Analyse -

Over belediging en criminaliteit in Turkije

Voor pleitbezorgers van de in Turkije regerende Partij voor Gerechtigheid en Ontwikkeling (AKP) ligt het duidelijk: belediging van het staatshoofd is strafbaar. Daardoor weet iedereen die president Erdogan beledigt dat hem of haar vervolging te wachten staat. Daar moet je niet over zeuren, vindt men.

vrijdag 29 april 2016 14:26

Hierbij wordt eraan herinnerd dat in andere landen, zoals in Nederland, ook wordt vervolgd wegen belediging. Logisch dus dat dit in Turkije ook gebeurt, vindt men.

Nuance is hier ver te zoeken. Zeker, ook in Nederland is belediging strafbaar. Belediging van de politie bijvoorbeeld, waarover relatief vaak een strafzaak op gang komt. Vervolging wegens belediging van het staatshoofd, oftewel majesteitsschennis, komt in Nederland echter sporadisch voor. Tussen 1969 en 2013 kwam het daarover slechts drie maal tot een veroordeling.

Gül

In Turkije heerste voor 2014 een vergelijkbare situatie. Het was zeldzaam dat een president een klacht indiende wegens belediging. Dat veranderde nadat Recep Tayyip Erdogan het presidentschap op zich had genomen. Zoals bekend lopen momenteel bijna 2000 strafzaken tegen personen door wie hij zich beledigd voelt.

Deze toename kan verklaard worden met specifieke gevoeligheid bij Erdogan, wat wellicht volgt uit de consequenties van te lang en te veel macht. Aan de andere kant valt moeilijk te ontkennen dat hij vaker beledigend klinkende termen om de oren krijgt dan eerdere presidenten. Zijn voorganger, Abdullah Gül, die toch ook aan de AKP verbonden was, gebeurde dat vrijwel nooit.

Er bestaan veel verschillen tussen Gül en Erdogan. Eerstgenoemde hield zich aan de hoofdzakelijk ceremoniële taken die de Turkse grondwet aan het presidentschap verbindt. Hij trachtte als president een brug te vormen tussen verschillende groepen in de samenleving, wat inhield dat hij zich boven de partijen opstelde en zich niet bemoeide met de dagelijkse politiek.

Dictator

Erdogan doet dat heel anders. Door op te treden als een uitvoerend president legt hij de grondwet naast zich neer, terwijl onder zijn bestuur verschillende aspecten die onlosmakelijk aan een democratie zijn verbonden worden afgebroken. Dat gaat hem nog niet ver genoeg, want hij zou zijn volmachten graag uitgebreid zien in een nieuwe grondwet.

Zijn honger naar macht brengt veel Turken ertoe om Erdogan als een dictator te beschouwen. Wie dat in het openbaar zegt wordt aangeklaagd wegens belediging. Terecht, vinden zijn pleitbezorgers, omdat het staatshoofd van een land waar verkiezingen worden gehouden geen dictator kan zijn.

Dat is echter maar een uitleg van het woord. Het woordenboek Van Dale omschrijft een dictator ook als een ‘heerszuchtig iemand’. Dat Erdogan geen middel te ver gaat om zoveel mogelijk macht te vergaren, zorgt ervoor dat hij goed aan deze definitie voldoet. Dat maakt de uitspraak dat hij een dictator is eerder tot een beschuldigende constatering dan een belediging.

Dief

Iets anders ligt het met als beledigend geïnterpreteerde ‘dief’. Dat die uitspraak in zwang raakte kwam door het eind 2013 onthulde corruptieschandaal rond de AKP, in verband waarmee Erdogan en een aantal van zijn familieleden vaak werden genoemd.

Wanneer ik onterecht beschuldigd werd van een strafbaar feit zou ik uitzien naar een proces om mijn reputatie te zuiveren. Erdogan zette echter alles in het werk om de rechtsgang tegen te houden. Hij schoof de beschuldigingen weg als een ‘poging tot staatsgreep’ en greep in binnen het parlement toen een aantal AKP-leden akkoord dreigden te gaan met een voorstel over vervolging van vier van corruptie beschuldigde ministers.

Omdat geen rechter zich uitsprak over corruptie bij de AKP kan de uitspraak ‘dief’ als onterecht, en daarmee als beledigend worden beschouwd. Daar staat tegenover dat Erdogan de rechtsstaat hieromtrent frustreerde, wat als een impliciete schuldbekentenis kan worden opgevat.

Je zou kunnen zeggen dat het dus een beetje in het midden blijft hangen. Mede omdat Erdogan corruptie nooit expliciet ontkende, neig ik er zelf echter toe om de uitspraak ‘dief’ eerder als een beschuldigende constatering te zien dan als een belediging.

Los van corruptie bij de AKP komen uit Syrië overigens berichten die het gebruik van het woord ‘dief’ eveneens kunnen rechtvaardigen. Ik heb het over berichten dat de door de Erdogan en zijn AKP-regering gesteunde ‘gematigde oppositie’ (lees: al-Qaeda) in Syrië op grote schaal productiemiddelen in dat land ontvreemdde, die vervolgens naar Turkije verdwenen. Het is lastig om daar een ander woord dan diefstal voor te bedenken.

