Opinie - Beno Schraepen, Hilde Maelstaf

Weg uit het handicapwereldje

Het onderzoek over de vrijetijdsbesteding van kinderen en jongeren met een beperking, gevoerd in opdracht van het Agentschap Cultuur Jeugd Sport en Media, legt de vinger op een pijnlijke wonde. Hoewel het aantal specifieke en inclusieve vrijetijds- en jeugdwerkingen de laatste jaren is toegenomen, vinden kinderen en jongeren met een beperking (en hun ouders) te weinig toegang tot het ruime en diverse vrijetijdsaanbod dat Vlaanderen rijk is.

dinsdag 15 maart 2016 14:40

 Uit de ruim 100 gesprekken met kinderen en jongeren met diverse beperkingen blijkt dat zij beperkt worden in hun vrijetijdskeuze: of ze zijn niet altijd welkom in het algemeen niet toegankelijk vrijetijds- en jeugdwerkaanbod dichtbij huis of haken er snel af, of ze zijn aangewezen op een aangepast aanbod vaak ver van thuis en met wachtlijsten.

Vrijetijdsarmoede

Deze vrijetijdsarmoede wordt nog versterkt door bepaalde specifieke zorgbehoeften waardoor ze al jong in een parallel circuit terechtkomen, weg van hun leeftijdsgenoten zonder beperkingen. Hun school is niet in de buurt waar ze wonen waardoor de lokale vrijetijdsmogelijkheden niet ontsloten worden, ouders en kinderen bouwen bijgevolg geen lokaal sociaal netwerk dat nodig en ondersteunend kan in de toekomst.

Door het vervoer van en naar school komen ze thuis wanneer al heel wat activiteiten begonnen zijn. De weinige ‘vrije tijd’ die overblijft wordt dan nog vaak ingevuld met allerlei therapieën en zorg.

Dat ze na school vaak te moe zijn om nog iets anders te doen, is een veel voorkomend antwoord. Verschillende zorginstanties verwijzen naar elkaar door: zorg, onderwijs, vrije tijd … ze bevinden zich op de handicaparchipel weg en te veel afgeschermd van hun leeftijdsgenoten en missen allerlei ontwikkelingskansen die voor hun leeftijdsgenoten vanzelfsprekend zijn.

Een gepaste vrijetijdsbesteding is voor elke jongeren meer dan plezier en ontspanning. Hun handicap maakt hen onzichtbaar en onbereikbaar.

Mindshift

Vrijetijdsactiviteiten zijn ook voor deze jongeren van onschatbare waarde. Het is die ruimte waar jongeren alles leren wat ze niet thuis of op school niet kan of mag, het is een plek waar ze andere competenties en talenten ontwikkelen, waar ze experimenteren zonder het alziend oog van de volwassene.

Vrijetijdsbesteding en jeugdwerk hebben bij ons ook een sterke emancipatorische waarde. Er wordt vergaderd, verantwoordelijkheid genomen, keuzes gemaakt, kortom geoefend in burgerschap en democratie. Al deze zaken worden jongeren met een beperking ontzegd. Meer Akabe’s of een groter specifiek aanbod alleen is geen oplossing.

Een volwaardig specifiek aanbod moet voorbij de louter animerende functie geraken en aandacht hebben voor alle vrijetijdsfuncties. Het mag niet enkel een veilige plek zijn maar het moet ook in verbinding staan met gelijkaardige werkingen voor leeftijdsgenoten zonder beperking.

Het lokale algemene vrijetijds- en jeugdwerkaanbod moet doorheen een mindshift: zij moeten het als natuurlijk zien dat kinderen en jongeren met een beperking deelnemen aan hun activiteiten en dit ook duidelijk communiceren naar alle betrokkenen.

Door samenwerking tussen alle lokale vrijetijdsorganisaties kan zo een vrijetijdsnet ontstaan waar kinderen en jongeren niet doorvallen. De geïnterviewde jongeren zijn formeel: hun ideale vrijetijdsbesteding gebeurt samen met leeftijdsgenoten met én zonder beperking die dezelfde interesses delen … weg van de handicaparchipel.

Beno Schraepen & Hilde Maelstaf, onderzoekers AP-Hogeschool.

Het volledige rapport is hier te lezen.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!