Vluchtelingen kijken vanuit de Marokkaanse bergen neer op de Spaanse enclave Ceuta (Andrea Pettrachin/IPS)

Vluchtelingen in Marokko pogen al jaren Spanje te bereiken

Calais is niet de enige plaats waar vluchtelingen de zee proberen over te steken op weg naar een verhoopte veilige toekomst. Aan de Afrikaanse kusten van de Middellandse Zee, meer bepaald in Marokko aan de grenzen met de Spaanse enclaves Ceuta en Melilla kamperen al jarenlang vluchtelingen.

dinsdag 8 september 2015 10:45

Duizenden Afrikanen op de vlucht wachten reeds jaren hun kans af om over de hekken te klimmen van de Spaanse enclaves Ceuta en Melilla op Afrikaanse bodem, in de hoop zo Spanje en Europa te bereiken.

In de Spaanse enclave Ceuta In het Marokkaanse berggebied aan de grens met de Spaanse enclave Ceuta op acht kilometer van het dichtstbijzijnde Marokkaanse dorp, wonen al jarenlang vluchtelingen in de bossen. Volgens hulpverleners in Melilla, de Spaanse enclave in Afrika, zijn ze met een paar duizend, voornamelijk vluchtelingen uit landen ten zuiden van de Sahara.

Arrestaties

Ceuta is een van de schaarse toegangspoorten op Noord-Afrikaanse bodem tot de Europese Unie. Reeds meer dan twintig jaar is deze poort echter gesloten. De Spaanse autoriteiten startten in de jaren 1990 met de bouw van zes meter hoge hekkens rond Ceuta en Melilla, bovenaan afgeboord met rollen prikkeldraad.

In het verleden zijn vluchtelingen die hier hun moment afwachtten om Spanje te bereiken in staat geweest om toch een leven uit te bouwen dat enigszins normaal was. Ze zetten tenten op en konden op zijn minst zeker zijn van een vredige nachtrust.

Daar kwam een einde aan toen de Marokkaanse politie in 2012 hun kampen begon te vernietigen. Vluchtelingen die konden ontsnappen werden opgepakt en gearresteerd omdat ze illegaal Marokko zouden zijn binnengedrongen.

Vluchtelingenstroom controleren

Deze acties waren het resultaat van overeenkomsten die werden afgesloten tussen Spanje en Marokko, nadat de Spaanse overheid had gevraagd aan Marokko om deze vluchtelingenstromen onder controle te krijgen

In 2014 was er nog een grote politieraid tegen kampen op de berg Gurugú, die uitkijkt op Melilla. Vijf vluchtelingen werden daarbij gedood, 40 raakten gewond en 400 werden overgebracht naar een woestijngebied op de grens met Algerije. Volgens de vluchtelingen werden de gewonden niet verzorgd en overgelaten aan hun lot.

In september 2015 verstoppen de nog overgebleven vluchtelingen zich onder de bomen of in grotten. Ze beseffen dat elke poging om de Spaanse grens over te steken gevaarlijk is en veel kans maakt om te eindigen in de handen van de Spaanse autoriteiten.

‘Pushback’

“We leven hier als dieren”, getuigen sommigen, duidelijk beschaamd over hun situatie, terwijl ze zich verontschuldigen omdat ze vuil zijn en slecht gekleed. Het eerste wat velen vertellen is dat ze student waren tot het moment dat ze hun geboorteland verlieten. Ze studeerden wiskunde, economie of ingenieursstudies aan de universiteit.

Veel van deze vluchtelingen zijn afkomstig uit Guinee, een van de landen die zwaar te lijden had onder het ebolavirus, maar ook uit Ivoorkust, Gambia, Mali en Burkina Faso. Allemaal hebben ze hun redenen om in deze bossen te overleven terwijl ze het juiste moment afwachten om de metershoge hekkens over te klimmen en hun kans te wagen om daarna Spanje zelf via zee te bereiken, in een bootje of al zwemmend.

De statistieken tonen dat sommigen daarbij de dood zullen vinden. Anderen haen het, soms na vijf of zes pogingen terwijl ze vluchten voor de ‘push-back’operaties van de Spaanse Guardia Civil. Allen riskeren ze bij aanhouding een gedwongen repatriëring, zeker als ze komen zijn uit landen waarmee Spanje een overeenkomst inzake repatriëring heeft afgesloten. Een deel van hen zal het uiteindelijk opgeven en in Marokko blijven, voor een leven in onzekerheid.

Kritiek op Spaans asielbeleid

In een Rapport van eind mei 2015 stelt de Spaanse organisatie Comisión Española de Ayuda al Refugiado (CEAR) dat vluchtelingen van Afrikaanse landen ten zuiden van de Sahara ontmoedigd worden om een asielaanvraag te doen in Spanje, zelfs als ze afkomstig zijn uit erkende conflictlanden zoals Mali, de Democratische Republiek Congo of Somalië.

Vluchtelingen die in Melilla geraken en asiel aanvragen, mogen de enclave niet verlaten voor er een beslissing over hun aanvraag wordt genomen. In tegenstelling tot Syrische vluchtelingen die niet langer dan twee maanden moeten wachten op een beslissing, is de gemiddelde wachttijd voor een inwoner van Afrika ten zuiden van de Sahara, volgens CEAR, anderhalf jaar.

Ook de Ley de Seguridad Ciudadana (wet op de burgerlijke vrijheid), goedgekeurd door het Spaanse Parlement met enkel de stemmen van de conservatieve Partido Popular van premier Rajoy, wordt fel bekritiseerd. Deze wet houdt onder meer een legalisering in van de zogenaamde ‘devoluciones en caliente’, pushbackoperaties tegen migranten in Ceuta en Melilla. Deze operaties zijn een schending van het internationale en Europese recht.

De eisen van CEAR en andere ngo’s om deze pushbackoperaties te beëindigen worden niet meer in overweging genomen door de huidige Spaanse regering. Eind 2015 komen er immers algemene verkiezingen.

Bron: Migrants Waiting Their Moment in the Moroccan Mountains

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!