Cecilia Joseph, een alleen wonende weduwe, leeft uitsluitend van de gewassen die ze zelf teelt. (IPS/Dionny Matos)

Klimaatopwarming en Dominicaanse overheid kelderen kleine boeren

In de Dominicaanse Republiek, waar 1,5 van de 9,3 miljoen inwoners ondervoed is, staat de lokale landbouwproductie onder zware druk door wateroverlast. De overheid doet nauwelijks iets om de problemen van de kleine boeren te verhelpen, maar steunt wel de grote landbouwbedrijven die produceren voor de export.

dinsdag 29 december 2015 11:01

“Soms is er te veel water en spoelt alles weg”, zegt Cecilia ‘Cecé’ Joseph met een zwaar Spaans accent, terwijl ze een zoete aardappel uit de grond trekt. De oorspronkelijk uit Haïti afkomstige Joseph heeft een boerderij in Santa Domingo Norte in de zuidelijke kuststreek van de Dominicaanse Republiek.

Ze verwijst naar de overstromingen die ontstaan als de rivieren Ozama, Cabón en Tosa buiten hun oevers treden. Haar gewassen, zoals maïs, bananen, papaya, avocado, zoete aardappelen en mango’s, hebben last van de hevige regenval. De 70-jarige Cecé, zoals haar dorpsgenoten haar noemen, verbouwt het eten voor zichzelf en soms houdt ze iets over om op de markt te verkopen. Ze leeft alleen sinds haar man en zoon zijn overleden.

Mata Mamón, het dorp van Cecé, telt ongeveer 1700 inwoners. Veel van hen verbouwen zelf voedsel. Het drop is zeer kwetsbaar voor overstromingen en landverschuivingen, als gevolg van hoge rivierstanden en gebrekkige drainagesystemen.

De boeren in de regio zeggen dat de weersomstandigheden niet alleen een bedreiging vormen voor hun gezondheid, en soms hun leven, maar ook voor de voedselproductie. “Sinds vijf jaar verbouw ik geen rijst en pompoenen meer in de buurt van de rivier. Er waren steeds vaker overstromingen”, zegt de 56-jarige José Corcino. “Je kunt er wel in investeren, maar loopt het risico alles kwijt te raken.”

Corcino werkt ook in de bouw om voldoende inkomen te verwerven. Via een plaatselijke boerenorganisatie werd al herhaaldelijk aan de overheid gevraagd de rivieren uit te baggeren, zodat het overstromingsgevaar afneemt, zegt hij. “Maar er gebeurt niets.”

Corcino verbouwt diverse gewassen op de hectare land bij zijn huis. Verderop heeft hij nog anderhalve hectare. Daar verbouwde hij eerder rijst, maar nu grazen er zo’n vijftien melkkoeien. “Die haal ik elke avond naar huis, anders worden ze gestolen”, zegt hij.

Ongeveer 1,5 van de 9,3 miljoen inwoners van de Dominicaanse Republiek zijn ondervoed. Voedselonzekerheid en armoede zijn vooral een probleem op het platteland , volgens de FAO-publicatie Panorama of Food and Nutritional Security in Central America and Dominican Republic 2014.

“Boeren stoppen ermee omdat hun werk geen geld meer oplevert of omdat er geen werk meer is”, zegt Manuel Rodríguez van het departement landbouw van het ministerie van arbeid. Hij voorspelt echter een radicale verandering in de Dominicaanse Republiek in de komende jaren. Het platteland wordt gemoderniseerd, er komen meer warmtekassen, vrouwen moeten meer betrokken raken bij het boerenwerk, de rente voor boeren wordt verlaagd en ze krijgen sneller leningen.

De Dominicaanse Republiek is een grote exporteur van pepers, tomaten, komkommers, zegt Rodríguez. Het land is ook een belangrijke exporteur van tropische producten zoals bananen. De Dominicaanse samenleving kent echter veel ongelijkheid. Honger en ondervoeding zijn problemen die topprioriteit hebben.

Mata Mamón is in feite geen dorp maar een batey – wat verwijst naar sloppenwijken die oorspronkelijk ontstonden rondom suikerrietplantages en in de omringende steden – en kenmerkt zich door slechte wegen, houten keten en bescheiden woningen van betonblokken.

Mensenrechtenactivist Cornelio Guzmán: “De gemeenschap hier heeft weinig inkomsten, omdat het water de gewassen verwoest. Diefstal van vee is nauwelijks te bestrijden omdat we maar één politieagent hebben voor het hele gebied.”

Bron: Insecurity in Dominican Countryside Threatens Local Food Supply

take down
the paywall
steun ons nu!