Opinie -

Tayyip Erdogan, Angela Merkel en de test van de beschaving

Op de Conferentie van Evian in juli 1938 bogen 32 landen zich over het lot van de joodse vluchtelingen uit Duitsland. De Conferentie bleek achteraf een beschavingstest waarvoor de wereld niet slaagde. Ook voor de hedendaagse beschavingstest slaagt niet iedereen.

maandag 4 januari 2016 12:33

In Over het nut en het nadeel van de geschiedenis voor het leven schrijft Nietzsche dat de dieren een gelukkig en zorgeloos leven in het hier en nu leiden omdat ze kunnen vergeten. Ze zijn onhistorisch. De mens daarentegen kan niet vergeten en kan zich niet losmaken van zijn verleden. De mens is historisch. Nietzsche pleit voor een evenwicht tussen het historische en het onhistorische, tussen het herinneren en het vergeten. Hij schreef echter in een periode – de tweede helft van de negentiende eeuw – waarin het historische besef buitenproportionele, haast mythische vormen had aangenomen en dus het tegenovergestelde van geschiedenis was geworden. Vandaar Nietzsches kritiek op de geschiedschrijving en de historische verklaring. Nu aan het begin van de één en twintigste eeuw zitten we in het omgekeerde regime, een regime van het vergeten, waarin het hier en nu – de actualiteit – mythische dimensies aanneemt (met zijn uitvergroting van de angst, de crisis en de catastrofe) en op zijn beurt ieder historisch bewustzijn buitensluit.

Neem nu de uitspraak van Erdogan over Hitler als een model voor het presidentiële systeem dat hij – Erdogan – in Turkije zou willen invoeren. Ook al doen zijn medewerkers er alles aan om zijn uitspraak te nuanceren, Erdogans lapsus licht een sluier op van het rechts-extremistische politieke (on)bewuste dat zich in Europa heeft gevormd en meer en meer op de besluitvorming doorweegt. Denk maar aan de schandalige uitspraken die de voorbije maanden in verschillende Europese landen op de hoogste politieke niveaus over vluchtelingen zijn gedaan. Of aan de nieuwe mediawet in Polen.

Inmiddels staan al tientallen gefotoshopte foto’s van Erdogan met snorretje, swastika en opgeheven rechterarm op het internet. Het feit dat een politicus van zijn status op een positieve manier naar Hitler verwijst, zegt veel over het morele verval van de politiek: woorden, referenties, uitspraken, beslissingen… die tot voor kort ondenkbaar waren omdat ze expliciet de kernwaarden van de democratie en de rechtsstaat in vraag stellen, zijn deel gaan uitmaken van het politieke discours en de politieke praktijk. Wordt er binnenkort in politieke toespraken uit Mein Kampf geciteerd? Gaan de tegenstanders van de op handen zijnde publicatie van Hitlers vuistdikke pamflet toch nog gelijk krijgen?

Dat het ook anders kan, bewees Angela Merkel met haar interventie in het Europese debat over de vluchtelingen. Ze verwijst in deze context, voor zover ik weet, nergens naar het Duitse nazi-verleden, maar haar weigering om een bovengrens vast te leggen voor het aantal vluchtelingen dat Duitsland kan opnemen getuigt niet alleen van veel politieke moed en van een authentiek moreel handelen, maar ook van een diep historisch bewustzijn. Tachtig jaar geleden maakten de rassenwetten van Neuremberg (1933 en 1935) van de Duitse Joden stateloze vluchtelingen in hun eigen land. In 1938 waren al bijna een half miljoen Joden Duitsland ontvlucht. Na de Anschluss van Oostenrijk in maart 1938 werden nog eens 200.000 Joden tot stateloze vluchtelingen gereduceerd.

