Kinderen in een VN-vluchtelingenkamp in Darfoer (UN/Fred Noy/IPS)

Israël deporteert asielzoekers Soedan naar Oeganda en Rwanda

Duizenden vluchtelingen uit Soedan en Eritrea werden sinds 2014 uit Israël gedeporteerd naar Oeganda en Rwanda. Met die landen heeft de regering van Israël volgens Israëlische vluchtelingenorganisaties een "geheime deal" gesloten.

woensdag 17 februari 2016 16:42

Nadat hij ontsnapt was aan de genocide in de Soedanese regio Darfoer begon Adam (niet zijn echte naam) aan een nieuw hoofdstuk in zijn leven. Zonder zijn vader en twee broers, die omkwamen, en zijn moeder en zus die ontheemd1 raakten. Het werd een leven in onzekerheid. Nu, meer dan tien jaar later, zit hij vast in een vreemd land waar hij zijn identiteit niet kan bewijzen, geen werk kan vinden en ook geen financiële steun krijgt.

“Een ei kan niet strijden tegen een steen”, zegt hij, met een Afrikaanse spreekwoord. “Als vluchteling of staatloos persoon kun je je niet verweren tegen de autoriteiten.” Darfoerees Adam is een van de vele vluchtelingen die op drift zijn als gevolg van zogenaamde “hiaten” in de Israëlische procedure voor “vrijwillige terugkeer”, zoals vluchtelingenorganisaties het ironisch noemen.

Ongeveer drieduizend asielzoekers uit Eritrea en Soedan werden zo sinds 2014 uit Israël gedeporteerd. Ze werden niet naar hun land van herkomst teruggestuurd, maar belandden in Oeganda en Rwanda. Deze landen kunnen hun rechten en veiligheid echter niet garanderen, waardoor ze “nog steeds zoeken naar bescherming”, meldt de Israëlische Hotline for Refugees and Migrants (HRM), die het rapport Deported To The Unknown: A New Report from the Hotline over de kwestie heeft gepubliceerd.

Officiële ontkenning

Een woordvoerder van de Rwandese regering heeft niet gereageerd op vragen van IPS over deze vluchtelingenkwestie. Op 13 februari 2016 citeerde de Keniaanse krant The East African in het artikel Rwanda discusses terms for Israeli asylum seekers de Rwandese minister van Buitenlandse Zaken, die zei dat zijn land “ongeveer tweeënhalf jaar geleden” samen met “een aantal andere landen” door Israël benaderd werd. Met Rwanda zou er echter nog geen formele overeenkomst bestaan. HRM stelt daarentegen dat er drie keer per week vluchten van Israël naar Kigali gaan.

Ook de regering van Rwandees buurland Oeganda ontkent dat er een dergelijke overeenkomst zou bestaan, ondanks het feit dat er sinds juli 2015 meer en meer asielzoekers per vliegtuig naar Oeganda vertrokken volgens de Israëlische ngo. De website Ynetnews berichtte in het artikel Israel and Rwanda confirm ‘multimillion dollar’ cash-for-refugees deal over een deal tussen Israël en Oeganda, die volgens een hoge Israëlische functionaris ook betrekking zou hebben op de levering van Israëlische wapens, militaire expertise en opleiding aan Oeganda.

De Oegandese minister voor Vluchtelingenzaken Musa Ecweru en de woordvoerder van het ministerie van Buitenlandse Zaken Sam Omara beweren echter niets te weten van een overeenkomst die ertoe geleid zou hebben dat talloze vluchtelingen gestrand zijn in hun land.

Een bron bij de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR in Oeganda stelt van een aantal personen, die eerder in Israël verbleven, te weten dat ze asiel aangevraagd hebben in Oeganda. Woordvoerder Emmanuel Nahshon van het Israëlische ministerie van Buitenlandse Zaken wil geen commentaar geven op de kwestie.

Van de ene hel in de andere

Darfoer, de westelijke regio van Soedan heeft sinds 2003 te kampen met ernstig geweld, sinds opstandelingen rebelleren tegen de door de Soedanees-Arabische meerderheid gedomineerde regering in de hoofdstad Khartoem. Adams laatste herinneringen aan Darfoer dateren van vlak voor zijn vlucht, toen hij vijftien jaar oud was. Hij werd er geslagen en zag zijn dorp branden terwijl militaire vliegtuigen overvlogen. “Iedereen rende weg”, zegt hij. “Niemand wist waar hij heen moest.”

Na twee jaar in Egypte vluchtte Adam in 2008 naar Israël. Daar verbleef hij in een vluchtelingenkamp totdat hij als vrijwilliger bij een organisatie aan de slag ging als vluchtelingenactivist. In mei 2014 weigerde het ministerie van Binnenlandse Zaken zijn verblijfsvergunning te verlengen. Het ministerie bood hem de keuze tussen terugkeer naar Darfoer, of vertrekken naar Holot, een detentiecentrum in het zuiden van Israël.

“Beide opties betekenden de hel voor mij”, zegt Adam. Na het overleven van een genocide “zou Holot het einde van mijn leven betekend hebben”, voegt hij eraan toe. Adam meldt dat hij vervolgens verrast werd met de mededeling van de autoriteiten dat hij de volgende dag al naar Oeganda zou vertrekken, een land waar hij niemand kende. “Ik heb gezegd dat ik wel wilde vertrekken, als ze mijn veiligheid konden garanderen. Op die vraag heb ik echter geen antwoord gekregen.”

