Opinie -

Uitzendkrachten blijven onmondige tweederangs werknemers 

Het ACV wil bij de sociale verkiezingen stemrecht voor uitzendkrachten die langer dan drie maand bij een gebruiker aan het werk zijn. De voorbije weken bezochten ACV delegaties parlementairen van Open VLD, N-VA, MR, CD&V, Groen, sp.a, MR en PS om steun te zoeken voor dit voorstel.

woensdag 23 december 2015 15:51
Spread the love

Bij nagenoeg alle politici werd dit voorstel zeer positief onthaald. Dat lukte ei zo na. Maar uiteindelijk begroef MR en in de nasleep Open VLD alsnog het voorstel. Stefaan Vercamer (CD&V) dient nu zelf een wetsvoorstel in. 

Dat dit ACV-voorstel het niet haalde is onbegrijpelijk. Het is niet rechtvaardig om uitzendkrachten als onmondige tweederangs werknemers te beschouwen die niets mogen te zeggen hebben over hun loon en arbeidsvoorwaarden die bepaald worden door de gebruikende onderneming. Te meer omdat werknemers die in een onderneming drie maanden werken met een contract van bepaalde duur wél stemrecht hebben.

 Op het ACV-congres (april 205) werd het stemrecht van uitzendkrachten bij de sociale verkiezingen werd besproken. Het congres keurde de krachtlijn goed om uitzendkrachten die langer dan drie maand bij een gebruiker aan het werk zijn stemrecht te geven bij sociale verkiezingen. Ook voor vaste werknemers geldt immers slechts de voorwaarde van drie maand anciënniteit op verkiezingsdag.

Onmondige tweederangs werknemers

Er zijn vele argumenten voor aan te brengen: bijna de helft (49 %)van alle uitzendkrachten werkt langer dan drie maand bij dezelfde  gebruiker, 13 % meer dan een jaar. Als we de gegevens van deze studie extrapoleren, schatten we dat meer dan 16.000 uitzendkrachten  in ondernemingen met sociale verkiezingen langer dan 3 maand  bij dezelfde gebruiker hebben gewerkt.  

Het is niet rechtvaardig om deze werknemers als onmondige tweederangs werknemers te beschouwen die niets mogen te zeggen hebben over hun arbeidsvoorwaarden.  Te meer omdat werknemers die in een onderneming drie maanden werken met een contract van bepaalde duur wél stemrecht hebben. Ook in Nederland, Frankrijk en Duitsland   geldt een regeling waarbij interims stemrecht hebben bij de gebruiker. Sommige landen gaan zelfs verder en geven uitzendkrachten de mogelijkheid om verkozen te worden bij de gebruiker.

Stemrecht

Uitzendkrachten hebben in theorie stemrecht bij hun uitzendkantoor, maar dat heeft uiteraard weinig zin. Hun loon en arbeidsvoorwaarden worden door de regeling bij de gebruiker bepaald, niet bij het uitzendkantoor.  

Alles in verband met veiligheid en gezondheid op het werk valt rechtstreeks onder de bevoegdheid van het comité PB van de gebruiker. De beslissingen die in het Comité PB van de gebruiker worden genomen, hebben een rechtstreekse invloed op de arbeidsvoorwaarden van de uitzendkracht.  Het Comité van de gebruiker moet zelfs specifiek advies geven over de werkpostfiche van de uitzendkrachten waarin onder meer de vereiste maatregelen inzake veiligheid en gezondheid worden bepaald voor uitzendkrachten op die arbeidspost. 

Het loon en de andere financiële voordelen (vb maaltijdcheques) van de uitzendkrachten worden bepaald in het overleg in de onderneming van de gebruiker en diens paritair comité, niet in dat van het uitzendkantoor. Het arbeidsreglement, de arbeidstijdsregelingen, de verlofregeling van toepassing voor de uitzendkracht worden afgesproken in de ondernemingsraad van de gebruiker.

Het zijn ook de werknemersafgevaardigden bij de gebruiker die toelating moeten geven in bepaalde gevallen voor het inschakelen van uitzendarbeid. De uitzendkracht heeft er dus geen enkel belang bij te stemmen voor kandidaten van het uitzendkantoor, aangezien zij hun belangen niet kunnen verdedigen. Daar gaat het om de belangen en de arbeidsvoorwaarden van het vast personeel van uitzendkantoren.

De kiezerslijsten voor de komende sociale verkiezingen moeten in de loop van februari 2016 worden opgemaakt, en op dat moment rekening houden met iedereen die tegen mei 2016 drie maand anciënniteit zal hebben. Nu een regeling doorvoeren die interims daaraan toevoegen veroorzaakt dus geen extra problemen: men kan toch pas een kiezerslijst opmaken in februari en moet dan ook rekening houden met alle nieuwe aanwervingen tot en met februari 2016.

De ontwikkelde software pakketten moeten ook nu al voorzien dat wie tussen nu en februari 2016 wordt aangeworven op de kiezerslijst komt. Bovendien hebben alle ondernemingen in toepassing van artikel 7 van de wet sociale verkiezingen al een namenlijst van alle interims die tussen 1 oktober en 31 december bij hen aan het werk zijn. 

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!