Böhmermann

Zolang uitspraken niet honderd procent als belediging kunnen worden gecategoriseerd vallen ze onder de vrijheid van meningsuiting, zoveel is duidelijk.

Er bestaat dan ook een wereld van verschil tussen uitspraken die in Turkije tot de beschuldiging van belediging leiden en bijvoorbeeld het beruchte gedicht van de Duitse satiricus Jan Böhmermann. Hij beledigde om te beledigen, al was dat dan in een context die meer met de Duitse politiek te maken had dan met die van Turkije.

In Turkije volgen aanklachten over belediging daarentegen vrijwel altijd uit beschuldigingen op basis van feiten die Erdogan en zijn medestanders uit het publieke debat willen weren. Anders gesteld, het woord ‘geitenneuker’ is van een totaal andere orde dan ‘dief’ of ‘dictator’. Dit is een belangrijk onderscheid.

Hürriyet

Ik betreur het dat de beledigingskoorts rond Erdogan zoveel aandacht opeist, omdat wetsovertredingen die een veel zwaardere tol op de Turkse samenleving leggen daar onderbelicht door raken.

Onlangs trof ik in de krant Hürriyet een schokkende opsomming aan van feiten omtrent criminaliteit in Turkije. Medestanders van de AKP zullen hier wellicht stellen dat Hürriyet een krant is die vijandig tegenover de regering staat en daardoor niet voor objectief kan door gaan. Sinds medestanders van de AKP het redactiegebouw van Hürriyet belegerden en een columnist mishandelden is echter veel veranderd bij Hürriyet. Al dan niet terechte beschuldigingen over fraude bij een van de ondernemingen van Hurriyet-eigenaar Aydin Dogan droegen zorg voor een verdere aanpassing van het redactionele beleid.

Dat de kritische columnist Emre Deliveli werd ontslagen en zo plaats maakte voor Erdogans spreekbuis Abdulkadir Selvi was een mijlpaal in de transformatie van Hürriyet. Het gaat misschien te ver om de krant al regeringsgezind te noemen, maar semi-regeringsgezind dekt de lading heel aardig.

Wanneer Abdulkadir Selvi Hürriyet goed genoeg vindt om voor te schrijven, zie ik niet in waarom ik niet mag verwijzen naar door die krant opgesomde feiten over criminaliteit in Turkije.

Criminaliteit

Daar gaan we dan:

– Dagelijks worden gemiddeld vier mensen vermoord in Turkije.

– Tussen 2011 en 2014 nam criminaliteit met 58 procent toe in Turkije.

– Het aantal bij misdaad betrokken minderjarigen steeg tussen 2013 en 2014 met 6,2 procent.

– Geweldsmisdrijven, aanrandingen en verkrachtingen vonden in 2014 veertien keer vaker plaats dan tien jaar eerder.

– Tussen 2005 en 2010 werden meer dan 100.000 vrouwen seksueel belaagd.

– Gedurende de laatste zeven jaar steeg het aantal moorden van vrouwen met 1400 procent.

– Vier van de tien Turkse vrouwen krijgen te maken met fysiek geweld.

– In 2009 werden 12.635 zaken in verband met seksueel misbruik van kinderen geopend. In 2014 waren dat er 18.104. Een toename van 43 procent.

– Tussen 2004 en 2014 steeg het aantal gevallen van seksueel misbruik van kinderen met bijna 350 procent.

– 25 procent van de meisjes tussen zeven en negen jaar oud wordt seksueel misbruikt.

– 55 procent van de mishandelde kinderen tussen vijf en tien jaar, en veertig procent tussen tien en zestien, wordt het slachtoffer van incest.

Morele degeneratie

Al deze cijfers hebben betrekking op de periode waarin Turkije onder het bestuur viel van de heer Erdogan. Volgens zijn medestanders ging het nooit beter ging met het land dan nu. Aan de hand van de feiten over criminaliteit zeg ik: zo goed gaat het dus.

Uit de cijfers komt naar voren dat vooral vrouwen en kinderen de rekening gepresenteerd krijgen. De hang naar conservatisme in de samenleving wordt daar vaak als oorzaak van genoemd. Erdogan is de architect van die tendens. Het zou het daarom sieren als hij zich wat minder opwond over belediging, om in plaats daarvan meer werk te maken van criminaliteitsbestrijding. Zit er niet in, want het kweken van ‘religieuze generaties’ is veel belangrijker voor hem. Hij lijkt zich er niet om te bekommeren dat dit vooral op ‘mishandelde generaties’ uit zal draaien als het zo doorgaat. Anders gezegd, Erdogan veegt de tranen van verkrachtte meisjes weg onder hun hoofddoek. Dat het lachen hen vergaat is irrelevant; lachen mogen ze sowieso niet in het openbaar.

Een meerderheid onder stemmers zwicht onder druk van religieuze en nationalistische propaganda, met als gevolg dat zij voor Erdogan blijven gaan. Maar is dat een reden om blij te zijn met de onder zijn gezag sterk toegenomen morele degeneratie in Turkije?

Volg Peter Edel op Twitter

Peter Edel is schrijver van De diepte van de Bosporus, ene politieke biografie van Turkije (2012, Uitgeverij EPO, Antwerpen)

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!