Met Israëlische reisdocumenten en 900 euro op zak werd hij door de politie geëscorteerd naar het vliegveld, samen met drie andere Afrikaanse asielzoekers. Een van hen had handboeien om omdat hij zich verzette, zegt Adam. Hun papieren werden afgenomen toen ze aankwamen op het vliegveld van Entebbe in Oeganda.

“Dit is mensenhandel”, benadrukt Adam. Tijdens zijn eerste twee dagen in Oeganda, bleef hij in een hotel in Kampala dat kennelijk betaald was door Israël. Op de derde dag, toen hij het hotel verliet, werd hij gearresteerd en om identiteitspapieren gevraagd. Die kon hij niet verstrekken. “Ik heb uitgelegd wat er was gebeurd, maar ik werd niet geloofd. Ze geloofden me niet dat iemand uit Israël kon komen zonder papieren”, zegt hij.

Solidaire vrienden in Israël

Samen met andere asielzoekers afkomstig uit Israël vroeg Adam het vluchtelingenstatuut aan in Oeganda en een verblijfsvergunning voor drie maanden. Dat bleek een moeilijk proces, omdat hij geen Oegandese papieren voor toelating tot het grondgebied kon overleggen. “De autoriteiten zeiden dat ze niet wisten hoe ze met dit soort zaken om moesten gaan.”

Adam kreeg later alsnog papieren en hoopt binnenkort een Oegandees identiteitsbewijs te ontvangen. Om te mogen reizen of zich opnieuw te kunnen vestigen, heeft hij echter een aanbeveling nodig van iemand. Hij vraagt zich af of hij ooit nog een paspoort zal krijgen.

Hij deelt nu in de hoofdstad Kampala een onderkomen met Jamba (eveneens een gefingeerde naam), een andere asielzoeker uit Darfoer. Jamba werd eveneens naar het Israëlisch detentiekamp Holot gestuurd, zegt hij, nadat de Israëlische autoriteiten hadden geweigerd zijn visum te vernieuwen. Daarna werd hij uitgezet naar Oeganda.

“Ik ga normaal gesproken mijn huis niet uit, omdat ik geen papieren heb”, zegt Jamba, die eraan toevoegt dat hij werkloos is. Hij wil graag een opleiding volgen, maar zonder papieren kan dat niet. Adam volgt met financiële steun van vrienden uit Israël nu wel een opleiding in Kampala. “Ik weet echter niet hoe lang ze mij blijven helpen, want ze zitten zelf ook in onzekerheid”, legt hij uit.

Verdronken in de Middellandse Zee

Adam en Jamba zijn kritisch over dit Israëlische “vrijwillige terugkeerproces”, omdat er geen garantie is dat Oeganda hen niet terugstuurt naar Darfoer. Minstens driehonderdduizend mensen kwamen daar volgens de VN om en meer dan twee miljoen mensen raakten intern ontheemd. Officiële schattingen van de Soedanese overheid in de hoofdstad Khartoem spreken over tienduizend ontheemden. Als die terugkeren, riskeren ze behandeld te worden als “vijand” door de Soedanese autoriteiten.

“Je kunt mensen niet gewoon in Oeganda dumpen en hun papieren afpakken, zonder verder naar hen om te kijken”, zegt Adam. Maar, zo stelt hij, “je moet ook kijken naar de oorspronkelijke oorzaak van het probleem, en dat is de Soedanese regering, die de eigen bevolking aanvalt.”

Volgens het rapport van HRM, zijn eveneens veel Eritrese vluchtelingen door Israël naar Rwanda gedeporteerd, waarna ze eveneens onder dwang illegaal de grens met Oeganda werden overgezet. Anderen zijn verdronken in de Middellandse Zee, in een poging Europa te bereiken of zitten vast in Libië. Enkelen werden daar vermoord door strijders van de Islamitische Staat (IS).

HRM-woordvoerder Anat Ovadia-Rosner noemt de “categorische ontkenning” door de Oegandese regering van het programma alarmerend. “Dit illustreert de kloof tussen wat Israël voorwendt te garanderen bij de deportatie en de realiteit in Oeganda.” In november 2015 verwierp een Israëlische rechtbank nog een petitie waarin gesteld wordt dat vluchtelingen die worden gedeporteerd naar een derde land, het risico lopen op vervolging.

Bronnen:

Rwanda discusses terms for Israeli asylum seekers

Deported To The Unknown: A New Report from the Hotline

Israel and Rwanda confirm ‘multimillion dollar’ cash-for-refugees deal

The tragedy of Darfuri asylum-seekers in Uganda

1   Volgens het internationaal recht is een ‘ontheemd’ persoon iemand die op de vlucht is binnen de grenzen van zijn eigen land. Het zijn in feite ‘ binnenlandse vluchtelingen’. Hun statuut is anders dan dat van ‘vluchtelingen’ in het buitenland, omdat ‘ontheemden’ nog steeds volledig onder de civielrechtelijke verantwoordelijkheid vallen van het eigen land, waarvan ze staatsburger zijn. Het land met de meeste ‘ontheemden’ of ‘binnenlandse vluchtelingen in Colombia.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!