Een veld met suikerriet dat besproeit wordt (Christopher Porter)

Suikerproducenten slokken grondwater in El Salvador op

De suikerproducenten in El Salvador beloven duurzamer te gaan werken, maar de milieuproblemen blijven, zeggen boeren en activisten. Vooral het overmatig irrigeren baart hen zorgen.

donderdag 14 juli 2016 10:49

Landbouwer Juan Ruiz gelooft niets van de mooie beloftes van de suikerindustrie. Die promoot goede landbouwpraktijken die het milieu en de gemeenschappen in de buurt van de suikerplantages geen schade toebrengen.

“We hebben de morele plicht om de hulpbronnen aan onze kinderen en kleinkinderen door te geven, maar deze heren blijven het ons moeilijk maken.” Een put die hem tot voor kort van water voorzag, staat nu leeg. Hij moet geld lenen om met een buis en een pomp water op grotere diepte te halen.

Chemische producten

De suikerrietplantage rond Las Monjas, het dorp in het centrum van het land waar Ruiz woont, is drie maanden lang geïrrigeerd met grondwater via sprinklerinstallaties. Dat heeft verscheidene putten in zijn gemeenschap drooggezet.

De Salvadoraanse suikerindustrie kampt al lang met milieuproblemen. Zo maakt ze intensief gebruik van chemische producten, steekt ze de bladeren van het riet in brand om het oogsten te vergemakkelijken (en komen zo dorpen in de buurt onder het roet te zitten), en kapt ze bos om nieuwe plantages aan te leggen.

Handleiding

De Vereniging van de Suikerindustrie van El Salvador verspreidt sinds januari een 136 pagina’s tellende handleiding met richtlijnen onder haar leden. Die legt in detail uit hoe je een vergunning voor irrigatie aanvraagt, wat de juiste verhoudingen zijn voor chemische producten en hoe je de grondwaterlagen beschermt.

Er staat ook in wat de ideale windsnelheid is om de plantage vanuit een vliegtuig met glyfosaat te besproeien, een onkruidbestrijdingsmiddel dat de groenten op de omliggende landbouwpercelen kapotmaakt.

“Het klinkt mooi, zo’n handleiding, maar niemand wil die richtlijnen volgen en er zijn ook geen controlemechanismen”, zegt Carlos Flores van milieuorganisatie Unes.

Tomás Regalado, voorzitter van de Suikerstichting, de sociale poot van de Vereniging van de Suikerindustrie, zegt dat de handleiding misschien niet zo snel gebruikt zal worden als de milieuactivisten en boeren zouden willen, “maar de intentie is er, we gaan er op zijn minst mee aan de slag.”

Overmatig irrigeren

De Salvadoraanse suikerindustrie is goed voor 2,3 procent van het bruto binnenlands product en biedt rechtstreeks werk aan 50.000 mensen en indirect aan 250.000 mensen. Ongeveer 40 procent van de oogst gaat naar het buitenland.

De behoefte om meer te exporteren zal de druk op het milieu verhogen, vrezen milieuorganisaties en gemeenschapsleiders. Vooral het overmatig irrigeren, een gevolg van de droogteperiodes, baart hen zorgen. In de gemeente San Francisco Menéndez, in het westen van het land, gaat 77 procent van het grondwater naar de suikerrietteelt, terwijl die slechts 11 procent van de gewassen in het gebied vertegenwoordigt. Unes nam dat voorbeeld op in een in mei gepresenteerde studie over de uitbreiding van de Salvadoraanse suikerindustrie.

Waterputten zonder vergunning

De sector zelf vindt de impact niet groot. Van de 116.000 hectare voor suikerrietteelt wordt slechts 15 procent geïrrigeerd, “wat relatief weinig is”, zegt Julio Arroyo, directeur van de Vereniging van de Suikerindustrie.

Sommige suikerriettelers hebben een vergunning om waterputten te boren, maar een deel van die vergunningen is ondertussen vervallen. Anderen boren gewoon zonder vergunning, zegt Amílcar Cruz van Asociación Mangle, een organisatie die in de kustzone van het departement Usulután actief is.

Milieuorganisaties stellen ook de lakse houding van de overheid aan de kaak. “Er bestaan wetten die de Salvadoranen en het milieu beschermen, maar de overheidsagentschappen doen die niet naleven”, stelde de organisatie Voces de la Frontera in mei in de studie Grootschalige Suikerrietproductie in El Salvador.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!