Ankara na de aanslag

Een verloren jaar, het Turkse annus horribilis

Je hoort de laatste tijd vaak in Turkije dat 2015 een verloren jaar is. Niet zo gek. Het land bulkt van de problemen: economische teruggang, falende democratie, een Koerdisch vraagstuk dat schier onoplosbaar lijkt en een buitenlandbeleid dat van de regerende Partij voor Gerechtigheid en Ontwikkeling (AKP) the laughing stock van het internationale politieke theater maakt.

donderdag 29 oktober 2015 15:19

Turkije smeekt om een regering die de koe bij de horens vat, maar de AKP maalt vooral om een voortzetting van haar alleenheerschappij en maakt al het andere daaraan ondergeschikt.

De AKP en haar medestanders ontkennen de malaise niet, maar geven de oppositie er de schuld van. Alsof die na de verkiezingen van 7 juni regeringsverantwoordelijkheid kreeg. In werkelijkheid bleef de AKP ook na de verkiezingen van 7 juni aan de macht. Dat bleef bovendien zo toen er na een mislukte coalitieperiode een tijdelijke regering kwam, want de zogenaamde niet-partijgebonden ministers werden nauwkeurig geselecteerd door premier Davutoglu en president Erdogan.

Enige uitzondering in die tijdelijke regering waren de twee ministers van de pro-Koerdische Democratische Volkspartij (HDP), maar die werden snel weggetreiterd. Daarna had de AKP het weer geheel zelf voor het zeggen, met als consequentie dat alles wat er mis ging in Turkije onder haar eigen verantwoordelijkheid gebeurde.

Daar komt nog bij dat de wortels van de problemen die nu spelen zich in een periode ver voor de laatste verkiezingen bevinden. In een periode dus waarin de AKP jaren achtereen zelfstandig regeerde. Toen verschenen al de contouren van de economische teruggang, ging het met de democratie bergafwaarts en viel ook al te voorspellen dat het probleem met de Koerden op een zeker moment weer zou exploderen.

Het zal de AKP allemaal een zorg zijn. Die kent maar een probleem: de op 7 juni ontstane hindernis voor Erdogan bij zijn streven naar meer, en nog meer macht.

Presidentieel systeem

Hoe graag wilde Erdogan de ruime meerderheid voor de AKP die het door hem begeerde presidentieel systeem mogelijk had gemaakt. Het zat er niet in, maar zolang de AKP in ieder geval een meerderheid zou houden voorzag hij geen problemen bij het doorvoeren van een machtig presidentschap, al was het dan op ongrondwettelijke basis.

Het liep anders, want de HDP haalde de kiesdrempel en stak zo een staak door Erdogans wiel, waarmee hij eraan herinnerd werd dat Turkije in essentie toch nog altijd een democratie is. Stemmenverlies voor de AKP maakten de druiven nog zuurder. Het was op het zielige af dat Erdogans mediavrienden de omslag ‘een staatsgreep bij de stembus’ noemden.

Als het niet om Erdogans onbedaarlijke lust naar macht had gedraaid beschikte Turkije nu over een coalitieregering die zich op de werkelijke problematiek van het land kon richten. Voor Erdogan is het belang van Turkije echter ondergeschikt aan dat van hemzelf. Hij zal het natuurlijk nooit zelf zeggen, maar het blijkt keer op keer.

Daarom mocht die coalitie er niet komen. Dat laatste maakte Erdogan deze zomer heel erg duidelijk, door coalitiebesprekingen te saboteren en aan te sturen op nieuwe verkiezingen, in de hoop dat de AKP de parlementaire meerderheid terug zou krijgen, waarna hij als een postmoderne sultan zijn macht uit kon breiden.

James in Turkey

Die nieuwe verkiezingen gaat Turkije komende zondag beleven en er wordt al maanden gespeculeerd over de uitslag. De website James in Turkey hanteert een berekening waarbij verschillende peilingen een gemiddelde opleveren. Voorafgaand aan de verkiezingen van 7 juni hield James in Turkey het volgens deze methode op 41,3 procent voor de AKP. Het werd 40,9 procent, een vrij gering verschil.

Dit keer gaat James in Turkey uit van 41,7 procent. Natuurlijk peilingen blijven peilingen en verrassingen blijven mogelijk, maar als de tekenen niet bedriegen gaat de AKP onvoldoende winst halen om de parlementaire meerderheid te heroveren. Dat zou tot consequenties leiden die nu al de moeite van het overwegen waard zijn.

MHP

Wanneer de AKP er niet in slaagt de parlementaire meerderheid te halen, zal het spel van coalitiebesprekingen zich herhalen dat zich na 7 juni al voltrok. Daarbij is het van belang dat Devlet Bahceli, de leider van de extreemrechts-nationalistische Partij van de Nationale Beweging (MHP), deze week verklaarde open te staan voor een coalitie met de AKP. 

Na 7 juni klonk hij vaak anders. Toen wees hij vrijwel voortdurend een rol af in wat voor coalitie dan ook. Door dat ‘nee’ werd Bahceli al Dr. No genoemd. Niet dat hij een dokter is, maar een verwijzing naar een James Bond-film is altijd aardig, zeker als er net een nieuwe in première is gegaan.

