Opinie - 11 maart-beweging

Is kernenergie nodig tegen klimaatopwarming?

In december 2015 hebben meer dan 190 regeringen een akkoord gesloten in Parijs om de klimaatopwarming niet uit de hand te laten lopen. Het is duidelijk dat het doel van maximaal 1,5°C klimaatopwarming enorme inspanningen zal vergen. Sommigen denken dat alle mogelijkheden aangewend moeten worden om een op hol slaande opwarming te voorkomen. Hoort kernenergie bij deze oplossingen, of is het integendeel zelf een af te bouwen non-alternatief?

donderdag 10 maart 2016 18:06

In Parijs is overeengekomen om de opwarming “well below 2°C” (onder 2°C) te houden, waarbij partijen inspanningen moeten leveren om de opwarming zelfs onder 1,5°C te houden. Bovendien zijn er zowel wetenschappelijke als maatschappelijke krachten die 1,5°C nog te hoog vinden, en ijveren voor een uiteindelijke opwarming onder 1°C.

Hoe kunnen we deze gordiaanse knoop ontwarren, wetende dat de opwarming nu reeds 1°C nadert? Snelheid en grondigheid ter voorkoming van klimaatopwarming wordt hierbij sterk beïnvloed door het uiteindelijke maximale opwarmingsdoel. 

Kiezen tussen pest of cholera? 

Voor, tijdens en na de klimaatonderhandelingen heeft de nucleaire lobby, onder andere bij monde van het Nucleair Forum, tijd, geld noch moeite gespaard om kernenergie naar voren te schuiven als een deel van de oplossing. Zeggende dat kernenergie koolstofarm is, en past binnen een energiemix met hernieuwbare energiebronnen. Voorstanders van deze argumenten vinden dat kernenergie verder ontwikkeld zou moeten worden en vragen zelfs subsidies voor deze ondertussen verouderde technologie.

Al mag kernenergie minder koolstofrijk zijn dan fossiele brandstoffen, koolstofarm is toch nog wat anders. Wanneer men de hele nucleaire keten van mijnbouw tot afvalverwerking onder ogen neemt, dan is er wel degelijk uitstoot van koolstofhoudende broeikasgassen. Dit is typisch voor mijnbouw, maar ook voor andere energie-intensieve schakels in de keten, zoals bijvoorbeeld verrijking van uranium of transporten tussen alle schakels. Het is een bewuste versmalling van het gezichtsveld, wanneer men enkel de uitstoot van broeikasgassen van de kerncentrale zelf in rekening brengt.

Dat kernenergie een “mooie partner” van hernieuwbare energie zou zijn, is manifest niet waar. Hernieuwbare energie is van nature een flexibele energiebron. Het heeft inderdaad nood aan een partner, en zelfs méér dan één, maar met een andere naam!

De partners voor een flexibele productievorm zijn zelf flexibel. Ze dragen namen zoals energiebesparing en energieëfficiëntie, energieopslag, hernieuwbare en flexibele productie-eenheden, verbindingen over grote afstanden (“super grid”) en vraagsturing (“smart grid”). Juist kernenergie is het minst van al flexibel.

Men kan kernenergie niet of nauwelijks moduleren. Stel dat men dit (in beperkte mate) wel zou kunnen, wat zou dit dan betekenen voor een kernreactor zoals die van Doel 3? Deze reactor met meer dan 13.000 gebreken (scheurtjes) in haar reactorwand is erg risicogevoelig voor temperatuurschommelingen en schokken.

Wanneer men zo’n riskante reactor toch zou moduleren, dan verhogen de spanningen in het reactorvat, terwijl juist maatregelen genomen moeten worden om die te verminderen. Om een lang verhaal kort te maken, hernieuwbare energie heeft nood aan positieve partners, en niet aan één die haar het hof maakt om haar dan te kunnen verkrachten…

Bovenop dit alles is de onveiligheid van kernenergie overtuigend door de feiten aangetoond. De grote ongevallen in de UK (Windscale – Sellafield) en de VS (Three Mile Island) en de rampen in Tsjernobyl en Fukushima spreken voor zich. Niet voor niets herbekeek het gerenommeerde Max Planck instituut via modellen de werkelijke kans op een groot ongeval en schatte die meer dan 200 keer hoger in dan voorheen.

