Radicaal is het nieuwe realistisch

woensdag 30 maart 2016 17:41

Zondag was het Pasen en dat betekent voor veel mensen het einde van de vasten. Voor mij en vele anderen betekende dit het einde van Dagen Zonder Vlees. Bijna honderdduizend Vlamingen aten veertig dagen geen of minder vlees en vis. Dat is een goede zaak want de vleesproductie heeft een enorme impact op de opwarming van de aarde, het tekort aan drinkbaar water en de afname van biodiversiteit. De vleesindustrie draagt met andere woorden een grote verantwoordelijkheid in de ecologische crisis waar we op af stevenen. Na de vasten zou Jezus zijn herrezen. Het lijkt echter naïef te geloven dat onze aarde sinds zondag, dankzij Dagen Zonder Vlees herrezen is. In dit artikel wil ik daarom verder gaan waar Dagen Zonder Vlees stopt. In dit artikel wil ik de sensibiliserende actie van Dagen Zonder Vlees koppelen aan een politiek alternatief.

Het grote aantal deelnemers aan Dagen Zonder Vlees toont aan dat langzaam maar zeker iedereen lijkt te beseffen dat er een probleem is. Zelfs de paus is tegenwoordig bezorgd over het milieu. Iedereen wil vandaag groen zijn, maar dat betekent niet dat iedereen ook groen is. Politici die deelnemen aan Dagen Zonder Vlees en tegelijkertijd bossen laten kappen zijn een deel van het probleem, niet van de oplossing. Wellicht zullen we als we de planeet willen redden veel minder vlees moeten eten. Maar zelfs als iedereen plots individueel zou beslissen om nooit meer vlees te eten zal de ecologische crisis niet afgewend zijn. Daar is een grote systeemomwenteling voor nodig. De ecologische crisis is een sociaal probleem, met sociale oorzaken. De oplossingen zullen dus ook op een sociaal niveau moeten gevonden worden, niet op het niveau van individuele levensstijlen. Dat betekent niet dat individuele levensstijlen geen belangrijke rol kunnen spelen in de sensibilisering rond de ecologische crisis, wel dat ze gekoppeld moeten worden aan een breder politiek verhaal.

We leven dan wel allemaal op dezelfde planeet, de gevolgen van de ecologische crisis zijn niet gelijk verdeeld. Degenen die het minste schuld hebben aan deze crisis dragen er vandaag al de grootste gevolgen van. Het lijkt wel de bankencrisis. Terwijl de sjoemelende CEO van Volkswagen een ontslagpremie van ettelijke miljoenen krijgt, kampen arme boeren in het Zuiden met misoogsten ten gevolge van toegenomen droogte. Op de klimaattop in Parijs werd onder druk van de groene beweging een akkoord bereikt dat de opwarming van de aarde onder 2 graden en liefst onder 1.5 graden moet blijven. Maar de vervuilende multinationals die de top sponsorden slaagden er in om elke concrete maatregel die dit zou kunnen realiseren tegen te houden. Ook op een klimaattop geldt blijkbaar de gouden regel: ‘wie het goud heeft, maakt de regels’.

Multinationals hebben geen belang bij het oplossen van de ecologische crisis. Als we de opwarming van de aarde onder 1.5 graden willen houden, zal het grootste deel van de resterende olie in de grond moeten blijven. Zolang bedrijven winst kunnen maken met het verkopen van die olie hebben ze er echter geen enkel belang bij om dat niet te doen. Het is dus duidelijk dat om een echte oplossing te vinden we moeten durven ingaan tegen de belangen van multinationals. Kritiek op greenwashing –vervuilende bedrijven die een groen imago kopen- verdeelt de groene beweging niet maar politiseert ze. Het komt er namelijk niet enkel op aan voor de natuur te zijn; niemand is tegen de natuur. Het komt er op aan een alternatief uit te werken en zo echt kant te kiezen. 

Een veel gehoorde visie op het ecologische vraagstuk is dat het probleem er uit bestaat dat de natuur gratis is. Dat marktfalen moet worden bijgestuurd door de natuur een prijs te geven. Deze visie zegt eigenlijk dat de  natuur niet voldoende is aangepast aan de markt. De oplossing is dus het vermarkten van de natuur. De vervuiler betaalt, dat is de logica. Of anders gezegd: de betaler vervuilt. Vervuilen wordt zo een beetje het nieuwe golf, een elitesport voor de rijken. Eco-belastingen zijn optimistisch bekeken een groen likje verf om het falende systeem te redden. Cynischer bekeken is het een stap richting de privatisering van de natuur. Als je de logica van rekeningrijden consequent doortrekt kom je uit bij een geprivatiseerd wegennet. Mobiliteit is er in die logica enkel voor wie het kan betalen. Met de emissiehandel zijn we al een stap verder en wordt zelfs de lucht geprivatiseerd. De logische volgende stap lijkt het verkopen van de zonsopgang.