Tijdens de spaarzame momenten waarop Bahceli wel over een coalitie met de AKP wilde nadenken drong hij erop aan dat Erdogan zich aan de grondwet zou houden, en samen met familieleden en voormalige ministers terecht diende te staan voor corruptie. Dat was onbespreekbaar voor Erdogan, hoewel hij in zal hebben gezien dat een coalitie van AKP en MHP, gezien de conservatief-nationalistische achterban van beide partijen, op zich geen onrealistisch gegeven is.

Een van de vragen waar het om zal draaien is of Bahceli aan zijn eerdere voorwaarden vasthoudt. Moeilijk voor hem om daar vanaf te wijken, want hij zou zich bij zijn achterban onmogelijk maken als hij Erdogan toestaat een supermachtige president te worden. Niet in de laatste plaats bij de volgelingen van imam Fethullah Gülen, waarvan er nogal veel MHP stemmen sinds de AKP voor hen verboden terrein is geworden.

Ramp

Vast staat dat er een ramp op til is wanneer Bahceli eventueel toch zijn voorwaarden laat vallen. Vooral omdat er dan geen enkele oplossing meer in zicht is voor het Koerdische probleem en er alleen maar meer geweld kan ontstaan. Een van de gevolgen daarvan zal zijn dat buitenlandse investeerders zich nog massaler terugtrekken dan de laatste maanden, waardoor ook de economie een zware slag krijgt toebedeeld. Over democratie en mensenrechten hoeven we het dan niet eens meer te hebben, want dergelijke zaken zijn voor de MHP traditioneel net zo onbelangrijk als voor de AKP, sinds Erdogan afweek van zijn aanvankelijke hervormingsbeleid.

Gezien de virulente haat binnen de MHP jegens Koerden is de mogelijkheid van een coalitie van die partij samen met de HDP en de Republikeinse Volkspartij (CHP) niet eens de moeite van het bespreken waard. CHP-leider Kilicdaroglu maakte zich daar na 7 juni weliswaar voorstellingen van, maar dat zal hij nu waarschijnlijk wel laten. 

Daarmee blijft alleen een combinatie van AKP en CHP over. Daar leek het in de zomer even van te komen, maar ook de CHP stelde eisen over een president die zich aan de grondwet houdt en vervolgingen wegens corruptie. Dat bleef een breekpunt en uiteindelijk gaf Erdogan de optie van een AKP/CHP-coalitie persoonlijk de genadeslag, om vervolgens volledig in te zetten op nieuwe verkiezingen. 

Nog minder dan bij de MHP zijn er tekenen dat de CHP haar voorwaarden zal laten varen, waardoor het wederom de vraag zal zijn of een coalitie van die partij met de AKP haalbaar is.

Derde verkiezingen

En zo ligt een herhaling op de loer van wat zich na de vorige verkiezingen voltrok. Erdogan heeft dan twee keuzemogelijkheden. Of hij accepteert de door Bahceli en Kilicdaroglu gestelde voorwaarden, of….er komen nogmaals verkiezingen!

Drie algemene verkiezingen binnen een jaar, dat klinkt toch echt te idioot voor woorden. Toch is het iets waar momenteel al serieus rekening mee wordt gehouden. ‘Als de verkiezingsuitslag op die van 7 juni lijkt, ben ik bang dat we het nogmaals over nieuwe verkiezingen zullen gaan hebben’, zei Mehmet Ali Sahin, de vicevoorzitter van de AKP, vorige week. Het gevolg was dat waarnemers al over een datum begonnen te speculeren. Het zou ergens in april moeten worden (handig om te weten voor de Europese Commissie, die het verschijnen van het kritische EU-voortgangsrapport over Turkije onlangs tot na de verkiezingen uitstelde om Erdogan te behagen…).

Kennelijk leeft bij de AKP het idee dat wanneer er bij iedere nieuwe verkiezingen een extra procent winst wordt geboekt die parlementaire meerderheid uiteindelijk toch wel bereikt wordt. Anders gezegd, wanneer iedere extra dosis ontwrichting van de samenleving een procentje oplevert is het zaakje na nog een paar verkiezingen alsnog geregeld.

Keerzijde is dat er op die manier niets overblijft van de Turkse democratie, dat je de economie met stoffer en blik bijeen kunt vegen, en dat politiek geweld een voortdurend gegeven zal blijven. Dat weten de stemmers natuurlijk ook, en daarom sprak CHP-leider Kilicdaroglu van ‘chantage van de stemmers’ nadat Sahin zijn dreigement over nogmaals verkiezingen had geplaatst.

Maar wat begrijpt Kilicdaroglu daarvan? Met andere woorden, wat stellen dergelijke pietluttigheden voor ten opzichte van de glorieuze Ottomaanse herrijzenis onder de machtige hand van kalief Erdogan?

Zonder gekheid. Vandaag wordt in Turkije de Dag van de Republiek gevierd. Een prima gelegenheid om na te denken over de vraag of Turkije nog een annus horribilis kan verdragen.

De dissidenten in de AKP, waarbij namen vallen als oud-vicepremier Arinc en voormalig president Gül, weten wellicht al een antwoord op die vraag. Er gaan de laatste weken geruchten dat zij hun eigen partij willen beginnen, wat op een breuk in de AKP neer zou komen. Vooralsnog wordt dat tegengesproken, maar wie weet als het nogmaals op nieuwe verkiezingen uitdraait…

Volg Peter Edel op Twitter

Peter Edel is schrijver van De diepte van de Bosporus, een politieke biografie van Turkije (2012, Uitgeverij EPO, Antwerpen)

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!