Julie Strubbe

Eerste hulp bij euthanasie

Op 57-jarige leeftijd kreeg mijn moeder een ernstige beroerte. Na anderhalf jaar revalideren besliste ze dat haar beperkingen te groot waren om nog een menswaardig leven te hebben. Ze koos voor euthanasie en stierf in juli. Nu zijn we twee maand verder en stel ik me vragen bij het gebrek aan psychologische ondersteuning. En dat zowel tijdens haar ziekte, in de periode tussen haar beslissing en haar dood, en achteraf.

donderdag 8 oktober 2015 10:00

Dit is geen hulpkreet. Zelf weet ik waar ik hulp kan zoeken als dat nodig is. Maar er zijn ook mensen die niet weten waar ze terecht kunnen. Er zijn ook mensen die de hulpvraag bij zichzelf niet herkennen. 

Ik heb er niet veel over gelezen, en ik ben geen grote kenner van wetgeving of van alles wat de dokters moeten weten. Ik heb geen poot om op te staan om een argument te verdedigen. Het enige wat ik heb en het enige van waaruit ik spreek zijn mijn ervaringen. En die heb ik jammer genoeg wel op vlak van euthanasie. 
 
Een resem dokters komt langs nadat mama haar wil voor euthanasie duidelijk heeft gemaakt, en stelt vragen over mama en haar ziekte. Aan haar, aan ons. De dokters vragen keer op keer hoe wij, de kinderen en de echtgenoot, tegenover mama’s beslissing staan. Dat is allemaal nodig om te kunnen goedkeuren dat mama wel degelijk kan geholpen worden door te sterven. 
 
Wekenlang vulden wij onze tijd met pogingen om iets te ondernemen in het leven, maar vooral veel bij mama zijn. Als de tijd op begint te raken, besef je plots toch wel dat dat het enige is wat je nog wil en kan doen. Bij elkaar zijn, want binnenkort kan het nooit meer. Wil je dat eigenlijk ooit voordien weten? Want hoe weet je of je net genoeg wel of net niet te veel bij elkaar bent? Want mama had het ook niet gemakkelijk, met al dat verdriet om haar heen. Was het voor haar eens niet te veel? Wou zij eens niet gewoon alleen zijn en met rust gelaten worden? 
 
Afscheid nemen is de hel, gepland afscheid nemen is onmenselijk. Maar het gaat niet enkel over het moment van afscheid nemen. Het zijn de weken die eraan voorafgaan die slopend zijn. De weken erna ook. En zo kom je op enkele maanden. Slopende maanden. 

Het meest onwezenlijke moest gebeuren, het was en is niet te bevatten wat de term ‘euthanasie’ allemaal inhoudt en wat erbij komt kijken. Voor dokters gaat het alleen maar over een zieke persoon die kiest voor de dood, en daar hebben ze een spuit voor. Voor ons is het meer dan dat. Veel gevoelens waarvan je niet weet wat het is, laat staan hoe je ermee moet omgaan. Maar daar sta je dan, alleen. Er werd nooit hulp aangeboden. Ik kan me niet herinneren dat woorden als ‘psycholoog’ of ‘rouwbegeleiding’ of andere werden vernoemd. Na het ondervraaguurtje gingen dokters weer weg en waren wij weer alleen. Daar maken ze, naar mijn gevoel, een grote fout. 

Ik weet niet of ik hier juist mee om ga. Ik heb het gevoel van niet. En de enige vorm van hulp die mij werd aangeboden, kwam tien minuten nadat mama stierf. Haar huisarts, die bij alles aanwezig was, die ons vroeg of we nog iets nodig hadden, waarmee ze doelde op kalmeerpillen. Allemaal goed en wel, die kalmeerpillen, misschien voor de eerste schok. Maar ik ben op dat vlak dan nog ouderwets. Als mijn mama doodgaat, vind ik dat ik het wel mag voelen. De pijn die ik voel bij het verliezen van mijn mama, moet ik niet gaan onderdrukken met medicatie. Daarvoor heb ik dan vriendelijk bedankt. Maar daar bleef het dan bij. Enkel kalmeerpillen in de aanbieding voor mensen die moeten omgaan met euthanasie. 

Ben ik de enige die zich niet sterk genoeg voelt om er alleen mee om te gaan? Ligt dit aan mij? Of ligt dit aan de gebrekkige hulpverlening? Moet ik inderdaad, zoals zoveel mensen het met zoveel gemak uitspreken, het allemaal een plaatsje geven? Of hebben nabestaanden recht op een degelijke begeleiding bij de verwerking van het verlies bij een euthanasie?

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!