Antwoord op de brief van de RVA, betreft: uw zoekgedrag naar werk.

Antwoord op de brief van de RVA, betreft: uw zoekgedrag naar werk.

woensdag 8 juli 2015 14:40

Onlangs
kreeg ik een brief van de RVA (Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening). Ik weet niet
of het de ongewone hitte was of de teneur van de brief maar in elk geval voelde
ik me plots zwak op mijn benen staan. Eer ik helemaal gevloerd zou worden,
besliste ik het epistel neer te leggen en er niet langer aandacht aan te
besteden. Vandaag neem ik het terug op en zal er via deze blog op reageren.

De brief
begon op een nogal gebiedende wijs met ‘Mijnheer’. Niet vooraf gegaan met het
beleefde ‘Beste’ of ‘Geachte’, nee onmiddellijk naar de keelgrijpende, ambtenaarlijke
droogte. Mij werd gemeld dat volgens de gegevens van de RVA, ik een uitkering
kreeg en indien ik deze uitkering wenste te behouden, ik moest bewijzen dat ik
wel actief op zoek was naar een  schaars
product, werk.

Ik kreeg
uitgelegd dat bij mijn statuut een heleboel plichten paste. Zo was ik verplicht
een passende (nogal een vage omschrijving) dienstbetrekking of opleiding te aanvaarden.
Daarnaast moest ik verplicht actief naar werk zoeken door te solliciteren, mij
in te schrijven in alle mogelijke interim-bureaus en aangepaste websites, deel te
nemen aan tewerkstellingssalons en – beurzen, geregelde individuele gesprekken
met ter zake opgeleide VDAB-consulenten hebben, en nog veel meer modelerende
handelingen te ondergaan. De brief bevatte een opsomming ter grootte van een
paar A4 bladzijden aan plichten en een gekleurde, waarschijnlijk vrij dure,
brochure.

Ziehier mijn respons.

Beste
mevrouw van de RVA,

Ten eerste
wens ik u te laten weten dat ik al een poosje op zoek ben naar een gepaste job
maar er niet in slaag één te vinden, u hoeft mij dus echt niet te verplichten
of op te jagen. Ik ben niet overtuigd dat iedere soort arbeid een gepaste job
is, maar gezien de zeer lage uitkering
die ik krijg om te overleven, ben ik me zeer bewust dat ik wel iets zal moeten
doen om geld in het laatje te krijgen. Misschien iets in de bankenwereld
proberen. Dan moet ik me ethisch wel met diefstal verzoenen, maar ja ‘à la
guerre comme à la guerre’. Gelukkig heb ik nog een moestuintje waar ik enkele
maanden per jaar van kan eten en nog wat spaargeld om te overleven, want ook
zonder werk en weinig geld moet de maag gestild worden.

Ten tweede,
mevrouw, vraag ik me af of u wel beseft dat u meewerkt aan een
ambtenarensysteem dat van de overheid de opdracht krijgt om de spreekwoordelijke
‘vijs’ aan te spannen. De overheid wenst te bezuinigen op allerhande
uitkeringen (men kan niet de banken, bedrijven én het volk plezieren) en
schakelt u en uw dienst in om zoveel mogelijk mensen een slecht rapport te
geven over hun ‘werk-zoekgedrag’. Dit alles om te legitimeren dat de overheid hun
(overlevings)uitkering afneemt. Als bezuinigings- en disciplineringmaatregel kan
dit tellen. Menig totalitair ideoloog zou voor minder een priapisme krijgen en euforisch glunderend de dag beleven. Importeer
eens wat Griekse toestanden, dan krijgen we een warm Europees gevoel. Waarschijnlijk
bent u, mevrouw, na uw werkuren een zeer aangename vrouw. Loopt u in het park
met uw kinderen. Lacht u, speelt u, geniet u van de zon en van het leven. Maar
tijdens uw werkuren bent u strikt, onmenselijk strikt soms. Mensen hun
uitkering afnemen is wellicht niet fijn, maar het is een must, “it comes
with the job”! Het risico dat zo een strikte ambtenarenmentaliteit tot ongewenste
sociale effecten zoals armoede, (psychische) ziekte(n), individuele krenking, (auto)geweld,
enzovoort bij de bevolking leidt, is niet denkbeeldig. Maar ja,  ‘Wir haben es nicht gewusst’
hé. U doet ook maar uw job, nietwaar?

Om te eindigen
mevrouw, wou ik u nog over twee zaken informeren. Het eerste betreft de
stelling van Rutger Bregman, Nederlands historicus, auteur en journalist, en Guy Standing, Brits professor
in ontwikkelingsstudies. Zij beweren dat het respectievelijke Nederlandse en Britse[1]
equivalent van de VDAB (uw Vlaamse dochteronderneming) niet kan bewijzen dat ze
kosten-baten efficiënt is. Met andere woorden, de enige banen die ze ooit
creëerden waren hun eigen banen. Deze kost wordt door belastingsgeld
gedragen. Uw collega’s en uzelf genieten met andere woorden van zeer duur
gesubsidieerde banen. Hopelijk vergeet u uit dankbaarheid geen kaartje naar de
Belgische bevolking te sturen wanneer u op vakantie bent. De overheid heeft er wel
heel veel overheidsgeld voor over om de bevolking te disciplineren.
Waarschijnlijk is dit de reden waarom professor Standing de Britse dienst voor
werkzoekenden een ‘verkwisting van belastingsgeld’ noemt. Misschien kan u er tijdens
één of andere teamdag eens over contempleren? Of misschien besteedt u de dag
liever aan het inzicht verwerven over hoe u het ambtenaarschap en het mens-zijn kan
combineren? Of hoe gaan die werklozen nu jobs vinden die er niet zijn? Of gaan
er plichten gepaard met het ambtenaarschap? Of moet de VDAB kunnen bewijzen dat
ze voor anderen dan zichzelf werk vinden? Of als je als ambtenaar geen
hoofddoek mag dragen, is kebab tijdens de middagpauze dan wel toegelaten, niet
ter zake maar wel grappig, nietwaar? Ten tweede mevrouw, krijg ik al langer dan
drie maanden geen uitkering meer van de RVA. Zou u de vervelende, onjuiste
gegevens die u en uw dienst over mij heeft, kunnen aanpassen alstublieft? Na
drie maanden zou dit mogelijk moeten zijn, nietwaar? Of moet de overheid uw dienst
in Bangladesh uitbesteden? Of de kwaliteit erop vooruit zal gaan, moet de
toekomst uitwijzen, maar zeker is dat het de belastingbetaler minder zal kosten,
en bezuinigen is toch de zin van het leven, nietwaar?

Hoogachtend

Patrick
Dewals

[1] STANDING, G. (2014) A Precariat Charter. From Denizens
to Citizens, London, Bloomsbury
zie p.243-244

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!