De onofficiële versie van de officiële noodhulp aan Nepal

In België is het zaterdagochtend als op 25 april 2015 een zware aardbeving Nepal door elkaar schudt. In de voormiddag komt een hulpvraag binnen en 's avonds beslist men om zondagavond een zoekteam te laten vertrekken, ook al wist men toen al dat ze te laat zouden zijn. Getuigen en een gelekte audit bewijzen dat het niet om een goedbedoelde blunder gaat. De realiteit is erger.

vrijdag 11 maart 2016 08:53

Experts van zes betrokken ministeries nemen in zulke gevallen samen een beslissing. In theorie. Minister Didier Reynders zei in het parlement dat er consensus was om een zoekteam en geen veldhospitaal te sturen, maar dat is een leugen. Iemand die mee aan tafel zat getuigt: ‘De vergadering was nog maar net begonnen of de vertegenwoordiger van Buitenlandse Zaken (BuZa) zei letterlijk: “We gaan geen medisch team sturen”. Hij wou wél B-FAST sturen, wat onder BuZa valt, ook al was het toen al duidelijk dat een zoekteam veel te laat zou zijn.’

Nepal heeft amper gewapend beton, wat bij een instorting vaak de aanleiding is tot het vormen van holle ruimten. In Nepal bestaan de huizen vooral uit baksteen en mortel en is het grootste probleem verstikking – iets waar je 24 uur na de ramp met het beste zoekteam niets aan kunt doen. Het B-FAST vliegtuig stijgt 38 uur na de ramp op en komt 82 uur na de ramp aan. De Nepalese overheid liet ons vliegtuig wachten omdat het tegen dan vooral medische en humanitaire hulp nodig had, geen snuffelhonden. Toen de foute keuze duidelijk werd, startte de PR-machine van Reynders op.

Didier Reynders beweerde in het parlement dat hij enkel stuurde wat de Nepalese overheid gevraagd had: een search team. Maar in de brief die de Nepalese overheid stuurde staat: ‘De meest dringende noden zijn: dekens, eten, drinkwater, tenten, medicijnen, eerstehulpmaterialen.’ Het woord ‘search’ staat er niet in. ‘Relief’ komt er wél veel in terug en daarmee doelt men op de humanitaire hulp die de vertegenwoordiger van BuZa uitsloot. Maar waarom zou hij dat doen?

In de nasleep van het B-FAST-debacle vraagt Kamerlid voor de sp.a Dirk Van der Maelen om een evaluatie van de Nepal-missie. De regering besluit om een algemene doorlichting van B-FAST te maken. In november, een dik half jaar na de aardbeving in Nepal en het uitrukken van B-FAST, krijgt ze de externe audit van 69 pagina’s op haar bord, maar die is moeilijk verteerbaar. De bespreking werd eerst naar januari en dan naar april verschoven. De audit is van mening dat extra budgettaire inspanningen nodig zijn om het potentieel van B-FAST te benutten. Er is sprake van een structurele onderbezetting. Dat is geen blunder, maar een politieke keuze. Maar er is meer.

Openlijk N-VA-gezinde artsen laten het niet na het Nepal-debacle te gebruiken om in de pers vraagtekens te zetten achter het nut van uitgaven aan deze vorm van buitenlandse noodhulp. Zo suggereerde Louis Ide, algemeen secretaris van de N-VA en arts, dat die middelen beter voor binnenlandse hulp ingezet zouden worden. Eigen volk eerst.

De auteurs van de audit stellen ook vast dat er ‘een gebrek aan wil tot compromis’ is en dat er vooral ‘te veel unilaterale beslissingen worden genomen, zonder consultatie met andere departementen.’ Waar de N-VA artsen daarvoor naar verpleger Geert Gijs van het Ministerie Volksgezondheid wijzen, komt uit de audit een ander geluid. ‘De operationele departementen zijn van mening dat het departement BuZa (Buitenlandse Zaken) de faciliterende rol van het B-FAST-secretariaat overstijgt en onterecht eenzijdige beslissingen neemt zonder daartoe de relevante competenties en inzichten van de andere departementen te respecteren en benutten.’

Diezelfde Didier Reynders blijft publiekelijk beweren dat de missie naar Nepal geslaagd was. De audit stelt letterlijk, het cruciale stuk tussen haakjes inclusief: ‘Een niet of minder succesvolle B-FAST-missie [de Nepalmissie in 2015] kan leiden tot een negatieve perceptie en één slechte operatie kan de totale beeldvorming sterk beïnvloeden.’ Maar dat was misschien wel de bedoeling.

Achter de schermen spelen meerdere conflicten. Er zijn artsen die het niet pikken dat een verpleger het vertrouwen van het team heeft. Er is de N-VA die het geld aan het eigen volk wil besteden versus de sp.a die internationale solidariteit voorop zet. Er zijn kabinetten die vooral aan het ego van hun minister denken en anderen die vertrekken van de noden van de slachtoffers. En ergens daartussen heb je een Open-Vld minister op Volksgezondheid (Maggie de Block) die wel verveeld zit met het geklungel van een lid van de liberale familie en de regering (Didier Reynders), maar de oppositie geen nieuwe episode ‘kibbelkabinet’ gunt. Maggie zwijgt.

In de pers kregen de N-VA gezinde critici vrije baan maar de modder en mist waren zo dik dat de mensen die voor B-FAST werken met een open brief naar buiten kwamen om hun steun te uiten aan verpleger Geert Gijs en om ons nog eens te herinneren aan waar het om zou moeten gaan: de slachtoffers zelf. Dirk Van der Maelen trekt als les uit het hele debacle dat de bevoegdheid van B-FAST beter onder de eerste minister zou vallen. ‘Dat is voor binnenlandse rampen nu al het geval en dat zou de strubbelingen tussen de verschillende kabinetten in de toekomst kunnen overstijgen.’ Maar de voorwaarde voor dat soort hervorming is dat er politieke wil bestaat om mensen die ver van ons bed in acute nood verkeren te helpen. De basisvoorwaarde is een minimum aan menselijkheid over de grenzen heen. Dat lijkt op dit moment wat veel gevraagd.

Nick Meynen is auteur van het boek “Nepal. Nieuwe wegen in de Himalaya“, dat zonet in derde en volledig herziene uitgave verscheen. Eén van de nieuwe teksten gaat over de noodhulp aan Nepal, waar het B-FAST verhaal een deel van is.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!