James Galbraith: “Alleen Grieks NEEN kan euro en EU redden”
Opinie -

James Galbraith: “Alleen Grieks NEEN kan euro en EU redden”

Amerikaans econoom James K. Galbraith meent dat enkel een Griekse NEEN-stem in het referendum van zondag 5 juli soelaas kan brengen voor Griekenland, voor de euro en voor de EU.

vrijdag 3 juli 2015 11:46

Griekenland
stevent af op een referendum zondag (5 juli 2015) waar de toekomst
van het land en van zijn verkozen regering van afhangt en waarbij het
lot van de euro en van de Europese Unie eveneens op het spel staat.
Op het ogenblik dat ik dit schrijf (1 juli 2015) heeft Griekenland
zijn afbetaling aan het IMF gemist, zijn de onderhandelingen
afgebroken en schrijven de ‘groten der aarde’ de Griekse regering af.
Zij roepen om JA te stemmen, de hervormingseisen van de schuldeisers
te aanvaarden ‘om de euro te redden’. Al hun oordelen hierover zijn –
niet voor de eerste maal – volledig fout.



James K. Galbraith

Om
deze bittere strijd te begrijpen kan men zich best eerst goed
realiseren dat de leiders van het hedendaags Europa leeghoofdige, in
zichzelf gekeerde personen zijn, die vooral met hun lokale politiek
bezig zijn en zowel moreel als intellectueel niet in staat om een
continentaal probleem aan te pakken. Dat geldt voor Angela Merkel in
Duitsland, François Hollande in Frankrijk en is even waar voor
Christine Lagarde van het IMF. De Noord-Europese leiders hebben de
crisis nooit gevoeld en kennen niets van economie. Op beide vlakken
zijn zij de directe tegenpool van de Grieken.

Voor
de Noord-Europeanen zijn het de ‘professionals’ van de instellingen
die de voorwaarden bepalen en kan er maar één eindresultaat zijn:
leg je daarbij neer. De toegestane ‘onderhandelingen’ waren
uitsluitend van het type ‘meer toegevingen van Griekse kant. Eender
welk uitstel, eender welk bezwaar werd uitsluitend gezien als pose,
doen alsof. Pose is natuurlijk normaal, politici verwachten dat van
elkaar. Het idee zelf dat Grieks minister van Financiën Yanis
Varoufakis niet deed alsof, kwam bij zijn collega’s niet eens op. Toen
Varoufakis voet bij stuk hield, was hun antwoord misprijzen en
karaktermoord.

Permanent budgettair overschot 

In
tegenspraak tot een aantal niet geïnformeerde commentaren, kreeg de
Griekse regering vanaf de eerste dag te maken met hardnekkige
vijandigheid van de Spaanse, Portugese en Ierse regeringen, met
bitter wantrouwen van traditioneel links in Frankrijk,
onverbiddelijke tegenwerking van Duitsland en het IMF en met
destabilisering door de Europese Centrale Bank (ECB). Gedurende een
lange tijd zagen de Grieken onder elkaar die zaken niet. Invloedrijke
personen rond Tsipras geloofden het niet. Daarom volgde Tsipras een
beleid van toegevingen. Hij liet de groep die voor aanpassing was
onderhandelen. Telkens wanneer die met toegeving na toegeving
terugkwamen, knikte hij en stemde toe.

Uiteindelijk
stelde de Griekse regering vast dat het moest buigen voor de
schuldeisers en een groot en permanent budgettair overschot moest
accepteren. Dat was een harde slag. Dit betekende immers de
aanvaarding van de austeriteit, die ze door de verkiezingen te winnen
verworpen had. De Grieken bleven echter aandringen op het recht om
zelf te bepalen welke vorm die austeriteit zou krijgen. Dat zou voor
hen betekenen dat de belastingen voor de rijkste Grieken en op de
bedrijfswinsten zouden omhoog gaan. Hun voorstel beschermde
tenminste nog de armste gepensioneerden tegen verdere vernietigende
inleveringen en gaf evenmin fundamentele sociale arbeidsrechten op.

Zelfs
dat werd door de schuldeisers verworpen. Zij bleven hameren op het
zelf bepalen van de aard van deze austeriteit. Zij maakten het
daarbij duidelijk dat ze Griekenland niet zouden behandelen als
eender welk ander Europees land. De schuldeisers legden een te nemen
of te laten aanbod op tafel waarvan ze wisten dat Tsipras dat nooit
zou kunnen aanvaarden. Dit ging over Tsipras’ lot zelf. Hij besliste
daarom zijn kans te wagen op een stemming.

Schouwtoneel

De
stomverbaasde en ziedende reactie van de Europese leiders was
misschien niet helemaal geveinsd. Misschien realiseerden zij zich
niet dat ze hier te maken hadden met iets dat Europa in geen jaren
heeft gezien: een politiek leider. Alexis Tsipras was amper enkele
maanden eerder op het schouwtoneel verschenen. Hij is nogal
onbezonnen maar charmant. Het was gemakkelijk voor zo goed
afgeschermde leiders als de huidige Europese om dat niet in te zien –
om zich niet te realiseren dat Tsipras net als Varoufakis meende wat
hij zei.

