Een volle brooddoos, vijftien weken lang

Een volle brooddoos, vijftien weken lang

dinsdag 31 mei 2016 14:20

Waarom de kinderbijslag wél geïndexeerd moet worden

Tik, tik, tik. De klok in de klas van Lise tikt ongenadig verder. Zonder dat ze het zelf weet, tikt ze zachtjes mee op de maat van de secondewijzer. Lise zit in de derde kleuterklas. Kloklezen kan ze nog niet. Maar als de twee wijzers helemaal boven op de 12 staan, weet ze dat het weer tijd is. Het vervelendste moment van de dag. “Kindjes, neem allemaal je brooddoos en zet jullie aan tafel.” Het woord brooddoos is nu al haar meest gehate woord. Ze haalt de doos uit haar rugzakje en zet ze voor zich op tafel. Ze wacht op het teken van de juf. De seconden lijken wel uren te duren. “Begin maar, kindjes”. Haar maag rammelt, en hoopvol prutst ze het dekseltje van de doos. Een half sneetje hard brood met kaas. Met liefde gemaakt, dat wel. Maar veel te weinig.

In België groeit bijna één kind op vijf op in armoede. In de steden leven één op drie mensen in armoede. Kinderen vertrekken naar school met een lege brooddoos. Dagelijks. In Antwerpen. Vaders gaan te voet naar hun werk, want de tram is te duur. Dagelijks. In Gent. Oma’s eten nooit warm, want hun pensioen is te klein. Dagelijks. In Brussel, in Charleroi. Maar ook in Turnhout, Oostende en Kortrijk. Voedselbanken hebben meer en meer klanten. Mensen hebben het krap. Elke euro telt.

En nu, in dit klimaat, zou de indexering van de kinderbijslag niet doorgaan. Voor de tweede keer al. Terwijl de kinderarmoede bijna verdubbeld is op tien jaar tijd.  87 euro verschil per jaar klinkt voor veel mensen misschien niet veel. Maar grof berekend, kan Lise met 87 euro vijftien weken lang een gevulde brooddoos hebben. Elke dag. Is dat dan niet de moeite waard?

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!