Gealarmeerd door het groeiende antisemitisme in Duitsland en door de steeds groter wordende stroom Joodse vluchtelingen, riep de Amerikaanse president Roosevelt in juli 1938 een conferentie in het Franse Evian samen. Aan de 32 deelnemende landen werd de vraag voorgelegd om hun immigratiequota vrijwillig te verhogen. Voor de Joodse gemeenschap was dit de conferentie van de laatste kans en zij stelden al hun hoop op de generositeit van Europa en de rest van de wereld. Voor Hitler was de Europese sympathie met de Joden een goedkope manier om Duitsland definitief Judenfrei te maken: “Ik kan alleen maar hopen dat de rest van de wereld, die zo een grote sympathie voor deze criminelen heeft, op z’n minst zo genereus zal zijn dat het deze sympathie in praktische hulp omzet. Wij van onze kant zijn bereid om al deze criminelen aan deze landen uit te leveren, voor mijn part, op luxe cruises”, verklaarde de Führer met morbide cynisme in de aanloop van de conferentie.

Tijdens de conferentie zelf werd echter al snel duidelijk dat geen enkel land bereid was vrijwillig zijn quota te verhogen. Groot-Brittanië verklaarde dat het land al ‘vol’ was en dat de werkloosheid dusdanig hoog was, dat het geen extra vluchtelingen kon opnemen. Groot-Brittanië nam in de periode 1938-1940 uiteindelijk ongeveer 15.000 Joden op. De Britten lieten daarnaast een optie doorschemeren om een beperkt aantal vluchtelingen naar Oost-Afrika te sturen. Ook de Fransen gaven nadrukkelijk aan dat “een extreem punt van saturatie” was bereikt. De Australische vertegenwoordiger zei zelfs nadrukkelijk: “as we have no real racial probem, we are not desirous of importing one.”

De VS verhoogden hun quotum evenmin substantieel. De meeste landen argumenteerden dat ze geen vluchtelingen konden opnemen ten gevolge van de grote depressie, waarvan ze nog herstellende waren. Tijdens de conferentie werd er ook zoals gepland een organisatie opgericht, de Intergovernmental Committee on Refugees, met als doel om landen die vluchtelingen opnamen in hun ontwikkeling te helpen. Maar door gebrek aan autoriteit en vooral aan financiële steun kon het comité weinig uitvoeren.

Achteraf bekeken is de weigering van de internationale gemeenschap om in 1938 meer Joodse vluchtelingen op te nemen een morele schandvlek op de vrije wereld. Enkele maanden later, om precies te zijn in de nacht van 9 op 10 november 1938, organiseerden de nazi’s de beruchte Kristallnacht. Tussen duizend en tweeduizend synagogen werden in brand gestoken en ongeveer 7500 Joodse bedrijven en winkels werden vernield. Ook Joodse scholen, ziekenhuizen en begraafplaatsen werden aangevallen. De brandweer kreeg de opdracht niet tussen te komen.

Ongeveer vierhonderd Joden kwamen in die nacht om. Het was de aanzet van de systematische vernietiging van het Europese Jodendom. Hitler besefte midden 1938 reeds dat hij nooit van de Joden af zou geraken als hij niet zelf met een definitieve oplossing op de proppen kwam.

Het morele debacle van de Conferentie van Evian werd in 1979 door Walter Mondale, toenmalig vice-president van de VS, scherp onder woorden gebracht: “At stake at Evian were both human lives – and the decency and self-respect of the civilized world. If each nation at Evian had agreed on that day to take in 17.000 Jews at once, every Jew in the Reich could have been saved. As one American observer wrote, ‘It is heartbreaking to think of the …desperate human beings … waiting in suspense for what happens at Evian. But the question they underline is not simply humanitarian … it is a test of civilization.”” Voor die test slaagde de wereld toen duidelijk niet.

Met zijn uitspraak over Hitler als politiek model slaagt Erdogan al evenmin voor die beschavingstest. Dat doet Merkel met haar in haar nieuwjaarstoespraak herhaalde Wir schaffen dass wél. Dat een deel van Europa daar nauwelijks wil aan meehelpen en zich verbergt achter dezelfde argumenten als de deelnemers aan de Conferentie van Evian is nogmaals een voorbeeld van het Grote Vergeten dat over onze tijd aan het neerdalen is, ondanks alle informatie die beschikbaar is, slechts een google-entry van ons verwijderd.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!