Tegenover de visie die pleit voor de vermarkting van de natuur staat een visie die de markt niet als oplossing, maar als oorzaak van het probleem ziet. Niet de natuur moet worden aangepast aan de logica van het economisch systeem. Het economisch systeem moet worden aangepast aan de logica van de natuur. Het zogenaamde marktfalen valt niet op te lossen met het uitbreiden van de marktlogica. Het marktfalen is immanent. Op een markt wordt de waarde van mensen en natuur gereduceerd tot de winst die er mee gemaakt kan worden. Als we de ecologische crisis echt willen aanpakken zullen we de reële waarde van de mens en de natuur opnieuw centraal moeten stellen. 

Om dat te bewerkstelligen is er nood aan een radicale democratisering van onze economie. Een gedemocratiseerd bedrijf moet namelijk geen verantwoording afleggen aan de aandeelhouder, maar aan de volledige bevolking. Dat zal niet van vandaag op morgen gebeuren, maar het is wel noodzakelijk. Een eerste stap zou het terug in handen nemen van de energiesector kunnen zijn. Vandaag kan Electrabel miljarden winst te maken met vervuilende energie. Een gedemocratiseerd energiebedrijf zou die miljarden kunnen investeren in goedkope, groene energie. Een democratisering van de economie zou ons met andere woorden in staat stellen zelf keuzes te maken voor duurzaamheid in plaats van te blijven wachten op multinationals zoals Electrabel.

Met de Turteltaks betalen wij vandaag voor de winsten die Fernand Huts binnenrijft met zijn zonnepanelen. Op die manier bouw je geen draagvlak voor een ecologische politiek, toch niet bij het grootste, werkende deel van de bevolking. Enkel wie al veel geld heeft kan nog meer verdienen door zonnepanelenparken te plaatsen. ‘Aan wie heeft zal gegeven worden’, zo luidt het Mattheüs effect. Een derde betalersysteem waarbij de overheid bijvoorbeeld de isolatiekosten voor woningen voorschiet zou veel democratischer zijn. Wie zijn huis isoleert kan dan de kosten renteloos terugbetalen met de efficiëntiewinsten die hij boekt. Nadien kan men de opbrengst houden, zonder vooraf een grote investering te moeten gedaan hebben. Ook voor de overheid en dus de belastingbetaler is zo een systeem volstrekt kosteloos.

Natuurlijk zal een ecologische transitie nooit volledig kosteloos zijn. Het zou echter democratischer zijn als voor die kosten niet steeds de werkende bevolking maar de grote vermogens zouden worden aangesproken. Zo zou de opbrengst van een miljonairstaks bijvoorbeeld voor een deel kunnen gaan naar een goedkoop en goed werkend openbaar vervoer, waarbij ook het personeel goed behandeld wordt. Dat is exact het tegenovergestelde van de grote besparingen die men vandaag in het openbaar doorvoert, terwijl men nog steeds miljarden uitgeeft aan bedrijfswagens. Vandaag wordt het openbaar vervoer bewust ondergefinancierd om de weg vrij maken voor privatisering. Er is wel degelijk een reden dat we spreken over ‘openbaar’ vervoer. In Groot-Brittanië waar de spoorwegen zijn geprivatiseerd heeft dit geleid tot meer ongevallen, duurdere tickets, meer kosten voor de overheid en een minder goede dienstverlening. 

Het is marktanarchie of democratische planning. Het is concurrentie en ongelijkheid of samenwerking en solidariteit. Het is een samenleving waar winst centraal staat of een samenleving waar mens en natuur centraal staan. Je kan de ecologische crisis niet loskoppelen van de huidige economische, democratische en sociale crisis. Wat we vandaag zien is het begin van een systeemcrisis. Oorlog, vervuiling en ongelijkheid zijn verbonden in een systeem waar winst boven waarde staat. In haar drang naar winstmaximalisatie vreet het kapitalisme aan al het waardevolle. We zijn vandaag getuige van een systeem dat in oorlog is met de planeet en haar inwoners. Als we deze crisis echt willen oplossen zullen we moeten uitgaan van wat nodig is, niet van wat in de huidige logica haalbaar is. We hebben geen nood aan ‘possibilisme of een groen likje verf over het huidige systeem. We hebben nood aan een radicale systeemverandering.

Klimaatverandering en de andere ecologische rampen die er dreigen aan te komen zijn niet enkel onderling verbonden, het zijn ook zichzelf en elkaar versterkende processen. We naderen een punt waarop de dynamiek onomkeerbaar wordt. Dat punt moeten we ten alle koste vermijden. Gelukkig kunnen ook sociale bewegingen onderling verbonden raken en zichzelf en elkaar versterken. Als de groeiende klimaatbeweging zich verbindt met de beweging van de brede werkende klasse kan er eveneens een dynamiek ontstaan die niet te stoppen is. ‘It always seems impossible until it is done.’ zei Nelson Mandela na het omverwerpen van de Apartheid. Met die ingesteldheid moeten we ons blijven inzetten voor een andere, meer duurzame en rechtvaardigere samenleving. Radicaal is het nieuwe realistisch!

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!