Over roze wolken, donderwolken en eerlijkheid

Over roze wolken, donderwolken en eerlijkheid

maandag 19 oktober 2015 22:37

Afgelopen weekend gonsde het weer op de sociale media want een bekende moeder had wat verteld over haar kinderen. Wanneer dat gebeurt, moeten daar via allerlei kanalen meningen over gedeeld worden. 

Ik las het artikel ook en ik werd er verdrietig van. Niet omdat Siska Schoeters haar kinderen “kleine fuckers” noemde of omdat ze eerlijk toegaf dat ze nog een jaar kinderloosheid zou kiezen boven haar leven als moeder nu. Maar wel omdat ik doorheen haar woorden teleurstelling en verdriet voelde. Omdat ik in haar verhaal verbinding tussen moeder en kind(eren) miste. 

Steeds vaker duiken projecten op die eerlijk zijn over het ouderschap, dat het zwaar is, en over de roze wolk die heel gemakkelijk in een donderwolk kan omslaan. “The Gentlemom” is daar een voorbeeld van. Zulke projecten zijn broodnodig, want 1 op 6 vrouwen belandt vroeg of laat rondom haar bevalling in een post-partumdepressie. Om nog niet te beginnen over alle moeders die blijven zitten met hun teleurstelling dat een baby zich niet gedraagt zoals in de reclames van Pampers. Maar toch mist er iets…

In bijna elk verhaal, elke mening, elke opmerking met betrekking tot post-partumdepressie wordt amper gesproken over de baby. Wel over de baby die huilt. Of over de peuter die eindelijk slaapt. Er wordt uitgebreid gesproken over hoe je als moeder voor jezelf moet zorgen, hoe je “me time” nodig hebt. Zelfs hulpverleners raden nog erg vaak een moeder aan om haar baby even bij een vertrouwenspersoon achter te laten wanneer ze het moeilijk heeft. Het lijkt een logisch advies, maar eigenlijk is het dat niet. De baby kan namelijk perfect ingezet worden als ondersteuning in het gevecht tegen een post-partum depressie en tegen donderwolken na een bevalling. 

Tijdens de geboorte van de placenta komt er oxytocine vrij. In gigantische hoeveelheden wordt dat hormoon door het lichaam van de moeder gepompt. Oxytocine is het hormoon dat zorgt voor de hechting, voor de toeschietreflex tijdens het borstvoeden, maar vooral: oxytocine is hét gelukshormoon. Het is het hormoon dat er voor zorgt dat je na een stomende vrijpartij het gevoel hebt high te zijn. Het zorgt ervoor dat je gelukkiger wordt van een knuffel. Het is de boodschapper van het geluksgevoel. Wat nog leuker is: het is een sneeuwbalhormoon. Voel je je gelukkig en geef je iemand een knuffel, dan wordt je geluksgevoel alleen maar groter omdat het niveau van oxytocine stijgt. Hoe gelukkiger je bent, hoe meer gelukshormoon je kan aanmaken.
Wanneer komt dit hormoon vrij? Zoals gezegd tijdens de geboorte van de placenta dus, maar ook onder andere bij huid-op-huidcontact, bij het geven van borstvoeding, wanneer je het warm hebt en je behaaglijk voelt, wanneer je je veilig voelt,… Een hormoon dat er dus voor zorgt dat we gelukkig zijn én dat we ons emotioneel kunnen openstellen naar anderen. Goed gezien van de natuur om er zo voor te zorgen dat we gelukkig zijn wanneer onze baby geboren wordt. Want wanneer we gelukkig zijn, willen we ook voor onze kinderen zorgen, wat hun overlevingskansen vergoot natuurlijk. 

Maar dat is mooie theorie. Helaas gebeurt het in de praktijk zoveel anders. Tijdens de geboorte van een baby gebeuren in onze gemedicaliseerde maatschappij zoveel ingrepen die er voor zorgen dat de aanmaak van oxytocine bij een pas bevallen vrouw niet optimaal is. Zo zijn er medische ingrepen, hard TL licht, er wordt geduwd en getrokken aan bevallende vrouwen, vrouwen worden gestoord tijdens hun arbeid door onderzoeken, kortom, de huidige bevalcultuur die standaard heerst in ziekenhuizen is niet optimaal voor de aanmaak van gelukshormonen.
Daarnaast wordt er nog erg vaak de synthetische versie van het gelukshormoon toegediend aan bevallende vrouwen (om weeën op te wekken of te versterken) en pas bevallen vrouwen (als protocol). Het grote nadeel van synthetische oxytocine is dat het de aanmaak van natuurlijke oxytocine gaat remmen. Minder gelukshormoon in je lichaam dus. 

Maar ook na de bevalling treden er obstakels op: de baby wordt weg gehaald bij de moeder om te wegen, te meten, te wassen en vooral: om aan te kleden. Daar komen we aan de volgende hobbel in de weg naar de roze wolk: huid-op-huidcontact. Dat gaat erg moeilijk bij een baby en een moeder die aangekleed zijn. Dus alweer: een remming in de aanmaak van het gelukshormoon. Borstvoeding is nog zo een mooie bron van oxytocine. Helaas wordt nog veel te vaak slecht advies gegeven aan moeders op gebied van borstvoeding, waarbij ook daar alweer een bron van geluk wordt overschaduwd wanneer het voeden niet lukt. Bij het falen van een borstvoedingsperiode komt dan ook nog eens het risico dat je lichaam in rouw gaat omdat je baby niet meer van de borst drinkt. Want je lichaam weet niet dat borstvoeding een keuze is, de logica van de natuur is: “er is geen baby meer om te drinken dus dat wil zeggen dat mijn baby weg of dood is.”, want zo simplistisch denkt de natuur. 

Zo zie je dat je heel gemakkelijk in een spiraal komt van negatieve gevoelens en dan heb je niet veel meer nodig om keihard van je roze wolk te donderen. Niet op die roze wolk zitten heeft een groot nadeel: je staat minder open voor je kindje en je raakt moeilijker met je kindje in verbinding. Een post-partum depressie is een heel grote risicofactor voor onveilige hechting (langs beide kanten, want hechting is een samenspel van ouder en kind). 

Hoe kan je nu een kind inzetten bij een (dreigende) post-partumdepressie? Simpel: heel veel huid-op-huidcontact en goede hulp voorzien om de borstvoedingsperiode te doen slagen. Geef een moeder niet het advies om alleen een dagje er tussenuit te gaan, maar help haar met praktische taken zodat zij zich kan concentreren op haar baby, om van haar kind te genieten, om het te dragen, om heel veel huid-op-huidcontact te hebben met haar baby, samen te slapen. Geef een vrouw op een donderwolk waar alle pas bevallen vrouwen recht op hebben: een goede start zodat de negatieve spiraal die kan leiden tot een post-partumdepressie doorbroken wordt. Op die manier komen moeder en kind in verbinding en komt er van beide kanten begrip voor elkaars behoeften. 

Wil dit daarom zeggen dat het moederschap rooskleurig is? Nee hoor, helemaal niet. Het is op veel dagen keihard knokken. Daar mag gerust eerlijk over gesproken worden. Graag zelfs want hoe kunnen we anders nadenken over hoe het anders kan en hoe we onze maatschappij weer gezinsvriendelijk kunnen maken. 
Maar wanneer je als ouder in verbinding staat met je kind, gaat het wel een stuk makkelijker. Dan ben je misschien wel blij dat de “kleine fuckers” in bed liggen ‘s avonds maar dan kan je hen tegelijkertijd ook weer niet missen. 

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!