Dit betekent dat er elke 10 tot 20 jaar een fataal ongeval van het type Tsjernobyl of Fukushima kan gebeuren. Bovendien moet Doel door haar ligging in dichtbevolkt gebied en te midden van de grootste petrochemische cluster van Europa, beschouwd worden als een van de zes meest kwetsbare sites wereldwijd, en veruit de meest kwetsbare in Europa. Ook Tihange (Luik) en Borssele scoren hoog.

Honderdduizend bommen en granaten (en veel meer zelfs) 

Het is veelbetekenend dat de nucleaire lobbyisten hengelen naar gemeenschapsgeld om verder privé-winst te kunnen oogsten met een technologie die dat blijkbaar niet meer kan zonder massale overheidssteun. We kunnen hier niet langer spreken over een nieuwe technologie die innovatief en probleemoplossend is.

Neen, we spreken over een hoog problematische verouderde technologie uit de Koude Oorlog, die via haar zogenaamd programma van “Atoms for Peace” voldoende kernmateriaal wilde produceren voor de aanmaak van tienduizenden atoombommen in een oneindige wedloop naar de “Atoms for War”.

Recyclage voor niet bepaald vredelievende doeleinden kwam toen in hoge frequentie voor in deze sector. Via burgerlijke kerncentrales werden met behulp van opwerking van verbruikte brandstofstaven, de basiselementen gewonnen voor de aanmaak van atoombommen. En het afval werd dan weer gebruikt in “conventionele” munitie en pantserplaten. De burgers uit Basra – Irak, Kosovo, Afghanistan, etc. en ook de soldaten van westerse landen die werden uitgestuurd  en die werden blootgesteld aan de negatieve effecten, kunnen erover meepraten – of juist niet meer.

24.000 generaties lang krijgen onze (klein)kinderen een stralende erfenis

Kernenergie wordt voorgesteld als een veilige energiebron, dit terwijl de veiligheid van werknemers en omwonenden nooit meer bedreigd en beschadigd werd dan nu, door kernenergie. Dit geldt des te meer als men de hele burgerlijk-militaire keten in ogenschouw neemt. Voor het kernafval vindt men geen andere oplossing dan het door te schuiven naar minstens 24.000 generaties na ons. Dit geldt voor plutonium, want voor verarmd en vervuild uranium is deze periode nog veel langer. Verarmd uranium heeft een halfwaardetijd van meer dan 4 miljard jaren. Er bestaat gewoon geen veilige halveringsperiode voor verarmd uranium. Tegen dan bestaat de aarde waarschijnlijk al lang niet meer.

Voor regeringen die zo “inlevend” praten over hoe onverantwoord het wel is om de staatsschuld door te schuiven naar de toekomstige generaties, kan het tellen dat ze ook de nucleaire sector op al haar wenken bedient. Met Jambon van de NVA voor Binnenlandse Zaken en Marghem van de MR voor Energie hebben we twee exponenten van en voor Electrabel. Met hun beleid zijn zij direct verantwoordelijk voor het verder vergroten van de reeds erg omvangrijke afvalberg van hoogradioactief afval. Met de verlenging van de oude reactoren Doel 1 en 2 en de heropstart van de scheurtjescentrales vergroot de berg hoogradioactieve afvalstoffen elke dag.

Uitsluitend positieve energie

Waarom gevangen blijven in verouderde technologieën als er positieve alternatieven beschikbaar zijn? Milieu- en foutvriendelijke technologieën bestaan reeds in ontwikkelde vorm (waterkracht, wind, zon), op kleinere schaal (waterstof) of in onderzoeksfase (slimme netwerken of smart grid). Ook duurzame beheerstechnieken worden verder ontwikkeld, zoals vraagbeheer, energiebesparing en -efficiëntie. Zo zijn er nu reeds afspraken tussen bedrijven en Elia om, mits vergoeding, gedeeltelijk of geheel afgeschakeld te worden. Zo kunnen grote schommelingen in de vraag of onevenwichten tussen aanbod en vraag voorkomen worden.