Toen
ze werden geconfronteerd met de beslissing van Tsipras om een
referendum te houden, zonden Merkel en vice-kanselier Sigmar Gabriel,
Hollande van Frankrijk, David Cameron van Groot-Brittannië – en
beschamend genoeg ook Matteo Renzi van Italië – rechtstreekse
boodschappen naar het Griekse volk, dat zij zouden stemmen over
lidmaatschap van de euro. Voorzitter van de Europese Commissie
Jean-Claude Juncker ging zelfs een stap verder, volgens hem zou dit
een stemming over het lidmaatschap van de EU gaan. Dit was
georchestreerde afdreiging: geef je over, anders…

In
feite gaat dit noch over de euro noch over de EU. De taal van (de
vraag van) het referendum stelt dat dit over de voorwaarden van de
schuldeisers gaat. De bedreiging om Griekenland te verbannen is
overduidelijk bluf. Er bestaat geen wettelijke procedure om
Griekenland uit de eurozone of uit de EU te verwijderen. Dit
referendum gaat zonder enige twijfel over de overleving van de
verkozen regering van Griekenland. De Europese leiders weten dat en
trachten zich ervan te verzekeren dat Tsipras valt.

Wat wint Tsipras
bij een NEEN-stem? Los van zijn politieke overleving alleen dit: dit
is zijn manier om aan te tonen – voor eens en voor altijd – dat
hij niet kan toegeven aan de voorwaarden die worden geëist. De
bewijslast ligt dan terug bij de schuldeisers. Als zij beslissen om
een Europees land te vernietigen, zal iedereen het bloed aan hun
handen van deze misdaad zien.

Depressie

Met
dat alles is er nog geen garantie dat Tsipras het zondag zal halen.
Bij de verkiezingen van januari haalde zijn partij slechts 40
procent1.
Wat Tsipras nu nodig heeft is een meerderheid van stemmen. Angst en
verwarring overheersen. De Grieken stemmen feitelijk voor een geheel
van onbekende factoren, dat nooit zekerheid kan bieden.

De
economisch toekomst zal bij een Griekse NEEN-stem uiteraard onzeker
zijn. Misschien blijven de banken wel gesloten, gaan het geld op de
rekeningen verloren en gaan de schuldeisers hun dreigementen
uitvoeren. Onvermijdelijk wordt die onzekerheid nog vergroot door het
feit dat de regering geen campagne kan voeren om in de euro te
blijven en al evenmin kan uitleggen hoe ze het trauma zou verwerken
van er uit te vliegen. Als daar al voorbereidingen voor zouden zijn
getroffen, dan zijn die in ieder geval tot nu zeer goed geheim
gehouden.

Stemmen
de Grieken daarentegen JA, dan is de onzekerheid vooral politie.
Syriza kan splitten en de regering kan vallen. Wat dan? Er is geen
geloofwaardig alternatief voor een andere regering in Griekenland.
Daarenboven is het moeilijk te geloven dat eender welke regering, die
zou worden gevormd om zich over te geven en de depressie nog te
verergeren, lang zou overleven?

Waardigheid

Het
is echter bijna zeker dat na een JA, een overgave en een nog diepere
depressie, de officiële oppositie nog langer zou bestaan uit
pro-Europees links, die vandaag nog de regering vormt in Griekenland.
Europa zal dat hebben vernietigd. De nieuwe oppositie – en ooit de
regering – zal dan ofwel links of rechts zijn, tegen de euro en
tegen de EU. Dat kan de neo-nazipartij Gouden Dageraad zijn. De les
van Griekenland zal niet ongemerkt blijven voor de oppositie in andere
EU-lidstaten, waaronder stijgend extreem-rechts in Frankrijk.

De
ironie van dit alles is dat de ware hoop – de enige hoop – voor
Europa ligt bij de NEEN-stem van zondag (5 juli), gevolgd door
hernieuwde onderhandelingen en een beter akkoord. JA is een stem voor
angst, tegen waardigheid en onafhankelijkheid. Angst is een machtig
wapen – maar waardigheid en onafhankelijkheid hebben hun manieren om telkens weer terug te komen.

© 2015 James K. Galbraith en Prospect Magazine

Het artikel Greece:
Only the ‘No’ Can Save the Euro
van James K.Galbraith verscheen op 1 juli 2015 op de website van Prospect Magazine en werd vertaald door Lode Vanoost.

1 Galbraith
verwart twee cijfers met elkaar. Syriza haalde 36 procent, coalitiepartner
ANEL haalde 4 procent. Samen hebben ze dus 40 procent van de stemmen
behaald. Dat is voldoende voor een parlementaire meerderheid, omdat
de grootste partij in Griekenland volgens de kieswetgeving 50 extra
zetels krijgt in het parlement. Dit niet bepaald democratisch
systeem werd na de fascistische dictatuur in 1973 ingesteld door de
twee traditionele machtspartijen PASOK en ND, wat hun permanent
afwisselend regeringsdeelname garandeerde, tot januari 2015.

take down
the paywall
steun ons nu!