemaal geen gigantisch ego, hij is geen narcist maar een bescheiden man met een groot empathisch vermogen.

Uiteraard heeft hij uitgesproken opvattingen maar dat is geen kwestie van ego. Zoals je zei werkt hij heel instinctief, maakt hij de films die hij voelt dat hij moet maken. Ondertussen is hij tachtig jaar oud en weet hij perfect wat hij wil bereiken als filmmaker. Op handen gedragen worden in Hollywood hoort daar niet bij.”

Loach is ook kritisch voor zichzelf. Zo heeft hij nog altijd spijt dat in 1990 een commercial draaide voor McDonald’s. “It sits really badly on my conscience” zegt hij in Louise Osmonds documentaire Versus: The Life and Films of Ken Loach (2016).

“Weinigen zouden dit doen maar Ken Loach is een eerlijk en moreel man. Hij is kritisch voor anderen en voor het systeem maar hij is ook hard voor zichzelf. Hij ziet zich niet als een heilige of een martelaar, als iemand die boven de anderen staat. Ken is een mens die tussen de mensen staat.”

Tragisch en grappig

Hij heeft ook gevoel voor humor. I, Daniel Blake is een tragische maar ook een grappige film.

“Humor en drama gaan hand in hand, wanneer je niet lacht dan huil je. Humor en woede zijn goede drijfveren om door moeilijke tijden te spartelen. Woede is een gevaarlijke emotie maar helpt je ook om onrecht te bestrijden en humor zorgt op stresserende momenten voor levensnoodzakelijke decompressie.

Het Britse systeem van sociale inspectie is belachelijk en absurd. Je kan je er bij neerleggen en gefrustreerd achterblijven maar je kan er ook mee lachen omdat het zo kafkaiaans is. Scenarist Paul Laverty is bijzonder beslagen in het blootleggen van de absurditeit van situaties en de humor ervan uit te vergroten.

Ken en Paul hebben een natuurlijk gevoel voor humor en dat sluit perfect aan bij hun films die draaien rond overleven en de interactie tussen mensen. Je kan geen humor vinden in isolement, daar tref je alleen pijn en vervreemding aan. I, Daniel Blake is een aanklacht die een onmenselijk systeem viseert maar het is ook een film over vriendschap, authenticiteit en solidariteit.”

I, Daniel Blake gaat ook over het herontdekken van een gemeenschapsgevoel.

“Als er een ding is dat terugkeert in alle gesprekken met Ken, Paul en Rebecca dan is dat het belang van een gemeenschapsgevoel en van groepen, van mensen die zich niet laten scheiden door de machthebbers. De Britse arbeidersklasse is verdeeld geraakt door de manier waarop ze in de media en de regering zijn voorgesteld.

De boodschap van I, Daniel Blake is dat mensen zich moeten verenigen, dat ze actie moeten voeren en weer een gemeenschap dienen te vormen. Niet dat iedereen een activist moet worden maar er moet weer aandacht komen voor andere mensen. Praat met je buren, steun elkaar. Heel eenvoudig: kijk je buurman of -vrouw in de ogen.

Ik denk dat daar in 2016 zo’n tekort aan is, niet enkel in Groot-Brittannië maar in de hele wereld, dat we er dringend iets aan moeten doen. Toen we de film voorstelden tijdens het New York Film Festival zeiden sommigen me dat ze juist de kleine gebaren van vriendelijkheid en vriendschap tussen de protagonisten zo krachtig vonden.

Dat is veelzeggend: het is omdat we deze dingen missen dat ze ons zo opvallen terwijl het heel gewone zaken zijn. Dingen die rond ons wèl aanwezig zijn maar die we niet zien omdat media en overheid ons willen overtuigen dat ze niet bestaan. Er wordt een soort paranoia gecreëerd waarin iedereen elkaars vijand is terwijl dat niet het geval is.”

 

Angst en vernedering

Kortom, het verhaal van anonieme immigranten die angst en racisme opwekken tot een van hen als mens van vlees en bloed voor ons staat.

“Ja, hij is niet zo, hij is anders, maar de anderen… Immigratie is in Europa een vuil, vies woord geworden, een wapen om mensen tegen elkaar op te zetten. Wat Donald Trump in de V.S. doet is duidelijk, hij gebruikt dit vuile woord als een wapen om de arbeidersklasse ervan te overtuigen dat ‘die andere mensen’ de vijand zijn.

Ze gaan dit wapen in de presidentsverkiezingen verder gebruiken en het zal nog enkele jaren meegaan maar dan wordt wel een nieuw wapen bedacht om verdeeldheid te zaaien. Heel triest en gevaarlijk.”

De systematische vernedering van mensen wordt haarfijn gefileerd in I, Daniel Blake.

“Mensen worden vernederd en krijgen het gevoel dat het allemaal hun schuld is. Dat gevoel wordt ons op grote schaal aangepraat. Van alleenstaande moeders zegt men: ‘wel, het was hun keuze om kinderen te krijgen’.

Gaan we werkelijk dit soort non-argumenten blijven gebruiken? Wisten die moeders misschien dat ze uit hun huis gezet gingen worden? Moeten ze uit angst voor wat er allemaal kan gebeuren dan maar geen kinderen krijgen? Ze trachten hun kinderen op een goede en positieve manier op te voeden maar ze krijgen meer tegenwerking dan steun.”

De volgende stap is hun recht op kinderen in vraag te stellen en de stempel ‘onbekwame ouder’ in te voeren.

“Dat is heel gevaarlijk. Er zit goed en kwaad in iedereen. Sommigen zijn misschien geen geschikte ouders maar dat zijn zeker niet allemaal arme mensen. Dat is zo discriminerend en marginaliserend. Opvoeden is een moeilijke zaak en de staat zou daarbij moeten helpen.

Kinderen veilig en gelukkig houden is een zware opgave in de hedendaagse samenleving. Bijzonder moeilijk voor iemand die zijn land ontvlucht en zich niet gewenst voelt in zijn nieuwe omgeving maar ook moeilijk voor iemand die het op zijn eentje moet rooien in Newcastle. Lukt het je niet dan ben je een slechte ouder, heb je geen job dan ben je lui, ben je arm dan is het jouw schuld.

Dat is verschrikkelijk en houdt vooral het systeem buiten schot. Ken Loach maakt met I, Daniel Blake duidelijk dat we ons niet schuldig moeten voelen of schamen. We mogen best wel verontwaardigd en boos zijn. Woede is een terechte emotie bij al deze vernederingen en verzet heel gerechtvaardigd.”

Gent, 11 oktober 2016

I, DANIEL BLAKE: Ken Loach, UK 2016, 100′; met Dave Johns, Hayley Squires, Sharon Percy, Briana Shann, Dylan McKiernan; scenario Paul Laverty; fotografie Robbie Ryan; montage Jonathan Morris; distributie Cinéart, release 26 oktober 2016

 

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!