Meer onderzoek naar een volledig geïntegreerde energieproductie- en distributie-infrastructuur is zeker nodig. De beleidskrijtlijnen dienen dan ook duidelijk te zijn. Dat houdt in dat enkel foutvriendelijke, hernieuwbare en circulaire energievormen toegestaan worden. Daaronder valt uranium in ieder geval niet, want het is evengoed een eindige bron, zoals fossiele grondstoffen dat ook zijn. Wind, zon, waterkracht, getijden, temperatuurverschillen en aardwarmte behoren tot de hernieuwbare energiebronnen.

Dat alles neemt niet weg dat een omschakeling naar een zogenaamde “gratis-energie” infrastructuur allesbehalve gratis is. De energiebron zelf is dan wel kosteloos, de methoden om deze te geleiden naar gewenste toepassingen is dat allerminst. VITO maakte een studie over hoe België tegen 2050 volledig op hernieuwbare energie zou kunnen draaien. Buiten een aantal niet te onderschatten knelpunten zoals energieopslag of duurzame biomassa, is ook het kostenplaatje van de nodige investeringen erg hoog. Toch moeten we dat relativeren, wat die studie ook doet.

De kosten van het investeringspakket moeten immers samen met de milieu- en gezondheidsvoordelen vergeleken worden. Op die manier lopen de investeringskosten plus de milieu- en gezondheidskosten bij een beleid met fossiele en kernenergie veel hoger op, dan wat nu als kosten aangerekend wordt. Wanneer alle kosten ten gevolge van fijn stof, opwarming en radioactiviteit nu en in de toekomst worden meegeteld, komt het huidige energiebeleid veel duurder uit. Bovendien kunnen milieu- en gezondheidsschade niet zomaar “verrekend” worden voor de getroffen slachtoffers. Hoeveel is gezondheid en het recht op leven immers “waard”? Recht op leven en gezondheid is niet verhandelbaar, maar is een basisrecht. 

En de werknemers van Doel dan?

De werknemers van Doel of Tihange en omwonenden moeten niet gedwongen worden te kiezen tussen de pest van de klimaatopwarming of de cholera van kernenergie. Klimaatopwarming wordt in de verste verte niet opgelost met een ziekmakende en dodelijke technologie. Zowel de werknemers van Doel en Tihange als de miljoenen omwonenden hebben recht op veilig werk en propere, veilige, duurzame en betaalbare energie. En dat is kernenergie niet, wat ook de nucleaire greenwashers mogen beweren.

De werknemers van Doel en Tihange staan immers het dichtst bij de vuurlinie. Als er iets ernstigs misgaat, zijn zij potentieel de eerste slachtoffers. De eerste doden vielen in Tsjernobyl en Fukushima onder de werknemers die aan het werk waren tijdens die noodlottige shift van het ongeval. Het waren niet de laatste doden… Ook die werknemers was verteld dat hun centrales super veilig waren, zoals dat ook al was gezegd tegen de werknemers van Windscale (GB) of Three Mile Island (VS).

Anderzijds is veilig zonder job zitten ook geen aantrekkelijk alternatief. Het is echter niet eerlijk dat de werknemers van Doel en Tihange op hun beurt voor een verscheurend dilemma geplaatst zouden worden. Zij hebben recht op een goede en goed gewaardeerde job. Daarom dienen zij en hun vakbonden mee als eersten betrokken te worden bij een omschakeling van de gehele energie-infrastructuur in het algemeen, en van de sites van Doel en Tihange in het bijzonder.

