Opinie -

Nee, die middelentoets is écht geen goed idee

Volgens het Laatste Nieuws en De Morgen ligt de middelentoets opnieuw op de tafel tijdens de begrotingsgesprekken. Die middelentoets houdt in dat uitkeringen gekoppeld worden aan vermogen: wie veel vermogen heeft krijgt minder of geen uitkering.

donderdag 6 oktober 2016 14:23

Een ‘oud’ voorstel, want tijdens de gesprekken over de begroting in 2015 werd dat voorstel al eens opgeworpen door regeringspartijen N-VA en Open Vld. In een interview met De Morgen uit juli 2015 zei Kris Peeters daarover: “Open Vld en N-VA brachten plotseling voorstellen over de werkloosheid mee. Die waren totaal onaanvaardbaar voor ons.”

Nu, een slordig jaar later, lijkt CD&V een bocht te maken. In het voorjaar reeds kwam Wouter Beke opdraven met een behoeftetoets. Die behoeftetoets koppelt inkomen aan uitkering. Hoe hoger het inkomen, hoe lager de uitkering is de redenering. Ondanks de zachtere terminologie komen de middelentoets van Open Vld en N-VA en de behoeftentoest van CD&V op hetzelfde neer. Dat een middelentoets een behoeftentoets wordt genoemd bij CD&V heeft vermoedelijk meer te maken met het dempen van de kritiek uit de achterban.

Het ziet er dus naar uit dat een middelentoets deze keer zal doorgeduwd worden.

BMW voor de deur

Op het eerste zicht lijkt een dergelijke middelentoets ‘rechtvaardig’. Je geeft minder aan vermogenden en meer aan niet-vermogenden. Dat zal ook het riedeltje zijn waarmee regeringspartijen zullen komen aandraven om de middelentoets te verantwoorden. En dat riedeltje zal vermoedelijk gepaard gaan met karikaturale voorbeelden à la “vind je dat iemand met drie huizen en een BMW voor de deur een uitkering moet krijgen?”

Dat is echter niet de vraag. Vooraleer ons te verliezen in dit soort kleuterdebatten dienen we ons de meer fundamentele vraag te stellen waarvoor een werkloosheidsuitkering precies dient. Verdedigers van een middelentoets gaan ervan uit dat uitkeringen louter een vorm van armoedebestrijding zijn: ze dienen om mensen te behoeden voor de armoede wanneer ze zonder werk vallen. Dat klopt natuurlijk. Maar een uitkering is ook meer dan dat. Werkloosheidsuitkeringen moeten de werkzoekende ook in staat stellen om zijn of haar levensstandaard te behouden. Het behouden van die levensstandaard is iets anders dan het louter vermijden van armoede.

Villa en goot

Het behouden van een levenstandaard is geen luxekwestie. Wie plots een drastische daling in levenstandaard dient te verwerken kan immers heel snel in een sociaal isolement terechtkomen, een isolement dat op zijn beurt de kansen om een job te vinden drastisch vermindert.

Laten we dit even concreet maken. Bij de ontslagen ING-werknemers zitten ongetwijfeld mensen die best bemiddeld zijn, die misschien zelfs een tweede eigendom hebben en die zich begeven in milieus met mensen die een gelijkaardig inkomens- en consumptiepatroon hebben. Stel dat de middelentoets er komt, dan zijn het dit soort mensen die vermoedelijk een drastisch lagere uitkering zullen krijgen. Sociaal isolement loert dan heel snel om de hoek, en armoede ook. De weg van een villa naar de goot is soms veel korter dan we denken.

Rechtvaardigheid is iets complexer dan iedereen ‘evenveel’ geven. Uitkeringen zijn ook rechtvaardig omdat ze toelaten dat het verlies van werk het leven, materieel gezien, niet al te drastisch overhoop gooit en mensen toelaten het leven dat ze opgebouwd hebben voort te zetten.

Dit pleidooi voor het kunnen behouden van een opgebouwde levensstandaard en tégen een middelentoets moet echter wel gepaard gaan met een simultaan pleidooi voor het verhogen van de laagste uitkeringen. Dat is het verschil tussen een nivellering naar beneden toe en een nivellering naar boven toe. Enkel die laatste vorm van nivellering is emancipatorisch. Maar het is net die optie die bij voorbaat wordt uitgesloten in het debat over de middelentoets, door het te herleiden tot karikaturale dilemma’s.

Vermogenskadaster?

Wie vindt dat het toch wrang aanvoelt, kan misschien overtuigd worden door een pragmatischer argument: hoe gaan we het vermogen en de inkomsten van mensen nagaan? Een vermogenskadaster, ja dat kan. Al wordt het amusant om te volgen hoe de regeringspartijen zich in bochten zullen wringen om een vermogenskadaster voor werkzoekenden te verantwoorden terwijl ze dat voor vermogenskadaster voor in het kader van vermogensbelasting steeds op principiële en praktische gronden verwerpen.

Feit is in ieder geval dat er een betrekkelijk groot controle-apparaat moet opgezet worden om de middelentoets te doen slagen. Een duur apparaat dat tegenover weinig inkomsten staat. Misschien is een echte vermogensbelasting dan toch rechtvaardiger én lucratiever dan een middelentoets?

Nivellering

Tot slot ook een waarschuwing, een middelentoets is een gevaarlijk precedent. Eenmaal ingevoerd kan hij indien nodig steeds restrictiever gemaakt worden. Er staat op zich geen ondergrens op. Is vandaag een tweede eigendom een reden om een uitkering naar beneden te halen, dan kan dat morgen het loutere bezit van één eigendom zijn. Is het vandaag de 100.000 euro op het spaarboekje, dan kan het morgen die ene euro zijn op het spaarboekje zijn. De middelentoets is de zoveelste stap naar beneden op een hellend vlak. Een stap die alweer inzet op het voorwaardelijk maken van sociale rechten en verdere nivellering naar beneden toe.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!