Naar een transformatie van de site van Doel

De overgang naar een energiesysteem dat werkelijk duurzaam is, zal veel investeringen en omwentelingen teweegbrengen. Het gaat dan niet alleen om een grootschalige maatschappelijke transitie, maar evengoed om omschakelingen van individuele bedrijven. Dat geldt niet minder voor de kerncentrales van Doel en Tihange. Wanneer we vinden dat de kernreactoren van Doel en Tihange gesloten moeten worden, dan spreken en schrijven we bewust niet dat de centrales gesloten moeten worden. Het is immers in het voordeel van Electrabel dat haar werknemers geloven dat er buiten de kerncentrales geen toekomst zou zijn voor de sites waar die kerncentrales staan. Zo kan ze hen die in de vuurlinie van het nucleaire gevaar zitten, toch tot bondgenoot proberen maken.

Is een transitie van de sites van de kerncentrales wel mogelijk? Volgens ons wel. Elke kerncentrale bestaat immers uit twee stukken, een nucleair en een niet-nucleair gedeelte. Het nucleaire gedeelte omvat de kernreactor zelf, naast allerhande aanleunende installaties zoals de stoomgenerator in het reactorgebouw en de pools met gebruikte brandstofstaven.

Het stilleggen van de reactoren betekent zelfs nog niet het “sluiten” van alle kerninstallaties. De kernreactoren zijn immers hoog bestraalde installaties, die een bepaalde tijd nodig hebben om ‘uit te werken’ voor ze afgebroken kunnen worden. En dat is zeker ook het geval voor de installaties die de verbruikte brandstofstaven opslaan en afkoelen, tot opwerking ervan mogelijk wordt. Ondertussen zijn er een aantal handelingen die verricht moeten blijven worden (bewaking, afkoeling…).

Veel belangrijker echter is het potentieel van de niet-nucleaire installaties. Pompen en turbines, alternatoren en transformatoren, nooddieselgeneratoren en back-up batterijen behoren alle tot de niet-nucleaire voorzieningen die in een ander kader, mits juiste investeringen, volwaardig partner kunnen worden van hernieuwbare energie. Zo zullen investeringen nodig zijn om een duurzame hernieuwbare of circulaire warmtebron te installeren. Ook dienen de bestaande niet-nucleaire installaties gemoderniseerd en modulair gemaakt te worden, zodat ze flexibel ingeschakeld kunnen worden op het moment dat er onvoldoende wind en zon is.

Verder kunnen de ervaren werknemers van Doel en Tihange ingeschakeld worden in andere elektrische installaties in de omgeving. Zo kan hun expertise meegenomen worden in een nieuwe infrastructuur van productie en distributie van elektriciteit. Deze inschakeling kan, in combinatie met overgebleven nucleaire taken en het werk in een omgeschakelde niet-nucleaire en hernieuwbare centrale, ervoor zorgen dat arbeidsplaatsen maximaal behouden kunnen worden.

Op die manier kunnen werknemers niet alleen perspectief krijgen op een werkelijk duurzame toekomst voor henzelf, maar ook hun kinderen. Daarbij vervalt die dubbelzinnige situatie waarin de werknemers zich nu bevinden. Enerzijds hebben ze op dit moment een behoorlijk betaalde job. Maar anderzijds zijn de nucleaire risico’s wat ze zijn, met als potentieel eerste slachtoffers, de werknemers zelf. Daarom dient een alternatief van reconversie van de site in Doel of Tihange uitgewerkt te worden, waarbij de inbreng van het middenveld onontbeerlijk is. Het gaat dan zeker over de vakbonden en de werknemers zelf, maar ook over alle omwonenden, milieu-en gezondheidsorganisaties, vredesbeweging en overheden.

De Antwerpse 11 maart-beweging is een initiatief van o.a. de Antwerpse afdelingen van Greenpeace en Climaxi, enkele geëngageerde burgers en het Ecokot. De datum waarop het ongeval in Fukushima gebeurde, namelijk 11 maart, is vorig jaar de inspiratie geweest voor de naam van de organisatie. Onder de slogan “Geen Fukushima aan de Stroom” organiseerden ze een Flashmob op de Groenplaats.

 

 

Protestactie 12 maart: DOEL, nucleair: NEE!, hernieuwbaar: JA! 

START:  14:00 
PLAATS: Betoging vertrekt aan Museum voor Schone Kunsten, Leopold en gaat naar   de Groenplaats

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!